Een muzikale zoektocht naar Boudewijn de Groot

Toen zijn beroemde vader was vertrokken, had Jim de Groot in elk geval diens albums nog. 'Zijn opvoeding heb ik via vinyl tot me genomen.'

Boudewijn de Groot in 1974Beeld anp

Jim de Groot (zanger, acteur, 43) luistert sinds zijn 7de naar de platen van Boudewijn de Groot (nu 71). Zijn vader was al eerder getrouwd geweest en had met zijn eerste vrouw twee kinderen gekregen; Marcel (nu 51) en Caya (nu 48). Jim werd in Amsterdam geboren, in 1972. Hij zegt: 'Op mijn 7de gingen we in Heemstede wonen. We hadden daar al eerder gewoond, vlak nadat ik geboren was. Daarna maakten we omzwervingen naar Amerika, Broek in Waterland, Overveen, Aerdenhout, en toen dus terug naar Heemstede. Ik denk dat we zo veel verhuisden omdat mijn vader onrustig was, geld had en er dus iets te kiezen viel. In Heemstede leek alles normaal te worden. Achteraf bezien dacht ik: nú gaat het beginnen. Maar toen ging mijn vader weg.' Boudewijn de Groot verliet Jim en zijn moeder in 1980 en ging terug naar Amerika. Jim bleef achter met een oude Decca pick-up - en zijn vaders platen.

Jim de Groot: 'Ik ging heel erg op zoek naar dingen om mijn vader leuk te maken'Beeld Ivo van der Ben

Concert 1982

'Tot mijn 12de heb ik het met deze liveplaat gedaan: Concert. Hij begint met 'hallo' en eindigt met 'tot ziens' en daar tussen kwamen de beste nummers uit zijn oeuvre tot dan toe langs. Door die plaat heb ik Boudewijn een beetje beter leren kennen. Ik luisterde elke dag, meestal wel een paar keer. Ik zong mee. Alle praatjes tussendoor kende ik uit mijn hoofd. Er stonden ook foto's op de hoes: een stuk landkaart van Zuid-Nederland en België gaf me een idee waarom hij nooit thuis was, toen hij nog bij ons woonde. En dit: een paar laarzen en een tuner, die lagen bij ons in huis ook wel eens zo in een hoek, dat gaf me een vertrouwd gevoel. Toen ik een jaar of 6 was, had hij me eens mee genomen naar zijn concerten. Ik mocht bij het voor mij geschreven nummer Jimmy opkomen met mijn gitaar en doen alsof ik meespeelde. Dat vond ik super. Deze plaat deed me heel erg terugdenken aan de concerten waar ik bij was geweest, want ik wist hoe het eraan toeging, live. Dat waren fijne herinneringen.'

VOOR DE OVERLEVENDEN 1966

'Op zijn eerste plaat, Boudewijn de Groot uit 1965, staan voornamelijk covers. Die vond ik niet zo tof toen ik jong was, de teksten begreep ik sowieso niet. Op de plaat erna stonden alle grote hits: Testament, Verdronken vlinder, Land van Maas en Waal, Naast jou, Vrienden van vroeger. (Hij zet muziek op)

Uit: Testament
Na 22 jaren in dit leven, maak ik het
testament op van mijn jeugd.

Ik wist dat de mensen dit mooi vonden, want als hij het inzette, begonnen ze al te klappen. Maar ik begreep nog totaal niet hoe geniaal die tekst eigenlijk is. Lennaert Nijgh, de vaste tekstschrijver van Boudewijn, was 22 toen hij dit schreef. Iemand die dit op zijn 22ste kan schrijven, moet of gek zijn of geniaal. Dat je er op die leeftijd überhaupt op komt een testament te schrijven voor wat dan ook vind ik al vrij idioot, maar hij kon het ook nog zo goed verwoorden. Het gaat over iemand met veel pijn en tegenslag, maar dat hoor je niet: het is een monter, vrolijk liedje. Dat vind ik knap.

'Sommige regels begreep ik natuurlijk wel, ook al toen ik jong was: 'Voor slimme jongen heb ik nooit gedeugd', bijvoorbeeld. Je mag dus, als beroemde artiest die veel geld verdient, af en toe een domme jongen zijn, of onhandig zijn in het leven. Dat bleef me wel bij. Ik zeg in de documentaire: een groot deel van zijn opvoeding heb ik via vinyl tot me genomen - dit is één van die dingen.

'En ik herinner me dat mijn broer Marcel Testament altijd speelde op zomerkamp. Wij gingen 's zomers naar Hopsi Topsi Land, een kamp op de Veluwe, waar de oma van mijn halfbroer en halfzus met nazistische hand de scepter zwaaide. Dan zong hij: 'Aan mijn broertje die zo graag wil gaan studeren, laat ik met plezier het adres na van mijn kroeg'. Ik keek dan altijd even naar oma Rie en die keek áltijd terug en gaf me een knipoog. Dan wist ik: ik hoor erbij.'

PICKNICK 1967

'Deze plaat ontdekte ik toen ik een jaar of 15 was. Mijn moeder en ik verhuisden op mijn 11de van Heemstede naar Amsterdam. Ik leerde mijn beste vriend kennen op het Vossiusgymnasium en samen beleefden we deze plaat. Wij hadden onze eigen hippietijd, midden in de jaren tachtig. Mijn vader had heel veel platen achtergelaten: alle Beatles, alle Stones, alles van Zappa, van Johnny Cash, Janis Joplin, Bob Dylan. We deden niets anders dan naar die oude muziek luisteren en blowen. Ik had Picknick tot die tijd links laten liggen, maar toen ging ik er voor het eerst echt naar luisteren. En toen was ik om: ik begreep ineens waarom Boudewijn zo goed was. Doordat ik de muziek leerde kennen die hem had geïnspireerd, snapte ik waarom ik zijn nummers ook te gek vond. Meester Prikkebeen heeft een enorme Beatles-sound. En Tegenland, luister, deze gitaar: dat is precies Foxy Lady van Jimi Hendrix.

Een van mijn lievelingsnummers van deze plaat is de Ballade van Wat Beter is:

En als mijn moeder weer een nacht
dat ik niet thuiskwam, heeft gewacht,
dan zeurt ze en dan word ik kwaad en
vloek en brul uit alle macht.
Het is beter dat ik haar verlaat
Ik vond mijn liefde in dit land, langs
heel het Spaarne was het mei.
Eens was ons bed het Noordzeestrand,
maar verder zwijg ik, het is voorbij

'Dat gaat over een jonge jongen in Heemstede, hee, dacht ik: dat gaat over mij! 'Het is beter dat ik haar verlaat', over dat soort teksten ging ik nadenken. Als het samen niet werkt, kan het beter zijn voor de liefde uit elkaar te gaan. Die heb ik zelf ook weleens gebruikt, bij een vriendinnetje: als je echt van me houdt, laat je me gaan.'

Documentaire

In Boudewijn de Groot - Kom Nader volgt regisseur Suzanne Raes zanger Boudewijn de Groot op weg naar het laatste concert waarin hij oud werk speelt (hij treedt nu alleen nog op met zijn nieuwere nummers). Ook spreekt zij met familie en vrienden, die herinneringen ophalen en proberen het complexe karakter van de zanger te duiden. In de film zit veel archiefmateriaal en filmmateriaal van De Groot zelf. Kom nader won op het IDFA de publieksprijs voor beste muziekdocumentaire.

NACHT EN ONTIJ 1968

Uit: Babylon

Meisjes wachten
nachten op de
god Sjalomon Ra,
de draak bewaakt
Ophelia die in de
laan der leguanen
met jasmijn onder platanen
terugdenkt aan Antarctica

'Deze plaat vond ik op mijn 7de doodeng en daarna heb ik hem eigenlijk nooit meer beluisterd. Dit was blijkbaar iets wat je in die tijd gedaan moest hebben: een onbegrijpelijk album maken dat vooral niet mooi mocht zijn of melodisch, maar met onduidelijke teksten en klanken die het gevoel vertolkten dat je wilde uitdragen. Stoned als een garnaal natuurlijk en maar denken dat je iets te geks maakt. Ik vind het echt lelijk. Ik kan me eigenlijk niet voorstellen dat Boudewijn zelf nog wel eens naar deze plaat luistert.'

HOE STERK IS DE EENZAME FIETSER 1973

'Dit werd weer gewoon muziek. Je kunt horen dat ze hier ook meer sporen tot hun beschikking hadden voor de opname; de nummers zijn veel beter gemixed. Eerst werkten ze met vier sporen, maar voor deze plaat gebruikten ze een 8-sporenmachine. Bij de oudere nummers is de balans niet goed: de stem staat heel hard, ergens ver weg hoor je dat de drummer iets doet, en, o ja, ga jij maar even in de weer met de tamboerijn. Er zitten ook voordelen aan die oude opnamen: je hoort de vellen van de drums, de snaren van de bas. Dat analoge vind ik nu eigenlijk altijd mooier.

'Toen ik als jongetje alleen op mijn kamer zat te luisteren, wilde ik graag iets horen dat prettig mijn oren binnenkwam. Iets waarbij ik me thuis voelde. Ik herinner me dat als ik mijn vader een knuffel gaf en mijn hoofd op zijn borst legde, hij altijd heel warm voelde. Dat gevoel zocht ik als ik zijn muziek luisterde en ik vond het in deze plaat.

'Op deze plaat staat ook zijn mooiste nummer ooit: Het Spaarne:

En het Spaarne stroomt, het Spaarne
stroomt,
Zoals het steeds voorbij zal blijven
stromen.
Het water gaat, wat blijft is de rivier
En wat er ook voor andere tijden
komen,
hij stroomt voorbij en blijft toch
altijd hier

'Dat heb ik later pas ontdekt, dat ik dat zo'n mooi nummer vond. Lennaert Nijgh heeft er definitief mijn hart mee gewonnen. Hij schrijft een heel nummer over een rivier. Een heel nummer, drie en een halve minuut, dus met die rivier zal wel iets bijzonders zijn. Het is ook nog de rivier die ik ken uit mijn jeugd, ik heb daar tussen de rietkragen gelegen met mijn gedachten. Wat Lennaert beschrijft, herken ik, al speelde ik er 30 jaar later. Dus tijdens dat nummer groeit en groeit mijn liefde voor het Spaarne, en dan eindigt hij het nummer zo:

Het Spaarne stroomt, maar niet
voorbij de sluizen, het eindigt
naamloos in een zijkanaal.

'Hè?! Een heel nummer over de waanzinnig belangrijke rivier het Spaarne, maar wat gebeurt er? Die eindigt naamloos in een zijkanaal. Nummer afgelopen. Dat vond ik zo bizar mooi.'

'En dan Jimmy. Als ik bij een vriendje of vriendinnetje van school thuiskwam, werd gelijk deze plaat uit de kast getrokken. Echt, iedereen had die plaat. Volgens mij werd ik ook vaak uitgenodigd omdat ouders hoopten dat Boudewijn me zou komen halen. En zo niet, dan hadden ze in elk geval mij gezien. Dat merkte ik doordat die kinderen mij dan zuchtend en steunend mee naar huis namen en die ouders - vooral de moeders - helemaal opleefden als ik binnenkwam. Zat ik eerst een uur met iemands moeder aan de keukentafel, voordat ik met Star Wars kon gaan spelen.'

Uit: Jimmy

Hoe sterk is de eenzame fietser die
kromgebogen over zijn stuur tegen de
wind
zichzelf een weg baant?
Hoe zelfbewust de voetbalspeler die
voor de ogen van het publiek de
wedstrijd wint,
zich kampioen waant?
Hoe lacht vergenoegd de zakenman
zonder mededogen die een
concurrent verslagen vindt,
zelf haast failliet gaand

'Van de tekst begreep ik niks. En dan kwam: 'als-ie maar geen voetballer wordt, ze schoppen hem misschien halfdood, maar liever dat nog...'

'Dan dacht ik: hè?! Maar liever dat nog?! Pas later begon ik te snappen dat een vader zingt dat zijn zoon beter als voetballer halfdood geschopt kan worden, dan dat hij een zakenman wordt met een bord voor zijn kop. Maar dan nog: het nummer heeft niet vanaf het begin een heel warme indruk op me gemaakt. Mensen zeiden: je zult wel trots zijn! Maar dat was ik eigenlijk niet. Het klinkt misschien verwend, maar als kind dacht ik: als je dan toch een nummer voor me maakt, maak dan een nummer dat ík leuk vind. Mijn oom, Ruud Engelander, heeft het nummer geschreven. Hij is de broer van mijn moeder en schreef dus met wat meer afstand. Toen ik dat wist, snapte ik het beter. Maar ik kan zo twintig nummers van Boudewijn opnoemen die ik leuker en beter vind.'

WAAR IK WOON EN WIE IK BEN 1975

'Deze plaat heeft hij gemaakt toen we in Amerika woonden. Ik vind ik het misschien wel zijn beste plaat. Inhoudelijk is het geweldig, heel beschouwend.

Uit: Wie ik ben

Vroeger miste ik de vrienden die ik uit
het oog verloren had.
Dat waren vrienden van
vroeger
En ik bezong verliefd de
meisjes met wie ik nooit iets
had gehad.
Dat zijn liefdes van vroeger

'Die teksten begon ik te begrijpen. En die beat, dat is echt het geluid dat ik van Boudewijn ken. Het is een soort slagje: dzing, dzing, tsjak. In het begin tokkelde hij veel, later ging hij strummen. Minder virtuoze gitaristen komen hier dan snel op uit, het is een makkelijk slagje. Maar wat ik zo leuk vind: Boudewijn heeft er zijn eigen, herkenbare feel aan gegeven. Als ik het hoor, denk ik meteen aan hem.'

Uit: Wie ik ben

Wat ik nu zie in het verleden, zijn de
toekomstmogelijkheden

'Als je dat hoort, als kind van 8, je vader is net weg en je moet door met het leven.. Ja, ik had daar echt wat aan. Dit is ook zo'n tekst die ik bedoel als ik zeg: ik heb zijn opvoeding via het vinyl tot me genomen. Het was natuurlijk pijnlijk dat hij was weggegaan. Maar ik wilde niet blijven hangen in: mijn is vader is vertrokken, dus mijn vader is een lul. Ik ging heel erg op zoek naar dingen om mijn vader leuk te maken. Dat vond ik in dit nummer:

Uit: Wegen

Al ben ik meer dan eens de weg kwijt
rij ik hele einden om,
al zou ik niet weten waar je woont ik
ben op weg om je te vinden,
(...)
Al zou ik niet weten waar ik vandaan
kom
en ook niet wat ik gister deed, ik weet
alleen maar wat ik wil
ik ben op weg om je te vinden

''Ik ben onderweg', dat vond ik mooi. Later herkende ik dat ook bij een nummer van de Eagles: Outlaw Man. Als ik een vriendinnetje had, liet ik haar als eerste dat nummer horen. Woman, don't try to love me, don't try to understand, the life upon the road is the life of an outlaw-man. Dan zei ik: als ik straks weg ben, weet je dat het niet aan jou ligt. Ook toen ik getrouwd was, stapte ik soms in mijn auto en was ik een tijdje weg. Mijn moeder heeft me weleens gebeld, die dacht dat ik vreemdging. Maar ik ging niet vreemd. Ik wil gewoon af en toe een cowboy zijn. Dan ga ik ervandoor, en rij ik over de A2 of de A58 tot ik niet meer weet waar ik ben, en vreet ik in mijn eentje een gehaktstaaf.

'Ik weet niet hoe dat samenhangt met het vertrek van mijn vader. Ik heb al vrij snel geleerd dat terugkijken niet de manier is om antwoorden te vinden. Als kind heb ik wel teruggekeken en gevraagd: 'Waarom ben je bij ons weggegaan? Je zei dat je alleen wilde zijn, maar je hebt een maand later alweer een nieuwe vriendin. Kun je me dat uitleggen?' Maar dat kon Boudewijn nooit uitleggen, hij was heel gesloten.'

VAN EEN AFSTAND 1980

'Deze plaat maakte Boudewijn in de tijd dat hij bij ons wegging.'

Uit: Vertrek

In de mist wacht een vliegtuig op
vertrek, naar een land ver weg in het
westen
ga je mee met mij, blijf je liever hier, je
weet het zelf wel het beste
Je veegt met je hand langs je natte
wang, ik weet dat je nooit kunt
beslissen
en jij weet dat ik zelf allang heb
beslist, jij zou dit land meer dan mij
gaan missen

'Dat dit nummer zo expliciet ging over iets dat ik had meegemaakt, vond ik als jongetje onbegrijpelijk. Nu ik zelf tekstschrijver ben, weet ik beter hoe het werkt. Mijn vader schreef over zijn eigen leven. Maar toen dacht ik: dat gaat dus over mijn moeder! Daar werd ik zo kwaad om. Ik dacht: blijf met je tengels van haar leven af. Eerst vernachel je het, en daarna ga je erover dichten.

'Wat later hoorde ik er ook nog eens mijn eigen leven in terug. Ik kan me de avond nog herinneren, dat het mistte en dat hij op Schiphol in een vliegtuig stapte en niet meer terugkwam. En ik had zelf nog elke dag heimwee naar Amerika. Wij woonden in Hollywood, ik had een abonnement op Disneyland! En nu ging hij gewoon terug, zonder mij. Eerst liet hij me luilekkerland zien, vervolgens bracht hij me naar de andere kant van de rijstebrijberg, om er zelf weer overheen terug te springen: oké, doei. Dat vond ik toen onverdraaglijk. '

MAALSTROOM 1984

'Op deze plaat staat weer zo'n nummer: Nooit meer terug. Ik herinner me dat hij me een demootje liet horen, in de auto.

Uit: Nooit meer terug

Verleden jaar leek alles nieuw, maar
ieder woord woog even zwaar
In elke straat een nieuwe hoek, maar
dezelfde huizen naast elkaar
Bij nummer één vol goede moed,
bij tachtig dacht
ik: laat ook maar
(roept tussendoor: 'Dat gaat dus over sleur!')
Een buitenwijk
komt nooit in
zicht,
wie weet misschien het volgend jaar
Een vliegtuig kan een uitkomst zijn,
als jij je schepen hebt verbrand
(...)
Nooit meer terug, ik ga nooit meer
terug.
Ik weet niet waar ik heen ga.
Nooit meer terug, ik ga nooit meer
terug.
Maar ik weet waar ik vandaan kom

'Boudewijn ontkende dat het over ons ging, maar dat geloofde ik niet. Zijn hele carrière heeft hij gezongen over zaken die hem echt gebeuren en nu moest ik ineens geloven dat dit nummer gaat over zo maar 'een man' gaat die over zijn leven loopt te mijmeren op straat. Als je weet waar je vandaan komt en je wilt 'daar' niet meer naar terug, dan is 'daar' blijkbaar iets vreselijks. Ik begreep best dat als je ouders scheiden, je vader dan niet meer terug komt. Maar waarom moet je dat nou op een plaat zetten? Er staat één nummer op dit album dat ik echt heel mooi vind, dat gaat ook over mijn moeder.'

Uit: Een slag zo zwaar verloren

Haar gezicht is wit van woede als ze
naar me kijkt en zegt:
je hebt het me gezworen
(...)
Voorgod schiet ik te kort in slimme
woorden

'Toen ik die laatste zin hoorde, dacht ik: hèhè, hij is in elk geval intelligent. Hij toont zijn zwakte, dat vond ik wel prettig. En dat vond ik een compliment aan mijn moeder, dat zij dat blijkbaar in hem losmaakte, in elk geval zo dat hij er een lied over wilde schrijven. Hij zégt geen sorry, maar ik hoor het wel.'

'Hierna komen de platen van Boudewijn die ik niet zo goed ken. Zijn nieuwere werk is niet zo mijn smaak. Het is net als met Prince, daar ben ik ook mee gestopt in 2000. Van zijn eerste 15 jaar ben ik mega-fan, maar van de laatste 15 jaar Prince luister ik nooit iets. Ik heb geleefd met Boudewijns oude repertoire, van de eerste 20 jaar van zijn carrière ben ik echt fan. Naar die liedjes blijf ik luisteren.'

Boudewijn de Groot - Kom Nader
vrijdag 25/12, 22.40 uur, NPO 2.

Direct

Op het laatste album van Boudewijn de Groot (Achter glas, 2015) staat een nummer over zijn vader, Anamorfose. Jim de Groot kende het nummer niet, maar luistert voor deze gelegenheid. Blijf niet verborgen in de spiegel van de tijd... (zet plaat af)

'Daar kan ik dus niet zo goed tegen. Wat is dat, de spiegel van tijd? Is dat algemeen bekend? Een poëtisch anker dat we allemaal moeten hebben? Ik word er altijd een beetje obstinaat van, dat van een luisteraar wordt verwacht dat hij meegaat in de poëzie. Ik weet dat dit voor mijn vader een moeilijk onderwerp is, en het is mooi dat hij woorden gevonden heeft om zijn gevoel te uiten. Maar als ik hem niet zou kennen, hoor ik een zweverige tekst met onduidelijke metaforen. Ik ben juist dol op zijn liedjes die heel direct zijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden