Een blik in Penthesilea's donkere, verduisterde ziel

 

Beeld Forster / De Munt

Zwart is de dominerende tint in Penthesilea, de nieuwe opera van Pascal Dusapin, die vorige week in de Brusselse Muntschouwburg zijn wereldpremière beleefde. Rauw en ruig zijn de klanken die de zangers elkaar toeslingeren, en zinderend en snerpend de timbres die opstijgen uit de orkestbak. Penthesileia is een oerverhaal met veel primitieve passies, en dat zullen we weten ook. Mede door de kostuums wekt de voorstelling associaties met de fantasyserie Game of Thrones. Maar tegelijkertijd is er, als tegenwicht, abstractie en stilering - niet alleen in de muziek, maar vooral ook in de enscenering.

Penthesilea is de zevende opera van de 59-jarige Fransman Dusapin. Basis is het gelijknamige toneelstuk van Heinrich von Kleist, dat hij aanmerkelijk heeft uitgedund. De Duitse taal is gehandhaafd. Er zijn nog maar vijf belangrijke personages. Penthesileia en Achilles, formidabel vertolkt door Natascha Petrinsky en Georg Nigl, hebben allebei een sidekick, Odysseus en Prothoe, waarvan de laatste, gezongen door Marisol Montalvo, een bevallige tegenpool is van de woeste vorstin. Natuurlijk is er een koor, dat evenwel vocaal wat minder overtuigt.

Het vertrekpunt van Dusapins muziek, een simpele harpmelodie, is nogal archaïsch, en ook de grondtonige opbouw, met steeds dezelfde melodische lijnen in de bas, is betrekkelijk eenvoudig. Maar wat hij daaroverheen legt - schrapende en explosieve percussieklanken, orkestrale clusters, glissandi en al dan niet elektronisch opgewekte wind- en onweergeluiden - is dat allerminst. Soms heeft de klank een Wagneriaanse gloed, dan weer gaat er een bijna new age-achtige verleiding van uit. De metalige percussiegeluiden van een cymbalom-achtig instument verlenen de partituur een specifieke kleur.

Dusapin mag zijn personages dan hun emoties laten uitschreeuwen, maar wat hij vrij nadrukkelijk niet doet is illustreren. De eerste vechtpartij tussen Achilles en Penthesilea wordt niet alleen slechts vanuit de zijlijn beschreven, er valt van het geweld eigenlijk ook niets te horen.

Ook de regie van Pierre Audi (bij ons bekend als baas van de Nationale Opera) vermijdt naturalisme: de spelers liggen, kruipen en kronkelen, als zinnebeeld van hun gekwelde bestaan, zoals de onwrikbare Hogepriesteres (Eve-Maud Hubeaux) nauwelijks van haar rotsblok afkomt. De decors van beeldend kunstenares Berlinde de Bruyckere - ruwe plankieren, stapels huiden, en projecties van in close-up geflmde planten en rotsen - doen eveneens vooral een symbolische betekenis vermoeden. Memorabel zijn de meer dan manshoge, gekromde wapenschilden die op een gegeven moment het podium vullen - en veelzeggend omvallen.

De liefde waarom het in dit verhaal heet te gaan, is verzengend, maar tegelijkertijd egoïstisch en bezitterig. Achilles spot met Penthesilea, en lichamelijk contact tussen de twee is er nauwelijks. Het beslissende moment, het pijlschot dat Achilles velt, schijnbaar vanuit het niets, is volledig gestileerd vormgegeven, terwijl ook de muziek, los van een duidelijk waarneembaar tsjak-geluid, het drama niet echt onderstreept. Dat doet de toeschouwer in het duister tasten, maar de raadsels en de verwarring zijn uiteindelijk dezelfde waarvoor de gekwelde vorstin komt te staan. Zo bieden Dusapin en Audi een blik in Penthesilea's donkere, verduisterde ziel.

Penthesilea, van Pascal Dusapin, door De Munt o.l.v. Pierre Audi en Franck Ollu. 31 maart, Muntschouwburg, Brussel. Herh.: 7, 9, 12, 14, 16 en 18/4.

Beeld Forster / De Munt

De oorsprong van Penthesilea

Het mythische verhaal van de confrontatie tussen de mythische Amazonenkoningin Penthesilea en de held Achilles komt niet voor in Homerus' Ilias, maar wel in een paar latere bronnen. In de oorspronkelijke versie is ze erop uit om Achilles te doden, maar sneuvelt zelf door zijn hand. Als haar helm afvalt en Achilles ziet dat ze een vrouw is wordt hij overvallen door berouw.

In het toneelstuk van Heinrich von Kleist uit 1808, waarop Dusapins opera gebaseerd is, ligt de zaak gecompliceerder: hier vatten Achilles en Penthesilea liefde voor elkaar op, maar de Amazonen mogen een man alleen maar liefhebben als ze hem eerst hebben verslagen. Achilles wendt daarom voor dat Penthesilea hem verslaat, maar als ze daar achter komt wordt ze bevangen door razernij en doodt hem. Vervolgens sterft ze zelf van wroeging.

Mede vanweg de brisante seksuele lading werd Von Kleists werk onspeelbaar geacht. Pas in in 1876, 65 jaar na de zelfgekozen dood van de auteur, werd het voor het eerst opgevoerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden