Een ernstig jongetje met absolute macht

Het pronkbedje bij de ingang van de Gentse Sint-Pietersabdij is het eerste waar je tegenaan loopt. Het jongetje dat in die wieg lag, was al op heel jonge leeftijd de machtigste man van zijn tijd....

Zijn vader Filips de Schone overleed in 1506 vroegtijdig. Van hem erfde Karel het Duitse keizerrijk én de Bourgondische gebieden. Enkele jaren later werd zijn geesteszieke moeder Johanna in een klooster opgesloten. Zij liet hem de Spaanse kroon na, met de immense inkomsten uit de Amerikaanse kolonieën die daarbij hoorden. Karel heerste, zoals trots werd verkondigd, over een 'rijk waar de zon niet onderging'.

Op Carolus wordt ieder facet van Karels heerschappij wel door één of ander object vertegenwoordigd. Een naar het leven getekende Liggende leeuw van Dürer illustreert Karels mecenaat. De plakkaten, waarin het drukken, verkopen en lezen van reformatorische teksten wordt verboden, staan voor de godsdiensttwisten van zijn tijd.

Eén van de vele voorbeelden van de wetenschappelijke ontwikkelingen is het handboek Den rosenghaert der bevruchten vrouwen, over bevallingen. Portretten van zijn aartsrivalen Hendrik VIII van Engeland en Frans I van Frankrijk verduidelijken de plaats van de keizer binnen de Europese machtsverhoudingen. Karels wereldrijk wordt onder meer vertegenwoordigd door een keur aan Azteeks beeldhouwwerk.

Die enorme reikwijdte is tegelijkertijd de kracht én de zwakte van de tentoonstelling. Het is veel, groot en breed uitwaaierend. Voor de welwillende kijker is er meer dan genoeg te genieten. Omdat werkelijk alles er bijgesleept is, is voor de minder welwillenden het volgen van de samenhang lastig.

Daar is niet alleen de omvang debet aan, maar ook de benauwde inrichting. Een stevig paar ellebogen is wel een vereiste om tussen de meute bezoekers nog een glimp op te vangen van topstukken zoals kleine Karels bedje.

Vergeleken met zijn vader, die niet voor niets de Schone werd genoemd, was Karel maar karig bedeeld. Sommige van de portretten in Carolus zijn geflatteerd, maar de meeste tonen de keizer met half-open mond. Karel, met zijn zogenaamde Habsburg-kin, kon zijn kaken niet op elkaar krijgen. Hij had een akelige centenbak. En hoe akelig is pas echt te zien op de meedogenloos duidelijke tekeningen die werden gemaakt bij het openen van het keizerlijk graf in 1872.

In de jaren dertig van de zestiende eeuw onderging Karel een uiterlijke metamorfose tot moderne Renaissance-vorst, inclusief een aan de Romeinse keizers ontleende baard zoals hij die draagt op Titiaans majestueuze portret. Propaganda, zeker. Maar mogelijk ook camouflage voor een minder aantrekkelijke kaaklijn.

Van kindsbeen af was de keizer verlegen en zwaarmoedig, en dat zal niet verbeterd zijn door zijn gebrekkige spraak en schriele gestalte. Díe kleine Karel is het onderwerp van wat beslist één van de mooiste schilderijen is op de tweede tentoonstelling die in Gent aan de zestiende-eeuwse keizer is gewijd: Mise-en-scène. Keizer Karel en de verbeelding van de negentiende eeuw in het Museum voor Schone Kunsten.

Jan van Beers schilderde Karel V als kind (1879). Een ernstig jongetje in een veel te mooi pakje hangt op zijn troon. De voorstelling van een met vrijwel absolute macht bekleed kind was in lijnrechte tegenspraak met negentiende-eeuwse inzichten over het eigene van de kindertijd.

Tegelijkertijd fascineerde het onderwerp dusdanig, dat één hele zaal van het vijftiental dat aan de verschillende fasen van Karels leven is gewijd, gevuld is met dit type schilderijen.

Ook Karels familieperikelen mochten zich in de aandacht van de negentiende-eeuwers verheugen, met name de capriolen van zijn gekke moeder spraken tot de verbeelding van schilders. Volgens de overlevering zou de verliefde Johanna tot waanzin zijn gedreven omdat de mooie Filips niet van zijn vrouw hield. Na zijn dood sleepte Johanna nog lange tijd met Filips' lijk door Spanje.

Pas in de negentiende eeuw ontstaat een romantische belangstelling voor de duistere kanten van de menselijke geest. Emile Delpérée stelt Johanna, die Filips lijk zojuist heeft laten opgraven in de hoop dat hij weer tot leven gewekt kan worden, voor als een dramatische Spaanse schone.

Maar de meeste van de getoonde negentiende-eeuwse Belgische schilderijen zijn toch een uiting van nationale trots op het eigen, illustere verleden. Vaak zien dat soort sterk anekdotische schilderijen er op een plaatje veel aantrekkelijker uit dan in werkelijkheid.

Schilderkunstig zijn die plaatjes meestal minder interessant. Van Beers, Delpérée, maar ook Albrecht de Vriendt en Lucien Mélingue kwastten echter met verve. Wie zich na de documentaire overdaad van Carolus wil inleven in het drama van Karels leven, mag Mise-en-scène dan ook niet missen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden