Column Witteman heeft iets gelezen

Door die film viel het boek door de mand als een opgepimpte legpuzzel voor would-be-intellectuelen

Mijn zoons, 17 en 14, hebben een hekel aan lezen. Toen ik jaren geleden eens vroeg waarom, antwoordde de oudste: ‘Lezen duurt te lang’. Ik heb toen een tijdje met mijn hoofd tegen de muur gebonkt en daarna besloten hun literaire opvoeding verder aan de school over te laten.

Aldus geschiedde. De school doet zijn best; zo kwam mijn jongste onlangs thuis met ­Mulisch’ De aanslag in zijn rugzak. Dat moest hij lezen voor school, en ook dat duurde hem weer ‘te lang’. ‘Maar jongen!’ riep ik. ‘Dat is een fijn boek!’

Terwijl hij lusteloos bladerde cirkelde ik als een havik om hem heen en begon aan een duidende uiteenzetting van Mulisch’ bestseller. ‘Zie je dat boeiende motief van die stenen? Hij heet zelf Anton Steenwijk, begrijp je waarom? En zijn zoon heet Peter, dat komt van Petrus, en wat betekent dat? Hoezo geen idee? Petrus is ‘rots’. Ook een steen, dus. Jezus zei toch tegen zijn discipel Petrus: ‘Jij bent ­Petrus, de rots waarop ik mijn kerk zal bouwen’, snap je? En die steen waarmee hij later die spiegel kapot gooit… snap je? En die dobbelsteen, die telkens terugkomt, dat is natuurlijk de willekeur van het noodlot. Dat ­alles in het leven toch eigenlijk afhangt van stomme toevalligheden. Die hagedissen, bijvoorbeeld… Wat? Nee, hoe vaak moet ik het nog zeggen, je krijgt géén hagedis. Nee, ook geen leguaan. Hè, Jezus, jongen…’

‘En snap je die namen van die huizen? Dat ene huis heet ‘Welgelegen’, omdat ze dat lijk daar dus… en met ‘Buitenrust’ bedoelde Mulisch dus niet dat het daar rustig was, maar juist ónrustig. Snap je? En ‘Nooitgedacht’ heet zo omdat de bewoners… o ja, en het boek is opgebouwd als een klassieke tragedie, heb je dat wel gemerkt? Nee? Nou, weet je wat? Er is ook een film van. Die heeft geloof ik nog een Oscar gekregen, indertijd. Laten we die samen kijken.’

We keken. Ik kon me herinneren dat ik het indertijd een goeie film vond. Echt slecht was hij nog steeds niet, maar Derek de Lint had opeens wel heel erg gedateerd jaren ’80-haar, waar hij dus in de film in de jaren ’50 al mee liep. Bespottelijk. En Monique van de Ven, hoe naturel ze ook acteerde, had in haar gehéél iets gedateerds, waar ik de vinger niet op kon leggen. Net als de muziek, trouwens. Johnny Kraaijkamp (de oude!) bleef als oude verzetsheld wél opmerkelijk overtuigend. De ógen van die man…

Het filmscenario volgt het boek zo getrouw dat je het eigenlijk niet eens meer hoeft te lezen, (luie scholieren; jullie hebben de tip niet van mij) maar daardoor zijn de vrijwel letterlijk overgenomen dialogen toch wat onnatuurlijk. En lieve hemel, wat lag die symboliek er eigenlijk dik ­bovenop. Bij die scène met de aansteker in de vorm van een dobbelsteen kon ik een proestlach niet onderdrukken. Heel eerlijk gezegd: juist door die film viel ook het boek nogal door de mand als een opgepimpte legpuzzel voor would-be-intellectuelen. Ach ja, die jaren ’80 toch… en wat ging het er allemaal tráág aan toe in die film. Was dat normaal, toen? En die geschiedenis­lesjes tussendoor, met die polygoonstem… konden we daar vroeger wél tegen? Trouwens, zou het niet leuk zijn om een interactieve versie van het boek te maken, een game, waarin de spelers zélf met dat lijk langs die huizen kunnen slepen? En dan iets met interactieve dobbelstenen…

Hè, hè, de film was eindelijk afgelopen. ‘Nou? Wat vond je ervan?’, vroeg ik aan mijn zoon.

‘Te lang’, zei hij. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.