Donderdagskinderen

Beklemmende schets van hoe wreed tienervriendschappen kunnen zijn

De geoefende thrillerliefhebber houdt zich liever verre van superbestsellers. Auteurs als Ludlum en John Grisham, of op Nederlandse schaal bijvoorbeeld Baantjer, bieden immers zelden de combinatie van een verrassende plot, boeiende karaktertekening, levensechte dialogen, actuele of historische relevantie en een beeldende schrijfstijl, die de bekoring van het thrillergenre grotendeels bepaalt.

Daardoor besloot ik zelf pas bij de verschijning van deel 3 aan Stieg Larssons Millennium-trilogie te beginnen - om tot mijn verbazing te constateren dat die Zweedse boeken even intelligent als meeslepend waren geschreven. Op dezelfde manier vormde het oeuvre van Nicci French voor mij een late roeping. Maar toen ik eenmaal aan de psychologische thrillers van het Britse echtpaar Nicci Gerrard en Sean French was begonnen, wilde ik meteen alles van hen lezen, zo meesterlijk brachten zij hun personages tot leven. Zo blijken kwaliteit en kwantiteit bij misdaadromans toch hand in hand te kunnen gaan.

Nicci French publiceerde vanaf 1997 jaarlijks een nieuwe thriller met een nieuwe hoofdpersoon, van The Memory Game tot Complicit uit 2009. Daarna namen de schrijvers een jaar adempauze voor een nieuwe uitdaging. In 2011 kwamen ze met het eerste deel van wat is aangekondigd als een achtdelige cyclus rond psychotherapeute Frieda Klein. Met het zojuist verschenen Thursday's Children (in Nederlandse vertaling Donderdagskinderen) zijn ze halverwege.

De lezer is inmiddels vertrouwd met de nogal gekweld levende hoofdpersoon en de alternatieve familie van vrienden en collega's die haar in Londen overeind houdt. Ook mag je verwachten dat Frieda Kleins nemesis, de psychopathische killer Dean Reeve die haar sinds deel 1 stalkt (en soms namens haar moordt) weer van zich laat horen.

Toch neemt haar levensverhaal een nieuwe wending, die voor het eerst inzicht biedt in de jeugd van Frieda Klein. Ze wordt benaderd door een vroegere klasgenote van de middelbare school uit haar fictieve geboortedorp Braxton in het Oost-Engelse Suffolk. Die maakt zich zorgen over het getroebleerde gedrag van haar 15-jarige dochter.

Frieda Klein voert een therapeutisch kennismakingsgesprek met deze Becky en krijgt een schok van herkenning. Het meisje is 's nachts in haar slaapkamer door een onbekend gebleven man verkracht - en niemand wil haar geloven. Het is tot in de details een herhaling van wat Frieda Klein 23 jaar eerder als 16-jarige is overkomen, en wat haar ertoe bewoog naar Londen te vertrekken om nooit meer naar Braxton terug te keren.

Vastberaden het slachtoffer niet in de steek te laten, gaat Frieda Klein nu wel de pijnlijke confrontatie met haar verleden in Braxton aan: de moeder met wie ze nooit meer contact heeft gehad, de zogenaamde vrienden met wie ze destijds optrok, enkele leraren van school. De plot loopt uit op een soort tien-kleine-negertjesverhaal, waarbij de ene na de andere verdachte in beeld komt om vervolgens onschuldig te blijken - tot de ware dader uit de hoge hoed wordt getoverd.

Alleen in dat opzicht is Donderdagskinderen geen hoogtepunt in de Frieda Klein-serie. Maar de wreedheid van tienervriendschap is zelden beklemmender geschetst.

Uit het Engels vertaald door Caecile de Hoog en Irving Pardoen


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden