Een goede antenne en enthousiasme als basis

Muziek..

Rare naam voor een popsite.

Ja, maar daarom een die je goed onthoud. Oorspronkelijk noemde de Amerikaanse student Ryan Schreiber zijn site in 1995 Turntable. Hij wilde internet voorzien van nieuwtjes en recensies aangaande muziek uitgebracht op kleine onafhankelijke labels (indies). Toen het allemaal wat serieuzer werd koos hij voor de naam Pitchfork, naar de tatoeage die Al Pacino droeg in de film Scarface. Pitchfork is ook de naam van een agrarische site, dus werd het Pitchforkmedia.

En wat kunnen die bezoekers op Pitchfork wel vinden wat ze elders niet kunnen vinden?

Niet eens zozeer al die actuele informatie over popmuziek die zich buiten het gezichtsveld van de grotere gevestigde media afspeelt. Van dat soort sites wemelt het natuurlijk, ook in Nederland. Maar wat Pitchfork de status van een autoriteit heeft bezorgd zijn hun goed onderbouwde plaatrecensies. Iedere werkdag worden er vier nieuwe titels besproken, en beoordeeld met een cijfer van 0,0 tot 10,0. Meestal zijn dat nieuwe platen van artiesten die te moeilijke muziek maken voor het grote publiek, zeg maar uit de Lowlands-categorie. Maar ook bijzondere re-issues van historisch belangwekkende platen komen voorbij.

O, weer zo’n site voor en door humorloze betweters die geen ander platform hebben om hun verongelijktheid met de muziekindustrie te botvieren.

Nee, want dat is het leuke van Pitchfork: de basis is juist enthousiasme. Het ontdekken van nieuwe bands en platen en die liefde te willen delen met andere muziekliefhebbers is de belangrijkste drijfveer. En of het nu gaat om het nieuwste album van gitaarband Spoon (8,5) of een heruitgave van Electric Storm uit 1969 van de pioniers binnen de elektronische muziek White Noise (8,6), altijd wordt de muziek ook duidelijk benoemd, zonder dat er te veel bekend wordt verondersteld. Hooguit valt op dat de beoordeling wat zuiniger wordt naarmate artiesten langer mee gaan. Al heeft Iggy Pop het er met die laatste plaat (1.0) The Weirdness natuurlijk zelf naar gemaakt. Maar hoe negatief ook, de argumentaties snijden altijd hout.

Maar worden er overal niet al genoeg cd’s besproken?

Nee, niet zo grondig. Waar de gedrukte bladen steeds meer recensies van steeds minder woorden zijn gaan plaatsen, kiest Pitchfork voor besprekingen die ongeveer zo lang zijn als het stukje dat u nu leest. Hiërarchie is hen ook vreemd, een nieuwe Red Hot Chili Peppers krijgt dezelfde aandacht als de nieuwe Deerhoof. Al maakt ook de in Chicago gevestigde redactie beslist keuzes. Want de honderd platen die in de maand besproken worden, vormen een fractie van het aanbod. Maar ze hebben er een goede antenne voor wat kan aanslaan bij een breder publiek.

Wie heeft er het meest van een goede recensie geprofiteerd?

Arcade Fire. De Canadese band was zo goed als onbekend toen in september 2004 hun debuutalbum Funeral met een 9.7 gehonoreerd werd. Niet alleen het cijfer maar ook de recensie, waarin feilloos werd aangegeven welke leegte Arcade Fire in het poplandschap zou kunnen vullen, deed de band doorbreken naar een nog altijd groter wordend publiek.Gijsbert Kamer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden