Cannes, Frankrijk, 12 mei 2018. Juryleden Kristen Stewart, Lea Seydoux, Khadja Nin and Ava DuVernay, Cate Blanchett en regisseur Agnes Varda.

Film Filmfestival Cannes

Een protestparade van 82 vrouwen op Filmfestival Cannes

Cannes, Frankrijk, 12 mei 2018. Juryleden Kristen Stewart, Lea Seydoux, Khadja Nin and Ava DuVernay, Cate Blanchett en regisseur Agnes Varda. Beeld Reuters

Het eerste weekend in Cannes kende een schitterend debuut van een jonge Vlaming, een rode loper vol protesterende vrouwen én de herdoop van het gerestaureerde debuut van de Nederlander George Sluizer.

Cannes is in verval, klaagt het Amerikaanse filmtijdschrift The Hollywood Reporter halverwege het festival alvast. Want: minder sterren, minder luidruchtige marketingstunts op de Croisette en minder van die duurbetaalde kolossale filmadvertenties op de hotels. Dat mag zo zijn – het Hollywoodaanbod is dit jaar schaars en het vorig jaar driftig adverterende Netflix bleef weg – maar die leemte wordt in Cannes terstond benut: de wat kleinere en nog onbekende titels krijgen nu meer aandacht.

Zo beleeft Lukas Dhont zaterdag een droomdebuut: juist als de hongerige filmpers behoefte heeft aan iets eclatants, is er de 26-jarige Belg met het opmerkelijk beheerst geregisseerde Girl. Een transgenderdrama over een puber die uitziet naar een sekseoperatie, en het nog niet volgroeide jongenslichaam traint en pijnigt in een klasje topballerina’s in spe. Na talrijke castingrondes vond Dhont zijn verbluffend geschikte hoofdrolspeler Victor Polster, die 15 was tijdens de opnamen. Bij de première zaterdag leeft het festival op: een tot tranen toe geroerd publiek, de ovatie die maar niet ophoudt, en vlot daarna al de eerste jubelende recensies van de mondiale filmpers. Ook dat is de kracht van Cannes: de vrijdag nog onbekende Vlaming Dhont is nu ineens een in de gaten te houden naam, wiens debuut de hele wereld over zal gaan. Na de vertoning staan Dhont en zijn acteurs de pers te woord in een strandtent, soepel switchend van Nederlands naar Frans, zoals er in de film ook twee talen worden gesproken.

Persoonlijke film

De regisseur baseerde zijn film op het verhaal van een jonge Vlaamse transgender danseres. Zij is ook mee naar Cannes, maar blijft op de achtergrond. ‘Ik wilde in mijn film een omgeving creëren waarin het feit dat zij transgender is, niet hét probleem is’, zegt Dhont, die nog op de Vlaamse filmacademie zat toen hij aan zijn debuut begon. ‘Haar vader heeft er bijvoorbeeld geen moeite mee. In films zie je vaak dat transgenderpersonages vechten tegen de buitenwereld. In Girl vecht het personage tegen haar eigen lichaam. Ze is iemand die het klassieke idee van mannelijkheid en vrouwelijkheid uitdaagt.’

Het is ook een persoonlijke film, stelt de regisseur. ‘Tijdens het opgroeien voelde ik dat er veel meer vrouwelijkheid in mij zat dan mannelijkheid, dat was iets dat mij toen enorm verwarde.’

De casting voor Girl was uitvoerig. Volgens zijn producent zag Dhont zo’n vierhonderd kandidaten, in vele rondes. ‘We keken naar jongens en meisjes en transgendermeisjes’, zegt Dhont. ‘Maar er zat niemand bij die op dat niveau kon dansen én natuurlijk bleef acteren. Victor wel, hij heeft iets engelachtigs, voorbij jongen of meisje.’

Balletdanser Victor Polster, inmiddels 16, met volle lippen en zachte blik, nam spraakles om vrouwelijker te klinken, en trainde zich drie maanden lang in het dansen op balletspitzen. Zijn gemangelde voeten in de film zijn écht gemangeld. ‘Hij doet al zijn pointes in de film zelf. Voor niet danskenners zegt dat misschien niet zoveel, maar het is buitengewoon.’

Protestparade 

Terwijl de pers vragen stelt, wipt de Vlaamse minister van Cultuur even langs om de regisseur te feliciteren. Een Belgische journalist vraagt of Dhont zag dat Benicio del Toro, verstopt onder een honkbalpetje, óók opstond en langdurig applaudisseerde; de steracteur is juryvoorzitter van programmaonderdeel Un Certain Regard, waarin Girl is opgenomen. ‘Amai!’, zegt Dhont. ‘Zalig. Ik heb door mijn tranen niks meer gezien.’

Een andersoortig hoogtepunt, in het eerste weekend van de 71ste editie, is de protestparade van actrices en vrouwelijke filmmakers over de rode loper. Precies 82 vrouwen, onder wie Palmjuryvoorzitter Cate Blanchett, regisseur Agnès Varda (voorvrouw van de nouvelle vague) en Wonder Woman-regisseur Patty Jenkins. Want dit is exact het totale aantal vrouwelijke regisseurs dat de rode lopertrap te Cannes mocht bestijgen om een film te tonen, gerekend vanaf de allereerste festivaleditie in 1946. ‘In diezelfde periode liepen er 1.688 mannelijke regisseurs over deze trap’, zegt Blanchett tegen de pers.

Ook de Iraanse cineast Jafar Panahi vraagt aandacht voor de positie van vrouwen in het filmvak, maar dan met zijn film 3 Faces (Se Rokh). Een roadmovie gemaakt met minimale middelen – eigenlijk mag Panahi niet filmen van het regime – waarin mannelijke dorpelingen uit het Iraanse gebergte niet dulden dat een dorpsmeisje actrice wil worden. Want dat is geen geschikte professie voor een vrouw, al lopen de dorpelingen wél uit voor een bekende Iraanse soapactrice die het dorp bezoekt, en kijken ze neer op een nabij wonende ex-actrice die haar oude dag slijt. Panahi, die zelf ook in zijn film speelt, dingt mee naar de Gouden Palm, maar mocht niet afreizen naar het festival.

De enige speelfilm van een Nederlandse regisseur in het officiële programma werd zondag vertoond in het Cannes Classics programma: Joao en het mes, het Braziliaanse speelfilmdebuut uit 1972 van de in 2014 overleden regisseur George Sluizer. Over het gedoemde huwelijk tussen een bezitterige weduwnaar en een mooi jong meisje. Actrice Ana Maria Miranda, tegenwoordig een 66-jarige bekende Braziliaanse schrijver, was aanwezig bij de vertoning in Cannes. Prachtige gerestaureerde opnamen, waarvoor cameraman Jan de Bont zich midden tussen de koeien vangende Braziliaanse cowboys opstelde; precies zoals in de veelgeprezen Amerikaanse rodeofilm The Rider uit 2017. Joao en het mes, later dit jaar vertoond in het Amsterdamse filmmuseum Eye, sluit ook nog aan bij het #MeToo debat. De vijftiger in de film zegt over zijn keuze voor een piepjonge vrouw: ‘Ik vang toch ook geen oude geit als ik wil eten?’. En, over hoe opa ooit zijn oma schaakte: ‘Met de lasso’.

Jean-Luc Godard (87) presenteerde zijn nieuwe speelfilm Le livre de image: een springerig essay vol fragmenten uit films en nieuwsreportages, dat zich nog niet zo makkelijk laat doorgronden, maar in elk geval betoogt dat de westerse wereld niet écht geïnteresseerd is in Arabieren. De cineast was niet in Cannes, maar via zijn telefoon wel beschikbaar. In raspend Frans sprak Godard via een opgehouden telefoon tot de perszaal: dat we vriendelijker moeten zijn voor Rusland, dat er over een jaar of tien nog maar een paar filmtheaters over zullen zijn, waar men onder meer zijn films zal draaien, en dat hij vast van plan is door te filmen zolang zijn benen en armen het nog doen, ‘het hangt ook een beetje van mijn ogen af’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden