Dutch Cello Sonatas vol. 1: Pijper, Ponse, Escher

Cellomuziek uit de polder * * * *

Frits van der Waa

Een instrument dat de wendbaarheid en de expressiviteit van de viool combineert met het gestapeld bereik van een bas- en een tenorstem - welke componist zou daar niet voor willen schrijven?
Ook in Nederland heeft menig toondichter zijn beste ideeën gestoken in cellosonates of -suites, maar Nederlandse componisten genieten welhaast per traditie weinig bekendheid.

Als het aan celliste Doris Hochscheid en pianist Frans van Ruth ligt, gaat daar verandering in komen. Hun cd 'Dutch Cello Sonatas Vol.1' is de eerste van een zesdelige reeks met vaderlandse cellomuziek uit de eerste helft van de 20ste eeuw.

Dat de helft van de cd is ingeruimd voor twee sonates van Willem Pijper zegt veel over het belang dat de musici aan diens werk hechten, en de composities bevestigen de statuur die Pijper tijdens zijn leven genoot. Naast sporen van Franse invloed klinken er vooral in de tweede sonate uit 1924 onverwachte reminiscenties aan de door elkaar spoelende lagen van de muziek van Charles Ives, die Pijper vast niet gekend heeft. Modieus minpuntje is het habanera-virus dat in veel van zijn werken opduikt.

De sonate die Luctor Ponse in 1943 componeerde is minder visionair, maar van een bruisende muzikaliteit. De sonate die Rudolf Escher in hetzelfde jaar componeerde bevat de meest bevlogen muziek van de cd. De vertolkingen van Van Ruth en Hochscheid blonken uit door hun fusie van controle en passie.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden