Een feest van vellen en bellen

Een Nederlandse slagwerkgroep parafraseert op zijn vrachtwagen de slogan van een bekend biermerk: 'Maar wij hebben trommels!'. En als er iets duidelijk wordt tijdens De Slag Om De Wereld, dan is het wel hoe lekker het moet zijn om op al die vellen, bellen, bekkens en gongs te slaan....

Dit onderdeel van het festival The Big Bang is gewijd aan fusies binnen de wereldmuziek, en behalve aanstekelijk is het buitengewoon gevarieerd: er zal geen percussieliefhebber zijn die op deze avond niet aan zijn trekken komt.

Het getinkel van aan touwtjes opgehangen flessen werd vervlochten met dat van vibrafoons in het openingsstuk, voor de gelegenheid geschreven door de Cubaanse componiste Keyla Orozco. Er was niet echt sprake van een groove, ook niet toen de Afrikaanse trommels erbij betrokken werden, maar meer van soms Steve Reich-achtige reeksen en orkestrale effecten. Mooi van opbouw en klankkleur was het wel.

Stomende grooves waren er volop bij Drumix, een duo van de Nederlandse drummer Lucas van Merwijk en zijn Senegalese collega Aly N'Diaye Rose. De laatste bracht op sabar, djembé en bougarabou een typisch Afrikaanse manier van opwinding teweeg: zonder agressie of spektakel, maar met haarzuivere timing heel geleidelijk de intensiteit opvoeren. Van Merwijk, gespecialiseerd in Latin, sloeg er virtuoos zijn wat fellere patronen doorheen.

Afrika en Latijns Amerika werden vervolgens door een Westerse molen gehaald door Zuco 103, bestaand uit Stefan Kruger en Klaus Tofft, opnieuw op drumstel en percussie-assortiment. De basis was meestal een wat bonkerige housebeat, al dan niet uit de computer, en de exotische elementen zorgden samen met samples meer voor de franje. Op een cd of de dansvloer kan zoiets tranceverwekkend zijn, in een concertsituatie valt het ambachtelijke aspect meer op, wat het geheel een stuk minder meeslepend maakt, te meer daar het samenspel niet op het hoge niveau stond van de andere groepen.

Dat werd meteen daarna aangetoond door Talking Drums, een trio met funkdrummer David Garibaldi en Michael Spiro en Jesus Diaz op conga's, batá-trommels en timbales. Als een gesmeerd raderwerk produceerden ze uiterst complexe maar transparante en dansende ritmes, vooral afkomstig uit de santería-traditie (de Cubaanse variant van een Westafrikaanse natuurgodsdienst) en doorspekt met de bijbehorende gezangen. In deze groep is alles in balans: licht en zwaar, kleur en lijn, meesterschap en expressie.

De terechte hoofdact van de avond was thuis in alle hierboven genoemde delen van de percussiewereld, en nog veel meer. Beat The Donkey, een negenmansformatie rond de Braziliaanse ster Cyro Baptista, beheerst ook de drumtraditie uit zijn land en integreert zelfs een stukje Balinese gamelan in de wervelende show, gebracht in een adembenemend tempo. Verbluffende tapdans, acrobatiek, grappen als een partij tennis met twee tamboerijns en een denkbeeldige bal, dit alles wordt door vijf mannen en vier vrouwen in maffe kostuums schijnbaar moeiteloos aaneengeregen. Na zo'n afsluiter ga je glimlachend naar huis, trommelend op alles wat los en vast zit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden