TheaterBeste voorstellingen

Dit waren de beste theatervoorstellingen van het afgelopen seizoen

Beeld Loes Faber

Je zou het haast vergeten, maar driekwart van het theaterseizoen 2019-2020 is gewoon doorgegaan. Wat zijn volgens de Volkskrant-theaterredactie de beste tien voorstellingen?

Deze selectie is van vóór corona. Omdat we, ondanks het voortijdige einde, toch eer wilden doen aan dat deel van het theaterseizoen – circa driekwart – dat zich nog gewoon heeft voltrokken, in die tijd, lang geleden, dat de zalen (meestal) vol zaten, hoesten eerder regel was dan uitzondering, en acteren een contactberoep avant-la-lettre.

In deze toptien dus nog geen virussen, lockdowns en onlinetheater, maar een fraaie staalkaart van de meer tijdloze thema’s: liefde, seksualiteit, dood, de kunst, kansarme milieus, kolonialisme, racisme, het einde van de wereld en/of de mens. Het was het seizoen van de kleine producties – ook omdat de verwachte klappers van de grote gezelschappen moesten worden geannuleerd. Maar de indruk die deze voorstellingen maakten is er niet minder om.

Om met onze nummer één te beginnen: de van oorsprong Noorse Eline Arbo (1986) maakte met Weg met Eddy Bellegueule de beste voorstelling van het jaar. Arbo’s voorstellingen onderscheiden zich door kleurrijke, grote gebaren en theatraal lef. Dat originele, conceptuele denken liet ze ook los op Weg met Eddy Bellegueule, de rauwe, realistische debuutroman van Edouard Louis over zijn jeugd als gevoelige homo in een gewelddadig arbeidersmilieu. Arbo mag in haar esthetiek nog wat minder gepolijst worden, maar haar theatrale fantasie werkt aanstekelijk, en haar vier innemende acteurs maken de emotionele strubbelingen van het hoofdpersonage goed navoelbaar. Slim verweeft Arbo bovendien Louis’ politieke engagement in deze caleidoscopische productie: milieuschets, politiek pamflet en ode aan de kunst ineen. Naast een particuliere worsteling tonen boek en voorstelling ook een systematische maatschappelijke ongelijkheid, die generatie na generatie van ploeterende individuen treft, en hen klein houdt.

De voorstelling ‘Weg met Eddy Bellegueule’.Beeld Sanne Peper

Verderop in de lijst treffen we het indrukwekkende The Beauty Queen of Leenane (7), van Martin McDonagh, óók geregisseerd door een jonge, van oorsprong Noorse, vrouwelijke regisseur: Maren E. Bjorseth. In een vergelijkbaar kansarm wit milieu ensceneerde Bjorseth geestig en beklemmend de fatale houdgreep van een grensoverschrijdende moeder en haar labiele dochter. In een licht absurdistische sfeer van vrolijke troosteloosheid spelen Jacqueline Blom en Keja Kwestro even karikaturale als deerniswekkende figuren, met wie je ondanks alles meevoelt.

Interessant en hoognodig, die aandacht van linkse, progressieve theatermakers voor de reactionaire witte onderklasse. Kunstenaars mogen dan vaak op de bres staan voor de emancipatie (van vrouwen, homo’s en minderheden), maar het is mooi dat ze hun ogen niet sluiten voor het verzet daartegen vanuit een ander deel van de samenleving, en de onderliggende redenen daarvoor, zoals angst en reëel verlies.

Beeld Loes Faber

Net buiten onze toptien viel een prachtige voorstelling die daar naadloos bij aansluit: Het verhaal van Erica Speen (een remake) van het malle muziektheaterclubje Circus Treurdier. In hun geestige en geraffineerde vertelling worden eigentijdse reactionaire mechanismen, zoals verzet tegen het verdwijnen van Zwarte Piet, slim gelijkgeschakeld aan oudere conservatieve tendensen. Erica Speen gaat over de eeuwige rondedans van vernieuwing en behoudzucht. De voorstelling toont de onvermijdelijkheid van verandering, maar staat ook invoelend stil bij de (begrijpelijke) behoefte aan veiligheid en overzicht en de aantrekkingskracht van nostalgie.

‘Vergankelijkheid, zo heet de baspartij onder de melodie van dit bestaan’, zegt een van de personages fraai gedragen.

Dat sluit goed aan bij de mooi weemoedige, maar ook hartverscheurend geestige regie van Samuel Becketts Eindspel door Erik Whien (2) - een liefdevolle viering van de vergankelijkheid. In deze empathische enscenering ontwijkt Whien subtiel de valkuilen van de Beckett-regie, van een al te hoogdravende ernst enerzijds en platte kolder anderzijds. Een knappe balanceeract.

Integer, lichtvoetig en diep menselijk was dit Eindspel, waardoor de tragiek van ons absurde bestaan des te harder binnenkwam. Dankzij de gevoelige spelregie en het volmaakt harmonieuze samenspel van de twee topacteurs Hans Croiset en René van ’t Hof kon je als toeschouwer moeiteloos meevoelen met de doelloos rondscharrelende, hulpeloze mens. En je aldus verzoenen met de zinloosheid, voor even.

De uitzichtloze tredmolen van het leven zagen we ook terug in Immens (5), waarin acteur Vincent van der Valk als Friedrich Nietzsche eindeloos rondjes rent terwijl hij zijn provocerende teksten uitschreeuwt. Van der Valk en regisseur Caper Vandeputte, die samen de tekst schreven, verleiden de toeschouwer slim om zich te verhouden tot Nietzsches niet altijd even aansprekende gedachtengoed. Van der Valk speelt hem briljant als een hyperintelligente, doorgedraaide Joker ‘on speed’. Hij bevraagt hardop, pesterig, de zaken die wij ‘menselijk’ noemen – liefde, vriendschap, idealen, kunst – en houdt een pleidooi voor absolute vrijheid en onthechting. Maar uiteindelijk is er, via een verrassende theatrale ingreep, toch ruimte voor artistieke ontroering.

De voorstelling ‘Immens’. Beeld Julian Maiwald

Meer worsteling met verandering en de zin van het bestaan was er in het fraaie La Pretenza van Jan Hulst en Kasper Tarenskeen, en in Tom Lanoyes virtuoze eigentijdse Albee-bewerking Wie is bang (8), waarin een uitgeblust acteurskoppel wordt ingehaald door de tijdgeest. Vilein veegt Lanoye ook de vloer even aan met van bovenaf (lees: door de subsidieverstrekker) opgelegd diversiteitsdenken in de theaterwereld.

Desondanks leidt stilstaan bij je eigen onbewuste racistische reflexen en witte privilege tot een van de indrukwekkendste theaterervaringen van het jaar. In The Privileged (9) van Jamal Harewood (dat te zien was op het Fringe Festival) worden de witte toeschouwers via ogenschijnlijk speelse opdrachten met zachte hand verleid steeds bruter op te treden tegen de zwarte Harewood. En ze doen dat ook, meestal. Griezelig ervaringstheater over machtsverhoudingen was dit, dat op schokkende wijze aantoont hoe makkelijk het is om iemand te dehumaniseren.

Over witte machthebbers, koloniale overheersing en de gevolgen daarvan gaat ook Lawrence of Arabia (6), de ‘making-after’ van de beroemde film, waarin Sadettin Kirmiziyüz en Marjolijn van Heemstra onthullen wat er werkelijk schuilging achter de romantische artistieke retouches van de Arabische onafhankelijkheidsstrijd. Met een geestig en informatief theatraal filmcollege vragen de makers aandacht voor het westerse aandeel in de chaos in het Midden-Oosten, tot en met de oprichting van IS. Via een klassiek geworden kunstwerk bieden Van Heemstra en Kirmiziyüz zo een nieuwe kijk op vroeger. Je zou kunnen zeggen dat ze de film voorzichtig van z’n sokkel trekken. Maar wel met liefde.

Ook de getalenteerde theatermaker en performer Florian Myjer gebruikt in het ontregelende Yves Saint Laurent (3) andermans kunst om het via die omweg over iets anders te hebben, namelijk over hemzelf. Na een daverend en in al zijn exhibitionistische durf bijna schokkend eerste half uur beweegt Myjer geraffineerd van de biografie van YSL naar een kwetsbaar egodocument. Openhartig onderzoekt Myjer of hij de kunst eigenlijk niet gebruikt om zijn gemis op persoonlijk vlak te rechtvaardigen. Een mooi en pijnlijk persoonlijk dilemma, vol overgave over het voetlicht gebracht.

Beeld Loes Faber

Regisseur Milo Rau bracht met Familie (10) een waargebeurd persoonlijk drama naar het theater: de collectieve zelfmoord van het gezin Demeester uit het Noord-Franse Coulogne. Minutieus reconstrueert Rau de laatste avond van deze familie, zonder te zoeken naar verklaringen. We zien een doodgewoon gezin, tobbend als alle andere. Niets bijzonders eigenlijk, en toch stevenen ze af op een zelfverkozen dood. Schokkend toont Rau de onbegrijpelijke gruwel hiervan.

Over familie, liefde en dood gaat ook het eveneens waargebeurde Jihad van liefde (4) - het relaas van Mohamed El Bachiri die zijn vrouw Loubna verloor bij de terreuraanslagen in Brussel in 2016. In de ingetogen regie van Eran Ben-Michaël verbeeldt acteur Mohamed Azaay indringend de pijnlijke worsteling van de jonge weduwnaar, plots alleenstaande vader van drie zoons. Zijn zoektocht naar betekenis voert hem met de hulp van dichters en filosofen naar een nieuw inzicht, waarin hij besluit geen woede en haat te prediken, maar liefde.

 En passant is dit ook een verhaal van een Marokkaanse moslim in een witte wereld, een jongen uit een kansarme wijk die zich ontwikkelt dankzij de kunst, een man die slachtoffer is, maar als dader wordt behandeld. En het is het verhaal van een mens op zoek naar de zin van leven en dood. Waarmee in deze grootse kleine productie zo’n beetje alle thema’s van het afgelopen theaterseizoen samenkomen.

Beeld Loes Faber

De tien beste voorstellingen van seizoen 2019-2020

1.Weg met Eddy Bellegueule, door Eline Arbo bij Toneelschuur Producties.

2.Eindspel van Samuel Beckett in regie van Erik Whien bij Theater Rotterdam

3.Yves Saint Laurent, door Florian Myjer, ism De Warme Winkel en Frascati Producties

4.Jihad van Liefde door George en Eran Producties, ism Senf Theaterpartners, Theater de Meervaart en het Amsterdams Andalusisch Orkest

5.Immens van Vincent van der Valk en Casper Vandeputte bij Theater Utrecht

6.Lawrence of Arabia door Marjolijn van Heemstra en Sadettin Kirmiziyüz/Troubleman

7.The Beauty Queen of Leenane van Martin McDonagh, in regie van Maren E. Bjorseth bij Toneelschuur Producties

8.Wie is bang van Tom Lanoye, in regie van Koen De Sutter bij NTGent ism Theater Zeelandia

9.The Privileged van Jamal Harewood op het Fringe Festival

10.Familie van Milo Rau bij NTGent

(Dit is een gezamenlijk gewogen top-10 met bijdragen van Annette Embrechts, Hein Janssen, Vincent Kouters, Karin Veraart en Herien Wensink)

Top 5 jeugdtheater

1. Zwijnenstal (8+) van Theater Sonnevanck en De Nederlandse Reisopera, tekst en regie: Marije Gubbels

2. De gebroeders Leeuwenhart (8+) van HNTjong, regie Casper Vandeputte

3. Het dier, het dier en het beestje (8+) van Theater Artemis, regie Jetse Batelaan

4. Back to OZ (5+) van Het Filiaal theatermakers, regie Monique Corvers

5. Heidi Pippi Sissi Ronnie Barbie (10+) door HNTJong, regie Eva Line de Boer

(Annette Embrechts, Vincent Kouters)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden