Achtergrond Het einde van de brief

‘Echt leven is het varen niet’, schreef dichter en scheepsarts J. Slauerhoff aan zijn vriendin Heleen Ris Lambers

Jet Steinz schrijft over de verloren kunst van het brieven schrijven. Op 19 september verschijnt P.S. Van liefdespost tot hatemail: de 150 opmerkelijkste Nederlandse brieven bij Uitgeverij Podium. De komende weken kiest en bespreekt Jet Steinz de mooiste brieven uit haar boek.

J. Slauerhoff aan Heleen Hille Ris Lambers. Beeld K2

Eigenlijk had J. Slauerhoff met haar willen trouwen, maar Heleen Hille Ris Lambers zei niet genoeg van hem te houden om zijn vrouw te worden. Vrienden bleven ze wel, de dichter en de domineesdochter, en correspondenten: Slauerhoff schreef haar vanaf de schepen waarop hij als arts werkte, en Hille Ris Lambers schreef terug naar Zuid-Amerika, Nederlands-Indië, China of waar die schepen ook maar aanmeerden.

Slauerhoffs brieven lezen bijna als een dagboek: ze gaan over zijn verlangens en twijfels, de eenzaamheid die hij ervoer en het bestaan op (de ook vaak in zijn poëzie terugkerende) zee, waarmee hij een haat-liefdeverhouding  had. ‘Echt leven is het varen toch eigenlijk niet’, schrijft hij in deze brief van 9 mei 1928, en in een andere: ‘En ik kom toch telkens weer op zee terecht.’

Het is niet dat we elkaar tegenwoordig minder spreken dan in de tijd van Slauerhoff en Hille Ris Lambers. We blijven juist vaker, en in ieder geval gemakkelijker in contact met die vriendin van de middelbare school, de collega die inmiddels ergens anders werkt, een neef op reis: een app’je met update is zo verstuurd, door die foto op Instagram weet je in welk restaurant de ander vorige week at. Maar gereflecteerd op ervaringen wordt er nauwelijks in een sms of tweet. Misschien vertellen we elkaar nog wel in het echt wat we denken over wat we horen, zien en meemaken — in de berichten die we elkaar sturen is die diepgang verdwenen.

Bij Slauerhoff was het eerder andersom: zijn ontmoeting met Hille Ris Lambers, toen hij tussen het varen door een maand terug was in Nederland, stak bleekjes af bij hun gesprekken per post. ‘Wat hebben we weinig gehad aan mijn verblijf in Rotterdam. Ik had mij er meer van voorgesteld’, schrijft hij daarover in deze brief. ‘Het is wel in sterk contrast met de correspondentie die wij gevoerd hebben.’ Wat hem er niet van weerhield op oude voet verder te gaan en gedachten te uiten die ook nu nog tot nadenken aanzetten: ‘Weet je wat opvallend is hier? Dat de migranten ondanks hun nooddruft veel levenslustiger indruk maken dan de rijke 1e klassers. Een leven met veel zorgen schijnt toch waarachtiger te zijn dan een leeg luxe leven.’

Brief van J. Slauerhoff aan Heleen Hille Ris Lambers (1928)

Dear Helen,

Als ik nu niet schrijf dan ben ik zelf gelijk terug dus geen uitstel meer.

We hebben een week slecht weer gehad, toen een week overtocht tusschen Las Palmas & Pernambucco, een door niets verbroken eentonigheid en in beide omstandigheden had ik geen lust tot schrijven. Ik heb ontzettend weinig geschreven aan brieven & andere dingen. Er is wel veel tijd voor maar die kun je haast niet gebruiken, een schip is altijd vol stoornissen, vooral dit, je kunt je niet op dek vertoonen of je word aangesproken. Vervelend is dit. Erger dan een dorp.

Mijn indrukken? Het zijn mooie plaatsen die wij aandoen maar om er wat van te zien is de tijd altijd te kort. Een halve dag meestal maar een paar uur. Aan boord is meer comfort je zit minder lang in de hitte dat zijn de voordeelen, boven het varen in Indië. Maar aan het land heb je veel meer daar.

De opvarenden hier zijn intéressanter dan daar: zoowat alle Balkanstaten en russische republieken zijn vertegenwoordigd. Al die talen kun je natuurlijk niet gaan leeren, en daardoor heb je weinig contact met de menschen. Spaansch ken ik al vrij aardig en ik geloof dat ik weer eens aan Russisch begin.

Echt leven is het varen toch eigenlijk niet. Je mist eigenlijk alles wat het essentieele is. De psyche van de zeelui is ook daardoor wel beinvloed de meesten zijn nogal goedig maar leeg en zonder intéresse.

Wat hebben we weinig gehad aan mijn verblijf in Rotterdam. Ik had mij er meer van voorgesteld. Het komt wel vooral doordat die eene maand zoo bezet was en ook last not least dat ik door alles wat ik heb beleefd de laatste tijd niet meer de oude ben. — Het is wel in sterk contrast met de correspondentie die wij gevoerd hebben. Maar ’t is in vele gevallen zoo gegaan, met mijn beste vrienden voelde ik dat ik het contact hopeloos kwijt was zonder daar veel tegen te kunnen doen. Ik heb ook zoo sterk ’t gevoel dat ik niets bijna kan vertellen van het leven daar ginds en dat het hun ook niet intéresseert. Ik verlang er dikwijls naar terug, d.w.z. niet naar ’t varen maar naar

de plaatsen waar ik ben geweest. Misschien ga ik wel weer naar toe, had ik er beter kunnen blijven. Je zult bij ’t ontvangen van deze brief wel vlak voor je examen zitten & wensch je daar alle goeds mee. Blij was ik voor mijn vertrek te hooren dat je niet bleef daarna. — Ook lijkt het me goed dat je de banden met het hospitaal verbreken gaat. W.i.w. ontstaan daardoor natuurlijk weer nieuwe mogelijkheden. Maar je zou anders ’t gevoel krijgen dat je er nooit meer uit kwam.

Weet je wat opvallend is hier? Dat de migranten ondanks hun nooddruft veel levenslustiger indruk maken dan de rijke 1e klassers. Een leven met veel zorgen schijnt toch waarachtiger te zijn dan een leeg luxe leven. Helaas ben ik natuurlijk erg aan de 1e klasse gebonden. Daar is weinig aan te doen. Ik hoop bij terugkomst je geslaagd te vinden. Groet thuis hartelijk van mij.

je Jan

zie naam afzender/ontvanger op brief ( en document naam) Beeld K2

Ode aan de brief

Op donderdag 19 september vindt in de Vondelkerk te Amsterdam een avond plaats ter gelegenheid van de verschijning van P.S. Van liefdespost tot hatemail. Onder leiding van ­Wilfried de Jong lezen Peter Buwalda, Job Cohen, Fidan Ekiz, Anna Gimbrère, Boris van der Ham, Arjen Lubach, Lavinia Meijer, Georgina Verbaan en Mei Li Vos hun favoriete brief voor uit de bundel van Jet Steinz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden