Recensie M – De zoon van de eeuw

Dichter bij Mussolini kun je niet komen dankzij Antonio Scurati ★★★★☆

Minutieus en kundig beschrijft Antonio Scurati de beginjaren van het fascisme in zijn ongekende bestseller M. Zo wordt Mussolini’s succes ineens heel begrijpelijk. En dat is maar goed ook.

Beeld Max Kisman

Het stinkt op straat en de mensen die er rondstrompelen zijn gedemoraliseerd, teleurgesteld, arm en ontevreden. Vanwege de oorlog zijn de geldkisten leeg en de mensen die geen huizen, auto’s, banken, mijnen, landerijen, fabrieken, bankbiljetten bezitten, weigeren ze te vullen. Deze ellende is namelijk niet door hen veroorzaakt, maar door die verrotte, stoffige, machtsbeluste ‘politieke kaste’, zoals een beroemd dichter ze omschrijft.

Maar dan staat er ineens een man op die beterschap belooft. Een intelligent man, wellustig van aard, emotioneel en impulsief, maar daarom ook betoverend en overtuigend in zijn redevoeringen. Hij is onbaatzuchtig, ruimhartig, intelligent, opmerkzaam, afgewogen, bedachtzaam, een goed kenner van de mens, van diens eigenschappen en tekortkomingen. Hij is zeer ambitieus. Hij wil de eerste zijn en domineren.

Hij is Benito Mussolini.

Er was de afgelopen maanden slechts één boek in Italië dat ertoe deed en dat was M – De zoon van de eeuw van Antonio Scurati: een ongekende bestseller die de belangrijkste literaire prijs van Italië, de Premio Strega, dit jaar won met een gigantische voorsprong op alle andere kandidaten.

M, met 856 pagina’s een boek geschikt om gewicht mee te heffen, beschrijft op minutieuze wijze de beginjaren (1919-1925) van ’s werelds eerste fascistische dictatuur. Van de allerkleinste achterafzaaltjes waar de eerste Fasci di Combattimento worden opgericht en de eerste communistische stakingen in de fabrieken van Fiat, tot aan de moord op Giacomo Matteotti, de meest uitgesproken tegenstander van Mussolini: altijd zit de lezer op de eerste rij.

‘Geen enkel woord van Mussolini in mijn boek, geen enkel citaat, geen enkel personage, geen enkele gebeurtenis, heb ik verzonnen’, verklaarde de schrijver achteraf. Hoe hij dat deed? Door alle beschikbare notulen van fascistische jaarvergaderingen door te nemen, net als alle krantenartikelen die Mussolini als journalist schreef, de liefdesbrieven die zijn tegenstanders naar hun vrouwen stuurden, de dagboeken van zijn naasten; Scurati las alles.

En hij gebruikte alles. Als hij daarom een avond beschrijft waarop de partijtop zich ergert aan het drankgelag van een aantal nieuwe leden – ‘de knokploegen die aan die tafel zitten, kennen de namen van de ministers niet eens’, laat Scurati iemand denken – dan heeft hij die zin niet zelf verzonnen, maar geparafraseerd uit een dagboekfragment van partijprominent Italo Balbo waarin op 25 februari 1922 staat: ‘Het is opvallend dat mijn knokploegleden niet eens de namen van de demissionaire en zittende ministers kennen.’

Mussolini wordt begrijpelijk

Aan die stijl kleven nadelen – omdat er uit zijn privéleven weinig documenten beschikbaar zijn, is het buitenechtelijke kind dat Mussolini verwekte welgeteld één bijzin waard – maar vooral voordelen, want dichter bij een levensechte roman over de opkomst van het fascisme kun je niet komen. Juist doordat Scurati de onbegrijpelijke opmars van Mussolini zo waarheidsgetrouw beschrijft, wordt hij begrijpelijk.

Opeens begrijp je hoe het kan dat Mussolini zich ontwikkelt van een geroyeerd lid van de Italiaanse Socialistische Partij tot een van de grootste bloedhonden uit de wereldgeschiedenis, bewierookt door allerhande prominenten als Gabriele d’Annunzio, Enzo Ferrari, Arturo Toscanini en zelfs de paus. Opeens snap je waarom de Amerikaanse ambassadeur in 1922 schrijft: ‘Hier zijn we getuige van een mooie jongerenrevolutie. Geen nood, ze is kleurrijk en vol enthousiasme. We amuseren ons enorm.’

Het is precies die lezersreactie – opeens begrijpen waarom Italianen een eeuw geleden vielen voor het fascisme in plaats van het genadeloos hard te veroordelen – waardoor veel linkse intellectuelen in een kramp schoten tijdens het lezen van het boek. Bij alle voorgaande romans over Mussolini droop de verontwaardiging immers netjes van de bladzijden, maar hier ontbreekt die moralistische filter, vonden zij. Want waarom staat nergens expliciet vermeld dat Mussolini een monster is? Waarom staat nergens dat hij Italië naar de afgrond sleurde en miljoenen doden op zijn kerfstok had? Is het niet kwalijk dat Scurati nergens zégt dat Mussolini fout was?

Ja, vinden die critici, want juist nu, in een tijd dat het taboe op het fascisme almaar kleiner wordt, is beschrijven alleen niet genoeg. Een schrijver dient ook expliciet te veroordelen.

Moderne parallellen

Nu kost het inderdaad verdacht weinig moeite om tijdens het lezen van M parallellen te trekken met politieke stromingen die momenteel in de mode zijn, niet in de laatste plaats omdat de voormannen van die stromingen vaak openlijk flirten met het fascisme. Zo gebruikte Matteo Salvini, de leider van de populairste partij van Italië, al meermaals citaten van Il Duce tijdens zijn toespraken, immer gevolgd door een bulderend applaus. Er zijn nog altijd Italianen die ten onrechte geloven dat het fascisme pas ontspoorde toen de Duitsers zich ermee gingen bemoeien en er zijn nog altijd politici die proberen daarvan gebruik te maken.

Maar het vreemde is: wie wil ontdekken hoe bruut, wreed en ranzig de fascisten zich ook al in die begindagen gedroegen, moet juist dit boek van Scurati lezen. Want hoe meer bladzijden je omslaat, hoe duidelijker het ware, nare gezicht van de zwarthemden zich openbaart. Het nietsontziende geweld waarmee ze in de provincie tekeergingen tegen vakbondslieden, de vechtpartijen, de brandstichtingen, de verminkingen, de moorden, de Mars op Rome en de steeds verder gaande vrijheidsbeperkingen die uiteindelijk leidden tot een nutteloos parlement vol flets duldende vulling – de kundige beschrijving ervan is meer dan genoeg om in te zien hoe fout het allemaal was. En is.

Antonio Scurati: M – De zoon van de eeuw

Uit het Italiaans vertaald door Jan van der Haar. Podium; 856 pagina’s; € 35.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden