Een boekenminnaar, maar geen boekenwurm

M.R. Radermacher Schorer (1888-1956). Minnaar van het 'schoone' boek. Museum van het Boek, Den Haag; tot en met 22 november....

VORMGEVING

Een met fraaie banden gevulde boekenkast, een schilderij, een zitkamerstoel en een met donker fluweel overtrokken bank die in een designwinkel moeiteloos een vermogen zou opbrengen. Dit ongebruikelijk tableau in het Museum van het Boek maakt deel uit van de expositie 'M.R. Radermacher Schorer (1888-1956) - Minnaar van het 'schoone' boek'. Het Haagse museum heeft een kleine impressie willen geven van de wijze waarop deze boekenverzamelaar en mecenas zeventig jaar geleden woonde, dit te meer omdat zijn interieur danig afweek van hetgeen destijds gangbaar was.

Radermacher Schorer, als directeur van een verzekeringsmaatschappij in goeden doen, betrok in de jaren twintig een herenhuis aan het Wilhelminapark in Utrecht. Hij liet het verbouwen door architect Sybold van Ravesteyn die licht gebogen wanden aanbracht met daarin verzonken de boekenkasten. Het meubilair bestond uit door Van Ravesteyn ontworpen stalen buisstoelen die hij liet verchromen, een toen nog zelden toegepast procedé.

Bewaard gebleven foto's tonen boekenkasten die allemaal tot het plafond reiken. Het is de spectaculaire inhoud van die boekenkasten die de aanleiding vormt voor de tentoonstelling in het Museum van het Boek, en voor een met groot raffinement vormgegeven publicatie die verslag doet van recent onderzoek naar de bibliofiel en zijn boeken.

Jonkheer Matthieu René Radermacher Schorer (1888-1956) liet bij zijn dood elfduizend boeken na, een unieke verzameling, niet alleen door haar omvang maar vooral door de uitvoering van de boeken. 'Ik kocht boeken waaraan te zien viel wat er zooal rondom ons gebeurde met betrekking tot de typografische renaissance van het boek, de boekillustratie', zei hij eens in een interview.

Hij verzamelde uitgaven van Van Royen, De Roos, Enschedé, A.A.M. Stols en Ch. Nypels en Gemeenschap te Utrecht. De collectie Radermacher Schorer bestrijkt de periode 1890-1950 en wordt door museumconservator Tanja de Boer aangeduid als 'een voorbeeldige verzameling Nederlandse boekkunst'. Kern van de verzameling is het grote aantal bibliofiele edities en private-press uitgaven. De uitgaven van de Zilverdistel en de Kunera Pers, de fameuze persen van meesterdrukker en PTT-bestuurder mr J.F. van Royen, had Radermacher Schorer vrijwel compleet.

Daarnaast omvat de collectie boeken van reguliere uitgevers als L.J.C. Boucher, W.L. & J. Brusse en De Bezige Bij die veel werk maakten van boekverzorging. Een groot deel van zijn aanwinsten liet Schorer herbinden in leer, zelfs als de oorspronkelijke band al met de meeste zorg was ontworpen en vervaardigd.

De typograaf S.H. de Roos, door Schorer betiteld als de Nederlandse William Morris, adviseerde hem bij de samenstelling van de bibliotheek en tot twee keer toe nam Schorer boeken over uit de privé-boekerij van De Roos; in totaal betrof het bijna zeshonderd boeken, een exclusieve typografische collectie.

Elke aanwinst werd, na nauwkeurig te zijn beschreven en gecatalogiseerd, bijgezet in boekenkasten in de woon- of eetkamer dan wel in een van de twee bibliotheekkamers. Om ze snel te kunnen terugvinden voorzag Schorer de boeken in de bibliotheekkamers op de rug van genummerde stickers, een wat discutabele handelwijze voor iemand die zich hogelijks bekommerde om het uiterlijk van de boeken.

Naast zijn bibliofiele interesse was het ook en vooral de liefde voor de literatuur die een rol speelde bij de vorming van de collectie. Menig schrijver en kunstenaar werd door hem financieel ondersteund, door aankoop van hun manuscripten, boeken en boekbanden. Dat hij ook grenzen stelde aan zijn mecenaat, blijkt uit zijn relatie met de dichter J.C. Bloem. Hij verschafte de dichter geldelijke steun totdat duidelijk werd dat Bloem het merendeel uitgaf aan drank en boeken wat Schorer ertoe bracht op te merken dat 'een bodemlooze put nu eenmaal niet te dempen is'.

Radermacher Schorer was geen zonderlinge boekenwurm die in eenzaamheid genoot van zijn bezit. Integendeel, in zijn huis was het een va et vient van gasten uit de wereld van kunst en cultuur. De expositie toont de omvangrijke gastenboeken waarin werd bijgehouden wie Wilhelminapark 12 frequenteerde: schrijvers (onder wie Hendrik Marsman, Jan Engelman, Richard en Henriette Roland Holst), schilders (Charley Toorop), beeldhouwers, journalisten, architecten, (Rietveld), uitgevers en typografen maar ook wetenschappers en Utrechtse notabelen waren kind aan huis.

Al tijdens zijn leven liet Radermacher Schorer vastleggen dat zijn boekencollectie na zijn dood gelegateerd zou worden aan de Koninklijke Bibliotheek. De toenmalige bibliothecaris van de KB bedacht dat de collectie bij uitstek thuishoorde in het in 1960 op te richten Museum van het Boek, onderdeel van het Museum Meermanno-Westreenianum; na selectie kwam ongeveer de helft van Schorers boekenbezit daar terecht.

Na afloop van de tentoonstelling zullen de boeken weer verdwijnen achter de beglaasde en met stof bespannen deuren van de mahoniehouten kasten die het Museum van het Boek lang geleden speciaal voor de boeken van de Utrechtse bibliofiel liet bouwen.

Hub. Hubben

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden