Doorgedachte mode

Hij is een beroemd modeontwerper, maar berucht om zijn complexiteit. Nu wordt het tijd om geld te verdienen. Hussein Chalayan wil minder elitair werken....

Druk? 'Altijd druk', zegt Hussein Chalayan, maar hij komt vandaag toch heel ontspannen over. De modeontwerper heeft kerst en nieuwjaar in Istanbul gevierd; daar woont zijn partner. 'Magische stad, een mix van Venetië en Sint Petersburg, maar dan met een scheut Anatolië erbij.' Vervolgens zat hij in Florence in de fabriek waar zijn kleren gemaakt worden, voor de afwerking van de damesmode die hij in maart in Parijs gaat tonen. Dagenlang geconcentreerd werken, kijken, beslissingen nemen. 'Ik heb me daar toch wat te veel uitgesloofd, geloof ik', zegt Chalayan.

Nu is hij weer thuis in Londen, met een opkomende griep. Hussein Chalayan, een vriendelijke jongeman van 34 jaar, geboren in Nicosia, op het Turkse deel van Cyprus, voert al ruim tien jaar vanuit de Britse hoofdstad zijn eigen modemerk. Hij is onafhankelijk van grote modeconglomeraten als Prada, LVMH of Gucci waar collega's van zijn status (Alexander McQueen, Helmut Lang, Marc Jacobs, Stella McCartney) onderdak gevonden hebben. Voor Chalayan dus geen grote zak corporate money, maar dat zit hem zeker niet dwars.

Hij heeft onlangs zelfs zijn goed betaalde gastontwerperschap bij het chique Britse warenhuis Asprey opgegeven om zich volledig op zijn eigen bedrijf te kunnen concentreren. 'Ik was blij dat ik van Asprey af was. Eén zieke baby die om aandacht schreeuwt is wel genoeg', zegt hij. Hij opende vorig jaar z'n eerste eigen winkel in Tokio, en er moeten meer winkels open. Dit voorjaar komt er ook een derde modelijn op de markt. Naast zijn bestaande dames- en herenmode maakte hij een collectie voor vrouwen die kortweg Chalayan heet en die goedkoper is dan zijn 'oplijn'. 'Jonger en toegankelijker. Het bedrijf moet groeien. Mooie dingen ontwerpen is één ding, maar ik pas ervoor om werkeloos toe te kijken hoe winkels als Zara mijn mode, en trouwens ook die van collega's, kopiëren en er rijk mee worden.'

Met het verschijnen van zijn 'goedkope' modelijn zijn Chalayans kleren ook eindelijk weer in Nederland te koop. De Rotterdamse winkel Beljon heeft voor deze lente ingekocht. 'Vernieuwende mode, avantgardistisch, maar het blijven wél kledingstukken', zegt Margreeth Olsthoorn van Beljon over Chalayan. 'Ik vond zijn kleding altijd prachtig, maar te duur. Onze klanten willen wel kwaliteit maar het zijn geen snobs die duizend euro voor een broek betalen. Dat volk wil ik ook helemaal niet in de winkel hebben.'

Slechts één winkel dus die zijn mode verkoopt, maar in Nederlandse musea is Chalayan al jaren een graag geziene gast. Het Centraal Museum in Utrecht kocht twee jaar geleden een curieuze serie objecten aan, waaronder een trampoline en een soort roeiboot annex grafkist. Toestellen die hij had gebruikt bij zijn Parijse modeshow en die daarna dus een tweede leven als kunstobjecten kregen. En vanaf deze week draait in het museum een door Chalayan geregisseerde film, Place to Passage.

In april begint in het Groninger Museum een grote overzichtstentoonstelling van Chalayans eerste tien werkzame jaren. Daar zit veel werk bij dat zich goed leent voor opstelling in een museum, zoals jurken van fiberglas, geënt op technieken uit de vliegtuigbouw, en de in modekringen wereldberoemde collectie Afterwords uit 2000. Daarin werd een heel huiskamersetje van salontafel en stoelen omgetoverd tot tamelijk draagbare kledingstukken.

Die collecties zijn niet alleen visueel interessant. Chalayan spint ook altijd een heel theoretisch kader om zijn kleren, over de dreiging van oorlog en hoe mensen hun huis ontvluchten. Of hij vertaalt voodoo en bijgeloof in een modecollectie, of buigt zich over de vraag hoe blinden de wereld zien.

Die soms onnavolgbare denkprocessen zijn zowel Chalayans kracht als zijn makke. Hij is niet klaar als hij een gezellige handtas met een mooie jurk gecombineerd heeft. Niet voor niks heette zijn eerste BV Cartesia, de Latijnse naam van zijn favoriete wijsgeer, Descartes. Niet voor niks ook ging Cartesia failliet. Zijn doordenkerij had niet de gewenste uitwerking bij de kassa van de modewinkels.

Aan de kwaliteit van zijn kleding lag dat trouwens niet. Hij mag zijn collecties dan op de ingewikkeldste concepten baseren, Chalayan is óók een goed ontwerper.

Op de kunstacademie in Londen waar hij studeerde, werd hem ooit aangeraden om beeldhouwer te worden. Maar toch studeerde hij cum laude af op een collectie jurken van metaalhoudende stoffen die hij eerst een paar maanden begraven had. Het resultaat was fraai verroest, maar het waren ook echt sierlijke jurken.

Het heeft daarom iets tragisch, dat Chalayan als de 'moeilijke' modeontwerper gezien wordt, enkel omdat zijn presentaties in Parijs vaak hoogst onnavolgbaar zijn. Zo'n presentatie heeft meer weg van een performance waarbij bijvoorbeeld een noiseband met vier bassisten (inclusief Chalayan zelf) op het podium staat. De modellen moeten een ingewikkeld lichtpatroon op de vloer volgen, en dat alles bij elkaar maakt dat je vergeet naar de toch ingenieuze, prachtige kleren te kijken.

'Weet je', zegt Chalayan nu, 'ik maak het mezelf tegenwoordig veel gemakkelijker. Ik moet zakelijk denken, dus ik probeer de aandacht bij de shows echt op de kleding te richten.' Dat nieuwe regime werd het afgelopen jaar duidelijk, met een heldere damesmodeshow in Parijs waarbij het vooral om kleren draaide die qua stijl ergens tussen Comme des Garçons en Gucci in leken te zitten. Er klonk tijdens de show nog wel een wat zwatelige voice over, die repte van iets wat 'te complex was om in één oogopslag te begrijpen'. Maar dat betrof in dit geval niet de collectie zelf, haast Chalayan te zeggen. 'Hè nee, dat zou iets te makkelijk zijn.' (Het ging om een quote van een blinde man.)

Dat neemt niet weg dat zijn ontwerpen nog steeds ontstaan vanuit een complex denkproces, met de gekste uitgangspunten. Al valt hij de consument er minder mee lastig. Zijn theoretische kant kan Chalayan steeds beter kwijt in de films die hij maakt, en die via een galeriehouder in Istanbul in een oplage van zes stuks verkocht worden. Zijn eerste film, Temporal Meditations, speelde zich af in een geparkeerd vliegtuig op een verlaten luchthaven.

De film die vanaf deze week in Utrecht draait, Place to Passage, toont een dame in een cockpitachtig object, die een denkbeeldige reis van Londen naar Istanbul onderneemt, en die daarmee tevens ook de terugkeer naar de baarmoeder symboliseert. De film gaat, aldus Chalayan, over 'ontheemding en migratie', en natuurlijk ook een beetje over hemzelf, een Turks-Cyprioot die in Londen woont en zich in Istanbul het best thuis voelt. 'Ik val je er niet mee lastig, maar de films hebben veel invloed op mijn collecties', zegt Chalayan.

Maar dan de vraag: wat betékenen zijn concepten? Bijvoorbeeld, als vliegtuigen, reizen en snelheid zo vaak in zijn werk terugkomen, zowel in zijn mode als zijn films, refereert hij dan wellicht voortdurend aan de snelheid van mode? Elke zes maanden moet er een nieuwe collectie uitgeperst worden? En wie gisteren een gevierd ontwerper was kan morgen door de modewereld zijn uitgekotst? Chalayan schiet in de lach. 'Hoe verzin je het!'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden