Deze verzamelbox bevat alles van Rammstein, op vinyl

Mooier dan ooit: de verzamelboxen die de afgelopen weken het licht zagen. V gidst u door een ideaal cadeaulandschap. Om te beginnen: alles van Rammstein, op vinyl.

Till Lindemann, leadzanger van Rammstein. Beeld anp

Een brok in de keel, bij Rammstein? Je zag het niet aankomen, maar - gloep - daar zat hij dan toch echt. Het gebeurde zomaar bij een nachtelijke uitvoering van Ohne Dich in het Nijmeegse Goffertpark, twee jaar geleden. Zanger en vuurdanser Till Lindemann stond in een spattende vonkenregen, vatte vanaf de olielaarzen langzaam maar onherroepelijk vlam en schreeuwde naar de hemel: 'Und das Atmen fällt mir ach so schwer, weh mir, oh weh. Und die Vögel singen nicht mehr.' Bruut en kwetsbaar, kitsch en kunst, Wagner en Mahler, vuur en tranen; prachtig mooi Rammstein.

De Berlijnse band hakte er met Germaanse overtuigingskracht in, meteen al bij de debuutplaat Herzeleid (1995) en bijna eng-Duitse beukliederen als Wollt ihr das Bett in Flammen sehen. De Duitse popmuziek komt meestal tot ons in breed oprukkende bewegingen, en de golf waarop Rammstein begin jaren negentig dreef heette 'Neue Deutsche Härte', oftewel nieuwe Duitse hardheid. En nieuw en hard was Rammstein, met strakke gitaarriffs uit de metal en industriële rock, op mechanische en afstompende synthesizers en technoritmes. 'Tanzmetall', vond de band zelf. Ook mooi gevonden.

(Tekst gaat verder onder foto).

The Beatles

Alle muziek van The Beatles is nu wel zo ongeveer geremasterd. Je kunt geen cd- of vinylboxen in stereo en mono blijven uitbrengen. Dus richten de rechthebbenden van de Fab Four-catalogus zich dit jaar in december maar op beeldmateriaal. Uitgangspunt is de best verkochte cd van het vorige decennium: The Beatles 1. Bij 27 Beatles-hits is nu gepast beeldmateriaal gevonden en het oogt en klinkt geweldig. Van Love Me Do via Paperback Writer naar The Long and Winding Road is het in beeld te volgen. Sommige clips kennen we uit Anthology van twintig jaar geleden, maar veel zien we nu voor het eerst.

Beeld Studio V

Maar Rammstein werd niet groot op de dansvloer. Rammstein groeide uit tot megaband dankzij bizarre theatrale optredens, niet meer te controleren vlammenzeeën op het podium en teksten waarmee Till Lindemann je het plaatsvervangend schaamrood op de kaken zong: 'Du riechst so gut. Ich geh dir hinterher.'

Toch bleef ook altijd dat kleine hartje van Rammstein kloppen, op de platen en bij de shows. Lindemann en bandgenoten maakten in de loop van zes albums een serie gevoelige liedjes, nog steeds over dood en existentiële onmacht, maar mooi genoeg om in 2003 door het Duitse orkest Dresdner Sinfoniker en operazanger René Pape in een liederencyclus te worden vervat, getiteld Mein Herz brennt.

Een nieuwe plaat van Rammstein wordt verwacht in 2016, na een lange stilte. We moeten het dus nog even doen met een weergaloze en hoogglanzende heruitgave van Rammsteins albums op dubbel vinyl, alle voorzien van royale fotoboeken en inclusief een album met vele extra's. Om de Rammstein Vinyl Box Set én het aangekondigde optreden op Pinkpop 2016 te vieren, luisteren we tijdens de feestdagen naar een top-5 van meest fijnbesnaarde en teerhartige Rammsteinliedjes.

5 Seemann (Herzeleid, 1995)

Dat trillende hoge stemmetje, dat zingt: 'Wo willst du hin, so ganz allein, treibst du davon', is dat ook het wrede zangbeest Till Lindemann? Zeker wel, en al op de eerste plaat Herzeleid liet Rammstein zich van een gevoelige kant horen. Seemann is een onheilspellend liedje over de dood, dat zo uit een fantasyroman van Stephen King kan zijn gedreven. Het bootje uit Seemann steekt de rivier over die onze wereld scheidt van Hades, begeleid door neuriënde gitaren. De schipper probeert ons over te halen in te stappen en de aardse ellende achter ons te laten. 'So gnadenlos ist nur die Nacht', zingt Lindemann. 'Die Zeit steht still, und mir ist kalt.'

Beeld Studio V

4 Ohne Dich (Reise, Reise, 2004)

De bekendste Rammstein-ballade, en een verplicht nummer in de live-shows van de band. Bij Ohne Dich, een langzaam wiegend lied dat een vriendelijke hand lijkt uit te steken naar de Duitse liederen- en zelfs schlagercultuur, haalt Rammstein alle vuurwerk uit de bunker en mag Lindemann in lichterlaaie zingen dat wij mensen uiteindelijk allemaal alleen achterblijven in de stikdonkere nacht. Het refrein, dat wordt gestut door toch nog een zware gitaarlaag, laat wat dat betreft aan duidelijkheid niets te wensen over: 'Ohne dich kann ich nicht sein, mit dir bin ich auch allein.'

Beeld Studio V

3 Mein Herz brennt (Mutter, 2001)

Op de derde plaat, Mutter, zoekt Rammstein geborgenheid, en dat is te zien aan het fotowerk bij het album. Op de cover een foetus, en binnenin zien we de Rammstein-mannen drijven op sterk water, in baarmoederlijke veiligheid. Mein Herz brennt is op het eerste gehoor zeker geen sensibel liedje. Het refrein is bombastisch en lijkt geleend uit de gothic metal van de meer bedenkelijke soort, vooral door die stotende violen en cello's.

Toch is Mein Herz brennt zo'n typisch theatraal Rammstein-liedje waarin je even blijft hangen, al was het maar om je eigen nachtmerries te bezweren. 'Mit diesem Herz hab ich die Macht, die Augenlider zu erpressen. Ich singe bis der Tag erwacht.' Logisch eigenlijk dat dit archetypische Rammstein-lied het in de handen van het Dresdner Sinfoniker en de Duitse bas-zanger René Pape schopte tot de klassieke liederencyclus. Rammstein zelf nam het nummer ook op in klassieke setting, met een overdreven en nogal opera-achtig articulerende Lindemann aan de piano. Fraai, hoe een verstilde piano hier het beukende refrein doet vergeten. Het nummer staat op de bonusplaat Raritäten, als extra bij het verzamelde Rammstein-werk op vinyl.

2 Klavier (Sehnsucht, 1997)

De liedjes op Sehnsucht, de tweede plaat van Rammstein, zitten vol verknipte seksualiteit, incest en sadomasochisme, plus nog wat huiselijke gewelddadigheden. Troosteloos triest is het nummer Klavier, waarin Till Lindemann een beeld oproept uit een grimmig sprookjesboek. In een groot en verlaten huis speelt een vrouw op een verstofte piano. Achter haar de protagonist van dit lied: een bang jongetje, dat denkt dat de pianiste alleen voor hem speelt.

Het refrein is donker en dreigend als een naderend onweer, en jawel, daar zwaait de deur naar de verborgen kamer al open. Moeder vlucht, vader slaat op de kleine jongen in. De Rammstein-gitaren zoemen in oneindige mineur en laten de luisteraar in verbijstering achter, zeker bij de raadselachtige wending in de tekst: 'Es hatte nur den Schein, sie spielt für mich allein. Ich goss ihr Blut, ins Feuer meiner Wut.'

De horror - en dus Rammstein op z'n best.

Beeld Studio V

1 Frühling in Paris (Liebe ist für alle da, 2009)

Omdat wij allen hopen dat het weer lente wordt in Parijs. Frühling in Paris is een zeldzaam liefdesliedje van Rammstein, zonder al te veel zwartgallige bijbedoelingen. Lindemann is bijna teder als hij zingt over de verlegen jongeman die in Parijs tegen de liefde van zijn leven aanloopt. 'Ich kannte meinen Körper nicht, den Anblick so gescheut. Sie hat ihn mir bei Licht gezeigt, Ich hab es nie bereut.'

Kalverliefde, zoals het hoort bezongen bij tokkelende gitaren. Bij het refrein steekt toch de storm weer op, draaien de melancholieke gitaren om elkaar heen, en zingt Lindemann helaas zijn fatalistisch slotakkoord: 'Wenn ich ihre Haut verliess, der Frühling blutet in Paris.'

De Vinyl Box Set van Rammstein, met zeven dubbelalbums op vinyl, is verschenen bij Universal. De liedjes in de top-5 zijn allen te vinden op Youtube, als stream op de streamingdienst Spotify en via Volkskrant.nl/muziek.

Beeld Studio V

Underworld

Het was ook het jaar van Underworld. De Britse danceband kwam in 2015 niet met een nieuwe plaat, maar met een concertreeks waarin Karl Hyde, Rick Smith en Darren Price hun meesterwerk Dubnobasswithmyhead (1994) integraal naspeelden. Deze plaat verscheen al in luxe heruitgave, en we kunnen het Underworld-jaar afsluiten met opnieuw een 'reissue'.

Op Second Toughest in the Infants (1996) liet Underworld de jachtige drum-'n-bass toe tot het warme en dub-achtige elektronische lab. Langgerekte en samengestelde tracks als Juanita: Kiteless: To Dream of Love waren misschien minder pakkend dan de nummers op de voorganger, maar niet minder verleidelijk. De fragmentarische tekstflarden van Hyde ademden de tijdgeest van opkomende techniek, internet, het snelle leven.

Bij de 'superdeluxe' editie, inclusief kunstboek, dreunt de geremasterde plaat bol uit de speakers, maar er valt meer te genieten. Op de derde cd, vol demo's en voorstudies, is te horen hoe Underworld de muzikale ideeën steeds verder uitwerkte, op weg naar de ultieme track. Zo is Hyde in een vroege versie van Confusion the Waitress bijna improviserend te horen op een kale bas en een minimaal synth- akkoord. Uit de albumversie blijkt hoeveel aandacht daarna werd besteed aan detail en textuur: geen hi-hat te veel, en dat ene akkoord is nu hoofdthema.

Het mooist is de vierde cd, waarin Born Slippy, dat later als bonus bij de plaat verscheen, wordt gevolgd van oerversie, via prille live-uitvoeringen tot de Britse club- en filmscorehit (Trainspotting, 1996). Bijzonder is een opname van Born Slippy uit Paradiso, bij de clubavond Welcome to the Future uit 1994: een ijzige technotrack, ver verwijderd van de latere opwindende hitversie.

Door: Robert van Gijssel


The Jam

Dat The Jam rond 1980 een van de populairste Engelse gitaarbands was, had veel te maken met de podiumreputatie van het trio uit Woking, geleid door de piepjonge Paul Weller. The Jam sloot qua vaart en agitatie aan bij de punk, maar hoorde qua kleding (maatpakken) en muzikale invloeden (sixties soul en r&b) eerder tot de 'mod revival'. Ze golden als een strakkere en beter onderlegde formatie dan de doorsneepunkband.

Daarvan getuigt Fire and Skill, het gedroomde livedocument: zes cd's, zes concertregistraties, één uit elk succesjaar (1977-1982). Het eindigt in de Wembley Arena, december 1982, voor 12.500 fans, een week voor het afscheidsconcert. Maar misschien is de eerste cd wel het leukst: The Jam in de 100 Club in Londen, september 1977, toen er pas één album was en de band veel soulkrakers speelde, van Sweet Soul Music (Arthur Conley) tot Heat Wave (Martha & The Vandellas) .

Het klinkt allemaal als een klok, zowel geluidstechnisch als qua spel: even energiek als hecht, met opmerkelijk goede samenzang. Een puik liedje als That's Entertainment ontbreekt op Fire and Skill, maar verder valt hier niets te klagen.

Door: Menno Pot

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden