Dronken blonde baarden

In de jaren na het instorten van het communisme waren westerlingen in Oost-Europa nog iets bijzonders. In Roemenië werden ze regelmatig onthaald als bewoners van een ander zonnestelsel....

Olaf Tempelman

Die tijd is voorbij. In Boekarest heb je inmiddels zoveel buitenlanders dat obers en taxichauffeurs mensen verveeld in het Engels aanspreken. In Roemeense provinciesteden heeft bijna iedereen tegenwoordig wel familie in Spanje of Italië (twee miljoen Roemenen zijn vertrokken). Wat ‘westers’ is, veroorzaakt in dit land geen opschudding meer. Oost-Europa nam na 1989 – in de woorden van de Britse filosoof Scruton – ‘de wereld in zich op en werd door de wereld opgenomen’.

Je hebt echter altijd stukjes die de wereld ‘vergeet’. Neem nou de onverharde straten aan de rand van de stad Botosani, diep verscholen in de noordoostelijke Roemeense heuvels. Vorig jaar december was ik daar op reportage en sprak met mensen op straat. Een hartelijk jong stel nodigde mij toen uit voor ‘een langer verblijf in Botosani’. Onlangs zocht ik ze op. Het was alsof ik terugkwam in een verdwenen Roemenië.

Speciaal voor mijn komst waren reusachtige hoeveelheden voedsel bereid. De tegelkachel van het stokoude familiehuis was voor de gelegenheid flink heet gestookt. Binnen was het zo’n dertig graden warmer dan buiten. Ik had mijn jas nog niet uit of ik had de hele familie om me heen. Grootouders, ooms, tantes, oudooms en oudtantes – allemaal overstelpten ze me met vragen over Rembrandt, Vermeer, tulpen, polders en Deltawerken.

De vader van mijn gastheer, de gezette meneer Ludovik, deed mij na dit vragenuur een aanbod dat ik niet kon afslaan. De volgende ochtend wilde hij mij ‘een rondleiding geven langs alle bezienswaardigheden in de straat’. Ik had toen nog niet door dat de straat niet zoveel bezienswaardigheden had. Meneer Ludovik stond iets anders voor ogen: zijn gast tonen aan zijn straat. Dat zou hem zeker prestige opleveren.

Roemenen bleken in dit stuk van Botosani slechts een minderheid. In de meeste huizen aan de stadsrand wonen Lipovenen. Die zijn in Roemenië een kleine etnische minderheid. Begin 18de eeuw ontvluchtten zij de ‘ketterse’ kerkhervormingen van de Russische tsaar Peter de Grote (onder andere het afscheren van baarden). Tot op de dag van vandaag praktiseren ze de oude oosters-christelijke riten. Vooral de Lipoveense mannen zijn nog heel herkenbaar – aan hun lange blonde baarden, maar ook aan hun wodkagebruik, dat ’s ochtends vroeg al een aanvang kan nemen.

Bij het eerste het beste tuinhek houdt meneer Ludovik stil: ‘Igor, Igor, kom eens naar buiten!’ Een niet geheel nuchtere blonde baard verschijnt in de deuropening.

‘Igor, ik presenteer je hier een hele belangrijke vriend van onze familie. Deze man vertegenwoordigt Nederland in Roemenië!’

‘Ik ben de Nederlandse ambassadeur niet’, sis ik nog tegen meneer Ludovik. Die kijkt triomfantelijk en onverstoorbaar voor zich uit.

De blonde baard strompelt ondertussen naar het tuinhek, wodkafles in de hand. ‘Aangenaam, ik ben Igor. Het is hier prachtig hè. U moet in uw land goede dingen over ons rapporteren. Nou, ik moet weer eens aan het werk. Een inspirerende tijd nog in Botosani!’

Ook bij het volgende huis houdt meneer Ludovik stil: ‘Victor, Victor, kom eens naar buiten*’

Nog zeven andere dronken blonde baarden heb ik in de uren daarna ontmoet – in de hoedanigheid van ‘vertegenwoordiger van Nederland in Roemenië’.

‘Interessante straat nietwaar?’, informeerde meneer Ludovik na afloop van de naar ieders tevredenheid verlopen excursie.

Olaf Tempelman

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden