Interview

Dramakoningin

Ze is de tegenspeelster van actrice Tjitske Reidinga in Sophie, de nieuwe voorstelling in het DeLaMar. In theaterkringen geldt Ria Eimers als een van de groten, toch is ze relatief onbekend bij het publiek. Tijd voor tekst en uitleg.

Beeld Daniel Cohen

'Kijk eens - allemaal al dood!' De actrice loopt in het grand café van het Amsterdamse DeLaMar Theater langs de vele foto's van bekende vakgenoten van toen en nu. Inderdaad, veel zijn er dood: Ellen Vogel, Albert Mol, Mary Dresselhuys, Ank van der Moer en zo meer.

In deze rijke portrettengalerij van het Nederlandse theater drinkt Ria Eimers (63) een cappuccino en praat over haar vak: toneelspelen. De actrice is begonnen aan de try-outs van Sophie, een nieuw toneelstuk van Roos Ouwehand, speciaal geschreven voor Tjitske Reidinga. De blonde actrice speelt daarin een meisje en vrouw van 8 tot 87 jaar, een heel leven samengevat in twaalf scènes. Eimers is in het stuk haar moeder - ook van jonge vrouw tot oud en doodziek.

De actrice: 'Deze voorstelling gaat over verbéélding. Opsmuk is hierin niet nódig, geen tierelantijnen, maar éénvoud. De mensen huren een stoel voor 20, 30 of 50 euro, weet ik veel hoeveel dat tegenwoordig kost, en de áfspraak is dat wij iets gaan vertéllen dat allemaal níét waar is. Maar we doen alsof het wél waar is. Tjitske is aan het eind van de voorstelling 87 jaar en iedereen gelóóft dat, omdat dat nu eenmaal de áfspraak is. Dat is toneel - en de verbéélding is het hoogste goed daarin.'

Als Ria Eimers praat, ook in het normale leven, vliegen de klemtonen door de lucht. De stembuigingen dansen om je heen, de articulatie is verbluffend, haar woorden zijn een partituur, een dwingend muziekstuk.

Onbekend bij het grote publiek

Ria Eimers, wie kent haar niet. Nou, heel veel mensen kennen haar niet. Zegt ze zelf. En misschien is dat ook wel zo, behalve dan dat ze in theaterkringen al heel lang geldt als een van de beste actrices van Nederland. Niettemin: onbekend bij het grote publiek. Dat komt vooral omdat ze haar hele werkzame leven lang voor het theater heeft gekozen en niet voor bekendheid en roem. Op zich vindt ze dat prima: lekker rustig, geen gedoe.

'Ik ben een eenling. Ik ben op mijzelf. Na afloop van de voorstelling ga ik via de achterdeur naar huis. Op het toneel, in het theater, ben ik het gelukkigst. Alles staat in het teken van het vak. Alles wat mijn ogen zien, alles wat mijn oren horen, sla ik op en gebruik ik in mijn rollen. Als ik terugkijk, heb ik altijd gezocht naar kleine groepen: Bonheur, OT, Maatschappij Discordia, Theatergroep Carrousel, Carver. Geen grote gezelschappen, daar ben ik ongeschikt voor. Bij een kleine artiestenfamilie gedij ik het best.'

Het is voor de derde keer dat Eimers te zien is in een DeLaMar-productie, samen met Tjitske Reidinga. Na De tijd voorbij en Een ideale vrouw nu dus Sophie. Eimers is trots op haar collega en op regisseur Antoine Uitdehaag, omdat zij met kwaliteitstoneel een breed publiek weten te bereiken en stappen durven zetten. Ze werkte voor het eerst met Uitdehaag en Reidinga samen in Augustus: Oklahoma dat in 2011 werd gespeeld door De Utrechtse Spelen. Eimers stond daarin als mater familias Violet aan het hoofd van een getroebleerde familie en zette de voorstelling genadeloos naar haar hand. Het resulteerde in een weergaloos gespeelde rol, waarvoor ze dan ook werd genomineerd voor de Theo d'Or, de hoogste toneelonderscheiding in Nederland. Maar ze won de prijs niet, die ging dat jaar naar Elsie de Brauw. Na afloop van het prijzengala liep ze enigszins ontredderd rond in de Stadsschouwburg.

'Ik was ontdaan, ja. Ik gunde het Elsie van harte, zij is ook een vriendin van mij, maar ik had zo véél in die rol geïnvesteerd. Ik hield niet zo van die Violet, met dat complexe karakter van haar. Ik kende de tekst al maanden daarvoor en op een gegeven moment wérd ik haar. Een half jaar was ik met die vrouw in de weer geweest - man, man, dat was een gevecht! En ja, toen kreeg ik die Theo d'Or niet. En ja, dat was heel vervelend. Je voelt je ineens een loser.'

Eimers won de Theo d'Or overigens wel al veel eerder: in 2001 voor haar rol als Hekabe in De Trojaansen. Voor haar Martha in Who's Afraid of Virginia Woolf (2012) werd ze alweer genomineerd. Over erkenning heeft ze dus niet te klagen. Toch speelde ze de afgelopen jaren geen hoofdrollen meer; in de producties in het DeLaMar speelde ze meestal de moeder van Tjitske Reidinga. De vraag is of ze daarmee met haar staat van dienst genoegen neemt.

'Heerlijk, ja, vooral op mijn leeftijd. Ik heb trouwens nooit gedacht: ik word een leidende actrice. Ik ben bij toeval toneelspeelster geworden. Dat is de redding geweest in mijn leven.'

Redding?

'Ja.'

Want?

'Ik was al 24 toen ik naar de toneelschool ging, ik wist niet eens dat er toneelscholen waren. Op mijn 15de werd ik wegens onhandelbaar van de mulo gestuurd, ik was een stuiterbal en onzeker tegelijk. Ik werd ponstypiste bij de Nutsspaarbank in Wageningen - acht uur per dag in zo'n geblindeerde kamer met twee heel grote ponsmachines. Daarna telefoniste, een meisje dat elke dag moest klokken. Wel deed ik aan amateurtoneel en uiteindelijk ben ik dus naar de toneelschool gegaan.'

Roos Ouwehand

De voorstelling Sophie is geschreven door Roos Ouwehand, die naast schrijfster ook actrice is. Ze speelde een aantal jaren bij Toneelgroep Amsterdam. Een van haar opvallende rollen was in Een soort Hades naar het toneelstuk van Lars Norén, dat binnenkort in een nieuwe versie weer wordt gespeeld, dit keer door Theater Utrecht. In Verzameld werk was ze de jonge tegenspeelster van Ellen Vogel, die met die productie afscheid nam van het toneel. Ouwehand schreef ook een boekje over acteur Joop Admiraal: Eigenlijk ben ik Spaans.

Zonder middelbare school?

'Ja, dat kon toen, omdat Van Kemenade minister van Onderwijs was en kinderen uit kansarme gezinnen ook een kans en een studiebeurs kregen. De deuren gingen voor mij open, ik kwam thuis! Mijn werk is mijn leven geworden. Ik weet niet wat er anders met mij zou zijn gebeurd.'

Na de toneelschool kon Eimers kiezen tussen De Appel en De Bloemgroep. Ze koos voor de laatste, een groep die à la het Werktheater speelde in gevangenissen en op scholen. Daarna heeft ze altijd gekozen voor kleinere groepen en aldus verliep haar carrière gestaag en van de ene rol in de andere. Buiten het theater geen leven voor haar.

Kinderen?

'Nee, nooit gewild. Ik heb niets van een moederinstinct in mij, dat wist ik al op mijn 15de. Ongeschikt voor kinderen. Ik zou ze niet meer kunnen loslaten. Ik was al panisch als mijn kat de tuin in ging en drie kwartier wegbleef. Pas nu hij is overleden, kan ik weer met een gerust hart eens op reis gaan.'

Belangrijk voor haar zijn vooral de jaren bij het Onafhankelijk Toneel in Rotterdam geweest, de groep van Mirjam Koen en Gerrit Timmers. Daar ontmoette ze ook Bert Luppes, tegenspeler en zielsverwant. Hij was haar George in Virginia Woolf - samen een indrukwekkend toneelechtpaar. In televisieseries was ze te zien als koningin Juliana én als Wilhelmina, en nog steeds als politiecommissaris in Flikken Maastricht (wekelijks 2 miljoen kijkers, red.).

De kracht van Eimers' acteren is haar ongrijpbaarheid. Is ze nou een komisch actrice of juist een tragédienne? Het antwoord is: allebei, en vaak tegelijk. Ook een mislukte voorstelling als Edward Albee's Zeezicht pepte ze nog enigszins op. Daarnaast heeft ze altijd iets van verbazing en verwondering in haar spel, nooit speelt ze haar rol als een een-op-een karakter. Hoe zwaar een rol ook, bij Eimers gloort er uiteindelijk ook altijd een zekere lichtheid. En dan die stem natuurlijk, die meandert van laag naar vooral hoog, met onverwachte wendingen, wat zowel een dramatisch als een komisch effect heeft.

De vijf beste rollen van Ria Eimers

Jelena in De Woudduivel van Tsjechov door Onafhankelijk Toneel (1999). In deze voorstudie van Oom Wanja glorieerde Eimers als de verveeld-verdwaasde vrouw van de professor die de mannen fijntjes en vilein fileert.

Hekabe in De Trojaansen naar Trojaanse Vrouwen van Euripides door Onafhankelijk Toneel (2001). Als koningin van Troje hanteerde Eimers een rolopvatting waain zij zowel een keiharde vorstin als een gevoelige moeder verbeeldde. Zelfs in deze Griekse tragedie bracht ze licht.

Violet in Augustus: Oklahoma van Tracy Letts door De Utrechtse Spelen (2011). Een mix van Norma Desmond (Sunset Boulevard), Ma Flodder en Martha (Who's Afraid of Virginia Woolf). Eimers schmierde, fleemde, kreunde en kermde met meanderende stem, stortte in, en leefde plots weer op voor een dodelijke genadestoot.

Martha in Who's Afraid of Virginia Woolf? van Edward Albee door Onafhankelijk Toneel (2012). Zelden zal een rol zo op het lijf van een actrice zijn geschreven als die van Martha op Ria Eimers. Met satanisch genoegen ging zij haar George te lijf. En toch ook zo wanhopig liefdevol.

Juliana in Annie MG en het Geheim van Soestdijk van Ton Vorstenbsoch door Senf Theater (2014). Niet het allerbeste stuk over de perikelen rond de Nederlandse monarchie, maar Eimers was wel een erg grappige, dwaze en ook aandoenlijke vorstin. En ze leek er ook nog erg op.

Eimers: 'Toen ik op de toneelschool kwam, sprak ik alleen nog maar met kopstem. Maar ik kreeg Carol Linssen (lange tijd gezichtsbepalend acteur bij De Appel, red.) als gids. 'Als je maar weet dat de aarde láág en de hemel hóóg is, dat stembereik is een register en daar kun je alles mee doen', zei hij. Daar snapte ik geen bal van, althans toen niet. Pas later vond ik het belangrijk om al die stukken en de taal ervan te bestuderen en mijn stem als instrument te gebruiken. Bij elke zin de juiste toonhoogte vinden, daar studeer ik nog steeds elke dag heel hard op. Het is niet zo dat ik opsta en denk: oké, ik ga vandaag maar eens naar de Bijenkorf. Nee, ik sta op met het tekstboek.'

Derhalve zal niemand Ria Eimers ooit op een rode loper zien, als premièregast bij een of andere musical. Of gezellig zien babbelen op een nazit. Ook niet bij De Wereld Draait Door of bij Pauw. De buitenkant van het vak, de glamourkant, het interesseert haar niet.

Eimers: 'Verschrikkelijk, ik ben daar ongeschikt voor. Ik voel me er ongemakkelijk bij. In talkshows zou ik alleen gaan zitten als ik over een rol kon praten, niet over mezelf. Voor die tv-programma's word ik trouwens niet gevraagd, niemand kent mij daar, ik ben er niet. Alleen op het toneel ben ik er, ik besta alleen op het podium. Toneelspelen gaat over overgave, en dat is een intieme aangelegenheid. Die overgave heb ik niet op de rode loper of op televisie.'

Ze noemt dat haar 'neus'. Een neus die ze kan opzetten (dan is ze actrice) en kan afzetten (dan is ze Ria). Met die neus op kan ze helemaal losgaan, zonder neus zondert ze zich liever af.

Na afloop van het gesprek lopen we weer even langs de foto's in het grand café van DeLaMar. Naast de dode collega's leven er gelukkig nog veel: Jeroen Krabbé, Carice van Houten, Jasperina de Jong, Martine Bijl.

Zou u er ook willen hangen?

'Jááá', maar niemand zou mij herkennen. Ik ben geboren om toneelspeler te worden, maar heb een lange omweg moeten maken om daar uiteindelijk te komen. En erin te geloven. Laat ik dat nu maar koesteren.'

Sophie door DeLaMar Producties, regie Antoine Uitdehaag. Première 15/11. Daar t/m 23/12.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden