Doe Maar is in één klap eigentijdse band

Doe Maar: Klaar. V2...

Maar hoe klinkt Doe Maar anno 2000? Een tipje van de sluier werd de afgelopen weken opgelicht met de twee gelijktijdig verschenen nieuwe singles. Watje (van Ernst Jansz) staat al in de top-10, Als niet als (Henny Vrienten) een paar plaatsen lager. In de uitzonderlijke beslissing om twee singles uit te brengen - zelfs in de hoogtijdagen van Beatles en Stones beschouwd als onnodig concurreren met jezelf - lijkt iets van twijfel te bespeuren. Maar samen geven de twee nummers wel een compleet beeld van Klaar, een mooi uitgebalanceerd album, dat Doe Maar in een klap tot een eigentijdse Nederlandstalige band maakt.

Watje is een luchtige meezinger in oude Doe Maar-stijl, maar Als niet als, met een gastrol van rapper Brainpower, laat horen hoe de groep met haar tijd is meegegaan. Reggae en ska vormen dan nog wel de basis voor de meeste nieuwe songs, maar produktie en sound zijn opvallend eigentijds. Dat komt misschien nog wel het best naar voren in het tweede nummer, Vrienten's Aan de bewoners van dit pand, dat is gelardeerd met ruimtelijke dub-effecten, en zijn climax bereikt in een rap van Def P. van Osdorp Posse.

Het volgt op de geestig gekozen opener Alles doet het nog, een ska-stamper met ronkende surfgitaar van Jan Hendriks. Hendriks is het hele album op dreef met puntige en heldere partijen die je het idee geven dat hij er in de zestien jaar sinds het uiteenvallen van de groep alleen maar beter op is geworden. Dat geldt eigenlijk voor alle bandleden.

Klaar klinkt nergens als een vermoeide herhalingsoefening, maar eerder als het geïnspireerde begin van een nieuw hoofdstuk. Juist omdat Jansz en Vrienten, allebei vijftigers nu, nergens geforceerd proberen om zich voor te doen als de teenyboppers die ze in de jaren tachtig waren. Beiden blijven regelmatig stil staan bij de jaren die verstreken: 'Als jij het licht niet aandoet/en ik mijn buik inhou, lijk ik heel even op die jongen van toen' (Vrienten in Tijd (raakt ons niet)). Jansz in Hetzelfde meisje: 'Ik voel me nu nog steeds dezelfde schooier/maar de jaren maakten jou alleen maar mooier'.

De laatste song is een luchtig niemendalletje vergeleken bij Jansz' andere bijdragen, waarin hij zich nog meer dan voorheen laat kennen als een romantisch singer-songwriter. Bij nummers als Silhouet en Overspel kan je zelfs bijna even vergeten dat er een Doe Maar-plaat opstaat. Net als Vrientens Aan de bewoners van dit pand en Leven met een zeven (geschreven met Jaques Poels van Rowwen Heze) zouden zulke songs een mogelijke opening zijn naar een toekomstige Doe Maar-sound.

Maar genoeg is genoeg, vindt de groep - in ieder geval op dit moment. Na de plaat en de live-tour is Doe Maar klaar.

Moloko: Things to make and do. Echo.

Een geflopt album, dat onverwacht een wereldhit oplevert. Moloko's tweede cd I am not a doctor leek een zachte dood te sterven, toen de single Sing it back plotseling doorstoomde naar de hoogste positie van de internationale hitlijsten. En dat terwijl deze versie, een dance-remix van Boris Dlugosh, ongevraagd bij de Britse groep in de brievenbus was gevallen. Dlugosh had Sing it back op eigen houtje gereconstrueerd, maar wel zo aanstekelijk, dat Moloko wel moest capituleren: dit was de perfecte nieuwe single. Opmerkelijk, niet alleen door het onverwacht grote succes dat er op volgde, maar ook omdat de house-versie van Sing it back een duidelijke stijlbreuk was met alles wat Moloko tot dat moment had gedaan.

Begonnen als een funky triphop-groep, debuteerde het duo (producer Mark Brydon en zangeres Roisin Murphy) in 1996 met Do you like my tight sweater? Moloko deed er alles aan om rechttoe-rechtaan-dancebeats te vermijden. I am not a doctor ('98) was zo mogelijk nog experimenteler dan het debuut, en verkocht niet best. Moloko werd zelfs aan de kant gezet door de platenmaatschappij, waarna Sing it back verscheen op het kleine Echo-label, dat nu ook het deze week uitgebrachte derde album Things to make and do uitbrengt.

Brydon en Murphy hebben hun stijl voorzichtig aangepast aan de richting die hun carrìere het afgelopen jaar nam. Hoewel de 'oude' Moloko-sound niet helemaal is verdwenen, is dit hun meest toegankelijke plaat tot nu toe, met een paar songs die duidelijk zijn toegesneden op volgend single-succes. Zoals het zonnige The time is now, inmiddels in de Engelse top-10, dat meer dan oppervlakkige gelijkenis vertoont met Rendez-vu van Basement Jaxx.

Maar het succes heeft Moloko eigenlijk vooral goed gedaan. De songs zijn wat minder geforceerd moeilijk en alternatief, en nu Murphy zich niet langer verschuilt achter vreemd vervormde stemmen en stemmetjes, klinkt ze een stuk aangenamer.

Nu slaat ze zelfs geen gek figuur in een nummer, waarin ze zich alleen laat begeleiden door een akoestische gitaar: Being is bewildering, dat in zijn pure eenvoud een radicale stap is voor Moloko.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.