Interview

Een gesprek over schrijven, een beroemde vriend en Parijs

Drie van haar romans spelen lang geleden in de prairie van Iowa. Maar wat de personages bezighoudt, is van alle tijden. Pulitzer Prize-winnares en Nobelprijskandidate Marilynne Robinson was in Nederland. Een gesprek over schrijven, een beroemde vriend en Parijs.

Marilynne RobinsonBeeld Valentina Vos

Het mooie van Den Haag is dat de geschiedenis hier wordt uitgedrukt door de architectuur.' Zaterdagavond, Crossing Border-festival, het zaaltje The Priest in de Koninklijke Schouwburg puilt uit. Het is een dag na de terroristische aanslagen in Parijs. Marilynne Robinson, die later deze maand 72 jaar wordt, Amerikaans romanschrijfster, essayiste en professor creative writing, krijgt extra beveiliging. Een van haar verklaarde fans is namelijk tevens de president van Amerika. Twee jaar geleden heeft Barack Obama haar de National Humanities Medal toegekend en op 14 september jongstleden heeft hij haar in Des Moines, Iowa geïnterviewd; een gesprek dat via YouTube en de New York Review of Books (op 5 november werd het eerste deel afgedrukt) de hele wereld over is gegaan. Vandaar de bezorgdheid.

Op haar Europese tournee doet Robinson meteen na Stockholm en net voor Barcelona ook even Nederland aan. Verbazend dat ze kans heeft gezien om in de luttele uren dat ze in ons land verblijft, Den Haag te observeren.

Beeld -

Vanmiddag gestruind door de stad?

Een lachje als antwoord. Dan: 'Niet gestruind. Ik heb aandachtig naar buiten gekeken toen de taxi me door de stad reed.'

Toch zegt die aandachtigheid al iets. Over haar debuut Housekeeping (1980) schreef Doris Lessing: 'Men moet dit boek langzaam lezen. Elke zin is prachtig.' Nauwkeurig roept Robinson alles op: in haar debuut een fictief dorpje in Idaho, de staat waar ze vandaan komt. In de drie romans daarna het dorpje Gilead in Iowa in de jaren vijftig, met bewoners als de oude dominee John Ames, die als weduwnaar van 67 ineens de zwerfster Lila Dahl in zijn kerk aantreft, hun zoontje van 7, de buurman en predikant Robert Boughton en zijn verloren zoon Jack. Elk boek belicht een ander personage. Alle grote literaire en levensbeschouwelijke thema's komen in Robinsons melodieuze proza voorbij: liefde, eenzaamheid, vergeving, strijd, God en simpele vragen met levensgrote implicaties. Gebeuren dingen altijd met een reden, zoals de kerk stelt - en waar haalt een predikant die zekerheid vandaan?

Al meer dan twintig jaar doceert Robinson aan de universiteit van Iowa. Daar kwam ze terecht na haar jeugd te hebben doorgebracht in Sandpoint, hoog in Idaho.

Uw voorlaatste essaybundel heet When I Was a Child I Read Books. Vat die titel uw jeugd samen?

'Mijn moeder las mij en mijn oudere broer veel voor; Gulliver's Travels, Alice in Wonderland, The Secret Garden, de nonsensverzen van Edward Lear. En The Yearling van Marjorie Kinnan Rawlings, over die arme jongen die geen eten genoeg heeft voor zijn lievelingsdier, een hinde. Elke keer was mijn moeder in tranen, en telkens vroegen wij haar om het voor te lezen.

'Zelf las ik inderdaad altijd. Alles door elkaar. De jeugd is de enige periode van je leven dat je nog totaal in de ban kunt zijn van een verhaal. Niets leidt jou af. Dat gevoel probeer je later te benaderen door te schrijven. Ik probeer mezelf weer te laten opslokken.'

Beeld -

Lukt dat?

'Het komt in de buurt, ik heb wel scènes geschreven die mezelf verbaasden.'

Is voor u Gilead de plaats die die sfeer bewaart?

'Ik zie het als de plaats waar ik mensen kan samenbrengen. Het plaatsje Tabor stond model voor Gilead, vanwege zijn geschiedenis. Tabor is gesticht door christelijke abolitionisten, er was een presbyteriaanse kerk en een college, en mannen en vrouwen werden gelijk behandeld, er was geen raciale scheiding, en dat al een decennium vóór de Burgeroorlog begon in 1861. Heel vooruitstrevend.'

Waarom heeft u het dorp Gilead genoemd, naar de plaats in het Oude Testament - in het Hebreeuws betekent het 'heuvel van getuigenis' - waar veldslagen hebben plaatsgevonden maar ook geneeskrachtige kruiden groeiden, 'de balsem van Gilead'?

'Omdat het echte Tabor, dat vernoemd is naar de Bijbelse berg Tabor, later moderner is geworden, er zijn mensen uit het zuiden komen wonen, het is volkomen veranderd. Ik hou het bij Gilead in de jaren vijftig, omdat er toen nog mensen leefden die de Burgeroorlog hadden meegemaakt. John Ames is de kleinzoon van een radicale abolitionist.'

Bibliografie

1980 Housekeeping (roman), Pulitzer Prize-nominatie. Vertaling: Een huishouden, 2008.

1989 Mother Country - Britain, the Welfare State and Nuclear Pollution (essays)

1998 The Death of Adam - Essays on Modern Thought

2004 Gilead (roman), Pulitzer Prize. Vertaling: Gilead, 2005.

2008 Home (roman), Orange Prize. Vertaling: Thuis, 2009.

2010 Absence of Mind - The Dispelling of Inwardness from the Modern Myth of the Self (essays)

2012 When I Was a Child I Read Books (essays)

2014 Lila (roman) Vertaling: Lila, 2015.

2015 The Givenness of Things (essays).

Barack Obama zette Gilead op zijn Facebook-profiel. Hij begon zijn interview in september in Des Moines, Iowa, met de confessie dat hij een liefde had opgevat voor het personage John Ames, de oudere dominee, en diens worstelingen.

'Yes he did. (Tevreden lachje.) Een van de uitdrukkingen die de president vaak gebruikt, is 'It's supposed to be hard'. We spraken een paar jaar geleden op een conferentie van de protestants-christelijke denominatie waar ik toe behoor. Hij is een van ons. En John Ames, mijn personage, eveneens. Barack Obama is ontvankelijk voor de religieuze kwesties die ik aansnijd. Misschien dat hij in Ames herkent dat je je eigen motieven en handelen voortdurend bevraagt, en of die in overeenstemming zijn met wat God van je verwacht. Ik denk dat Barack Obama mijn ideale lezer is.' (Gulle lach)

Barack Obama concludeerde na lezing van Gilead: It isn't easy to be a good Christian.

'De president heeft enorme verantwoordelijkheden en moet dagelijks besluiten nemen die immense consequenties hebben, en waar ook soms de inzet van geweld bij hoort. Het is te makkelijk om te zeggen dat hij zich daar beter verre van kan houden, want dan zou hem weer worden verweten dat hij niks doet. Volgens mij is er sinds de Duitse theoloog en verzetsstrijder Dietrich Bonhoeffer niemand geweest die beter weet hoe moeilijk het is om een goed christen te zijn dan Barack Obama.'

Even terug naar zijn held, John Ames. Als die 67 is, komt de 25 jaar jongere Lila de kerk binnen. Omdat het regent. Ze zoekt niet naar God, maar naar dak boven haar hoofd.

'Ja, hij is het product van een culturele traditie, zij heeft meer van de wereld gezien, heeft in een bordeel gewerkt en met dagloners rondgezworven. Hij preekt over de hel, zij zou daar volgens zijn geloof in terechtkomen. Ik wilde wel eens zien wat er gebeurde als die extremen elkaar ontmoetten.'

Ames moet zich afvragen: als God van de wereld houdt, waarom dan niet van iedereen, waarom gaan de zielen van ongelovigen verloren? En Lila kan zeer praktische vragen stellen, die ook raken aan filosofische kwesties: gebeuren dingen met een reden?

'U wilt toch nu geen antwoord van mij? Het doel van zo'n vraag is dat we ons de vraag realiseren. Lila is praktisch, ongelovig en laat Ames zien wat hem beroepsmatig zou zijn ontgaan. Hij leert ervan af te zien zijn geloof dogmatisch aan te hangen. Niemand heeft ooit hét antwoord op de vraag naar de zin van het bestaan.'

In Gilead denkt Ames terug aan wat hij in het plaatsje heeft meegemaakt; de droogtetijd, de griep, de grote depressie, drie oorlogen. Hij merkt op: 'Ik denk dat we nooit eens verder hebben gekeken dan de problemen die net voorbij waren, om ons de voor de hand liggende vraag te stellen wat de Heer ons nu eigenlijk duidelijk had willen maken.'

Goed, we moeten leren vérder te kijken. Maar hoe doen we dat, als de wereld plotseling onveilig en gewelddadig kan zijn?

'Een manier is om uit de geschiedenis lessen te leren, zoals Lincoln de mens opdroeg. Maar dan moet je die geschiedenis kennen en niet afgaan op een reputatie. Ik wil hier graag de 16de-eeuwse protestant Johannes Calvijn noemen, de meest gelezen en vertaalde theoloog in Shakespeares tijd.'

'Mensen denken dat bij hem alles predestinatie is en dat het individu niets betekent tegenover God. Maar Calvijn is een onderschatte of verkeerd begrepen humanist, omdat hij te lang wordt gegijzeld door orthodoxe aanhangers.'

'Het is een solitaire aangelegenheid, humaan te zijn, en je moet je ervan bewust zijn dat je wel van alles probeert, maar óók van je falen in de verwezenlijking van een ideaal. Dat is wat ik van Calvijn leer. Het denken dat voorbijgaat aan de impuls en het instinct. Kunnen vergeven is moeilijker dan naar vergelding grijpen, maar ik ben ervan overtuigd dat het je verder brengt.'

Beeld -

Daar krijgen we nu de handen niet voor op elkaar, te zien aan de vele impulsieve en wraakzuchtige reacties op de terroristische aanslagen in Parijs.

'Toch is wraak nooit een verhelderende oplossing. Wraak roept nieuw geweld op. Ik geloof in het voornemen slechtheid niet met slechtheid te pareren, maar in alles het goede te zoeken. That seems sane to me.'

Maar hoe lukt ons dat, als je bij de tegenstander vooralsnog weinig goedheid aantreft?

'Je moet een serieuze poging wagen. In ieder geval is 'Jij mept mij, dus ik mep jou terug' een weliswaar begrijpelijke reflex, maar ook een uiteindelijk altijd vruchteloos antwoord.'

Robinsons verhalen lijken vanzelf aan haar gecreëerde plaatsen te ontspruiten: Housekeeping (1980) met de twee zussen en hun tante, Gilead (2004) met de oude dominee die tegen zijn zoon praat, Home (2008) met de buurman en diens verloren zoon, en Lila (2014) met de zwijgzame tweede vrouw van de dominee.

Opvallend is de lange stilte tussen de eerste en tweede roman: 24 jaar geen fictie.

'Ik heb wel wat gedáán hoor, in die tijd. Mezelf opgeleid. Ik was na mijn promotie in de letteren in 1966 aan de universiteit van Brown niet tevreden met mijn bagage. In de jaren zeventig ben ik filosofie gaan studeren aan de universiteit van Washington. Ik wilde alle boeken gelezen hebben waarvan iedereen altijd zegt dat je ze moet kennen, zonder ze zelf gelezen te hebben. Das Kapital van Marx. The Theory of Population van Malthus. The Wealth of Nations, Adam Smith. Monumenten waar iedereen op navigeert. Je kunt ze niet terugbrengen tot een verwijzing in een discussie, merkte ik. Ze verdienen alle aandacht die ze niet krijgen.'

Een beetje Dickens

Eerste zin van Lila: 'Het kind stond daar maar in het donker op de veranda met de armen om zich heen geslagen tegen de kou'. Lang over nagedacht?

'Ja, want ik had een probleem: ik wilde iets over het verleden van Lila kwijt zonder haar zelf aan het woord te laten. Want zij is zwijgzaam, en zou zoiets nooit uit zichzelf doen. Het is daardoor dit onthechte, beetje Dickens-achtig beeld geworden, waardoor we meteen weten dat Lila alleen is.'

Heeft u rituelen?

'Toen ik Housekeeping schreef, luisterde ik veel naar oude blues-nummers van Bessie Smith. Bij Gilead was het vroege Amerikaanse religieuze muziek. Niet tegelijkertijd; als ik schrijf ben ik zo geconcentreerd dat ik het niet eens zou merken wanneer er op de achtergrond muziek klonk.'

Heeft u schrijvershelden?

'Vroeger Dickens en Stevenson, Mark Twain, Edgar Allan Poe. Tijdgenoten volg ik nauwelijks, tot verwondering van mijn studenten. Lezen is voor mij vooral historische research doen.'

U bent al jaren professor creative writing aan de universiteit van Iowa. Kun je iemand creativiteit leren?

'Het is te vergelijken met een andere kunstopleiding. Niet iedereen die naar de balletschool gaat, wordt ook een goede ballerina. Maar wel een betere dan ze zonder die opleiding zou zijn geweest.'

En waarschuwt u weleens iemand: jij wordt geen ballerina?

'Zoiets zeggen wij nooit. We laten jaarlijks twintig fictie-schrijvers toe, terwijl er meer dan duizend aanmeldingen zijn. We selecteren mensen op hun werk, kijken of ze een 'priviliged relationship with language' hebben. Daarna begeleiden we hen zo positief mogelijk. Het vinden van je eigen stem is ingewikkeld.

'En het is een vreemde bezigheid, schrijven. Je leeft een jaar of twee met gedachten aan iemand die niet bestaat. In een zelfverzonnen dorp. Je schept hun moeilijkheden. En zelfs het verdriet over hun zorgen. Very odd. Je leeft met die karakters. Daarom blijf ik ook nieuwsgierig naar ze, en keren ze terug in andere boeken.

'In de zelfgezochte afzondering van het schrijven kun je de eenzaamheid van een personage herkennen, van een ander.'

Vandaag de dag zijn er misschien jonge lezers die zich in uw verhalen verliezen, zoals u dat als kind met boeken ervoer.

'Dat zou bijzonder zijn. Ouders moeten niet hele dagen voor hun kinderen vol willen plannen, zoals ik vaak zie gebeuren. Mijn ouders lieten me uren, dagen lezen. Ouders kunnen kinderen wel via poëzie laten kennismaken met ritme.

'Ik vertel mijn studenten dat een pagina proza te vergelijken is met een partituur. Een schrijver stimuleert het luisteren in de lezer. Daarom moet proza goed klinken. Klemtonen, ritme, in een dialoog of een gedachtegang, dat precisiewerk bepaalt of het verhaal je aangrijpt. Veel méér dan het verhaal, zoals we geneigd zijn te denken.'

Beeld Valentina Vos

Als u in de ban bent van een verhaal dan heeft dat te maken met het verstaan van die melodie?

'Exact, de melodie die hoort bij iets wat alleen jij kunt zeggen. De eigen stem. Die overschaduwt een plot. Een schrijver die alles eerst uitdenkt en dan alles ophangt aan de plot, die vergeet de muziek, en verzuimt zich onderweg te laten verrassen. Die is onderworpen aan pragmatiek, waar we allemaal al zo veel onder gebukt gaan. Daarmee doe je jezelf schromelijk tekort.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden