Eb en vloed

Een te gespierde droom

Vlak voor haar aantreden als minister van Buitenlandse Zaken sprak Hillary Clinton deze week met de senaatscommissie die haar benoeming moet bevestigen over haar uitgangspunt. 'Amerika kan haar problemen niet oplossen zonder de rest van de wereld', zei ze. 'En de wereld kan zijn problemen niet de baas zonder Amerika.' Dat komt over als logisch en niet bijzonder spectaculair.

Er klinkt zelfs een zekere arrogantie in door: Amerika, de supermacht, is bereid tot een partnerschap met de rest van de wereld.

En toch ligt er een wereld van verschil tussen dit waar mogelijk op samenwerking en diplomatiek overleg gerichte policy statement en het unilaterale interventionisme dat de kern vormt van de kort na 11 september 2001 geformuleerde Bush-doctrine. Amerika zou voorop moeten gaan in de 'oorlog tegen het terrorisme'. Maar wat te doen als de bondgenoten onverhoopt niet zouden willen meedoen? President George W. Bush voorzag die mogelijkheid en zei daarover: 'That's okay with me. We are America.'

De relatie tussen de VS en de Europese bondgenoten bereikte onder het presidentschap van Bush junior een ongekend dieptepunt. Is dat te wijten aan het impulsieve gedrag van de Amerikaanse president en de woede en nervositeit in Amerika na de aanslag op de Twin Towers? En ligt onder Obama en Clinton herstel van de Europees-Amerikaanse vriendschap in het verschiet? De Amsterdamse historicus Ronald Havenaar heeft over de de laatste decennia gegroeide kloof tussen de VS en Europa een interessante en verhelderende, zij het soms betwistbare 'mentaliteitsgeschiedenis' geschreven, Eb en vloed - Europa en Amerika van Reagan tot Obama.

Havenaar bouwt voort op de door Robert Kagan in zijn bekende boek Of Paradise and Power geschetste tegenstelling tussen Europa als Venus en Amerika als Mars, de godin van de liefde tegenover de oorlogsgod dus. Het omslagpunt waarop de tegenstelling zich begint te verdiepen, situeert Kagan in 1989 bij de val van de Muur en het einde van de Koude Oorlog. De Europeanen zagen hierin volgens hem aanleiding om 'vakantie te nemen van de wereldpolitiek', terwijl supermacht Amerika alleen achterbleef met als missie de orde te bewaren in een chaotische wereld. De door Kagan aangegeven hoofdtegenstelling tussen een dynamisch, niet per definitie voor geweld terugschrikkend Amerika en een vóór alles op stabiliteit koersend Europa, neemt Havenaar over, maar hij verfijnt en nuanceert die analyse aanzienlijk.

Om te beginnen ziet hij de kloof tussen het oude continent en de Nieuwe Wereld op een ander, eerder tijdstip ontstaan, namelijk bij het aantreden van president Ronald Reagan in 198. Met Reagan kwam voor het eerst in lange tijd een onversneden representant van het Amerikaanse conservatisme, thuis op de rechtervleugel van de Republikeinse partij, aan het bewind. Tegelijk belichaamde de altijd goed gehumeurde, optimistisch gestemde Reagan een soort politieke en morele wederopstanding; zijn motto 'It is morning again in America' is daar een uiting van.

Havenaar schetst een overtuigend beeld van de crisis in de VS die aan de opkomst van Reagans politiek van 'daadkracht en morele helderheid' vooraf ging. Amerika kampte met de naweeën van de nederlaag in Vietnam en van Watergate, de affaire die president Nixon tot aftreden had gedwongen. Economisch was er zowel sprake van stagnatie als van inflatie, in het kielzog van twee oliecrises. De gijzeling van Amerikaans ambassadepersoneel in Teheran en de Russische inval in Afghanistan werden ervaren als vernederend en als een teken van Amerikaanse onmacht.

En ten slotte waren velen in de suburbs in het zuiden en midden-westen van de VS diep geschokt door de gevolgen van de culturele en seksuele revolutie die ook de VS in de jaren zestig en zeventig had overspoeld. De reactie op deze door de liberal elites aan de oostkust verwelkomde counterculture nam de vorm aan van een religieus reveil, op gang gebracht door de Religious Right, een belangrijke st

eunpilaar van Reagan.

De conservatieve Reagan-revolutie - je zou misschien beter kunnen spreken van een contrarevolutie - had drie hoofdkenmerken. Ten eerste de herwaardering van religie en het benadrukken van oude waarden, vooral family values. Ten tweede het terugdringen van de rol van de overheid in de economie en het sociale leven. Zoals Reagan het bondig formuleerde: 'De overheid is het probleem, niet de oplossing.' Er moest weer volop ruimte komen voor de vrije markt. Voor het eerst sinds de New Deal van Franklin Roosevelt in de jaren dertig werd de aanval ingezet op de verzorgingsstaat Amerikaanse stijl. En op internationaal terrein ten slotte verving de regering-Reagan de samen met Europa in de NAVO gevoerde politiek van detente met het Oostblok door een politiek van confrontatie met de Sovjet-Unie, het Evil Empire.

In Europa - Havenaar bespreekt hoofdzakelijk de reacties in Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland - vonden de veranderingen in de Amerikaanse politiek geen warm onthaal. De culturele revolutie van de jaren zestig was er gepaard gegaan met een snelle, nog steeds voortgaande secularisatie, waardoor ieder begrip voor het religieuze reveil in de VS ontbrak. Op het Europese vasteland bestond in grote lijnen consensus over de wenselijkheid om vast te houden aan de door de verzorgingsstaat gegarandeerde sociale zekerheid; de Britten volgden onder Margaret Thatcher in dit opzicht wel de weg van Reagan. De verbale uitvallen van Reagan naar de Sovjet-Unie en zijn verlangen naar een militair overwicht leidden in Europa tot grote bezorgdheid over het in gevaar brengen van de naoorlogse stabiliteit. Zo ontstond een allengs diepere kloof.

Deze overtuigende analyse - met meningsverschillen over de vrije markt, de rol van de overheid, religieuze waarden en de merites van detente als aanjagers van een mentale verwijdering - wordt enigszins ontsierd doordat Ronald Havenaar ook de Europese reactie bestempelt als conservatief, al noemt hij dit veronderstelde Europese conservatisme van een andere aard dan het Amerikaanse. Het ligt veel meer voor de hand vast te stellen dat in West-Europa destijds van een maatschappelijk conservatisme dat terugverlangt naar de tijd van voor de grote sociale hervormingen - die in Amerika dateren uit de jaren dertig, in Europa van na 1945 - nauwelijks sprake was. Ook was er geen noemenswaardige backlash tegen de beweging van de jaren zestig.

Dat wordt des te duidelijker als we in ogenschouw nemen dat zulk conservatisme zich sinds ongeveer het jaar 2000 wel in Europa manifesteert, gekenmerkt door afkeer van links ('de linkse kerk'), het activisme van de jaren zestig tot en met tachtig, beknotting van de vrije markt en, een typisch Europees aspect, weerzin tegen de multiculturele samenleving.

Nog een punt van kritiek: in zijn enthousiasme om de grote lijn van de mentale kloof tussen Amerika en Europa vast te houden ziet Havenaar soms belangrijke nuances over het hoofd. Zo liet Reagan in zijn tweede ambtstermijn tot grote teleurstelling van de harde kern van conservatieven in zijn achterban de confrontatie met de Sovjets abrupt schieten nadat hij tot zijn genoegen kennis had gemaakt met de nieuwe Sovjetleider Gorbatsjov. (Zie voor een beschrijving van die conservatieve teleurstelling Us versus Them van J. Peter Scoblic.) Ook gedurende de jaren negentig had het al te assertieve unilateralisme op regeringsniveau, onder de presidenten Bush senior en Clinton, zeker niet de overhand. Bush hechtte in de voorbereiding op de eerste Irak-oorlog zeer aan een brede coalitie, de interventies in Bosnië en Kosovo onder Clinton vonden plaats onder NAVO-vlag, al hadden de Europeanen aarzelingen.

In de binnenlandse politiek bleef het conservatisme in Amerika wel toonaangevend. De Republikeinse overwinning bij de verkiezingen voor het Congres in 1996 en het militante Contract with America van Newt Gingrich onderstreepten dat. Neoconservatieven roerden zich in pressiegroepen al

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden