Een erg fijn boek voor iedereen die van mooie, Nederlandstalige liedjes houdt

Boek (non-fictie) - Leven in het lied

Mylou Frencken interviewde haar collega's over hun leven als inspiratiebron.

'Ik ben in de grond een liedjesschrijfster, dat vind ik het leukste wat er is. Die praatjes zijn er in de loop van de tijd bij gekomen, maar het begon met liedjes en het zal ook eindigen met liedjes.' Dat zegt cabaretier Brigitte Kaandorp tegen haar collega Mylou Frencken in een gesprek over liedjes schrijven en wat daarbij komt kijken.

Frencken schreef een dik boek over die typische Nederlandse sector van het betere kleinkunstlied. Leven in het lied is de titel van een verzameling interviews, beschouwingen en columns over de liedkunst. Prima titel want Frencken gaat niet zozeer in op de literaire waarde van het lied of de techniek ervan - ook wel, maar dan in zijpaden - als wel op hoe de diverse artiesten en schrijvers hun eigen leven als inspiratiebron voor hun werk gebruiken. En hoe de alledaagse werkelijkheid fictieve verdichting wordt, en de rol van de muziek daartussen.

Leven in het lied

Mylou Frencken
non-fictie ****
Luitingh-Sijthoff; 384 pagina's; euro 24,99 (inclusief cd)

Daartoe interviewde ze collega's en die gesprekken vinden plaats aan de hand van een door Frencken uitgekozen nummer. Bij Kaandorp is dat Afscheid, een vrij kale tekst over een op zichzelf kleine gebeurtenis: haar zoon vliegt het huis uit, letterlijk, voor een reis naar Nieuw-Zeeland.

Ik sta hier met mijn zoon op Schiphol

Straks rijdt-ie op de polderbaan

En vliegt op zilvergrijze vleugels

Oneindig ver bij mij vandaan

(...)

Ik wil door de vertrekhal krijsen

Mijn knieën slap, mijn ogen nat

Maar ja, wij komen uit de polder

Ik zeg alleen: dag schat.

Mylou Frencken. Beeld Dingena Mol / HH

Kaandorp vertelt dat de tekst is gezet op een compositie van de Portugese fadozangeres Mariza, omdat Portugezen onderwerpen als afscheid en melancholie nu eenmaal veel theatraler bezingen dan wij, met onze fijnzinnige kleinkunstmelodieën. Aldus ontstond een van de mooiste liedjes die zijn te beluisteren op de cd die bij Leven in het lied wordt bijgeleverd.

Wat Frencken duidelijk aantoont: Nederlanders zijn sentimenteel als het gaat over onze nationale liedkunst, dat gaat van Aan de Amsterdamse grachten via Op een mooie Pinksterdag en Het Dorp naar Mag ik dan bij jou van Claudia de Breij. Nummers die zich kunnen meten met de beste Franse chansons.

In haar voorwoord beschrijft Frencken hoe ze op het idee kwam een onderzoek te doen naar het Nederlandse kleinkunst- en theaterlied. Ze is cabaretier en schrijft al meer dan 25 jaar liedjes; een daarvan is het fraaie Wegwaaien, dat ze schreef na de dood van haar man, cabaretier en tekstschrijver Bert Klunder. De was aan de waslijn/ De geit aan het touw/ De hond aan de ketting/ En ik vast aan jou/ Het leek wel voor eeuwig, de hemel zo blauw/ En niemand die wist dat het wegwaaien zou.

De vakgenoten die ze interviewde variëren van oude rotten als Hans Dorrestijn en Freek de Jonge tot de nieuwe lichting onder wie Jan Beuving, Yentl en De Boer en Anne van Veen. Grappig is Van Veens eigenwijsheid: 'Rijmen kan ik niet, ik kan niks met metrum, ik maak een eigen metrum en dat vind ik dan volkomen logisch'. Hilarisch is Kees Torn: 'Mijn meeste liedjes gaan eigenlijk nergens over. Ze zijn wel geestig maar niet echt indrukwekkend. Af en toe springt er iets uit, zoals een lied over een dooie vader of een dooie baby'. Mike Boddé houdt het nuchter: 'Het is niet zo interessant om te zeggen: 'Ik mis je'. Het is veel interessanter om te zeggen: 'Ik vind een oud boodschappenbriefje in een oude boodschappentas', dan weten we ook meteen hoe laat het is. Te laat.'

Originele gedachten

Al die interviews zijn informatief genoeg om nergens voorspelbaar te worden; de meeste cabaretiers/schrijvers doen hun best originele gedachten en voorbeelden te formuleren. Jammer alleen dat Frencken in cursief gezette passages voortdurend een beschrijving van de sfeer van de gesprekken noteert. Zoals vlak voor de komst van Anne van Veen: Ik heb die ochtend elegante chocolade-amandelkoekjes voor haar gehaald. Voor Anne van Veen ga je naar de delicatessenwinkel.

Hoezo wel luxe koekjes voor Anne en niet voor Youp?

Aan de andere kant lukt het haar met haar charme en vakmatige interesse mooie verhalen op te tekenen. Veel gesprekken gaan over gevoelige zaken als verlies, kapotte liefdes, dode kinderen en afscheid nemen. De enige geïnterviewde die kennelijk geen cursiefjes behoeft, is Frans Mulder. Hij steekt een behartigenswaardige monoloog af over de betekenis van het lied - van zijn eigen vroege herinneringen aan Shaffy's Sammy tot de hongerende moeders en kinderen in de Sahel die zelfs oog in oog met de dood nog zacht neuriënd liedjes zingen.

Leven in het lied is geen gids voor beginnende tekstschrijvers. Wel een erg fijn boek voor iedereen die van mooie, Nederlandstalige liedjes houdt, die soms ook zonder muziek poëzie worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.