Dit heeft Micha Wertheim geleerd van zijn meest experimentele stukken

De één vond het briljant, de ander vond het schandalig

Wat leerde de cabaretier van Ergens Anders (waarin hij weg was) en Iemand Anders? (met die robot)

Op afstand Micha Wertheim met de robot die hem tijdens Ergens Anders verving. Beeld Marie Wanders

'Hoe voller de zalen, hoe nietszeggender de cabaretier', merkte Micha Wertheim twee jaar geleden spottend op in Micha Wertheim Voor Zichzelf. Het was zijn zesde avondvullende voorstelling en zelfs voor Wertheims doen kreeg die wel heel lovende kritieken: vijf sterren in de Volkskrant, NRC Handelsblad én De Telegraaf.

De grote zalen van de theaters zaten vaak vol, er werden zelfs twee extra avonden bijgeboekt in Carré. Dat zei meer over zijn publiek dan over hem, schamperde Wertheim op het podium. De mensen die tegenwoordig naar hem kwamen kijken, hadden vooraf al besloten dat de avond niet kapot kon. Hoe flauw die o-zo-intellectuele meta-grappenmaker ook uit de hoek zou komen, hoeveel stiltes hij ook zou laten vallen, ze zouden een diepere laag zoeken en vinden: zie je, wij begrijpen hem. Kon hij niet net zo goed helemaal wegblijven, vroeg de cabaretier zich af in Voor Zichzelf?

Afgelopen theaterseizoen voegde Wertheim (44) de daad bij het woord, in wat hij zelf 'een bui van conceptuele zelfoverschatting' noemt. Op zijn website plaatste hij een waarschuwing ter aankondiging van zijn nieuwe voorstelling Ergens Anders, het eerste deel van wat een tweeluik zou worden: 'Fans die liever niet willen zien hoe Micha zich vertilt aan één of ander pretentieus experiment, kunnen beter thuisblijven.' En: 'Het wordt echt iets anders en Micha zelf lijkt er ook nog niet helemaal gerust op.'

Gewoon thuis

Degenen die erbij waren, vroeg hij om een geheim te bewaren. De pers werd verzocht geen recensies te schrijven. Alles om niet te laten uitlekken dat Wertheim in Ergens Anders létterlijk ergens anders was. Hij bleef weg bij zijn eigen voorstelling. Of nou ja, soms was hij er wel. In de Utrechtse schouwburg ging hij na aanvang achterin de zaal zitten. Meestal was hij gewoon thuis.

Wat viel er wel te beleven? Wertheims technicus stuurde een innemende witte robot het toneel op, wiens stem verdacht veel op die van Micha leek. Op het podium stond ook een ouderwetse stereo-installatie, waaruit zogenaamd live een radio-interview met Wertheim klonk.

Wertheim: 'Mijn publiek snapt inmiddels wel dat als ik een voorstelling Ergens Anders noem, ik dan ergens anders ben.'

Presentator: 'Maar dat is toch de afspraak: als je een kaartje koopt voor Micha Wertheim, dan kom je om Micha Wertheim te zien?'

Wertheim: 'O, dat vind ik echt een benauwende gedachte. Ik zie mijn publiek als mijn kinderen. Je moet ze opvoeden, en dat heb ik de afgelopen vijftien jaar ook wel gedaan. In het begin moet je er voortdurend bij blijven, maar op een gegeven moment moet je het vertrouwen hebben dat ze het zonder jou ook wel kunnen.'

'Wertheim beent de titel op diverse manieren uit', schreef de Volkskrant in haar recensie over Iemand anders. Lees de driesterrenrecensie hier terug.



Orders

De robot deelde orders uit aan het publiek. Iemand werd verzocht achter de tafel op het podium te gaan zitten en teksten voor te lezen die uit een printer rolden. Er volgden meer aanwijzingen, via een koptelefoon die steeds aan een andere toeschouwer werd doorgegeven. Zo bouwde het publiek een decor, of eigenlijk een voorstelling. Ondertussen bleef het spannend: zou Wertheim het écht wagen om de hele tijd weg te blijven?

Ja dus. Maar tegelijkertijd vertelde hij, door middel van het geënsceneerde radio-interview, lp's en een cassettebandje, een verhaal over ontroering, fictie en werkelijkheid. Hij zei dat fysieke aanwezigheid niet automatisch tot meer ontroering leidt. Zelf huilde hij in de file om een fictie-luisterboek, maar bij een verdrietig moment in het echte leven wilden de tranen niet komen. Hij legde uit hoe je je afwezig kunt voelen bij een gebeurtenis waaraan je deelneemt.

De reacties op het grensverleggende experiment waren verdeeld. Waar de een het briljant vond en in Ergens Anders méér Micha Wertheim dan ooit ontwaarde, noemden anderen het schandalig dat hij niet bij zijn eigen voorstelling was. In bijna elk theater beenden boze toeschouwers de zaal uit, een aantal eiste geld terug. Wertheim ontving woedende brieven van mensen die het niet konden verkroppen dat ze een kaartje hadden gekocht voor een cabaretier die misschien wel gewoon onder de wol lag te Netflixen.

Hebben die mensen niet een beetje een punt?

'Ik ben het niet eens met mensen die het schandelijk vonden dat ik er niet was, maar ik geloof wél dat cabaret zo populair is omdat het een directe ontmoeting is met iemand van vlees en bloed. In die zin begrijp ik natuurlijk wel dat mensen mij hebben gemist. Uiteindelijk zijn we allemaal eenzame mensen. Het is fijn om te kijken naar een ander die ook eenzaam is.'

Was deze voorstelling misschien alleen geschikt voor diehard Micha Wertheimfans?

'Ja, al ben ik ergens ook altijd bang om die fans kwijt te raken. Ik had vooraf alleen bedacht dat ik een tweeluik ging maken, ik wist helemaal niet of ik dat ook kon.

'De Britse komiek Daniel Kitson zoekt nooit publiciteit, hij maakt zijn optredens alleen bekend via een nieuwsbrief. Daarmee spreekt hij mensen aan die op die nieuwsbrief zijn geabonneerd en écht voor hem komen. Als ik nu ook eens bijna geen publiciteit doe, dacht ik, dan komen alleen de mensen die mij door en door kennen. Mensen die mijn eerdere shows leuk vonden, wilde ik een voorstel doen: jullie zijn nu zo ver met mij meegegaan, laten we kijken wat we nog meer met elkaar kunnen beleven.'

Waarom wilde je terug naar kleine zalen?

'Met Voor Zichzelf stond ik in grote zalen. Daar kun je het je niet permitteren om de eerste twintig minuten geen grap te maken. De afspraak is: Micha Wertheim, dat wordt lachen! Dat voelde steeds meer als een wurggreep. In kleine zalen kon ik voor mijn gevoel meer riskeren. Ik had het idee dat er in grote zalen een soort revolutie zou uitbreken, dat de mensenmassa zou zeggen: maar dit hadden we niet afgesproken!

'Dat er ondanks die kleine zalen alsnog protest uitbrak, had ik niet zien aankomen. Het is een teken van deze tijd, denk ik, dat publiek dat het niet begrijpt de fout niet bij zichzelf zoekt. En dat sommige mensen de context - het is theater - vergeten. De reacties van boze mensen op Ergens Anders hakten er bij mij in, want verdorie, ik had gehoopt dat die mensen niet zouden komen! Ik had toch uitgelegd dat ik iets anders ging doen? Blijkbaar leest niet iedereen de bijsluiter, of ze dachten dat het een grap was dat ik iets anders ging doen. Ik had gehoopt de mensen zich konden openstellen en benieuwd zouden zijn naar wat er kon gebeuren. In ruil voor hun bereidwilligheid zou ik mijn stinkende best doen niemand teleur te stellen.'

Bij eerdere voorstellingen liepen ook mensen weg. Wat was er nu anders?

'Er was een theater dat moeilijk deed over de betaling. En de boze brieven waren nieuw. Mensen wilden hun geld terug en noemden mij een oplichter. Natúúrlijk ben ik een oplichter. Het theater is een betoverende plek, waar alles mogelijk is. We kunnen samen vliegen, zei ik in Iemand Anders, maar dat lukt alleen als we samen besluiten te geloven dat we kunnen vliegen.'

Wertheim speelde de afgelopen maanden een vervolg op Ergens Anders. Iemand Anders was de titel, wat de vraag opriep: zou Wertheim nu een andere cabaretier sturen, of zou hij dit keer wél zelf komen opdagen? Dat laatste bleef spannend tot het kleine robotje na tien minuten 'iemand anders' aankondigde: Wertheim zelf.

Iemand Anders (hij speelde de voorstelling zondag voor het laatst) was voor een deel een reflectie op Ergens Anders. Gezeten achter een tafel keek Wertheim terug op de commotie, om de woedende reacties vervolgens te gebruiken als metafoor voor het politieke populisme en de gepolariseerde, vijandige samenleving die hem de afgelopen periode persoonlijk raakte.

In deel twee leek je toenadering te zoeken tot je publiek.

'Dat was wat ik met deze voorstellingen ongegeneerd wilde onderzoeken. Ik heb het publiek altijd gewantrouwd. Ik hou van comedy en van publiek, maar weet tegelijk niet goed wat ik met die mensenmassa aan moet. Lachen ze niet om de verkeerde dingen? 'Those who laugh as a group soon will march as one', schreef de Engelse schrijver Howard Jacobson. Het beschrijft precies mijn ongemakkelijke verhouding met een volle zaal. Ik heb liever dat een zaal verdeeld raakt dan een zaal waarin iedereen om dezelfde grappen lacht, maar ik houd óók van hard lachen in een volle zaal.

'In mijn eerste voorstelling Micha Wertheim Voor Beginners speelde ik een over het paard getilde idioot die zichzelf fantastisch vond. Een overdreven versie spelen van wie ik stiekem gewoon ben, dat was ook een vorm van zelfbescherming. Op die manier hoefde ik niet toe te geven dat er wel degelijk een hoop arrogantie en onzekerheid in mij zit. Ik ben goed bevriend met Marc-Marie Huijbregts. Zijn kwetsbaarheid en totale overgave aan het publiek heb ik altijd bewonderd en ik heb ook altijd gedacht dat daar voor mij nog wat te halen viel. Ik wilde mezelf blootgeven, op mijn manier, en het publiek onderdeel maken van de voorstelling. Dat heb ik gedaan.'

(Tekst gaat verder na video.)

Je wilde geen interview geven terwijl de voorstelling nog liep.

'Het is meestal pas op de dag van de première dat mijn voorstelling af is, tot die tijd kan ik er niet veel zinnigs over zeggen. In een interview moet je nadenken over wat een voorstelling betekent. Dat wil ik niet, juist vanwege mijn neiging om het intellectueel zó dicht te timmeren dat iedereen wel móét zeggen: ja ja, wat slim en belangrijk. Voor mij is een voorstelling een manier om te onderzoeken hoe ik zelf ben veranderd ten opzichte van de wereld. Dat openbaart zich pas tijdens het maakproces. En dat Trump verkozen werd net toen ik die boze brieven kreeg, had ik ook niet voorzien.'

Wertheim hoopte met Ergens Anders en Iemand Anders te ontroeren, zegt hij. 'Ik heb een afkeer van sentimentaliteit en die afkeer vertaalt zich naar het feit dat ik gevoeligheden liever aansnijd met een harde grap. Omdat ik voorstellingen wilde maken die niet zo op de grap leunden, moest het anders.'

In het slotstuk van Iemand Anders geeft de voor Wertheim ingewisselde robot aan dat hij het niet meer ziet zitten. Hij is bang voor een toekomst waarin een nieuwere robot hem vervangt en hij zelf eindigt in een stoffige lade. Wertheim oppert dat het misschien zinvoller is niet te ver in de toekomst te kijken. Hij vraagt mensen in de zaal om de robot te vertellen waarop zij zich de volgende dag verheugen.

De voorstelling eindigt met een compilatie van troostpogingen uit het publiek: uitslapen, de tuin omspitten, een kopje koffie zetten. 'Ik vind dat niet sentimenteel, maar het is op het randje, en dat beviel me. Zo heftig als de negatieve reacties waren op het eerste deel, zo heftig waren sommige positieve reacties op het einde van het tweede. Ik kreeg brieven van mensen die hebben zitten huilen of me bedankten omdat ze het leven weer zagen zitten. In deze voorstelling heb ik een vorm gevonden die hen kennelijk heeft geraakt. Maar maak je vooral geen illusies over mij, want ik vind het óók allemaal maar ingewikkeld. Ik heb gewoon iets verzonnen waarvan ik zelf hoop dat het bestaat.'

In februari, in de aanloop naar Iemand Anders, schreef je mij in een mail dat het wereldnieuws je zo beangstigde dat je maar moeilijk tot iets kwam.

'Als de robot in de put zit, zegt hij: 'Zet mij maar uit.' Dat is niet de oplossing, ontdekte ik. Je zult onder de mensen moeten blijven wanneer je de moed verliest. Ik heb, door het maken van deze voorstellingen, maar ook door de recente geschiedenis en wat die met mij deed, opnieuw moeten toegeven dat kunst er niet is om de wereld vooruit te helpen, maar om ons te verzoenen met de vergankelijkheid van de wereld, en van onze eigen rol daarin. Troosten dus, in plaats van genezen.

'De kracht van dit tweeluik is denk ik juist dát het probeersels waren. Meer dan proberen kunnen wij mensen niet doen. En ja, dat zeg ik natuurlijk ook vanwege het stemmetje in mijn hoofd dat iets anders beweert: 'Micha, het is wél heel belangrijk wat je doet.' Dat stemmetje moet ik nog steeds behoorlijk temmen.'

toekomst'Volgend jaar speel ik niet', zegt Micha Wertheim. 'Als je gaat toeren met een voorstelling, moet je dat anderhalf jaar van tevoren aan de theaters bekendmaken. Ik wilde niet voor ik aan dit experiment begon al vastleggen wat ik erna zou gaan doen. Ik ga zeker op een dag weer het theater in. Misschien met cabaret, maar misschien ook wel met iets anders.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.