Dit is wat Schtntzl zo aantrekkelijk vindt aan jazz

'Een noot verbergen kan niet, het is volkomen naakt'

Twee extreem jonge jazzmusici, samen Schntzl, over wat er zo aantrekkelijk is aan dat genre. En wat hun muziek zo fragiel maakt.

Het duo Schntzl Beeld Thomas Geuens

Risico's nemen ze maar wat graag. Dus doken de Belgen Casper Van De Velde (22) en Hendrik Lasure (20), samen het instrumentale duo Schntzl, afgelopen jaar een studio in met scheve muren. Het geluid van deze jongste aanwinst in de Vlaamse jazzscene stuiterde daardoor alle kanten uit. De holle vloer gaf ruis tijdens het spelen en de opnameruimte zelf was zo klein dat Van De Veldes drumstel haast in de piano van Lasure stond.

Kón niet beter, vinden de jongens van Schntzl.

Lasure: 'Alle opnameapparatuur was analoog, de sfeer zalig, en de klanken van piano, synthesizer en drumstel vermengden zich door die ongebruikelijke ruimte tot een grote klankwolk. Net wat we wilden.'

Hij en Van De Velde hebben op de ochtend van het interview net de sleutels gekregen van een klein theater aan de rand van Brugge. In de aanloop naar een nieuwe reeks optredens mogen ze er drie dagen verblijven.

Sinds het verschijnen van zijn debuutplaat ontving Schntzl in eigen land meerdere prijzen voor de eigenwijze maar toegankelijke muziek: improvisaties waarin een melodie (zoals in het walsachtige nummer Mosa), een ritme (in Vluchtigheid) of klank (de vuige synthesizer in Shanghai) zich al spelend ontpopt tot een muziekstuk met een kop en een staart. Muziek die de intensiteit van ambient, het melodiegevoel van een melancholisch popliedje en de spontaniteit van een jazzplaat samenbrengt.

Schntzl

Schntzl, de Beren Gieren en Brzzvll, 3/11, Bimhuis, Amsterdam.

Hoewel de afgelopen jaren meer piano-drumduo's in de jazzhoek zijn verschenen, neemt Schntzl een eigen positie in. Een van de bekendste platen is voortgekomen uit de samenwerking tussen pianist Brad Mehldau en drummer Mark Giuliana, beiden zwaargewichten in hun muziekgenre: Taming The Dragon (2014). Maar hun muziek put uit een veel chaotischer universum dan de in zichzelf gekeerde composities van Schntzl.

Van De Velde en Lasure spelen samen sinds ze elkaar leerden kennen op een muziekkamp, nu acht jaar geleden. Er was een muzikale en persoonlijke klik, sterker dan die met andere kinderen uit hun ensemble.

In de maanden na het kamp hielden ze contact. Lasure: 'Dan belde ik Casper op en vroeg: heb je iets te doen, vrijdagmiddag na school? Meestal gingen we gewoon zitten en spelen; kijken wat er ontstaat. Het was nooit onze intentie voor publiek te spelen. Schntzl was puur bedoeld om te experimenteren. Toen we eenmaal wel gingen optreden, zijn we dat blijven doen.'

Een beweging?

Wie Belgische jazzgroepen beluistert als Schntzl, Stuff en De Beren Gieren, hoort ook invloeden uit de elektronische en klassieke muziek. Maar om daarom van een beweging te spreken? Onzin, vinden Van De Velde en Lasure. Zij zien een andere trend. Van De Velde: 'In traditionele jazz gaat het om een solist die met verschillende bands speelt. Tegenwoordig gaan ook jazzgroepen als collectief op zoek naar een eigen geluid. Ze spelen langere tijd in dezelfde bezetting.'

Van alle muziek die Schntzl live speelt, staan slechts een paar noten op papier. Al het overige aan ritmes, akkoorden, klanken en melodieën moet ter plekke ontstaan. In zekere zin zijn hun optredens als een publieke repetitie waarbij je als bezoeker over de schouders van de makers meeluistert hoe uit schijnbaar losse klanken een muziekstuk groeit.

Hoe lukt ze dat eigenlijk, zonder regels of bladmuziek?

'Praten over muziek is voor ons net zo belangrijk als het maken ervan', zegt Lasure. De pianist wijst naar de instrumenten op de theatervloer. 'Het kan zomaar dat we die instrumenten vandaag nauwelijks aanraken. Ik moet weten welke muziek Casper tof vindt en wat hem wel en niet in mijn spel aanspreekt. Alleen dan is het mogelijk om als een geheel te klinken. Door met elkaar te praten, bouwen we aan een gezamenlijk muzikaal vocabulaire, zonder de spontaniteit van live spelen te verliezen.'

Van De Velde: 'Op die manier blijft elk optreden risico behouden. Op het conservatorium speel ik met ensembles die bestaan uit drums, bas, blazers, gitaar of toetsen; ze zijn zo samengesteld dat het volledige klankpalet van laag tot hoog is ingevuld. Hendrik en ik daarentegen zijn maar met z'n tweeën. We hebben veel meer ruimte tot onze beschikking; leegten die we zelf elke keer weer naar smaak en gevoel moeten invullen. Waar gaan we dit keer eindigen?'

Resultaat: iedere pianotoets die Lasure indrukt, elk geluid dat hij uit zijn synthesizer de ruimte in lanceert en ieder belletje waarop Van De Velde een tikje geeft: alles telt mee en eist een rol op in de totale klank.

Lasure: 'Een noot verbergen kan niet, het is volkomen naakt. Dat is waar Schntzl om draait: fragiliteit, de pijnlijkheid van iets kleins dat elk moment k an omvallen. Als we echt goed spelen, is dat het muzikale schemergebied waarin we ronddwalen en dreigen te vallen, maar sierlijk overeind blijven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.