Een robot schreef een nieuw slothoofdstuk van Ik, Robot

En in stijl; met even gemankeerde zinnen als het origineel

Een robot schreef een nieuw slothoofdstuk bij de klassieker Ik, Robot. Isaac Asimovs boek uit 1950 wordt uitgedeeld tijdens Nederland Leest.

I, Robot uit 1950 is een bespiegeling over kunstmatige intelligentie in een nabije toekomst waarin mensen en robots nauwelijks meer van elkaar zijn te onderscheiden. I, Robot verscheen in 1966 als Ik, Robot bij uitgeverij Het Spectrum, en het is dezelfde 51 jaar oude vertaling van Leo H. Zelders die nu wordt benut voor de campagne Nederland Leest.

Vanaf vandaag wordt Ik, Robot, geschreven door de Amerikaan Isaac Asimov, in een oplage van ruim honderdduizend exemplaren gratis via de openbare bibliotheken verspreid. Bijzonder detail: er is een extra, afsluitend hoofdstuk toegevoegd aan het boek, geschreven door Ronald Giphart in samenwerking met 'Asibot', een geavanceerde schrijfrobot die werd ontwikkeld door onderzoekers van het Meertens Instituut en de Universiteit van Antwerpen.

Foundation

De schrijver van Ik, Robot, Isaac Asimov, geboren als Isaak Judovitsj Ozimov in het Russische Petrovitsj, emigreerde als kleuter met zijn ouders en zusje naar de Verenigde Staten. Daar groeide hij uit tot een getalenteerde biochemicus en een productieve schrijver van populair-wetenschappelijke boeken en vooral sciencefiction.

Zijn grootste roem vergaarde hij met Foundation, een meerdelige cyclus over de ineenstorting van een galactisch imperium, door fans uitgeroepen tot het beste sciencefictionavontuur van de eeuw.

Of Isaac Asimov (1920-1992) daarmee de grootste van zijn tijd was, valt te bezien - er zijn betere stilisten in het genre - maar het staat vast dat ook collega's hem hoog achten. In 1968 riepen de verzamelde Science Fiction Writers of America zijn korte verhaal Nightfall uit 1941 uit tot het beste sf-verhaal aller tijden.

Griezelig verfijnde robot

Ik, Robot is een raamvertelling waarin de gepensioneerde Susan Calvin in 2057 terugkijkt op haar carrière als 'robotpsycholoog', een specialisme dat noodzakelijk bleek toen het robotbrein menselijke trekken kreeg. In negen hoofdstukken praat Calvin met een anonieme journalist (hij keert terug als hoofdrolspeler bij Giphart & Asibot) over de verschillende fasen in haar carrière: van haar eerste ervaringen met een primitief, niet-sprekend robotje dat diende als kinderoppas, tot het afmattende psychologische steekspel met een ambitieuze politicus, die Calvin moet zien te ontmaskeren als de griezelig verfijnde robot die hij is.

Knap is hoe Asimov elk hoofdstuk baseert op een moreel dilemma in het verkeer tussen mens en robot, dilemma's die in 2017 al behoorlijk plausibel beginnen te klinken, maar die in 1950 nog uitsluitend in Asimovs schrijversfantasie bestonden. Met geestverwanten als Robert Heinlein en Arthur C. Clarke is Asimov een vertegenwoordiger van social sciencefiction: het gaat bij hem niet om ruimteavonturen met drieogige schurken op verre planeten, maar om in wezen tijdloze menselijke conflicten, gesitueerd in een futuristisch kader.

Een cruciale rol is daarbij weggelegd voor Asimovs Drie Wetten der Robotica, die ook buiten de sciencefiction een begrip zijn geworden.

Isaac Asimov Beeld afp

Drie Wetten der Robotica

1. Een robot mag een mens geen letsel toebrengen, noch, door passief te blijven, een mens letsel laten overkomen.

2. Een robot moet de door mensen gegeven orders gehoorzamen, behalve wanneer die orders in strijd zijn met de Eerste Wet.

3. Een robot moet zichzelf beschermen zolang of voor zover dat niet met de Eerste of Tweede Wet in strijd is.

Asimov werkt de complicaties steeds geloofwaardig uit, en toch kun je Ik, Robot geen vlekkeloze roman noemen. De hoofdstukken werden vanaf 1940 in fasen geschreven en vooral de vroege verhalen zitten vol verteltechnische onhandigheden.

Vermoeiend is ook dat Asimov zelden iemand iets zomaar laat zeggen. Het 'hijgde hij schor', 'mopperde hij somber' en 'gromde hij woest' is niet van de lucht. Ten slotte is er de oudbakken humor, die er in de vertaling niet beter op wordt, met krachttermen als 'Jubilende Jupiter' (Jumping Jupiter) en 'Sissende Saturnus' (Sizzling Saturn).

Pikzwart einde

Aan gemankeerde zinnen is ook in het toegevoegde hoofdstukje (het telt vijftien pagina's) geen gebrek, dus in dat opzicht sluiten Giphart en Asibot aan bij Asimov. 'Het is namelijk toch alleen maar zo dat ik me zorgen maak' kun je bezwaarlijk mooischrijverij noemen, evenmin als 'Ik ben geschokt dat ik bijna heb geroepen dat het einde nabij is, maar gelukkig houd ik mij in' en vele soortgelijke missers.

Toch is dat hier minder een probleem. Het extra hoofdstuk, met de fraai cryptische titel 'De robot van de machine is de mens', is nu eenmaal een experiment. Asibot is een tekstverwerkingsprogramma dat is gevoed met tienduizend literaire teksten, waaronder sciencefiction en detectives. Het stelt Asibot in staat zelf zinnen en korte alinea's te produceren, maar een heel verhaal is nog te hoog gegrepen. Vandaar de rol van Giphart, die de plot en de grote lijnen bedenkt. Hij kan Asibot ook corrigeren. Hoe de taakverdeling precies is weten we op dit moment niet, we worden verzekerd dat vijftig procent van het slothoofdstukje het werk van de robot is, de andere helft van de levende schrijver.

Hoe het zij, ondanks de stilistische mankementen levert dat laatste hoofdstuk een wrang-geestig, kaarsrecht uit Asimovs plot doorgeredeneerd, pikzwart einde op. Asibot schijnt een lerende robot te zijn, dus we kunnen ons schrapzetten voor Asibot 2.0.

Nederland Leest 2017

De campagne Nederlands Leest heeft dit jaar als thema 'robotica'. In de maand november worden ruim honderdduizend gratis exemplaren van Isaac Asimovs klassieke sciencefictionverhaal Ik, Robot verspreid via openbare bibliotheken. Asimovs verhaal uit 1950 is uitgebreid met een hoofdstuk door Ronald Giphart en de schrijfrobot Asibot. Voor lezers van 10 tot 14 jaar wordt het boek Cyberboy van Tanja de Jonge uitgedeeld op basisscholen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.