Een plot is er amper, maar een diepere laag is er wel degelijk in de vierde roman van Jannah Loontjens

Boek (fictie) - Wie weet

Een plot is er amper, de personages hebben niets buitengewoons, maar een diepere laag is er wel degelijk in de vierde roman van Jannah Loontjens.

Tijdens een verjaardagsetentje vertelt Manon, de ex van de jarige Paul, dat ze tijdens een wandeling in de duinen een drone heeft zien vliegen. In een kaarsrechte lijn en ongelooflijk snel verdween hij in het niets. De bestuurder van het ding was nergens te bekennen.

Dit is niet het begin van een spannend plot in Wie weet, de vierde roman van Jannah Loontjens (1974). Dit boek kent zelfs amper een plot. Maar de schrijver en filosoof kennende, staat zo'n anekdote er niet zomaar.

Het gesprek aan tafel gaat alweer verder; Pauls broer Philip deelt een jeugdherinnering, dochter Liv speelt met haar telefoon, Justus, die net als Manon les geeft aan de universiteit, heeft een nieuwtje over een student, opa Bertrand drinkt te veel en het gaat over de aanslag op Charlie Hebdo, die een dag eerder heeft plaatsgevonden. Mohammed, de nieuwe vriend van Manon, is ongelovig maar werpt zich lankmoedig op als degene tegen wie Paul zijn woede jegens moslims kan richten.

De avond loopt over in de volgende dag, waarop in Amsterdam een herdenkingsmars wordt gehouden. Er worden nog twee personages geïntroduceerd: de moslima Besma, die ondanks haar eigen ongemak ('ze zien alleen een hoofddoek') wil meelopen, en de uit Somalië gevluchte Ablah, die juist niet meegaat omdat ze het maar naïef vindt, zo'n mars tegen terreur. Wat weten deze blanke, welvarende mensen nou van echte angst?

Loontjens heeft het zichzelf niet makkelijk gemaakt met al die personages die gestalte moeten krijgen, en dan ook nog voornamelijk via een monologue intérieur. Op die manier moeten zij in hun gedachten hun eigen kenmerken concreet formuleren, wat vaak onnatuurlijk overkomt. Wanneer denk je nou, zoals Mohammed, na over je eigen dijbeen dat je 'spijkerbroek goed vult'? Of, zoals Paul, over je keuken: 'met alle voorzieningen, goede apparatuur, een grote koelkast, afzuigkap'?

Ook gekunsteld voelen de hoofdstukken waarin we in Livs hoofd kruipen. Loontjens heeft geprobeerd het idioom van een 12-jarige te imiteren: 'vet oneerlijk', 'serieus cute', 'chips', 'tatta's', 'panja','effe', 'kapot raaarrrr', 'serieus gewoon'. Irritante, nu al achterhaalde schoolpleinslang en niet de gedachtetaal van een slim en gevoelig meisje als Liv.

Beeld Leonie Bos

Wie weet

fictie

Jannah Loontjens

Ambo Anthos;
223 pagina's; euro 18,99.

Waarom beschrijft Loontjens nou juist dit kliekje mensen? Ze wonen in Amsterdam en zijn iets slimmer of rijker dan gemiddeld, maar doen niets buitengewoons. Hun gedachten zijn niet origineel, of origineel verwoord. Hun meningen lijken soms rechtstreeks uit het opiniekatern of de bozebrievenpagina van de krant te komen, de beschrijvingen van hun ervaringen lezen als doorsnee-human-interest-portretjes zoals je die in tijdschriften tegenkomt. Het lijkt alsof Loontjens - net als de drone die Manon gezien heeft - zomaar langsvliegt en registreert wie zij toevallig voor de lens krijgt: mensen met gewone gekke eigenschappen, gewone vervelende problemen en gewone moeilijke gevoelens. 'Serieus gewoon'; Liv zegt het de hele tijd al.

Levert dat ook een serieus gewoon boek op? Op het eerste oog misschien; een vluchtige mozaiekvertelling tegen een achtergrondje van wereldpolitiek. Maar toch, bij nadere beschouwing, blijkt dat Loontjens' drone op bepaalde momenten even blijft hangen, en inzoomt. Dan vallen een paar passages op die een diepere, symbolische laag in het boek blootleggen: de stervende meeuw die Liv op straat ziet liggen, het tijgerpak waarin Justus de mars loopt, de raadselachtigheid rondom een briljante student van Manon. Passages die de lezer iets duidelijk willen maken: vlieg hier niet te snel aan voorbij, denk er even over na. Wat is er nou eigenlijk écht aan de hand? Een vraag die we ons, in de ingewikkelde tijd die Loontjens beschrijft, wat vaker zouden kunnen stellen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.