Deze expositie pelt af tot de echte Botticelli overblijft

Botticelli's Venus is een oerbeeld, eindeloos nagevolgd. Een expositie in Berlijn pelt af tot de echte Botticelli overblijft.

Sandro Botticelli, Venus, circa 1490, Gemäldegalerie Berlijn, links Rineke Dijkstra, Hilton Head IsIand, South Carolina, USA, 24 June 1992, Marian Goodman Gallery Parijs. Rechts: Rineke Dijkstra, Kolobrzeg, Poland, 26 July 1992, Tate Londen.Beeld Achim Kleuker/ Gemäldegalerie Berlin.

U dacht dat de roem van onze bejubelde oude meesters altijd even groot was geweest? Hier is een leuk verhaal. In 1867 kocht de Britse kunstenaar Dante Gabriel Rosetti in Londen een portret van de renaissanceschilder Sandro Botticelli voor 20 pond. En nee, dat was niet de prijs van een villa in die tijd. 20 pond was, nou ja, een leuk bedrag om een paar dagen van op vakantie te gaan. Voor 4 pond liet hij het werk schoonmaken. Ik ga me er niet aan wagen in te schatten wat dit portret van Smeralda Bandinelli (1470-'75), nu in bezit van het Victoria and Albert Museum in Londen, op de kunstmarkt zou opbrengen, maar geloof me dat het in de tientallen miljoenen loopt. Dante Gabriel Rosetti vond Botticelli geweldig en dat is goed te zien, vooral aan die slappe vrouwenhandjes met lange vingers op zijn eigen schilderijen. Die lijken erg op die van Botticelli. Rosetti schilderde als het ware een soort verveelde versies van Botticelli's dames. Maar goed, dertien jaar na zijn aankoop verkocht Rosetti het portret voor een klaterende 340 pond. Bijna zestien keer zo veel. 'Ik ben handelaar geworden!', schreef hij aan zijn vriendin Jane Morris, 'het idee om kunst te verkopen die je zelf niet hebt hoeven schilderen is werkelijk geweldig. Als Michelangelo op deze manier bloed had geroken, hadden we nu nooit een Sixtijnse Kapel gehad!'

Vandaag ja, vandaag is Sandro Botticelli een beroemde kunstenaar. Maar dat was hij niet altijd. Zo ontvouwt de Gemäldegalerie in Berlijn - en over vier maanden het Victoria and Albert Museum in Londen - een tentoonstelling die eigenlijk gaat over de vraag hoe wij geschiedenis maken. Wat vinden we belangrijk op welk moment? Nou, Botticelli dus niet in de 17de, 18de en begin 19de eeuw, dat wordt duidelijk. Vandaar de titel De renaissance van Botticelli: Botticelli's wedergeboorte. Want in de 19de en vooral de 20ste eeuw kreeg zijn werk ineens vleugels. En één werk in het bijzonder: Venus.

(Tekst gaat verder onder foto).

Botticelli, Portret van Smeralda Bandinelli, circa 1470-'75, vroeger bezit van Dante Gabriel Rosetti.Beeld Victoria and Albert Museum, London

De vrouw zelf

Je kon er eigenlijk op wachten dat dit ooit eens gedaan zou worden, zo vanzelfsprekend voelt het als je er in zaal 1 voor staat: twee van Rineke Dijkstra's tienermeisjes op het strand - onwennig, van laag standpunt geschoten, de smalle heup gekanteld - hangen aan beide zijden van hun grote archetype: de 15de-eeuwse Venus van Botticelli. Met wapperende haren van bladgoud die galant haar schaamstreek bedekken. Het is niet dé Venus van Botticelli, die ene die uit de zee komt aanwaaien op een schelp terwijl de wind van links rozen naar haar blaast en een van de Gratiën rechts een doek klaarhoudt om haar te kleden als ze aanspoelt. Díé Venus rijst voor altijd, maar reist nooit meer. Die blijft in Florence.

Maar de Gemäldegalerie in Berlijn heeft een andere versie van Botticelli's eigen hand, een sterke bovendien, waarin alles draait om de vrouw zelf want ze staat tegen een zwarte achtergrond. En daar hangt ze dus tussen haar latere adepten: van David LaChapelle, Orlan, en Cindy Sherman, van Dolce & Gabbana (een jurk en een pak waarop ze zelf eindeloos staat geprint), Yin Xin, en Tomoko Nagao. Ze blijft met haar laat-middeleeuwse strakke lijfje wonderwel overeind tussen het moderne kleurengeweld. Er is een groot werk van Robert Rauschenberg, Swim / ROCI USA (1975), een spiegel met daarop een beeld van haar, een wasrek en een bootmast. Dat hangt recht tegenover de Botticelli, dus Venus wordt weerspiegeld en mét haar de meisjes van Rineke Dijkstra uit Polen en Californië. Deze openingszaal is een spiegelpaleis van vrouwenlijven die elkaar herhalen; de wapperende haren, de galant gezakte heup, de quasi-verlegenheid, de afwachtende blik. Is this how you like me?

Andy Warhol, Details of Renaissance Paintings (Sandro Botticelli, The Birth of Venus, 1482), 1984.Beeld Menno Pelser

Geliefd onderwerp

Iedereen kent Botticelli; ook wie hem niet kent. Dat is wat hier gezegd wordt. Waar denk je dat Halle Berry's beroemde bikiniscène in Die Another Day op teruggaat? En die van Ursula Andress als Honey Rider in Dr. No? Die heeft nog een schelp in haar hand ook. Botticelli schilderde het eerste 'geweldige uitzicht' op Venus, alsof het de uitvinding van de ideale vrouw zelve betrof. En in veel opzichten was dat ook zo; het bijbelverhaal van Eva (neem een rib van Adam en klei er een vrouw van) leent zich toch een stuk minder voor zo'n zinnenprikkelend verhaal als de geboorte van Venus uit het ruige schuim van de zee (zie kader).

Dat verklaart een deel van de interesse van al die mannelijke en vrouwelijke moderne kunstenaars voor dat ene schilderij. Dus dit is het, dachten ze, de ideale vrouw. Hiertoe moeten we ons verhouden. In een toenemend maakbare samenleving (eind 20ste eeuw) met een toenemend aantal vrouwelijke kunstenaars is het niet vreemd dat Venus een geliefd onderwerp werd. We zien de Franse kunstenares Orlan op jonge leeftijd in poses voor de camera (1974-'75), weifelend als een Dijkstra-model, terwijl wij kijkers van nu weten dat ze jaren later talloze operaties onderging als 'kunst-ingrepen' om tot de ideale vrouw (Venus, Mona Lisa, et cetera) te worden omgebouwd. Ook de mannen maken hun punt; Andy Warhol bracht haar terug tot gezicht met wapperende haren en maakte van haar beeltenis een kleurrijk popicoon als van een filmster. Een 15de-eeuws meisje als Marilyn Monroe of Monica Belucci. Venus als stempel, een eindeloos herhaalbaar beeld.

De Gemäldegalerie toont hoe de oude kunst in ons collectieve brein sluipt en alom bekend kan worden, tot in reclamespotjes en slaolieposters aan toe. Ik zag niet eerder een tentoonstelling die zo 'afpelt' van nu naar toen: eerst de Botticelli die we kennen, maar veelal niet herkennen, en dan terug naar de meester zelf. Daarin schuilt ook de kracht: het confronteert ons met de maakbaarheid van de (kunst)geschiedenis, doordat het laat zien dat elke periode eigen voorkeuren heeft en zijn eigen selectie maakt.

Vierfasenstructuur

Dit 'afpellende' verhaal verloopt in een gewiekste vierfasenstructuur die veel weg heeft van een moderne hadj naar Mekka, want in de laatste zaal staat een grote zwarte doos waaromheen men 'eindeloos rondjes kan lopen' (aldus conservator Ruben Rebmann). Aan de muren van die zwarte doos hangen schilderijen van Botticelli - althans die waarvan kunsthistorici werkelijk denken dat hij ze maakte. Loop niet één rondje, niet twee, maar blijf lopen en realiseer je wat de geschiedenis en massamedia hebben gedaan: eerst werd dit oeuvre gecreëerd op basis van stijl en vergelijking, veelal in de 19de eeuw, en daarna werd het oeuvre van de meester teruggebracht tot één schilderij. Serieus, althans, voor de massa. Hoe bereikbaar de wereld ook is geworden en hoe vindbaar en reproduceerbaar afbeeldingen van kunstwerken ook zijn: googel Botticelli en van de eerste honderd hits gaan er zeventig over Venus. Wij hebben Botticelli teruggevonden, zijn oeuvre vergroot en toen vrijwillig weer verkleind door er één uit te roepen tot übericoon.

Hier langs de zwarte doos hangt de laag die voor liefhebbers van oude kunst nog wel herkenning zal oproepen - onder meer de prachtige Simonetta Vespucci, La Bella Simonetta, met haar sierlijke vlechten en opgestoken haar hangt hier, én Smeralda Bandinelli, die van Dante Gabriël Rosseti's dus - maar voor de meeste mensen toch veel nieuws zal bevatten. De schilder van Venus blijkt veelzijdig en vooral sierlijk. Een schilder die duidelijk met zijn voeten in de Middeleeuwen staat: dit is een halve generatie vóór Rafaël en Michelangelo. Zijn vrouwen zijn schetsmatiger en platter, mogelijk de reden dat ze bij popartkunstenaars in de smaak vielen. Ze hebben iets van cartoons, dat valt niet te ontkennen. Het zachte van Leonardo, dat je met je vinger in het vlees van een wang zou willen duwen, en de moederkindintimiteit van Rafaëls Madonna's, die ontbreken hier nog.

Bijna alles verbrand

Het scheelde een haar of Botticelli zelf had al zijn Venussen verbrand. De kunstenaar was namelijk kortstondig in de ban van boeteprediker Girolamo Savonarola, die zich verzette tegen ketterij en heidense voorstellingen. Botticelli verbrandde naar verluidt verschillende van zijn eigen kunstwerken. Savonarola’s invloed op hem was echter kortstondig. In 1498 werd Savonarola opgehangen en verbrand op de Piazza Signoria in Florence.

Ontreedbaar

Binnen in die zwarte doos zelf trouwens hangt het belangrijkste, althans dat wat in de hedendaagse kunstwetenschap wordt verstaan onder het heiligste: authentieke, gesigneerde werken van de meester. De énige twee werken die door hem gesigneerd werden, iets wat in die dagen nog nauwelijks gebeurde. Op de een (een tekening uit 1492) staat minuscuul 'Sandro di Mariano' , op de ander, een voorstelling van de mystieke geboorte van Christus, staat een Griekse inscriptie die meldt dat 'ik, Alexander' dit werk in 1500 heeft gemaakt met nog wat toelichting over de omstandigheden. Het is de apotheose van de tentoonstelling en typerend, bijna op het satirische af, dat die twee werkjes zó als een heilige graal in een roodverlichte ruimte hangen, als was het een juwelendoosje. Je ogen worden bijna verblind, je herkent de omgeving niet meer. Ik bemerkte dat ik zachtjes zat te neuriën: trek toch uwe schoenen uit want de plaats waar u staat is heilig... Je durft er bijna niet binnen te stappen, het voelt als het onbetreedbare deel achter een altaar. Dit is zo'n over-de-topbenadrukking van de onaanraakbaarheid van de Echte Kunstenaar dat je het bijna een ironische expositie kunt noemen. Botticelli voor hipsters: we bespotten de overdrijving die we zelf creëerden. In het tijdperk van het alomtegenwoordige beeld, de eindeloze circulatie van duizenden en duizenden beelden die ons dagelijks passeren, is het authentieke beeld heilig geworden.

Maar het doet de tentoonstelling geen recht het slechts op deze Monty Pythonachtige apotheose af te rekenen. Er zit een oprechte zoektocht in naar de oorspronkelijke Botticelli en de eigen manier van kijken wordt met analytische afstand belicht. Botticelli krijgt weer een kans en we mogen zelf beslissen hoe we hem zien. Voor mij is dat: een kunstenaar van dromerige voorstellingen die nét voldoende van de werkelijkheid verwijderd zijn om ze als droom te ervaren; een glasheldere, aantrekkelijke illusie. Je kunt je eigen werkelijkheid ermee vergelijken, ook als vrouw, maar het slaat je niet neer als onhaalbaar ideaal. Het is net droom genoeg. En tot dromen willen we ons verhouden.

Venus uit de zee

Sandro Botticelli was de eerste schilder in de Renaissance die mythologische voorstellingen maakte. Zoals De geboorte van Venus (1485), waarbij de godin op een schelp - symbool voor de vagina - uit zee aandrijft. Volgens de Grieken was Gaia (godin-moeder en schepper van de aarde) getrouwd met Uranus (god van de hemel). Die sloot zijn kinderen op in de buik van zijn moeder, die daardoor ondraaglijke pijn leed. Een van de kinderen, titaan Cronos, wreekte zijn moeder. Vanuit de buik castreerde hij zijn vader met een sikkel toen die zijn moeder penetreerde en wierp de afgesneden delen in de zee, waar bloed en zaad zich mengden tot schuim. Daaruit werd Aphrodite (Venus) geboren, godin van liefde en vruchtbaarheid, die aanspoelde op Cyprus.

Der Botticelli Renaissance t/m 24/1, Gemäldegalerie (onderdeel Staatliche Museen zu Berlin) op Kulturforum Berlijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden