Film

Dit zijn de opvallendste Shakespeare-verfilmingen aller tijden

Joel Coen: The Tragedy of Macbeth. Beeld
Joel Coen: The Tragedy of Macbeth.

Van Romeo en Julia tot Hamlet en Macbeth: steeds weer worden cineasten verliefd op de taal en de diepmenselijke bespiegelingen in Shakespeares stukken.

Kevin Toma

Na afloop van Joel Coens The Tragedy of Macbeth, naar het gelijknamige toneelstuk uit 1623 van William Shakespeare, blijven de beelden als inktzwarte kraaien door je hoofd vliegen. De in haar eigen lijf verknoopte heks (Kathryn Hunter), die de middeleeuwse generaal Macbeth (Denzel Washington) voorspelt dat hij koning van Schotland zal worden. De duistere vertrekken van Macbeths kasteel, een expressionistisch decor waarin Macbeth en zijn vrouw (Frances McDormand) bijzonder fraai ten onder gaan aan hun moordzuchtige ambities. De gestalte van Macbeth zelf, door Washington vertolkt met een indrukwekkende, bedrieglijke kalmte.

Joel Coens magnifieke Macbeth-bewerking bewijst het maar weer eens. Hoe oud de toneelstukken van Shakespeare (1564-1616) ook zijn en hoe deftig de protagonisten ook praten: hun huwelijk met de cinema blijft bijzonder gelukkig en productief. Al de hele filmgeschiedenis lang worden cineasten over de hele wereld verliefd op de ingenieuze plots, de taal en de diepmenselijke bespiegelingen. En dat van de tragedies en koningsdrama’s tot de blijspelen. Kevin Toma bespreekt enkele van de beste en eigenzinnigste Shakespeare-films.

Romeo and Juliet

Je hoeft maar een blik te werpen op de talrijke filmadaptaties van Romeo and Juliet (1597) om te begrijpen hoe populair, flexibel en tijdloos Shakespeares oeuvre is. De liefdestragedie werd voor het grote doek bewerkt tot zombiekomedie (Warm Bodies, 2013), actiefilm (Romeo Must Die, 2000), musical (West Side Story, 1961/2021) en alles daartussenin.

Wat de tekstgetrouwe verfilmingen betreft, springen er twee versies uit. Dankzij Romeo and Juliet (Franco Zeffirelli, 1968) en Romeo + Juliet (Baz Luhrmann, 1996) raakten complete generaties filmkijkers verslingerd aan Shakespeares gedoemde geliefden. Zeffirelli was de eerste filmregisseur die zijn hoofdrolspelers min of meer in de leeftijd van hun personages castte. Juliet is 13 jaar, Romeo waarschijnlijk iets ouder, een jaar of 17. Precies de leeftijd van vertolker Leonard Whiting, terwijl tegenspeler Olivia Hussey tijdens de opnamen 16 werd. De twee sleuren je nog altijd moeiteloos mee in de onbevlekte liefde die Romeo en Juliet voor elkaar voelen, en die ze proberen af te schermen van de bloedige vete waarin hun families verkeren. En vind maar eens een innigere versie van de nachtelijke balkonscène.

Baz Luhrmann blies op een andere manier het stof van het stuk. De locatie van Romeo +Juliet is niet langer 15de-eeuws Verona, maar de hedendaagse fictieve stad Verona Beach, waar de Capulets en Montagues de boel onveilig maken als rivaliserende boevenbenden. Shakespeares verzen gaan in dit zanderige decor samen met een flitsende, rusteloze stijl die net zo makkelijk naar spaghettiwesterns verwijst als naar de James Dean-klassieker Rebel without a Cause (1955).

Wat Luhrmann betreft was dat geheel in lijn met de Elizabethaanse toneeltraditie uit Shakespeares tijd, toen men een broertje dood had aan een consistente dramatische stijl. De sombere toon van Romeo and Juliet kan soms zomaar komisch worden en een hedendaagse bewerking moet die tempo- en sfeerveranderingen voor een nieuw publiek bevattelijk maken, meende Luhrmann.

Het zijn de jeugdige helden, onvergetelijk vertolkt door Leonardo DiCaprio en Claire Danes, die met hun verboden romance voor rustpunten zorgen: wat blijft-ie teder, poëtisch en romantisch, de scène waarin de twee elkaar verstolen blikken toewerpen aan weerszijden van een aquarium, de visjes zwemmend tussen hun ogen en lippen.

Hamlet

1996 was een uitstekend Shakespeare-filmjaar. Naast Romeo + Juliet kwam toen ook Kenneth Branaghs unieke adaptatie van Hamlet (1602) uit. Meestal worden Shakespeares stukken voor het witte doek ingekort, maar Branagh wilde dat nu eens niet. Dat leverde een 4 uur durende Hamlet op, waarin de Deense titelheld (Branagh zelf) alle tijd krijgt om de moord op zijn koningsvader te vergelden, om waanzin te veinzen, te rouwen, beminnen, twijfelen en vechten, ‘en dat alles in een thrillerachtig verhaal dat diepmenselijke kwesties aansnijdt’, aldus de toen 36-jarige Branagh in een televisie-interview. ‘Ik vond dat ik dat nu moest doen, voordat ik te oud werd.’

Blenheim Palace, de residentie van de hertog van Marlborough, fungeerde als Hamlets paleis. Voor de binnenopnamen van deze in de 19de eeuw spelende, op 70mm gedraaide Hamlet liet Branagh een maagdelijk witte spiegelzaal bouwen, die nergens zo effectief wordt gebruikt als in de beroemde ‘To be or not to be’-monoloog. Terwijl Hamlet overpeinst waarom de mens niet de dood verkiest boven alle aardse strubbelingen, kijkt hij onafgebroken zijn eigen spiegelbeeld aan: alsof hij in zijn eigen versplinterde ziel naar antwoorden zoekt. En terwijl hij al pratend op de spiegel afloopt, nadert de camera Hamlets weerkaatsing, zodat bij de slotwoorden van de monoloog alleen diens reflectie zichtbaar is. Een close-up niet als punt, maar als vraagteken.

Hoe vrijer de bewerking, hoe makkelijker zulke verplichte hits aan de kant geschoven worden. Zo zit er geen ‘Zijn of niet zijn’ in The Bad Sleep Well (1960) van Akira Kurosawa. De Japanse meestercineast liet zich driemaal door Shakespeare inspireren. Met Throne of Blood (1957) en Ran (1985) verplaatste hij respectievelijk Macbeth en King Lear (omstreeks 1606) naar feodaal Japan; in het veel minder bekende, maar minstens zo briljante The Bad Sleep Well vertaalde Kurosawa het Hamlet-gegeven naar de corrupte zakenwereld van modern Tokyo.

Koichi Nishi (Toshiro Mifune) acht het voormalige bedrijf van zijn vader verantwoordelijk voor diens suïcide. Zinnend op wraak neemt hij een valse identiteit aan, infiltreert in het bedrijf en trouwt met de directeursdochter (Kyōko Kagawa). De boel loopt uit de hand: Koichi wordt oprecht verliefd op de vrouw en kan de consequenties van zijn wraakacties niet meer overzien. Zodoende transformeert Hamlet tot een Japanse film noir, waar de sombere zwart-wit-fotografie perfect matcht met Koichi’s groeiende vertwijfeling. ‘Het is niet makkelijk om het kwade te haten’, verzucht hij. ‘Je moet je eigen razernij opstoken tot je zelf het kwaad wordt.’ Woorden die Hamlet had kunnen uitspreken, als hij ze had gevonden.

The Tempest

Enkele van de eigenzinnigste Shakespeare-verfilmingen zijn gebaseerd op de romantische komedie The Tempest (1611). Het stuk handelt over Prospero, de rechtmatige, in magie bedreven hertog van Milaan, die met zijn dochter Miranda naar een onbewoond eiland is verbannen. Aldaar hebben Prospero en Miranda louter gezelschap van luchtgeest Ariel en het tot slaaf gemaakte monster Caliban, totdat Prospero het passerende schip van zijn broer Alonso laat zinken en deze met zijn bemanning aanspoelt op het strand.

Dat leidt tot een met intriges, toverijen, zang en dans doorspekt verhaal waarmee filmmakers flink kunnen stoeien. Fred M. Wilcox verhuisde The Tempest naar de ruimte in zijn sf-avontuur Forbidden Planet (1956), met Robby de Robot als stalen Ariel. Met Peter Greenaways Prospero’s Books (1991) veranderde het stuk in een avant-gardistisch gemaskerd bal, vol naakte figuranten, boeken, barokke tableaus en over elkaar geprojecteerde beelden. Shakespeare-veteraan John Gielgud speelt niet alleen Prospero, maar neemt vrijwel de hele dialoog voor zijn rekening.

Bijzonder is ook Julie Taymors The Tempest (2010). Prospero heet hier Prospera en is een vrouw die om haar hekserijen werd verstoten. Een idee van hoofdrolspeelster Helen Mirren, die inzag dat het stuk met kleine aanpassingen geschikt kon worden gemaakt voor een vrouwelijke hoofdrolspeler. ‘Iets wat je niet echt kunt zeggen van Shakespeares andere grote mannenrollen’, zei Mirren in een video-interview.

De ouderkindrelatie uit The Tempest krijgt door de genderwissel een heel andere, maar natuurlijke dynamiek, met een sterker licht op de weemoedige kant van het verbitterde hoofdpersonage. Gaaf ook, hoe Mirrens Prospera een kaleidscopisch lichtspektakel schildert op het hemelzwerk, om vervolgens Shakespeares stilste woorden te fluisteren: ‘We are such stuff / As dreams are made on, and our little life / Is rounded with a sleep.’

De transformatie van Prospero in Prospera is om nog een reden gerechtvaardigd. Tegen het eind van het stuk somt Prospero zijn vele toverprestaties op, een monoloog die Shakespeare plukte uit Ovidius’ Metamorfosen. Zij het dat het bij Ovidius niet een man is die vertelt hoe hij stormen opwekte en kalmeerde, bomen uit de grond rukte en doden tot leven wekte, maar tovenares Medea. De heksencirkel is dus mooi rond, met Julie Taymors Tempest.

Macbeth

De door machtswellust verteerde Macbeth, die door zijn echtgenote wordt aangezet tot koningsmoord, heeft eveneens zeer diverse film-incarnaties gekregen. De Indiase regisseur Vishal Bhardwaj greep naar Macbeth toen hij een maffia-epos over de onderwereld van Mumbai wilde maken. In Maqbool (2004) klimt gangster Maqbool (Irrfan Khan) omhoog in de criminele pikorde wanneer hij beschermheer Abbaji (Pankaj Kapur) omlegt in zijn slaap. Hij wordt hiertoe overgehaald door Abbaji’s echtgenote Immi (Tabu), met wie Maqbool een affaire heeft.

Zoals dat gaat bij Macbeth, betalen zijn Indiase evenknie en diens minnares hun ambities met waanzin. Zelfs nog vóór de nachtelijke moord op Abbaji hallucineren ze over plassen bloed die zich niet laten wegwissen. Wanneer Maqbool Abbaji doodschiet in zijn bed, spatten dikke rode spetters op Immi’s gezicht.

En dat terwijl de koningsmoord in het oorspronkelijke stuk volledig off stage plaatsvindt. Expliciet of niet expliciet, dat is de kwestie die elke Macbeth-verfilming moet uitpluizen, als het om de verbeelding van het geweld in het werk gaat. Wat te doen, bijvoorbeeld, met Lady Macbeths zelfdoding? Die wordt door Shakespeare slechts gesuggereerd, maar kan fantastische, zinnelijke kippenvelcinema opleveren. Kijk naar Orson Welles’ gestileerde lowbudget-versie uit 1948, die met zijn expressionistische zwart-witbeelden nauw verwant is aan die van Joel Coen. Welles laat zijn femme fatale (Jeanette Nolan) naar de duistere rand van de afgrond rennen, waarna ze zich krijsend in de diepte stort. Een beeld uit een nachtmerrie.

En wat te doen met de moord op de piepjonge zoon van Macbeths rivaal Macduff, een schokkende scène die wél op het podium plaatsvindt maar vaak wordt overgeslagen? Zo niet in Roman Polanski’s verpletterende The Tragedy of Macbeth (1971), die de massaslachting in MacDuffs kasteel breed uitmeet. Wanneer de camera langs de bebloede lichamen van vrouwen en kinderen glijdt, valt dat tafereel lastig los te zien van Polanski’s getroebleerde privéleven: hij draaide Macbeth immers vlak nadat zijn zwangere echtgenote Sharon Tate was vermoord door de Manson Family. ‘Als je geweld niet toont zoals het is, vind ik dat immoreel en schadelijk’, zei Polanski destijds tegen The New York Times. ‘Als je mensen er niet mee choqueert, is dat obsceen.’

Die lijn trok Polanski door tot in het extreme. Zijn Macbeth is mogelijkerwijs de enige versie die point of view-shots toont vanuit het perspectief van Macbeths afgehakte hoofd.

Shakespeare was een entertainer

In een interview op https://www.creativescreenwriting.com/ uit 2015 wordt Baz Luhrmann, regisseur van Romeo + Juliet (1996), gevraagd wat voor films Shakespeare zou maken als hij nu had geleefd. Die vraag valt met geen zekerheid te beantwoorden, zegt Luhrmann, maar het staat vast dat Shakespeare een ‘hardcore entertainer’ was met veel gevoel voor zijn publiek. ‘Een van zijn grootste troeven, dat ongelooflijk resonerende, slimme taalgebruik, was voor hem vooral een instrument. Zijn stukken zitten vol met spektakel, zwaardvechten, energie, grappen en schunnige scènes. Dat was het kleurenpalet waarmee hij zijn toeschouwers bij de stukken betrok, in de volle wetenschap dat die mensen ook gewoon geiten- en varkenshandelaren waren en dat negentig procent van het publiek volkomen dronken was.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden