Een kunstenaarsinitiatief dat school maakte per kerende post

In 1974 sprong schrijver Jan Arends uit het raam, reed de eerste witkar in Amsterdam, won de PvdA eenvoudig de verkiezingen en voerde de staf van inrichting Dennendal 'aksie' omdat het ook met de geestelijk gehandicapten geheel anders moest....

Van onze verslaggever

Bob Witman

AMSTERDAM

Zeven studenten en een docent vonden elkaar in het licht-anarchistische klimaat van de Akademie voor Kunst en Industrie (AKI) in Enschede. 'Het was een speeltuin', zegt Johan Visser nu, alias - toen - Johan de Regelaar. Terwijl de vernieuwingsdrift van de jaren zestig op de meeste kunstacademies nauwelijks weerklank vond, schafte de AKI rond 1970 de vakgroepen af. 'Er heerste een onschoolse sfeer. Niemand studeerde meer af in een specialisatie. Iedereen kon alles, we waren multidisciplinair.'

Veelvormig was de Enschedese School zeker. In een oud schoolgebouw werd theater gemaakt, muziek, grafische ontwerpen en beeldende kunst. Toch zal de Enschedese School vooral worden herinnerd door zijn multiples: exclusieve-kunst-in-oplage.

Zo kregen de 250 donateurs van de School in 1979 per postpakket het Artiestenontbijtservies toegezonden. Een bord als schilderspalet met kleurige verfklodders in het aardewerk gebakken. En een koffiekop met op de bodem bezinksel van het omspoelen van een kwast. Alles werd met de hand geprepareerd voor het de oven in ging.

Het schildersservies is te zien op Zelfmoord op verjaardag!, een overzichtsexpositie ter gelegenheid van de 'opheffing' van de Enschedese School in het Stedelijk Museum. 'We wilden alles zelf doen', herinnert Visser zich. 'Er was een enorme drive om dingen te maken.' Een politieke grondslag of beginselverklaring ontbrak, wat uitzonderlijk was in de jaren zeventig. 'We waren wel links, maar iedereen was toen links.' De kunstenaars hadden zich ten doel gesteld om met toegepaste kunst geld te verdienen om autonome kunst te kunnen maken.

Moderne Kunst per PTT begon ook met die gedachte. Een donateur van de Enschedese School kreeg vier keer per jaar een pakket of envelop met de tekst: 'Postbode, s.v.p. niet vouwen of knakken, dit pakket bevat kunst'. Daarin bevond zich een eerstedag-envelop met postzegel van Henk Vonhoff (toen burgemeester van Utrecht), of een blik: Four oilballs on heavy Sirup; een bouwplaat om van jezelf een beroemde Nederlander te maken of de mobiel Oh, Gevleugelde Verfkwast, gemaakt van louter schildersmaterialen.

De ontwerpen varieerden van edelkitsch, tot parodieën - soms flauw, soms geestig - met daartussen af en toe een object van meer tijdloze waarde. De kracht van de Enschedese School was vooral gelegen in een goed idee, dat goed werd uitgevoerd. 'We maakten het niet alleen, we wisten het ook te verkopen. Dat was toen nieuw', zegt Visser die nu een reclamebureau drijft. Voor de verzending van vier oliebollen op dikke siroop (1980, oplage 250) werd het School-lid Kees Maas gefotografeerd voor een stapel blikken in supermarkt-opstelling. De foto vond gemakkelijk zijn weg naar de krant. Publiciteit is altijd een sterk punt geweest van de Enschedese School.

In het Stedelijk wordt het werk in de oorspronkelijke context van kunst-in-oplage gepresenteerd. Dankzij trouwe abonnees van de Enschedese School, die de postzendingen soms nog in de oorspronkelijke verpakking hebben bewaard, zijn er nu van alle objecten tientallen stuks verzameld, die met elkaar worden tentoongesteld.

In de naam Zelfmoord op verjaardag! schuilt de (zelf)spot die in veel van wat de de Enschedese School deed, is terug te vinden. In 1977 werd de naam voor het eerst gebruikt, maar twintig jaar is ze nooit geworden. De bloeitijd lag tussen 1977 en 1985. 'Het waren intensieve jaren. Je moet veel van elkaar houden om zo te werken. Ideeën die 's middags werden bedacht, werden soms nog dezelfde avond uitgeprobeerd', zegt Visser.

De opvattingen in het collectief liepen niet altijd synchroon. Een deel wilde kunst met een hoofdletter maken, terwijl Visser en Willem Wisselink (die samen met Kees Maas het muziekduo de Kewi's vormde) meer gegrepen waren door de lichte toets. Ze boekten succes met hun platenlabel 1000 Idioten Records.

In 1977 draaide de VARA-radio het singletje Van Agt Casanova. 'Zuinig mondje gaat van kwek-kwek-kwek', zong ene Paul Tornado in het jaar dat Van Agt een oekaze uitvaardigde tegen seksbioscopen met meer dan 49 stoelen. De plaat kwam uit 'midden in een kabinetsformatie die waanzinnig lang duurde', herinnert Visser zich. Den Uyl en Van Agt modderden, vruchteloos zoals zou blijken, voort en 1000 Idioten Records kreeg vijfduizend bestellingen binnen.

Het label heeft onder de naam Idiot Records tot 1991 bestaan. Ter gelegenheid van de opheffing van de Enschedese School is de verzamel-cd First Idiots uitgebracht met onder meer Tornado, De Gigantjes en Fay Lovsky. Het succes van Idiot Records gaf wrijving in het kunstenaarscollectief. 'Wij zaten demo's te maken en platen te verkopen', zegt Visser, 'terwijl verderop iemand probeerde kunst te maken.'

In 1981 waren nog maar vier leden over. Visser, Wisselink, Maas en Frans Oosterhof wilden het met de Enschedese School in Amsterdam gaan maken. Dat viel niet mee. 'In Enschede waren we wereldberoemd', herinnert Wisselink zich. Maar in Amsterdam 'liepen Wim Schippers en al die andere begaafde kunstenaars rond. Daar moest je veel meer met je lul op tafel. Daar was je niemand.'

De gehalveerde Enschedese School bofte dat de verhuizing samenviel met een rel. De door hen in 1981 voor het CJP gemaakte beeldroman De Doka van Hercules werd vernietigd. Het CJP-bestuur, inclusief Han Lammers, stoorde zich aan de blote stripfiguren en vreesde dat W.F. Hermans deze persiflage op zijn Donkere kamer van Damocles niet op prijs zou stellen. Dat leverde veel publiciteit op. 'Achteraf heeft Lammers ons een goede dienst bewezen', grijnst Visser. Met genoegen constateerde hij pas nog dat een van de pulpmachine gered exemplaar van de De Doka op een beurs 450 gulden deed.

In Amsterdam kwamen er meer kunstenaars bij het collectief, maar de oorspronkelijke leden raakten van elkaar vervreemd. 'Achteraf is het toch knap dat het tien jaar heeft geduurd', vindt Visser die samen met Wisselink in 1985 afhaakte.

In de krant Laatste post, een 'catalogus' bij de expositie, oordelen de acht leden van de Enschedese School niet eensgezind over de kwaliteit van het werk dat ze toen maakten. Kees Maas, die als zelfstandig kunstenaar is verder gegaan, toont scepsis. 'Te weinig diepgang', constateert hij. Anders dan een collectief als Hard Werken, een Rotterdamse groep grafisch ontwerpers, dat wel duidelijk een stijl heeft neergezet, is, vindt hij, de Enschedese School in de persiflage blijven steken. De Enschedese School, zegt Maas, heeft nooit school gemaakt. 'We hebben hoogstens een reukspoor achtergelaten.'

Maar Visser kijkt met voldoening terug naar het verzameld werk dat nu in het Stedelijk ligt. 'Het heeft een heel duidelijke beeldidentiteit.' Bovendien, zegt hij, zijn die tien jaar een leerschool gebleken die je iedereen zou toewensen.

Zelfmoord op verjaardag!, twintig jaar Enschedese SChool, Stedelijk Museum Amsterdam, t/m 9 maart.

First Idiots, Basta 30-90602 met o.a Paul Tornado, Joep Bruijnjé en Fay Lovsky.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden