Recensie Film

Don't Worry, He Won't Get Far on Foot maakt je aan het lachen, terwijl er niets te lachen valt (vier sterren)

Nu de film er is, kun je je bij de hoofdrol moeilijk iemand anders voorstellen dan Phoenix.

Joaquin Phoenix als striptekenaar John Callahan.

Drama; Don't Worry, He Won't Get Far on Foot. Regie Gus Van Sant. 113 min., in 38 zalen.

Met Joaquin Phoenix, Jonah Hill, Rooney Mara, Jack Black, Mark Webber, Udo Kier.

Don’t Worry, He Won’t Get Far on Foot. Een titel die naar een achtervolgingsscène uit een western smaakt. In werkelijkheid horen de zinnetjes bij een prent van de Amerikaanse cartoonist John Callahan (1951-2010), waarin enkele cowboys op de prairie halt houden bij een lege ­rolstoel. Typisch Callahan, die sinds zijn 14de aan de drank was, op zijn 21ste verlamd raakte na een auto-­ongeluk en in zijn cartoons zichzelf net zo min spaarde als de rest van de wereld.

Recalcitrant, (net niet) over het randje en erg grappig: dat kenschetst Callahans beste werk, dat hij bij elkaar krabbelde door een stift tussen beide handen te klemmen. Zo toonde de Nederlandse cineast Simone de Vries hem, in haar docuportret Raak me waar ik voelen kan (2007), en zo zien we hem tekenen in Don’t Worry, He Won’t Get Far on Foot. Teruggrijpend op Callahans memoires maakte schrijver en regisseur Gus Van Sant een film die dankzij het wiebelige camerawerk vaak aanvoelt als een documentaire. Tegelijkertijd bevindt Don’t Worry... zich midden in Callahans wrang­komische universum. ‘Je zult waarschijnlijk nooit meer lopen’, hoort Callahan (Joaquin Phoenix) van de arts, de ochtend na het ongeluk. ‘Mooie zonsopkomst, dat wel.’

Hoe te overleven na zo’n klap, en dan ook nog eens als zware alcoholist? Van Sant (Paranoid Park, Promised Land, The Sea of Trees) benadrukt de zwaarte van Callahans herstelproces door constant te schuiven in de tijd: van momenten na het ongeluk naar scènes ervóór, en ook op en neer in de periode van de revalidatie. Alsof Callahans bestaan letterlijk geen richting heeft.

De film wordt steeds chronologischer, en ook braver en conventioneler, zodra Callahan valt voor vrijwilligster Annu (een mooie, maar ­karige rol van Rooney Mara), zijn ­defecte lichaam leert accepteren en aan het tekenen slaat. Gelukkig blijft Callahan in de vertolking van ­Joaquin Phoenix aangenaam on­aangepast.

Oorspronkelijk wilde Van Sant de film met Robin Williams draaien, maar het project strandde. Nu de film er dan toch is, kun je je bij de hoofdrol moeilijk iemand anders voorstellen dan Phoenix, al is hij eigenlijk te oud voor de scènes waarin Callahan nog een twintiger is. Hij verleent Callahan volop rebelse charme – zie hem in zijn rolstoel sjezen door het verkeer – en laat hem minstens zo overtuigend wegzakken in wanhoop en zelfmedelijden.

Gedenkwaardige optredens ook van een bijna onherkenbare Jonah Hill als Callahans homoseksuele ­AA-coach en Jack Black als de dronkelap die zichzelf en Callahan met 145 kilometer per uur tegen een ­telefoonpaal reed. Raskomieken in opmerkelijk gevoelige bijrollen: een slimme tactiek van een film die je herhaaldelijk flink aan het lachen maakt, terwijl er eigenlijk niets te ­lachen valt. 

Interview regisseur Gus Van Sant

Gus Van Sant zou de biografie van de Amerikaanse striptekenaar John Callahan eigenlijk maken met Robin Williams ( 1951-2014 ). Het werd Joaquin Phoenix.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.