Dudokhuis smacht naar restauratie

Het Collège Néerlandais op de hoek van de drukke Boulevard Jourdan in Parijs staat er treurig bij, vooral op een grijze decemberdag....

Van onze correspondent Martin Sommer

Maar de typerende ijzeren kozijnen werden ooit door een barbaar vervangen door wit plastic, het beton is zwart uitgeslagen, vertoont hier en daar scheuren en heeft een verkeerde lik verf gekregen. Achtereenvolgende generaties studenten ontfermden zich over het oorspronkelijke meubilair, en voor de rest is het geheel toch vooral sleets.

Toch gloort er hoop voor het enige voorbeeld van moderne Nederlandse architectuur in Frankrijk, afgezien van het Van Doesburghuis in het naburige Meudon. Woensdag komt staatssecretaris Van der Ploeg naar Parijs om een restauratiestudie aan te bieden aan de Franse minister Trautmann van Cultuur. Het architectenbureau Van Hoogevest, dat eerder Dudoks Hilversumse stadhuis restaureerde, inventariseerde wat er moet gebeuren om het Nederlandse paviljoen in zijn oude glorie te herstellen.

Hoezeer dat de moeite waard is, laat directrice Marie-Christine Lemardeley zien. Ze legt uit dat het Dudokhuis deel uitmaakt van de Cité Universitaire, een campusterrein van veertien hectare dat het product is van de geest van volkenverbroedering van na de Eerste Wereldoorlog. Meer dan 25 landen bouwden er hun studentenpaviljoens, ieder in zijn eigen stijl. De Nederlandse bijdrage was vooral te danken aan een gift van een Amerikaan van Nederlandse afkomst, Abraham Preyer, die zijn zoon in augustus 1918, dus vlak voor het eind van de oorlog, verloor aan het Franse front.

In de loop der jaren verloor Nederland zijn collège uit het oog, tot de Cité het in 1975 overnam en het gebouw ook feitelijk vergeten werd. 'De verwaarlozing is erg, maar heeft ook voordelen', zegt directrice Lemardeley. 'Er is daardoor, afgezien van de ramen, heel weinig verpest.' Ze heeft gelijk. Het toneelzaaltje staat weliswaar op de Franse monumentenlijst, maar er mogen nu vanwege brandgevaar niet meer dan negentien mensen tegelijk aanwezig zijn. Het is intussen wel volkomen gaaf gebleven, mét aan weerzijden de meterhoge wandschilderingen van Eppo Doeve: een landkaart van het vaderland en een van onze Overzeesche Gebiedsdeelen.

Lemardeley wijst enthousiast op details: ijzeren deurstijlen die aan een Mondriaan doen denken, houten bedden waaronder kastjes schuil gaan, originele ronde koperen knoppen van een la. 'De sfeer van het gebouw is uitstekend, heeft volgens mij ook een stimulerende invloed op de studenten.' Het gebouw wordt nog altijd door zo'n honderdvijftig studenten bewoond, afkomstig uit alle windstreken.

Niet alleen het Nederlandse paviljoen, de hele Cité Universitaire is dringend aan een opknapbeurt toe. Drie jaar geleden maakte de stichting die de Cité beheert de stand op, en werd ook Nederland benaderd om zich het lot van zijn voormalige paviljoen aan te trekken. Directeur Lemardeley probeert van haar kant de band met de Nederlandse universiteiten aan te halen. Dat leverde een afspraak op met de Universiteit van Nijmegen, die permanent acht kamers reserveert. Er verblijven nu zestien Nederlandse studenten. Een record.

Na aandringen van de toenmalige directeur van het Institut Néerlandais, Lionel Veer, trokken de ministeries van OCW en Buitenlandse Zaken een potje open voor cultuur in het buitenland. Nederland betaalde de drie ton voor de studie van Van Hoogevest naar de restauratie, die ongeveer zeventien miljoen gulden moet gaan kosten. 'Eigenlijk is het gebouw nog in heel goede staat', zegt architect Hubert-Jan Henket, die zich verdiepte in de mogelijkheden om het college aan te passen. 'Dit is echt een van de mooiere Dudoks. Hij bouwde vanuit de vorm, gebruikte veel materiaal, veel ruimte. Vandaar dat het betrekkelijk gemakkelijk is om er de veranderingen in aan te brengen die noodzakelijk zijn.'

Wat er gebeurt nadat Van der Ploeg de studie heeft aangeboden aan minister Trautmann is minder duidelijk. Het laat zich aanzien dat de volgende fase vooral zal bestaan uit financieel touwtrekken. Nederland gaat ervan uit dat Frankrijk het gebouw nu op de monumentenlijst zal zetten, wat automatisch betekent dat de Franse staat de helft van de restauratiekosten zal betalen.

Ook de Cité Universitaire heeft zich gecommitteerd, zegt directeur Lemardeley. Men heeft zich voorgenomen het patrimonium te beschermen, en daar hoort zeker het Dudokhuis bij, want dat wordt alom als een van de mooiste paviljoens beschouwd. Maar een bijdrage is niet genoemd, en er zijn recentelijk weer terugtrekkende bewegingen waargenomen.

Andersom vindt Frankrijk dat Nederland historisch min of meer verplicht is mee te betalen aan zijn eigen culturele erfgoed, ook omdat het deftige Institut Néerlandais zijn oog heeft laten vallen op de grote zaal voor het houden van bijeenkomsten die het zelf niet kan bergen. De steigers zijn dus nog niet besteld.

Studenten die geïnteresseerd zijn in een verblijf moeten minimaal een paar jaar studie achter de rug hebben, en zich eerst inschrijven bij een van de Parijse universiteiten. Maximale verblijfsduur is drie jaar, maandelijkse kamerhuur bedraagt ongeveer 650 gulden inclusief. Informatie www.ciup.fr

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden