InterviewWim Quist

‘Een dertien-in-een-dozijnkantoor wordt neergeplempt, pal voor het bedrijf’

Architect Wim Quist in zijn tuin in Amsterdam. Beeld Erik Smits
Architect Wim Quist in zijn tuin in Amsterdam.Beeld Erik Smits

Toparchitect Wim Quist (90) ontwierp tussen 1965 en 1977 drie drinkwatercomplexen in Rotterdam. Waterbedrijf Evides wil op een van de locaties een nieuw kantoor bouwen. Reden voor Quist om een rechter te laten oordelen over zijn nalatenschap en die van alle betrokken bouwers.

In de tuinkamer van zijn Amsterdamse woning zet architect Wim Quist (90) behoedzaam drie taartdozen op tafel. Over het logo van banketbakkerij Holtkamp is wit papier geplakt, waarop de woorden ‘hoofdkantoor Evides’, ‘aantasting’, en ‘kunstafbraak’ te lezen zijn. Duidelijk is dat Quist geen gebak gaat serveren, zijn bedrukte blik spreekt boekdelen.

In de taartdozen zitten drie maquettes: ‘bewijsmateriaal’ dat hij op 29 september aan de rechter zal voorschotelen, als het kort geding dient dat hij heeft aangespannen tegen Waterbedrijf Evides in Rotterdam. Zuiveren is wat dit bedrijf – in handen van gemeenten en provincie – doet; het levert schoon drinkwater aan het bedrijfsleven en 2,5 miljoen consumenten.

Evides is de voormalige Drinkwaterleiding Rotterdam (DWL), het gemeentelijk bedrijf waar Quist op 29-jarige leeftijd zijn loopbaan begon met de bouw van drie grote, beeldbepalende drinkwatercomplexen. Het gaat om de Berenplaat in Spijkenisse (1965), de Petrusplaat in de Biesbosch (1974) en Kralingen (1977), gelegen op een prominente plek aan de A16 bij de Van Brienenoordbrug in Rotterdam.

Met deze drie ensembles, die bij elkaar twintig bouwwerken omvatten, definieerde Quist meer dan de architectonische stijl van DWL. ‘Dit is de grond van mijn leven als architect. Het is op basis van dit werk dat ik werd gevraagd om het Kröller-Müller Museum in Otterlo uit te breiden, en dat ik ben uitgenodigd als hoogleraar aan de TU Eindhoven en vervolgens als rijksbouwmeester.’

Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989. Beeld Kim Zwarts
Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989.Beeld Kim Zwarts

Elementaire geometrie, een hoofdvorm die de kern van het ontwerp bepaalt, pure materialen – ‘deze factoren spelen een consistente rol in het oeuvre van Quist, die (...) in de lijn van de Berenplaat het hoofdkantoor voor de Suikerunie in Breda, het Maritiem Museum en kantoorgebouw Willemswerf in Rotterdam, en Museum Beelden aan Zee in Scheveningen realiseerde’. Dat schrijft architectuurcriticus Hans Ibelings in Architecten in Nederland – Van Cuypers tot Koolhaas, een overzicht van de 150 belangrijkste Nederlandse architecten sinds het begin van de 19de eeuw.

Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989. Beeld Kim Zwarts
Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989.Beeld Kim Zwarts

Dat deze collectie van gebouwen, zorgvuldig ingepast tussen stad en natuur, van grote culturele waarde is, spreekt uit het feit dat toenmalig minister Jet Bussemaker van Cultuur de Berenplaat in 2013 heeft genomineerd als beschermd rijksmonument uit de wederopbouwperiode. Erfgoedorganisatie Heemschut stelt dat het complex in Kralingen, ‘in afwachting van een mogelijke opname op de lijst van rijksmonumenten, in elk geval de status van gemeentelijk monument verdient’.

Maar nu wil Evides laatstgenoemd werk ‘verminken’, zoals Quist het noemt, door een 17 meter hoog hoofdkantoor aan het bestaande dienstengebouw te bouwen, naar ontwerp van het Rotterdamse architectenbureau V8. Ook wil het drinkwaterbedrijf een parkeerplaats aanleggen, op de plek waar een sculptuur staat van kunstenaar André Volten (1925-2002). De architect heeft in een reeks gesprekken geprobeerd Evides op andere gedachten te brengen, maar tevergeefs. Hij ziet geen andere oplossing dan naar de rechter stappen, om ‘deze culturele wandaad’ te verhinderen.

De strijd waarin hij in de nadagen van zijn carrière is beland, gaat om meer dan zijn reputatie. ‘Ik kom op voor een familie van gebouwen, voor de mensen die mij destijds de opdracht daarvoor gaven, voor degenen die het ontwerp bouwden.’ Fel: ‘Ik sta daar voor projectingenieur Knoppert en voormalig hoogleraar staalconstructies Van Neste, destijds mijn collega bij de gemeentediensten Rotterdam, met wie ik de unieke dubbelgekromde staalconstructie voor de waterreservoirs ontwikkelde. Zij leven niet meer.’

Quist voelt zich ‘schatplichtig’ aan hen en aan Volten, die de monumentale sculptuur op het terrein ontwierp. ‘Een bijzonder moment’, zegt Rudi Fuchs, oud-directeur van het Stedelijk Museum Amsterdam, over die samenwerking; hij kent ‘in Nederland geen andere plek waar architectuur en sculptuur zo voorbeeldig bij elkaar komen.’

Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989. Beeld Kim Zwarts
Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989.Beeld Kim Zwarts
Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989. Beeld Kim Zwarts
Het drinkwatercomplex in Kralingen in 1989.Beeld Kim Zwarts

‘De manier waarop Rotterdam zichzelf afficheert als architectuurstad gaat vaak gepaard met holle frasen als ‘durf en daadkracht’, zelden met argumenten die verwijzen naar schoonheid of historisch bewustzijn’, schrijft Wim Pijbes, directeur van Stichting Droom en Daad, in een steunbetuiging aan Quist. Pijbes stelt dat de stad ‘aan kwaliteit zou winnen wanneer er bewuster met het eigen verleden wordt omgegaan’ in plaats van ‘verder verprutst onder het mom van nieuwer, groter of hoger’.

Architectuurhistoricus Auke van der Woud, die meerdere boeken over Quists werk schreef, verwijt Evides ‘een schromelijk tekort aan verantwoordelijkheid voor de maatschappelijke waarde van een erkend belangrijke architectuur. Temeer omdat het gaat om de semipublieke sector, waar zorgplicht misschien wat breder mag worden geïnterpreteerd en toegepast dan waar het om een puur commerciële organisatie gaat.’

In reactie op de brandbrief die hij aan collega’s rondstuurde, heeft Quist twintig steunbetuigingen ontvangen, waarmee zijn advocaat haar eis dat dit bouwproject moet stoppen zal onderbouwen. Quist zelf zal de inhoud van de taartdozen aan de rechter tonen en toelichten.

Hij opent de eerste doos en tilt een maquette eruit, bestaand uit een grondplaat met een luchtfoto van het complex Kralingen, waarop met schuimkarton de kubusvormige zuiveringsinstallatie, de twee reinwaterreservoirs en het langgerekte dienstengebouw zijn verbeeld. Bruusk duwt Quist een driehoekig blok tegen de kop van het gebouw. ‘Dit is hoe ze het nieuwe hoofdkantoor willen bouwen.’

null Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits
null Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits

Om te begrijpen waarom dit plan, geselecteerd na een Europese aanbesteding, hem ‘een gruwel’ is, moeten we zestig jaar terug in de tijd, toen Quist – op zoek naar werk in Rotterdam – in contact kwam met stadsarchitect Van den Berg. Hij zocht een architect om het drinkwaterbedrijf te adviseren, iemand die de waterfabrieken uit ‘het verdomhoekje’ kon halen. Quist: ‘Hij zei: we willen goede architectuur. Daar begint het: bij de opdrachtgever.’

‘Ik verstond hun taal’, zegt de architect over zijn jarenlange samenwerking met DWL. Quist had net zijn diensttijd vervuld bij de marine, waar hij een machinistenopleiding kreeg. Spuibekkens, chemicaliën, opvoerhoogten van machines – hij was bekend met die terminologie van de utilitaire organisatie, hij snapte hoe waterzuivering werkte. ‘Ik was een van hen, we konden het over essenties hebben.’

Met een contract als jonge gemeentearchitect ontwierp hij de Berenplaat, vervolgens richtte hij zijn eigen bureau op, waarmee hij de Petrusplaat en Kralingen bouwde. Quist toont de schetsen die hij maakte voor ‘Kralingen’, gelegen tussen het weilandengebied achter de Schaardijk en de A16.

Het basisidee was hetzelfde als bij de Berenplaat: een architectonische compositie waarbij je de gebouwen, en daarmee het zuiveringsproces, in één blik overziet. Parallel aan de snelweg tekende Quist de centrale as, waarop het waterreservoir is geplaatst, met het reservereservoir ernaast. De zichtas vanaf de Van Brienenoordburg, diagonaal over het terrein, bepaalt de bijzondere, afgeschuinde vorm van het dienstengebouw. Daaruit is een rechte hoek gespaard voor het vierkante plein in het midden van het terrein. Volten nam dit vierkant weer als basis voor zijn sculptuur, bestaand uit 4,5 meter hoge cortenstalen haken, die als een ‘schakelstation’ tussen de hightech architectuur en de autoweg bemiddelen. ‘Een complete eenheid is het’, zegt Quist.

Tegelijk maakt dat ‘een zeer lastig uit te breiden gebouw’, merkt Bernard Colenbrander, hoogleraar architectuurgeschiedenis en -theorie aan de TU Eindhoven op in zijn steunbetuiging aan Quist. Je kunt er niet zomaar iets aan bouwen; ‘plakken is uitgesloten’, schrijft Colenbrander. Precies dat is wat architectenbureau V8 doet: de driehoekige doos wordt aan het dienstengebouw ‘vastgeplakt’ met een constructie van staal en glas waaronder de nieuwe ingang komt, met aan weerszijden parkeerplaatsen.

‘Een dertien-in-een-dozijnkantoor wordt neergeplempt, pal voor het bedrijf.’ De ‘sfinx van de Nederlandse architectuur’, zoals hij onder vakgenoten bekendstaat, kan zijn woede niet langer verbergen. ‘Het samenspel tussen natuur en techniek, het overzicht, dat moment van begrip is weg. Vanaf de Van Brienenoordbrug kijken automobilisten voortaan op twee blinde wanden als billboards met het Evides-logo erop.’

Quist werd vorig jaar telefonisch over de nieuwbouwplannen geïnformeerd door een medewerker van Evides, waarna hij de tekeningen kreeg opgestuurd. Toen hij ze openvouwde en de driehoekige dissonant in zijn compositie zag, was hij in shock. Hij belde Annette Ottolini, sinds 2014 directeur van het waterbedrijf, met wie hij goed contact had – in de voorbije jaren werd hij steeds als adviseur betrokken bij wijzigingen aan de gebouwen. Ze maakten een afspraak om de kwestie te bespreken.

‘Ik wilde laten zien hoe het ook kan’, zegt hij terwijl hij de tweede taartdoos opent. Eenzelfde grondplaat van de locatie Kralingen verschijnt, maar deze keer zet de architect een ‘kristallen’ kubus met een hoek tegen het dienstengebouw, zo dat ze elkaar nét raken. Hij maakt de vergelijking met een edelsteen die je in een ring zet. Dit voorstel heeft hij gepresenteerd aan Ottolini, waarbij hij uitlegde dat het nieuwe pand, net als de andere gebouwen op het terrein, een autonome vorm zou moeten krijgen, passend binnen de bestaande compositie. ‘Ik zei: het gaat om zuiverheid, van water én architectuur. Ze antwoordde: het gaat ook om grote ruimten. Mijn idee klopte niet met het plan van eisen.’

null Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits

Hij maakte een tweede ontwerp, waarin de kantoren op grote ruimten zijn gestapeld tot een trapvormig gebouw met daktuinen die aansluiten op de omringende natuur. Ook bedacht hij een alternatief voor de parkeerplaats die Evides wenst: plant een anderhalve meter hoge haag aan de snelwegzijde, waarachter de auto’s verdwijnen. ‘Bij de Berenplaat heb ik dat ook gedaan, hier past het ook. De sculptuur van Volten kan dan naar de voorzijde worden verplaatst.’

Ondertussen maakte hij een verbeterde versie van de kristallen kubus, met grote ruimten en een vluchttrap die diagonaal aan het gebouw hangt. ‘Zo komen het vierkant en de schuine lijn uit het oorspronkelijke plan samen in het nieuwe kantoor.’ Quist benadrukt dat hij geen van deze ontwerpen wil bouwen. Het gaat hem erom ‘dat een andere aanpak kan leiden tot een beter resultaat’.

null Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits

Met de inhoud van de derde taartdoos wil hij ‘de rechter de ogen openen’, zegt de architect. Erin zit de originele maquette van de sculptuur die Volten ontwierp. ‘Dit’, wijst hij op de compositie van cortenstaal, ‘is een 40 bij 40 meter grote, 4,5 meter hoge indrukwekkende sculptuur. Het gaat niet over zomaar iets. En hij hoort híér, op deze plek.’ Hij memoreert eraan dat hij als rijksbouwmeester nota bene een afdeling voor de integratie van beeldende kunst in architectuur heeft opgericht. Op de doos heeft hij geschreven: ‘De oorsprong. Onbetwistbaar onderdeel. ‘Alles van waarde is weerloos’ (Lucebert).’

null Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits
null Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits

‘Juist van Evides mag worden verwacht dat in hun wereld van zuivere architectuur het begrip ‘waarde’ in betrouwbare handen is’, schreef hij in de brandbrief die hij eerder rondstuurde. ‘Niets is minder waar.’

Vermoeid: ‘Deze hele ellende had voorkomen kunnen worden, in één gesprek met mij. Dan had ik kunnen bijsturen: voor de kunst, het gebouw, de natuur. Met de nieuwe kantoorfunctie als bekroning van een indrukwekkende serie.’ Dit zei hij in zijn laatste gesprek met Ottolini. De deur staat nog steeds open. Toen een paar weken geleden een onderhoudsmedewerker van de locatie Kralingen aanklopte met een vraag over het dak van het dienstengebouw, heeft hij die ontvangen en geholpen. ‘Ik hoop dat Ottolini zegt: ik heb me vergist, we gaan een nieuwe weg in en praten met Quist.’

Reacties

Architectenbureau V8: ‘Dit is een zaak tussen Quist en Evides, wij zijn hierin geen partij, en geven daarom geen commentaar.’

Waterbedrijf Evides: ‘In overeenstemming met de Aanbestedingswet hebben wij een uiterst zorgvuldige Europese aanbestedingsprocedure gevolgd ten behoeve van de architectonische diensten voor de ontwikkeling van een nieuw hoofdkantoor. Daarbij is expliciet als voorwaarde gesteld dat het ontwerp moest aansluiten bij het huidige ontwerp en karakter van het dienstencomplex. In het geselecteerde ontwerp van V8 is daar rekening mee gehouden.

‘Naar aanleiding van de bouwplannen zijn wij geruime tijd in gesprek geweest met de heer Quist. Uitgangspunt was om samen toe te werken naar een constructieve oplossing. Helaas heeft de heer Quist besloten een andere, juridische weg te bewandelen. Nu het onder de rechter ligt, doen we hierover geen verdere mededelingen.

‘Voor wat betreft het werk van de heer Volten, is het plan steeds geweest om het te behouden. Er zal gezocht worden naar een andere passende locatie voor het kunstwerk. Evides heeft in dit kader contact gezocht met de Stichting André Volten, die zijn nalatenschap beheert.’

Rechtszaken rond verbouwingen

2004, Jelles-arrest Architect Jelle Jelles procedeert tegen de sloop van zijn Wavin-gebouw in Zwolle. Hij verliest bij de rechtbank en het hof, en gaat in cassatie. De Hoge Raad beslist dat complete sloop niet gezien kan worden als ‘aantasting’ (omdat het gebouw dan immers niet meer bestaat). Jelles maakt de uitspraak niet zelf meer mee, hij overlijdt in 2003.

2017, De zaak-Naturalis Fons Verheijen begint een bodemprocedure tegen museum Naturalis, dat museumzalen wil verbouwen tot opslagruimte. De rechter beoordeelt dit als ‘een wezenlijke aantasting’ van zijn ontwerp. Omdat Naturalis doorbouwt, dwingt Verheijen in een kort geding een bouwstop af. De zaak eindigt uiteindelijk met een schikking van 1,5 miljoen euro. Verheijen richt daarmee een stichting op ter bevordering van de architectuur.

2019, Dijkstra-arrest Architect Tjeerd Dijkstra procedeert tegen een verbouwingsplan van zijn waterschapskantoorgebouw in Edam. Rechtbank en hof verwerpen zijn bezwaren. In cassatie wordt door de Hoge Raad het begrip ‘reputatieschade’ (door aantasting) verhelderd: bij de beoordeling daarvan spelen het ‘relevante’ publiek (en de andere omstandigheden) nu een belangrijker rol.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden