Recensie Dirty money

Documentaireserie Dirty money laat de woede van de maker overslaan op de kijker (vier sterren)

Een fraudezaak is de rode draad in de serie

Beeld Netflix

Woede kan een schitterende motor zijn. En het inspireerde zeker een aantal documentairemakers in hun portretten van graaiers, oplichters en fraudeurs in de zesdelige documentaireserie Dirty Money – die alweer een paar maanden op Netflix staat, maar, zo blijkt, woede is prima houdbaar.

In de beste afleveringen van Dirty Money slaat de woede makkelijk over naar de kijker en dan ontstaat er een gevoel dat de Amerikaanse televisiecriticus Matt Zoller Seitz heeft omschreven als ‘the most fun you can have while being pissed off’ (zoveel lol als je kunt hebben terwijl je pissig bent).

De rode draad is een fraudezaak, waarvan in enkele gevallen de verantwoordelijken achter de tralies zijn beland, en in een specifiek geval president van de Verenigde Staten is geworden. De beste aflevering is Drug Short van Erin Lee Carr, over de manier waarop de farmaceutische industrie in handen van Wall Street is gevallen. Relatief kleine spelers op de markt, die veel hebben geïnvesteerd in research en soms het monopolie op een medicijn hebben, worden opgekocht door grote bedrijven, die onmiddellijk het dure laboratorium sluiten en de prijs van het medicijn zonder met de ogen te knipperen vertienvoudigen – of erger. De patiënten kunnen geen kant op. Voor veel mensen betekent het de dood, of bankroet en dan alsnog dood. Bevredigend is dat we hier de ondergang van een van die geldwolven volgen, zonder dat die consequenties heeft voor Wall Street, overigens.

Dirty money

Zesdelige documentairereeks

Van Alex Gibney

Te zien op Netflix

Even stuitend is Payday van Jesse Moss, over de reusachtige payday-industrie, waar vooral mensen met ‘kortetermijncashproblemen’ (ander woord voor arm) geld kunnen lenen tegen woekerrentes. De geniepige kleine lettertjes zorgen ervoor dat ze hoe dan ook moeten bloeden. Deze aflevering wordt geheel verteld vanuit het perspectief van payday-tycoon Scott Tucker, die uiteindelijk voor jaren de cel ingaat, vanwege grootschalige fraude. En ook Tucker, zoals veel van zijn collega’s in Dirty Money, vindt zichzelf een schitterend voorbeeld van het vrije ondernemerschap, in een land waar de sukkels, de losers en de zieken erop wachten geplukt te worden.

En dan Trump. Je denkt dat je het nu allemaal wel weet, maar The Confidence Man van Fisher Stevens werpt toch nog een scherpe blik op het verleden van de huidige president. Hoe hij in de jaren negentig eigenlijk een mislukt rijkeluiskind was, met talloze faillissementen in zijn spoor. De makers van realityshow The apprentice vertellen hoe ze zijn aftandse, afgebladderde kantoor in de Trump Tower lieten ombouwen tot het kantoor van een tycoon. En hoe ze Donald Trump vervolgens in dat decor hebben neergezet. De rest is, enfin, u weet hoe het afloopt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.