Reportage

Een Brahms die je naar de strot grijpt

Een drastisch verbouwde versie van Ein deutsches Requiem van Brahms wordt het pronkstuk van de Koorbiënnale. Een productie die je naar de strot grijpt.

In A Human Requiem loopt het koor tussen het publiek. Beeld Matthias Heyde

Schoenen uit, tassen in de kluis. Radialsystem V, het kunstencentrum aan de Berlijnse Holzmarktstrasse, is zo leeg als een gymzaal zonder schoolkinderen. Er scharrelen een paar jongeren rond, petje op het hoofd of sportjack aan. Aan het plafond hangen touwen met schommels. In de verte staat een vleugel. De ruimte stroomt vol.

Als de twee pianisten hun inleiding van Ein deutsches Requiem hebben gespeeld, begint de jongen naast me, die met het sportjack, ineens te zingen. Een vrouw die verderop staat ook. Ze lopen langs me heen, net als de andere zangers. Telkens verandert het klankperspectief. De opvallende sopraanstem, je zou hem kunnen meezingen, loopt van me vandaan en wordt zachter. Een middenstem die ik nog niet kende is ineens noot voor noot te volgen. Voor het eerst hoor ik de zangers van Rundfunkchor Berlin niet als groep maar als een verzameling solisten. Een van de tenoren geeft meer kracht en klinkt strijdbaarder dan de sopraan die na hem voorbij komt. Hij blijft staan, bijna tegen me aan, en kijkt me recht in de ogen terwijl hij zingt. Ik ga een grens over, ben niet langer toeschouwer maar word onderdeel van de voorstelling. De tekst gaat over troost. Hij ziet mijn ontroering, begint mijn arm te strelen.

Idyllische schets

A Human Requiem, van de Duitse regisseur Jochen Sandig (48), wordt in Amsterdam het pronkstuk van de achtste editie van de Koorbiënnale. De compositie van Johannes Brahms wordt er drastisch in verbouwd. Soms hoor je de mengklank van één koor dat in processie door de zaal trekt. Op andere momenten is er die caleidoscopische veelheid van individuele stemmen. Sandig heeft er een voorstelling van gemaakt die tussen een muziekervaring en een beeldendekunstinstallatie inligt - een productie die je naar de strot grijpt.

Terug naar Berlijn. In het centrale vierde deel zijn de touwen met daaraan de schommels neergelaten. Rondom de zangers staan wij, het publiek. Tussen de koorleden gaat ook de sopraansoliste Malin Christensson, in een witte jurk op een schommel zitten. Wie lieblich sind Deine Wohnungen, de idyllische schets van het koninkrijk Gods, waar de overige delen omheen zijn gegroepeerd, wordt een weldadig wiegend feelgoodstuk. Het schommelen van de zangers werkt ook muzikaal door. De dirigent Simon Halsey laat het deel onnadrukkelijk, zonder accenten, uitvoeren.

En dan worden we woordloos, met zachte handgebaren, naar het centrum van de zaal geleid. Daar liggen kussens. We gaan zitten, of liggen. Selig sind die Toten - zalig zijn de doden - zingt het koor dat om ons heen staat. Het voelt alsof wij zelf die doden zijn en zij, ver boven ons uit torenend, degenen die afscheid van ons nemen: onze kinderen, de vrienden die ons overleven.

Beeld Matthias Heyde

Jonge sopraan

Na afloop willen de mensen niet naar huis. Ze blijven hangen, willen hun persoonlijke contact met de zangers verdiepen. Ik heb een afspraak met Jochen Sandig, de bedenker van deze nieuwe vorm voor het requiem van de oude Brahms.

Hij komt eraan, maar moet eerst vrienden omhelzen, handen geven, praten. 'Heb je al met een zanger gesproken? Hier is Judith, ze was er vanaf het begin bij. Praat even met haar, ik ben zo terug.' Hij dirigeert me naar Judith Engel, een jonge sopraan die me kalm en wijs aankijkt. 'Dat individuele zingen, verspreid over de ruimte, is een avontuur', vertelt ze. 'We raken er na 4 jaar een beetje aan gewend, maar het spannende gevoel blijft. Elke avond is het anders, iedereen reageert verschillend. Als je iemand aankijkt en de ander kijkt weg - dat is iets heel anders dan wanneer iemand tranen in de ogen krijgt.'

Hoe ga je daarmee om? 'Bij mij is het vaak zo dat ik dan de behoefte voel iemand aan te raken. Als de ander daarvoor openstaat, kun je hem zelfs omhelzen. Dat blijft ook voor ons aangrijpend. Als koor, als groep, hebben we door dit project veel geleerd. We zijn niet begonnen met zingen maar met een bewegingstraining van de groep Sasha Waltz & Guests. We hebben lichaamsgevoel ontwikkeld, groepsgevoel, ruimtegevoel.'

Middelpunt

Werkt dat ook door in andere programma's? 'Voor mij wel. Sindsdien heeft elk concert er een dramatische laag bij gekregen. We zijn een radiokoor. Het gaat meestal uitsluitend over wat er klinkt. Nu we dit hebben meegemaakt, kunnen we ook bij zuiver muzikale concerten de emoties in een compositie beter overbrengen.'

Jochen Sandig wervelt weer binnen. 'Wat heb ik met de zangers gedaan? In de eerste plaats vond ik het belangrijk dat ze zichzelf zijn. Ik wil niet dat ze gaan toneelspelen. Bij dit menselijke requiem wil ik de mens in het middelpunt zetten. Iedere zangeres en zanger moet een plaats krijgen als solist maar vooral als een vertegenwoordiger van de mensheid.

'Om te beginnen heb ik de namen van alle zangers uit het hoofd geleerd. Ik wilde een persoonlijke band met ze opbouwen. Dat werkt door in de uitvoering, maar ook tussen het publiek en de zangers bouwt zich een enorme energie op. Ik ben geen theaterregisseur in de klassieke zin, maar wilde dat proces, die verbinding tussen zangers en luisteraars, in gang zetten, door de zeven delen van dit stuk heen.

'Hé, daar is Barbara! Zij was er in het begin bij, maar moest stoppen toen ze een baby kreeg. Op onze tournee naar Amsterdam, Granada en Parijs is ze terug. Spreek even met haar, ze heeft veel te vertellen. Ik ben er zo weer.'

Requiemmis

Johannes Brahms schreef Ein deutsches Requiem tussen 1865 en 1868. De dood van zowel zijn vriend Robert Schumann als zijn geliefde moeder had hem diep geraakt. Het stuk zwaait niet met de vuist. In Brahms' persoonlijke antwoord op de traditionele Latijnse requiemmis ontbreekt een dreigend Dies Irae. In plaats van hel en verdoemenis klinkt er troost. Bewust gebruikt hij het Duits van gewone mensen, vandaar de titel. Die had hij later willen vervangen door Ein menschliches Requiem. Jochen Sandig heeft die wens van Brahms als uitgangspunt genomen voor A Human Requiem. Hij wil zijn visie op het stuk voor een nog groter publiek bereikbaar maken. Een museale video-installatie van A Human Requiem is in de maak.

Advocaatje leef je nog

Barbara Kind, sopraan, begint rondjes te dansen en te zingen als ze hoort dat ik uit Nederland kom. 'Advocaatje leef je nog, ken je dat?' Dan, serieus: 'Door de beweging, door de beelden die Jochen Sandig gevonden heeft, worden de emoties in het stuk versterkt. Dat heeft goed uitgepakt. Hij noemt het niet een enscenering maar een Verkörperlichung: een menselijk lichaam dat koor heet draagt emoties rechtstreeks over op het publiek. Hij heeft nauwelijks iets voorgeschreven. Daardoor is elke uitvoering anders. De ontmoetingen met de luisteraars, die kun je niet voorspellen. Na afloop van de eerste voorstellingen waren we allemaal in tranen.

'Er is altijd een aanleiding om dit stuk te zingen, deze menselijke reflectie over geloven, troost, de grote dingen van het leven. Voor mij gaat de voorstelling van zwaar naar licht. Dat past bij Jochen Sandig. Hij is een kinderlijke ziel. Voorafgaand aan elke voorstelling houdt hij een praatje en vertelt hij ons dat het zijn absolute behoefte is troost te geven, iets positiefs te brengen.'

Uit A Human Requiem van de Duitse regisseur Jochen Sandig, in Berlijn. Beeld Matthias Heyde

Sandig schuift weer aan. Ik vertel hem over mijn ervaring in het slotdeel. Voor het eerst is hij stil. 'Wij in het graf, wij de doden?' Hij aarzelt, denkt na. 'Ik heb de muziek vaak beluisterd, ook 's nachts op het eilandje Formentera onder de sterrenhemel. Daar bedacht ik: je zou het slotdeel zo moeten doen dat je op de grond ligt, dat je naar de sterren kijkt, naar de eeuwigheid. Toen ik tijdens de repetities dat beeld zag, voelde ik intens dat alle mensen die deze voorstelling nu samen beleven, zullen sterven. Onze gezamenlijke ervaring kan een angst wegnemen. We zijn niet alleen. Bijna iedereen is bang voor de dood. Onze sterfelijkheid kunnen we alleen verdragen omdat we samen zijn. Van tevoren heb ik niet gedacht aan een graf waar we allemaal in liggen, wel aan een opening naar boven. Eigenlijk zou het dak open moeten gaan en zouden we samen naar de hemel moeten kijken.

'Hé, dit is Jörg, die heeft het licht gedaan.' Een snelle handdruk en weg is Jochen Sandig.

A Human Requiem: 4 en 5/7, Muziekgebouw aan 't IJ in Amsterdam. Koorbiënnale: van 26/6 tot 5/7 in Haarlem en Amsterdam.

Beeld Matthias Heyde

De opvallendste producties van de achtste editie van de Koorbiënnale op een rij:

Missa Salisburgensis
De Missa Salisburgensis, geschreven ter ere van het 1100-jarig bestaan van het aartsbisdom Salzburg. Destijds stonden zes groepen van musici en zangers rond de vier orgels van de kathedraal in Salzburg. In de Haarlemse Bavo proberen Harry Christophers, The Sixteen, het Koorbiënnale Festivalkoor en de musici van Concerto d'Amsterdam de overweldigende indruk van toen te evenaren.
26 juni, Sint-Bavokerk, Haarlem.

This is Your Life
In Ballroom Dreams gaat de vocale vrouwengroep Wishful Singing met het mannenensemble amarcord het podium op. De vrouwen, uit Nederland, zijn geknijsd in het theatrale werk; de mannen zijn pure zangers en komen uit het oude Thomanerkoor Leipzig. Samen met gitarist en componist Mark van Vugt en zangeres Ineke Vandoorn gaan ze aan de slag met een werk-in-uitvoeringvoorstelling over de vooroorlogse ballroom-scene, die in drie dagen vorm moet krijgen. Het festival wordt hun atelier.
2 juli, Philharmonie, Haarlem.

Ballroom Dreams
In Ballroom Dreams gaat de vocale vrouwengroep Wishful Singing met het mannenensemble amarcord het podium op. De vrouwen, uit Nederland, zijn geknijsd in het theatrale werk; de mannen zijn pure zangers en komen uit het oude Thomanerkoor Leipzig. Samen met gitarist en componist Mark van Vugt en zangeres Ineke Vandoorn gaan ze aan de slag met een werk-in-uitvoeringvoorstelling over de vooroorlogse ballroom-scene, die in drie dagen vorm moet krijgen. Het festival wordt hun atelier.
2 juli, Philharmonie, Haarlem.

Night nor the Unknown Soldier
Tijdens het eerste weekend van de Biënnale is het precies 100 jaar geleden dat er in de Dardanellen een bloedbad heeft plaatsgevonden. Het slagveld van toen is nu een herdenkingsgebied en een natuurreservaat. Tijdens de Night of the Unknown Soldier toont Tessa Joosse filmbeelden van de plek. Samen met verteller Huib Ramaer, een traditioneel Turkse zanger en sazspeler, en het koor van de Schotse St Salvator's Chapel ontstaat een gelaagde montage.
27 juni, Philharmonie, Haarlem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden