Review

Ed van der Elsken verdient zijn ereplek

De levenslust en branie op de foto's van Ed van der Elsken blijven aanstekelijk. Maar er wordt nog iets duidelijk op de grote overzichtstentoonstelling in het Stedelijk: hij was niet alleen maar een flierefluiter.

Yakusa Territory Kamagasaki, Osaka (1960). Beeld Ed van der Elsken/Nederlands Fotomuseum

De eerste indruk van De verliefde camera, de grootste overzichtstentoonstelling in 25 jaar van fotograaf en filmer Ed van der Elsken, is bepaald bevrijdend. Twee filmfragmenten verwelkomen de bezoeker in het Stedelijk Museum Amsterdam. Eentje waarin Van der Elsken (1925-1990) achter het stuur van een auto door Amsterdam jakkert, zwangere vrouw met peuter op schoot naast hem. 'Ed, moet het zo hard?'

Het andere filmpje toont Van der Elsken met ontbloot bovenlijf, die in een terreinwagentje over de weilanden bij zijn woonplaats Edam hobbelt, waarbij een jongetje op zijn schoot het stuurwerk voor zijn rekening neemt. Leve het avontuur, lak aan de regels, maak plezier, we leven maar één keer. Met dat onuitgesproken, in beelden beleden adagium in gedachten, betreedt de bezoeker de volgende zalen. Daar neemt de door die filmfragmenten opgeroepen vrijbuitersdynamiek onontkoombaar bezit van hem.

Bohemien in Parijs in de schrale jaren vijftig, vrijbuiter en avonturier in de jaren zestig. Wereldreiziger in de jaren zeventig, chroniqueur van Amsterdam en Edam en omstreken in de jaren tachtig. Dat zijn de rollen die Ed van der Elsken in de stadia van zijn leven heeft vervuld, steeds met de camera in zijn hand. Het is een grofmazige omschrijving van de rolverdeling, want dikwijls speelde hij meer rollen tegelijk.

Persoonlijke belevenissen verweefde hij in zijn werk met documentaire, de geboorte van zijn eigen kind was van even groot belang als de rituelen die hij vastlegde in Centraal-Afrika. De kinderen die in hongerend Bangladesh op een vuilnishoop zoeken naar iets eetbaars, verdienden de aandacht van zijn filmcamera evenzeer als de jongen die bij een Hollandse sloot demonstreert hoe hij met kikkers praat en ze daadwerkelijk weet te bewegen op zijn hand te springen.

Het universum van Van der Elsken, de autodidact, solist, praatjesmaker en bovenal straatfotograaf met sterk humanistische inslag, kende veel facetten. Het dijde uit tot alle werelddelen, tot het aan het eind van zijn leven kromp tot Edam.

Wat een dankbare klus moet het zijn geweest voor conservator Hripsimé Visser om dit grootse overzicht samen te stellen, denk je al wanneer je de eerste van een reeks kabinetten binnengaat. In die zaaltjes wordt chronologisch belicht hoe de belangrijkste fotoboeken van Van der Elsken tot stand kwamen. Zoals zijn Parijse periode, met als fotografisch hoogtepunt de fotoroman Een liefdesgeschiedenis in Saint-Germain-des-Prés uit 1956. Van der Elsken bracht veel tijd door met een groep gemarginaliseerde jongeren - daklozen, verslaafden, drinkers, dolenden, scharrelaars.

Kijken naar Ed

Geportretteerden, tijdgenoten en liefhebbers vertellen wat zij zo bijzonder vinden aan meesterfotograaf en filmer Ed van der Elsken. Een ode in zeven video's aan een van de belangrijkste fotografen van de twintigste eeuw. Bekijk hier de productie.

De verliefde camera
Fotografie
****
Ed van der Elsken: De verliefde camera.
Stedelijk Museum Amsterdam, 4/2 t/m 21/5. Jeu de Paume, Parijs, 13/6 t/m/24/9.
Catalogus (softcover) in museum: 29,90 euro.
Hardcover (met andere omslag) 39,95 euro.

Probeersels

Zijn persoonlijke, vrijmoedige, duistere en melancholieke foto's vormden de basis van de fotoroman waarvoor hij zelf de tekst schreef. De grote afdrukken uit het Parijs van de jaren vijftig krijgen we later, in de grote zalen te zien. Hier in de kabinetten zien we dummy's (zeg maar: probeersels voor het latere boek), contactafdrukken van de negatieven, boekontwerpschetsjes, en ook een pagina uit weekblad Vrij Nederland, met de sterk uiteenlopende reacties die het boek bij verschijning opriep. Van lovend (Simon Carmiggelt) tot uiterst afwijzend. Zoals dominee J.J. Buskes, die zich keerde tegen de 'degeneratie' die hij ontwaarde: 'Rotboek met urinoir-tekst.'

Andere kabinetten zijn gewijd aan de totstandkoming van Bagara (1957), het imposante resultaat van een drie maanden durend verblijf in Centraal-Afrika, waar Van der Elsken als een ware antropoloog stamrituelen onderzocht, en van Sweet Life (1966). Dat laatste boek bevat een ongekend sterke reeks straatopnamen van Van der Elsken uit zijn omzwervingen over de continenten, van Hongkong tot New York, van het Durban van de Apartheid tot Freetown in Sierra Leone, van Mexico tot Los Angeles. Het werk maakt korte metten met de indruk dat Van der Elsken vooral een vrolijke, anti-autoritaire, oppervlakkige flierefluiter was. Hij was wel degelijk, ook in voorbereiding en research, een man van de inhoud.

Wat die zalen gemeen hebben: hier waart de artistieke ziel van Van der Elsken rond. Je voelt de opwinding van het maakproces. Uit brieven aan museumdirecteuren en omroepbazen klinkt het ongeduld - de eeuwige roep om financiële steun, om nieuwe verten en artistieke grenzen te verkennen. Niet om er rijk van te worden. Begin jaren zestig tikte hij zijn artistieke uitgangspunten op: 'E. niet commerciële opzet. Wil filmen als individuele expressie. Niet om geld te verdienen.'

Bargirls, Cebu, Filippijnen (1960). Beeld Ed van der Elsken/Nederlands Fotomuseum/Stedelijk Museum Amsterdam
Durban, South-Africa (1959). Beeld Ed van der Elsken/Nederlands Fotomuseum

De tentoonstelling bestaat uit een kern van grote zalen met daaromheen kleinere zalen met deelthema's uit Van der Elskens werk. De vier grote zalen tonen de klassiekers, merendeels in zwart-wit. De museale prints die zich in het geheugen van de oudere toeschouwer hebben gekerfd en dat bij de jongere ongetwijfeld ook zullen doen. Het zijn de foto's waarvoor Van der Elsken steevast contact zocht met de mensen die hij op straat ontmoette - de vrouwen met wie hij flirtte, onderwereldfiguren strak in het pak in Tokio, straatkinderen wier zuivere ziel hij zocht, de jongeren die de ketenen van de naoorlogse bekrompenheid van zich afwierpen en zich de persoonlijke en seksuele vrijheid lieten smaken, in de magische hoofdstad van de wereld, Amsterdam, en in de rest van de westerse wereld.

Het meeste leven vinden we evenwel in de kleine zaaltjes, de kabinetten met fotoboeken en de ruimten waar non-stop filmfragmenten worden vertoond. Er zijn opnamen uit het nog armoeiige naoorlogse Amsterdam, waar jongens en meisjes vanaf een gammel vlot in het gore grachtenwater springen, of een beddenspiraalbodem gebruiken als trampoline.

Er zijn de komische beeldexperimenten met de supertelelens, van fietsers op de grachten, die door het hoogteverschil tussen straat en boogbruggen als poppenkastpoppen af en aan tevoorschijn komen en even later uit het filmkader zinken.

Broodvechter

Zoeken naar geldschieters voor nieuwe reizen was een constante in het leven van Ed van der Elsken. Als het zo uitkwam, diende het 'broodvechtertje' dat hij naar eigen zeggen was eenzelfde voorstel in bij meerdere mogelijke geldverstrekkers. Tijdens zijn buitenlandse reizen maakte hij voor AVRO-televisie filmpjes, zogenoemde travelogues, die bijna allemaal verloren zijn gegaan. Eind jaren zestig kondigde hij zijn afscheid van de fotografie aan - de toekomst zat in film, dacht hij - maar juist toen werd de glossy Avenue opgericht, het luxe maandblad dat de beste schrijvers en fotografen genereuze budgetten verschafte voor (lange) buitenlandreportages, die royaal werden gepresenteerd.

Bye uit 1990 vormt het sluitstuk - Van der Elskens eerste en enige film op video. Het is het aangrijpende, autobiografische verslag van zijn aangekondigde dood. Openhartig vertelt hij over zijn ziekte, kanker, toont op zijn naakte lijf de markeringen die de oncoloog heeft aangebracht ten behoeve van de vergeefs gebleken bestralingen, laat de woeste haardos en baard die hij liet groeien sinds de ontdekking van zijn ziekte afknippen - een bijbelse vooruitwijzing naar zijn sterven - en bespaart ons zijn aftakeling niet.

Het is juist in die kleine zaaltjes, waar het straatrumoer van de films klinkt en het vrolijke allegaartje van contactafdrukken, kattebelletjes, schetsen en probeersels de kunst ontheiligen en van een rauwere rand voorzien, dat de grote fotograaf en filmer optimaal tot zijn recht komt. De imposante zalen, waar Van der Elskens werk keurig ingelijst in stilte zal worden bewonderd, steken er wat steriel bij af. Ze ogen als kathedralen voor de eeuwigheid, waar Van der Elsken beslist zijn ereplek verdient. Maar toch zou hij, als hij kon, de eerste zijn om er met zijn grote mond de draak mee te steken.

De erfenis laat zien hoe verlammend depressie kan zijn (****)

Joris Postema laat zien dat Daan van der Elsken meer lijkt op zijn beroemde vader dan hij denkt. Wat maakt een mens een mens? Genen, opvoeding of eigen keuze? Lees hier de recensie.

Layout catalogus stelt teleur

De vormgeving van de catalogus van De verliefde camera is een lichte teleurstelling. Op de cover staat een van Van der Elskens bekende foto's, maar niet behorend tot de beste, uit Amsterdam! Erop staan twee zussen, jonge meiden in identieke kleding, die poseren op straat. Om onduidelijke reden is de foto aangesneden, waardoor hun kruinen net buiten beeld vallen. De foto wordt aan weerszijden hinderlijk geflankeerd door zwarte verticale balken, die ook opduiken bij elk nieuw hoofdstuk. Lettertype en de springerige vormgeving lijken geïnspireerd op wat gangbaar was in de jaren tachtig, wellicht een bewuste verwijzing naar Van der Elskens bloeitijd, maar ook wat ouderwets ogend. Inhoudelijk is de catalogus lezenswaardig en toegankelijk geschreven, met bijdragen van onder anderen Hripsimé Visser (conservator Stedelijk Museum en Van der Elskenkenner bij uitstek) en fotografen die inspiratie putten uit Van der Elskens werk. Onder hen de Nederlandse Paulien Oltheten en de Amerikaanse fotograaf Nan Goldin, wier rauwe stijl verwantschap kent met die van Van der Elsken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden