KlassiekPhilharmonie Zuidnederland

Duncan Ward, de nieuwe dirigent van de Philharmonie Zuidnederland, heeft een soepele en esthetische slag ★★★☆☆

De Engelsman (32) krijgt nog wel wat te doen met zijn musici.

Duncan Ward, de nieuwe dirigent van de Philharmonie Zuidnederland. Beeld Sas Schilten
Duncan Ward, de nieuwe dirigent van de Philharmonie Zuidnederland.Beeld Sas Schilten

Had u mij vijf jaar geleden gezegd dat er in de zomer van 2021 bij de Nederlandse professionele symfonieorkesten, plus het Groot Omroepkoor, vier chef-dirigenten zouden zijn die jonger zijn dan ik (34), dan had ik u niet geloofd. Dat er ook nog eens twee vrouwelijke dirigenten zouden zijn aangesteld, leek anno 2016 nog onwaarschijnlijker. Maar het is zo: de revolutie is een feit, en leuk om te zien – hoe zullen al die mensen zich ontwikkelen?

De keuze voor jonge (ja, jonge – eerder deze maand werden de Wiener Philharmoniker nog gedirigeerd door een man van 94, Herbert Blomstedt) dirigenten, roept ook vragen op. Geven de orkesten gewoon graag de kans aan talent, of zijn ervaren chefs financieel buiten bereik? Worden we een opleidingsland, zoals ook de Eredivisie vaak als opstapje wordt gezien?

Bij de entree van de allernieuwste dirigentenaanwinst, de Engelsman Duncan Ward (32) bij de Philharmonie Zuidnederland, zei orkestdirecteur Stefan Rosu iets interessants: een chef-dirigent moet anno 2021 ook meedenken over marketing. Wellicht is de chef – einde parafrasering – ook zelf onderdeel van de marketing. Net als met Lorenzo Viotti, de sportieve nieuwe dirigent van het Nederlands Philharmonisch Orkest, moet het met Ward mogelijk zijn af en toe bij een talkshow aan te schuiven.

Afgaande op zijn inauguratieconcert in het Theater aan het Vrijthof in Maastricht is er over Wards dirigeervaardigheden in ieder geval geen reden tot scepsis. Hij heeft een soepele en esthetische slag, een sympathieke uitstraling, hij bereidt de inzetten keurig voor. Maar hoezeer hij zijn musici vrijdag in een Volkskrant-interview ook prees, hij krijgt wel wat te doen.

Het programma begon met de chaosverklanking uit Die Schöpfung van Haydn: dat was een beetje tam. Willem Jeths stelde een suite samen uit zijn door corona geplaagde opera Ritratto. De solootjes werden gespeeld met een veel te groot let-maar-niet-op-mijgehalte. Zelfs de klap met de hamer klonk bedeesd.

Daarna kwam het Concert voor piano in G van Ravel. De collectieve overtuiging was er pas echt in het slot van het eerste deel, met een felle uitbarsting, waarna een soepele overgang volgde naar het Adagio assai. Solist Cédric Tiberghien liet de piano flonkeren, maar bij het orkest was het contrast in de mate van aanwezigheid erg groot. Het hoogtepunt was het harpmoment, alle mysterie zat daarin.

In het Concert voor orkest van Bartók, ijzeren repertoire dat tot het einde der tijden ijzeren repertoire mag blijven, lukte het Ward niet helemaal om iedereen bij elkaar te houden. Dat was niet zo erg. Dat musici hun persoonlijkheid durven tonen is een stuk belangrijker.

Inauguratieconcert Duncan Ward

Klassiek

★★★☆☆

Door de Philharmonie Zuidnederland.

24/9, Theater aan het Vrijthof, Maastricht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden