Dit zijn de Nederlandse films op filmfestival Berlinale

Dikkertje Dap wordt er nagesynchroniseerd: Mein Freund, die Giraffe

Van Zeeuwse boerenkinderen tot good old Dikkertje Dap: dit zijn de vertegenwoordigers van Nederland op het Filmfestival van Berlijn.

Cobain van Nanouk Leopold.

'Bestaansrecht', antwoordt de Nederlandse regisseur Nanouk Leopold (49) op de vraag wat het filmfestival van Berlijn tot nu toe voor haar carrière heeft betekend. Met haar stormachtige drama Cobain gaat in Berlijn deze week haar vierde film op rij in wereldpremière, na Wolfsbergen (2007), Brownian Movement (2011) en Boven is het stil (2013). Cobain gaat over de complexe relatie tussen het 15-jarige titelpersonage en zijn verslaafde en zwangere moeder, die haar zoon vernoemde naar de in 1994 overleden Nirvana-frontman Kurt Cobain.

'Een klotenaam', noemt Cobain zelf het in haar film. De regisseur: 'Het zegt echt iets over die moeder dat ze haar kind Cobain heeft genoemd. Ze had bij haar kind een vaag rock-'n-roll-idee, maar dacht niet aan wat die voornaam voor hem zou betekenen. Zo'n jongen moet daar dan zijn hele leven tegen opboksen.' Hoofdrolspeler Bas Keizer (19), een van de Rotterdamse straat geplukte jongen zonder acteerervaring, maakt elke stap van Cobain geloofwaardig. Het drama zit in het detail, bij Leopold.

Leopold, die ditmaal een ogenschijnlijk toegankelijkere film heeft gemaakt dan haar eerdere werk, dat geregeld als afstandelijk wordt omschreven, koestert de selectie van haar film alsof het haar eerste is. 'Met het soort films dat ik maak is het belangrijk dat er zo'n groot festival achter je staat dat zegt: het is oké. Berlijn biedt bescherming. Anders zouden mijn films wellicht worden afgerekend omdat ze, bijvoorbeeld, minder bezoekers trekken dan andere Nederlandse films.' Berlijn oogt als de thuishaven van Leopold, maar zijzelf beschouwt haar selectie allerminst als vanzelfsprekend. 'Het lijkt misschien alsof je met het festival een band opbouwt en eerder wordt teruggevraagd, maar dat is écht niet zo. Ze kijken naar wat ik maak, niet naar mij.'

De 68ste editie van het festival trapt vandaag af met Isle of Dogs van filmhuislieveling Wes Anderson (The Grand Budapest Hotel), die zich voor zijn eerste animatiefilm sinds Fantastic Mr. Fox (2009) naar verluidt liet inspireren door de cinema van Akira Kurosawa. Bij voorbaat een van de spraakmakendste films in de hoofdcompetitie en daarmee (in ieder geval op papier) een kanshebber voor de Gouden Beer is het Noorse Utøya 22. juli van Erik Poppe: de film volgt een 19-jarig meisje op het eiland waar de extreem-rechtse terrorist Anders Breivik die dag 69 dodelijke slachtoffers maakte.

Zijtakken

Juryvoorzitter is de Duitse cineast Tom Tykwer, die de komende dagen nieuwe films zal bekijken van Gus Van Sant (Don't Worry, He Won't Get Far on Foot, met Joaquin Phoenix), Philip Gröning (Mein Bruder heißt Robert und ist ein Idiot), Christian Petzold (Transit) en Steven Soderbergh (Unsane). De Filipijnse langfilmer Lav Diaz doet mee voor de Gouden Beer met Season of the Devil, een in zwart-wit gefilmde rockopera van 234 minuten.

Het Nederlandse aandeel op de Berlinale, waaronder Cobain, is te vinden in één van de vele zijtakken van het festival. Zo is Leopolds film opgenomen in het jeugdprogramma Generation 14plus. Door de telefoon (lachend): 'Het festival wilde mijn film graag op deze plek vertonen en dat vond ik een heel leuk idee. Vooralsnog gaan er alleen 70-jarigen naar mijn films, het zou mooi zijn als het publiek wat verjongt.'

Generation Kplus

In de categorie Generation Kplus, bedoeld voor de jongste kinderen, is de aandoenlijke hitfilm Dikkertje Dap voor het eerst buiten Nederland te zien. Naar goed Duits gebruik in de nagesynchroniseerde versie: Mein Freund, die Giraffe. Van de 28-jarige debutant Janet van den Brand draait de fijnbesnaarde documentaire Ceres, waarin ze vier kinderen volgt uit verschillende Zeeuwse boerengezinnen die het vak stapje voor stapje van hun ouders leren. 'Ik ben heel zenuwachtig', zegt ze, 'maar toch vooral heel blij. Berlijn was mijn eerste keus, zó cool om dan direct te worden geselecteerd.'

Ook Van den Brand is een bekende van het festival: haar korte film Rosa, zusje van Anna was in 2013 te zien in Berlijn. Van den Brand studeerde sinds 2010 in België, eerst aan kunstschool het St. Lukas in Brussel en vervolgens een master filmregie aan het KASK in Gent. De afgelopen tweeënhalf jaar werkte ze aan haar debuut. Haar boerenkinderendocumentaire is geen kritiek op de bio-industrie noch een lofzang op duurzame landbouw, maar kruipt volledig in de belevingswereld van de kinderen. 'Het is de bedoeling dat je hun wereld via hun ogen leert kennen.'

Een zintuiglijke of haptische film, zo noemt Van den Brand haar debuut. Ze luisterde ter inspiratie goed naar het geluid in de films van de Argentijnse Lucrecia Martel, onlangs nog te gast op het filmfestival van Rotterdam. 'Zij creëert hele werelden met een precieze geluidsmontage.' Cameraman en partner Timothy Wennekes filmt in Ceres veel in extreme close-ups en componist Harrold Roeland gebruikt natuurgeluiden als basis voor zijn composities. 'Je moet de varkensharen in je mond proeven, als het ware.'