ateliers in rotterdam

‘Een kunstenaar heeft genoeg aan een rotplek om te kunnen creëren’

Tijdens Rotterdam Art Week zijn bezoekers onder meer welkom in de ateliers van kunstenaars Marianne Fontein, Johannes Langkamp en Sebastian Haquin. Een geschikt plekje vinden (en houden) in de stad wordt steeds moeilijker.

Bart Dirks
Het atelier van Marianne Fontein in Kunst & Complex. Beeld Sylvana Lansu
Het atelier van Marianne Fontein in Kunst & Complex.Beeld Sylvana Lansu

Wie: Marianne Fontein (60)

Atelier: Kunst & Complex

‘Vier muren, een dak, water, licht en een beetje verwarming: een lege doos is de basis voor een atelier. De rest vul je zelf in. Als je veel tafels nodig hebt, zet je tafels neer. Een schilder wil juist veel muren hebben. Luxe hoeft niet, wifi is handig.

‘Mijn atelier zit sinds 1988 aan de Keileweg, tussen Rotterdam en Schiedam. Dit is een voormalige fabriek voor verpakkingsmaterialen. In zeven maanden tijd hebben we er ateliers in gebouwd: tussenmuren geplaatst, elektra aangelegd, ramen dichtgemaakt, enzovoorts.

‘Destijds was dit nog echt een havengebied, met fruitbedrijven en huidenleveranciers. Vrienden vroegen ons vaak of we hier écht wel wilden zitten. Maar het was goedkoop en we hadden veel ruimte, we waren met veel beeldhouwers. Tussen 1990 en 2000 was de Keileweg de beruchte tippelzone. Dat leidde eerst tot paniek in ons ateliercomplex, tot iemand nuchter zei: zullen we eerst maar eens aankijken hoe het gaat? Eigenlijk hebben we er weinig last van gehad.

‘We zijn altijd een hechte groep kunstenaars geweest. In het verleden hadden we zelfs vier gastateliers. Er zijn zeker tweehonderd kunstenaars uit de hele wereld tijdelijk hier geweest. Ze brachten nieuwe energie en nieuwe ideeën binnen. Maar een aantal jaar geleden moesten we een vleugel van het gebouw ontruimen, omdat dat deel al zou worden ontwikkeld. Die vleugel staat nu al vijf jaar leeg.

‘Onlangs is dit pand door de gemeente verkocht aan een investeerder. Ons huurcontract loopt over 3,5 jaar af. Het is aan de nieuwe eigenaar om te beslissen wat hij precies gaat doen. Zes jaar geleden was het ook reuze spannend, toen het pand werd gerenoveerd. We wisten en weten: ooit komen we aan de beurt. Het houdt me zeker bezig, maar ik wil mijn tijd hier goed besteden en me niet laten beheersen door de vraag: wat straks?’

Het atelier van Johannes Langkamp in Steur. Beeld Sylvana Lansu
Het atelier van Johannes Langkamp in Steur.Beeld Sylvana Lansu

Wie: Johannes Langkamp (37)
Waar: Steur

‘Een kunstenaar heeft genoeg aan een rotplek om te kunnen creëren. Ik stel geen hoge eisen aan een atelier, zolang het maar betaalbaar is. Ik vrees dat er over een paar jaar geen rotplekken meer over zijn in Rotterdam. Zelfs de goedkoopste locaties worden te duur.

‘Ik noem mezelf wel kinetisch beeldhouwer. Ik maak bewegende, ruimtelijke beelden, mechanisch aangedreven. Toen we vorig jaar open huis hadden tijdens de Rotterdam Art Week, heeft directeur Suzanne Zwarts van Museum Voorlinden twee werken van mij gekocht. Een daarvan is momenteel te zien in Wassenaar, daar ben ik heel trots op.

‘Nadat ik in 2006 was afgestudeerd op kunstacademie AKI in Enschede, ben ik naar Rotterdam gekomen. Het was hier betaalbaar dankzij de grote leegstand. Een aantal jaren zat ik antikraak met nog zes kunstenaars. Sinds anderhalf jaar zit ik in Steur, een voormalige elektriciteitscentrale die helemaal is verbouwd.

‘Hier in Steur zitten ontwerpers, creatieve bedrijven en kunstenaars die werken op het snijvlak van kunst, design, technologie en duurzaamheid. Iedereen sleutelt hier aan een droom. Iedereen heeft hier óók een zakelijke kant. daar leer ik veel van.

‘Het pand is mooi gerenoveerd, maar zelf zit ik met nog twee anderen op een verdieping met weinig voorzieningen. Ik heb geen daglicht of stromend water, geen verwarming. Dat is niet erg, want door die beperkte voorzieningen kan ik het hier betalen. Ik vind het leuk om oplossingen te verzinnen, dus ik bouw mijn eigen keuken en een waterpomp.

‘Mijn huurcontract loopt nog een jaar of drie. Als daarna de huur flink zou worden verhoogd, moet ik waarschijnlijk iets anders zoeken. Ik denk dat mijn vriendin en ik dan eerder in Friesland een boerderij kopen. De gentrificatie van Rotterdamse wijken en het havengebied gaat zo hard dat veel kleinschalige, experimentele plekken verdwijnen. Dat is slecht voor kunstenaars en slecht voor de stad. Daar maak ik me wel zorgen over.’

Het atelier van Sebastian Haquin in Studios Borgerstraat. Beeld Sylvana Lansu
Het atelier van Sebastian Haquin in Studios Borgerstraat.Beeld Sylvana Lansu

Wie: Sebastian Haquin (30)

Waar: Studios Borgerstaat

‘Ik kom uit Australië en heb in Melbourne de kunstacademie gedaan. In Rotterdam had ik dus geen connecties toen ik in 2014 een atelier zocht. Dat maakt het extreem moeilijk om iets te vinden.

‘Eerst huurde ik een atelier van een vaag Dracula-achtig type. Vervolgens heb ik gewerkt in het pand van de Rotterdamse kunstenaars en ontwerpers Peter en Mirjam Carels. Dat was een voormalig consulaat in het centrum. Een geweldig fijne plek, maar helaas is dat gebouw gesloopt. Daarna raakte ik in een piepklein atelier verzeild waar de huurders compleet werden afgezet.

‘Via via kwam ik op de wachtlijst van SKAR, een Rotterdamse organisatie die werkruimtes verhuurt aan de creatieve sector. Sinds 2017 heb ik zo een atelier in de Studios Borgerstraat, een voormalige school naast het Sparta-stadion. Ze zochten daar nieuw bloed. Ik was toen 25, veruit de jongste hier. Dit is een geweldige plek met een grote tuin. We zitten er met een stuk of dertig kunstenaars. Ik zit in de voormalige lerarenkamer van 7 bij 5 meter en betaal 240 euro.

‘Ik heb dus echt geluk gehad. Als we hier ooit weg zouden moeten, dan zie ik het somber in. Ik hoor elke dag hoe moeilijk kunstenaars het hebben om een betaalbaar atelier te vinden. Vrienden zijn thuis gaan werken. Voor mij is dat geen alternatief – ik maak grote doeken met olieverf en ik heb een hond. Dat zou dus een ramp zijn, ook voor de gezondheid, met die verfdampen.

‘Dit was een arbeidersstad, maar het is een stad van projectontwikkelaars geworden. Door de gentrificatie lijken alle grote Europese steden op elkaar. Projectontwikkelaars eten Rotterdam van binnenuit op.

‘Veel kunstenaars denken over weggaan uit Rotterdam. Intussen gebeuren er meer spannende nieuwe dingen in Dordrecht. Een nieuw platenwinkeltje, kleine initiatieven. Rotterdam is minder opwindend dan een paar jaar geleden. Misschien moeten we buiten Nederland kunstenaarscommunes gaan stichten in stadjes en dorpen met vergrijzing en leegstand.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden