BESCHOUWING

Dit is de Biënnale van Venetië 2015

De toekomst, dat is dit jaar het thema van de Biënnale van Venetië. Samensteller Okwui Enwezor wil hem nú laten zien. Want we moeten erover nadenken voordat het te laat is.

Werk van Katharina Grosse. Beeld anp

De toekomst. Je kunt er heel filosofisch over doen, maar één ding staat vast: die toekomst, die komt vanzelf. Gewoon een kwestie van wachten, zou je zeggen. Maar Okwui Enwezor, de samensteller van de Biënnale van Venetië 2015, kan niet wachten. Hij wil de toekomst nú. Reden waarom hij zijn biënnale All the World's Futures heeft genoemd, alle toekomsten in de wereld.

Blijkbaar wil de Nigeriaanse Amerikaan een voorschot geven op wat komen gaat - wereldwijd, want hij houdt van een grote aanpak. Begrijpelijk: Enwezor (51) heeft een naam hoog te houden. Hij was eerder artistiek directeur van de Johannesburg Biënnale en de Documenta in Kassel. Introduceerde op een haast programmatische manier niet-westerse (vooral Afrikaanse) kunst in de bolwerken van de westerse smaak. Het zijn geen geringe verdiensten.

De toekomst is niet ver meer, meent Enwezor nu. Hij spreekt van een present nearness, een aanwezige nabijheid. Uitgangspunt is de gedachte: we moeten nu nadenken over wat komen gaat, voordat we er midden in zitten en het te laat is. Enwezor zelf maakte er een tentoonstelling over in de Venetiaanse Arsenale, een oude werf en wapenloods, en spoorde andere tentoonstellingsmakers en kunstenaars aan in de landenpaviljoens daar ook een beeld van te geven.

Een biënnale die daardoor veelal gaat over wat ons te wachten staat. Met presentaties van nieuwe namen en nieuwe landen. Over nieuwe (ecologische) vooruitzichten. Over de nadruk op andere kunstvormen. En over nieuwe onderwerpen en thema's. En, ja, omdat velen het blijkbaar niet kunnen laten: ook over het oude, vertrouwde verleden. Dat nog steeds aan het denken zet of moet worden verwerkt.

Nieuwe landen, nieuwe namen

Geen biënnale die zo veel nieuwe namen laat zien als deze 56ste editie. Samensteller Okwui Enwezor weet hoe je een tentoonstelling moet ensceneren. Onbekende namen worden aangevuld met bekende.

Het lijkt toch altijd weer te lukken: dat nieuwe landen zich aanmelden om aan de landenpresentaties deel te nemen. Het zal wel een keer ophouden (als alle landen aanwezig zijn), maar voorlopig zit er nog wel enige rek in. Momenteel doen er 89 landen mee, twintig meer dan tien jaar geleden. In het aloude Giardinipark, waar de biënnale in 1895 is begonnen, zijn de paviljoens al lange tijd geleden verdeeld. Hier zit het 'oude continent', veelal de westerse landen.

De verderop gelegen Arsenale, de oude werf en munitieopslag, was lange tijd bedoeld als expositieruimte voor de thematentoonstelling. Maar ook daar zijn inmiddels vele vierkante meters ingeruimd voor landenpresentaties, zoals van China, Ierland, Georgië, Indonesië, Turkije en het continent Zuid-Amerika. De Verenigde Arabische Emiraten zitten er in een gebouw op de eerste verdieping, met glanzende roltrap uiteraard.

Inmiddels is ook de Arsenale vol. Wie zich nu nog als land wil presenteren, moet een pand in de stad zoeken. Het liefst natuurlijk een weelderig palazzo aan het water, en een tuin voor de openingsrecepties met drank en spijzen, uitgeserveerd door bevallige dames en heren.

Nieuwe landen, nieuwe stemmen, nieuwe beelden, nieuwe smaken. Vreemde smaken. Smaken die niet altijd even makkelijk te plaatsen zijn; het betreft veelal werk van volslagen onbekende kunstenaars uit contreien waar kunst, huisvlijt en plaatselijke thema's door elkaar heen lopen. Die combinatie maakt dat het voor een buitenstaander nauwelijks te doorgronden is.

Schilderij van Marlene Dumas. Beeld Alessandra Chemollo / La Biennale di Venezia

In het ergste geval doet de nationale inzending zich voor als een veredeld of verarmd VVV-kantoor. Begrijpelijk: de eerste presentatie (zoals bij Mozambique, Mongolië, de Seychellen, Grenada) of een hernieuwde kennismaking (Filipijnen en Guatemala) moet een land direct en goed onder de aandacht brengen - als een toeristische attractie.

Geen biënnale die zo veel nieuwe namen laat zien als deze 56ste editie. Geteld heb ik ze niet, maar de organisatie schermt er zelf mee. Alleen al in de thematentoonstelling van Okwui Enwezor zijn 88 van de 136 deelnemers nieuw. Onbekende namen die weer worden aangevuld met juist heel bekende namen: 1 Marlene Dumas, Hans Haacke, Isa Genzken. Enwezor weet hoe je een tentoonstelling moet ensceneren. Met het nodige kruimelwerk en hier en daar een in het oog springende knaller. Zoals de bont beschilderde puinhopen van 2 Katharina Grosse; een zaal gevuld met de onderstebovenschilderijen van Georg Baselitz; de knipperende neonletters van Bruce Nauman.

(tekst loopt door onder de foto)

Werk van Jeremy Deller. Beeld Alessandra Chemollo / La Biennale di Venezia

De nieuwe Natuur

Boomstronken als kunst, ze zijn in groten getale aanwezig op deze biënnale.

Opvallend verschijnsel op deze biënnale: De Boomstronk. Vorig jaar was er die ene boomstronk, overweldigend in zijn omvang. Een exemplaar van, pak 'm beet, 30 meter die Berlinde De Bruyckere in het Belgische paviljoen had neergelegd. Dramatisch uitgelicht, geënsceneerd als was het een toneelstuk voor één persoon, met een script van de Zuid-Afrikaanse schrijver J.M. Coetzee.

Boomstronken als kunst - ze zijn er nu in grote aantallen. Joan Jonas plaatste er een bundeltje van voor het Amerikaanse paviljoen. Danh Vo sprokkelde ze bij elkaar en strooide ze uit in het Deense onderkomen. Er ligt in de Arsenale een omgevallen boom met glanzende spiegels van Robert Smithson. 3 Herman de Vries, 'onze' eigen inzending, lijstte takjes in op vorm en grootte en tekende en passant met een brok houtskool enige enigmatische woorden op de witte muur van het Nederlandse paviljoen: 'all ways to be to be ways to be to be'.

Het zijn monumenten of monumentjes als een memento mori, 'gedenk te sterven'. En dus indirect een celebratie van het leven: gedenk te leven. Vooral: goed te leven. Want het hangt natuurlijk in de lucht. Het ecologisch bewustzijn. Een ethisch appel op de wereldburger om het uit de hand gelopen consumentengedrag en de verspilling tegen te gaan.

Nederlandse inzending van Herman de Vries Beeld Herman de Vries

Boomstronken als kunst

Boomstronken als kunst - ze zijn er nu in grote aantallen. Joan Jonas plaatste er een bundeltje van voor het Amerikaanse paviljoen. Danh Vo sprokkelde ze bij elkaar en strooide ze uit in het Deense onderkomen. Er ligt in de Arsenale een omgevallen boom met glanzende spiegels van Robert Smithson. 3 Herman de Vries, 'onze' eigen inzending, lijstte takjes in op vorm en grootte en tekende en passant met een brok houtskool enige enigmatische woorden op de witte muur van het Nederlandse paviljoen: 'all ways to be to be ways to be to be'.

Het zijn monumenten of monumentjes als een memento mori, 'gedenk te sterven'. En dus indirect een celebratie van het leven: gedenk te leven. Vooral: goed te leven. Want het hangt natuurlijk in de lucht. Het ecologisch bewustzijn. Een ethisch appel op de wereldburger om het uit de hand gelopen consumentengedrag en de verspilling tegen te gaan.

Waarschuwde De Vries tijdens de persdagen niet voor het in zee gooien van plastic afval, terwijl hij mijmerend over de lagune uitkeek? Is het hele Nederlandse paviljoen, ingericht door de 83-jarige naaktloper (zie balkontekst), niet één grote hulde aan de kracht van de natuur? Met zijn gepresenteerde steentje en rietstengels; de wand met kleurstrepen die zijn gemaakt met aarde uit de hele wereld.

Acht jaar nadat Al Gore, ooit Amerikaans presidentskandidaat voor de democraten, een hartstochtelijk en agressief betoog heeft gehouden te stoppen de wereld nog verder te vergiftigen - in zijn film An Inconvenient Truth - bewandelt de kunst nu een veel gemoedelijkere weg. Minder drammerig.

Geinig

Wat u in het Nederlands paviljoen wordt onthouden: de serie foto's die van Herman de Vries zijn gemaakt tijdens een naaktwandeling in het bos, samen met de twee, eveneens blote, curatoren Karlyn de Jongh en Sarah Gold, van de tentoonstelling Personal Structures. Geinig fotomateriaal waarop De Vries is te zien als De Naakte Oermens die de twee nimfen allerlei kennis van de natuur op de mouw wil spelden: hoe je van bomen houdt, vruchten verzamelt, je in een beekje wast en een rondedansje doet. Te zien in Palazzo Mora.

Zo toverde Joan Jonas het Amerikaanse paviljoen om in een onderwaterwereld à la Jacques Cousteau, met echt koraal en getekende vissen en zeepaardjes. In het Franse paviljoen heeft 4 Céleste Boursier-Mougenot een dennenboom met kluit geplaatst. Eromheen zijn tribunes vanwaar je de boom kan zien groeien, begeleid door transcedente electroklanken, naar het schijnt uit de energie van de boom gegenereerd. De meditatieve sfeer past in deze zen-tijd. De tijd waarin de natuur niet wordt gered door harde acties, maar door een 'mentaliteitsverandering'. Een ander bewustzijn.

Een van de weinigen die de natuur in een groter verband ziet is Taryn Simon. In de Arsenale toont ze haar kleurige herbarium, met gedroogde en geplette bloemen uit de 44 landen die de voorloper van het Internationale Monetaire Fonds hebben opgericht. Simon is daarmee de naïviteit van anderen voorbij. Want ja, je kunt de wereld willen redden, maar voor een ander bewustzijn is meer nodig dan het inlijsten van steentjes en luisteren naar bomen. Dan gaat het ook om keiharde cash.

(tekst loopt door onder de foto)

Werk van Céleste Boursier-Mougenot in het Franse Paviljoen. Beeld Getty Images

Nieuwe aandacht: performances

Schilderijen zijn er nauwelijks in Venetië, installaties, beelden en live-opvoeringen des te meer.

Wie op zoek is naar de nieuwe tendensen in de schilderkunst (om maar eens iets romantisch te noemen), kan zijn vliegticket beter laten omzetten naar een goed museum in Londen of New York. Op de Biënnale van Venetië vallen geen of nauwelijks schilderijen te bewonderen. Daarentegen is er een surplus aan installaties en beelden. En dit jaar vooral aan live-opvoeringen.

5 Salvador Dalí begreep het destijds al goed. De Spaanse schilder heeft een indrukwekkend oeuvre bij elkaar geschilderd, maar dankt zijn grote bekendheid toch vooral aan zijn optredens op tv, in filmfragmenten, en de foto's die van hem werden gemaakt. Waarop hij staat afgebeeld - vreemde bekken trekkend - met krulsnor, wandelstok, pochetje en barokke kostuums. In het Spaanse paviljoen wordt aan zijn mediaoptreden uitbundig aandacht besteed.

Mediageilheid

Dalí's mediageilheid is natuurlijk een tijdsbeeld uit het verleden, van de jaren vijftig en zestig, maar zijn aanwezigheid op deze biënnale is ook een vingerwijzing naar het belang van de media nu: je kunt schilderen wat je wil, maar wie optreedt of een performance doet, ook al bestaat die uit het voorlezen van een boek, krijgt meer aandacht.

In het Belgische paviljoen is dan ook een druk bezochte voorleessessie van Elisabetta Benassi: een jongeman brengt er Mark Twains King Leopold's Soliloquy ten gehore, te midden van een hutje opgetrokken uit botten en beenderen. Het boek uit 1905 is een scherpe satire over de Belgische koning Leopold II die Congo als zijn privékolonie beschouwde - dezelfde Leopold die verantwoordelijk was voor de bouw van het Belgische paviljoen in Venetië.

Transfers

Gedragen tentoonstellingsmakers zich steeds meer als voetbaltrainers? Dat de transfermarkt namelijk bepaalt wie waar te werk gaat. Het paviljoen van Kosovo werd dit jaar ingericht door de Duitser Nicolaus Schafhausen. De Griekse Katerina Gregos was verantwoordelijk voor de keuze en inrichting van de Belgische bijdrage. De Belg en directeur van het Stedelijk Museum voor Actuele Kunst in Gent, Philippe Van Cauteren, hing in de foto's en tekeningen aan de muur in het palazzo van Irak. Opmerkelijk ook: de betrokkenheid van veilinghuis De Pury als (mede)curator van de expositie van Azerbeidzjan.

Live-voorstelling

Het is veelal moeilijk om je bij dit soort opvoeringen te blijven concentreren. Wat ook het geval is bij de voorlezing van The Sinthome Score van Dora Garcia, een niet te volgen script dat iedereen mag voordragen. En het geldt natuurlijk vooral bij de eindeloze tekstpassages van Karl Marx' Das Kapital. Het zijn meer gesproken statements dan kunstwerken waarvan je kunt genieten.

Maar goed, de live-voorstelling heeft zijn intrede gedaan, dat is zeker. Allora & Calzadilla laten professionals in de Arsenale Haydns oratorium The Creation zingen. Op de kade (kruising Via Garibaldi en Canal Grande) heeft Saâdane Afif een heuse Speaker's Corner opgericht. Oscar Murillo heeft een verkoopmarkt opgericht voor kleden die door schoolkinderen all over the world zijn beschilderd.

Wellicht de meest tot de verbeelding sprekende live-bijdrage komt van de Brit 6 Jeremy Deller. Zijn bijdrage zit, zoals altijd, vol met maatschappelijke kanttekeningen. Dit keer richt hij zich op de anonieme arbeidsters in de opkomende industrieën in Engeland, een kleine eeuw geleden. Op hun rechteloze status, de niet al te gunstige arbeidsomstandigheden, de liederen die er desondanks werden gezongen. Maar het mooiste is een jukebox met plaatjes waarop fabrieksgeluiden staan. Van draaiende spinmachines, stoomfluiten en voortrazende locomotieven. Verrassend.

Salvador Dalí.

Nieuwe onderwerpen en oude sentimenten

Veel kunstwerken op de biënnale geven politiek commentaar. Vooral het uitdijende immigratieprobleem steekt in allerlei gedaanten de kop op.

Als je het cynisch moet zeggen: zonder verdronken bootvluchtelingen zou er dit jaar geen biënnale zijn. Het onderwerp steekt (begrijpelijk) in allerlei gedaanten de kop op; in foto's en tekeningen, met kledingstukken en boten.

Natuurlijk, in Venetië stikt het sowieso van boten: cruiseschepen, vrachtboten, megajachten en gondels. Vreemde eend in het water: de 'papieren' boot van 7 Vik Muniz, als een gevouwen krant. Maar wel één bedrukt met artikelen over de drenkelingen die er zijn te betreuren bij de oversteek van Afrika naar Italië. Reden waarom het bootje Lampedusa heet.

Het is maar een van de legio referenties aan het alsmaar uitdijende imigratieprobleem; de tallozen die de onfortuinlijke oversteek niet overleefden, waardoor het probleem een nieuwe dimensie heeft gekregen, zeker in Italië. Boten zijn er dus genoeg. Overal, in wisselende vormen en kleuren. In het Japanse paviljoen uitgestald in het rode schijnsel van duizenden rode draden waaraan sleutels zijn gehangen. In het Filipijnse onderkomen waarin een eveneens rode boot ligt, opgebouwd uit kussens.

Dramatischer wordt het als de slachtoffers zelf onderdeel van het werk worden. Op een subtiele en minder subtiele manier. Of ronduit gedramatiseerd: in het pand van Grenada liggen in de hal talloze kledingstukken op de grond, alsof de drenkelingen er nog in aanwezig zijn. Erbij zijn kaarsjes en bloemen uitgestald. Aan de andere kant van het emotiespectrum is de bijdrage van Fiona Hall in het Australische paviljoen: de bootvluchtelingen als broodpoppetjes op een landkaart van de Middellandse Zee, met ernaast, eveneens uit brooddeeg, het gekapseisde schip.

Bijdrage van Paz Errázuriz Beeld Paz Errázuriz

Moeilijke beslissing

Het is al met al natuurlijk een moeilijke beslissing: hoe als kunstenaar onderdeel te zijn van je tijd, te midden van de omstandigheden waarin je leeft, betrokkene te zijn bij het wereldleed dat iedereen in de krant en op internet kan volgen. En hoe daar, als je dat al wilt, een vorm voor te vinden om er commentaar op te geven, beelden van te genereren en misschien zelf een oplossing voor te stellen.

Het blijkt - natuurlijk - moeilijk te zijn in de hedendaagse wereld, waarin haast per dag de ontwikkelingen elkaar opvolgen. Het is al moeilijk als het gaat om gebeurtenissen die al een tijdje bezig zijn of zich in het verleden hebben afgespeeld. Oud zeer dat nog niet is verwerkt, zoals bij Chili, waar 8 Paz Errázuriz de dictatoriale periode van Pinochet nog immer laat doorleven, net als het gevaar voor de imperialistische inmenging van de CIA. Of neem het Mexicaanse paviljoen waar dwars doorheen een ijzeren muur is gezet als verwijzing naar de muur die sinds enkele jaren daadwerkelijk tussen Mexico en de VS staat. Om de Mexicanen buiten te houden en de Amerikanen te 'beschermen' voor een stortvloed aan goedkope arbeidskrachten.

Het maakt deze biënnale, zoals Okwui Enwezor voorspelde, tot een van de meest politieke.

Biënnale van Venetië. 9/5 t/m 22/11. labiennale.org

De 'papieren' boot van Vik Muniz. Beeld Vik Muniz / instagramm
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden