Drama van megaproporties

De Amerikaanse schrijver T.C. Boyle wijdt een roman aan de architect die zijn huis bouwde:..

Sinds 1993 woont T.C. Boyle in het George C. Stewart House in Santa Barbara: het eerste woonhuis dat de legendarische architect Frank Lloyd Wright liet bouwen in de staat Californië. Het wonen in een dergelijk monument is geen sinecure, zo bleek wel uit een artikel dat Boyle vorig jaar schreef voor het tijdschrift Architectural Digest, zeker niet wanneer je je taak als hoeder van Wrights culturele erfenis serieus neemt, zoals Boyle duidelijk doet.

Het lag welbeschouwd voor de hand dat Boyle zijn fascinatie voor de architect vroeg of laat in een roman zou uitwerken. Tenslotte voerde hij in het verleden historische figuren op als John Harvey Kellogg (uitvinder van de cornflake) en seksuoloog Alfred Kinsey, in respectievelijk The Road to Wellville (1993) en The Inner Circle (2004).

Frank Lloyd Wright (1867-1959) was een flamboyante, buitengewoon zelfverzekerde figuur die voortdurend de (bewonderende) aanwezigheid van vrouwen om zich heen nodig had, en compromisloos toegaf aan zijn heftige passies en verliefdheden. Er is dan ook veel te zeggen voor Boyds beslissing om het verhaal van Amerika’s beroemdste architect in zijn nieuwe roman, The Women (De vrouwen), te vertellen met diens dynamische liefdesleven als rode draad.

Wright was driemaal getrouwd en had daarnaast een langdurige buitenechtelijke relatie. Zijn eerste echtgenote, Kathy, met wie hij zes kinderen kreeg, was van deze vier het conventioneelst en vanuit het oogpunt van de romancier het minst interessant. Zij krijgt dan ook de minste aandacht in dit boek, dat in drie delen is opgebouwd, elk vernoemd naar een van Wrights overige vrouwen.

Toen Wright nog gehuwd was met Kathy werd hij verliefd op de echtgenote van een opdrachtgever, Mamah. Mamah, met wie hij nooit trouwde, was intellectueel zijn gelijke en zou de grote liefde van zijn leven worden. Tot er in 1914, in het door Wright voor zichzelf ontworpen zomerhuis Taliesin in Wisconsin, een drama van megaproporties plaatsvond.

De derde van Wrights vrouwen, en zonder twijfel de meest exuberante, was Miriam, een onvoorspelbare, driftige, instabiele vrouw met artistieke aspiraties en een morfineverslaving, die met regelmaat zorgde voor schandalen en krantenkoppen en in meedogenloosheid haar echtgenoot naar de kroon stak.

Ten slotte was Wright getrouwd met de exotische Montenegrijnse danseres Olgivanna, met wie hij de laatste vijfendertig jaar van zijn leven doorbracht en die het huishouden in Taliesin met dermate harde hand regeerde dat ze de bijnaam ‘Dragon Lady’ verwierf.

Het levensverhaal van Frank Lloyd Wright is in de Verenigde Staten in vrij brede kringen bekend en vastgelegd in een nog immer groeiende stapel biografieën. Misschien om te benadrukken dat het hem in zijn roman om iets anders te doen was, heeft Boyd gekozen voor een nadrukkelijk geconstrueerde structuur.

Om te beginnen introduceert hij een verteller, de Japanner Tadashi Sato, een oud-leerling van Wright, die toegeeft slechts weinig van de beschreven gebeurtenissen van nabij te hebben meegemaakt. Sato begint elk van de drie delen met een voorwoord en strooit het hele boek door met – niet altijd even zinnige – voetnoten, zodat al snel de associatie met Nabo-kovs onbetrouwbare verteller Charles Kinbote uit Pale Fire ontstaat.

Bovendien worden de gebeurtenissen in omgekeerde chronologie verteld. Natuurlijk zit hierin vanuit romantechnisch oogpunt gezien een zekere logica, want zo kan Boyd toewerken naar het grote drama dat zich in de zomer van 1914 afspeelde.

Nadeel van deze structuur is dat er onvermijdelijk de nodige herhalingen optreden in deze toch al breedvoerig opgezette roman.

Net als in eerder werk betoont Boyle zich in The Women een meester in het overtuigend weergeven van plaats en tijd. Maar het knapste is de wijze waarop de schrijver in de huid van zijn personages is gekropen en hen – hoe extravagant en larger than life soms ook – geloofwaardig maakt.

Hier beschrijft hij Miriam, die steeds meer in de greep van een waanzinnige, jaloerse wraakzucht raakt: ‘De dagen begonnen te flikkeren voor haar ogen als een speelfilm die geprojecteerd werd op een scherm waar ze niet bij kon – op de een of andere manier zat ze vast op de achterste rij, op de goedkoopste plaatsen, en keek ze toe hoe haar eigen leven zich met een vreemde logica ontrolde, totdat het, onvermijdelijk, wegzonk in melodrama.’

Hoezeer fascinatie en respect ook de basis zullen zijn geweest voor deze roman: The Women is vrij van elke neiging tot hagiografie. Eerder benadrukt het boek de keerzijden van de man die tot de dag van vandaag bewondering wekt met bouwwerken als het Guggenheim Museum in New York, de villa Fallingwater in Pennsylvania, Taliesin West in Arizona en het Imperial Hotel in Tokio: een egomaan tussen vier vrouwen.Hans Bouman

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden