Design mag ook om te lachen zijn - voor je het weet zit je op een hotdogbank

Design hoeft niet meer serieus en esthetisch te zijn, maar mag ons een lachspiegel voorhouden. Zo kan het dus gebeuren dat je opeens op een bank in de vorm van een hotdog zit.

Hot Dog Sofa van Studio Job. Beeld Anna Kiosse

Zelfs aan de schijfjes tomaat en komkommer is gedacht - ze liggen losjes als kussentjes op de zitting. De worst zelf is een bruin rugkussen, met over de volle kromme lengte een streepje mosterd. De zitting en rugleuning van deze bank ogen als een opengeklapt broodje, inclusief goudgele sesamzaadjes op de bovenkant. Fijn detail ook: de poten zijn van goud. Lelijk is niet eens het woord voor deze cartooneske sofa van Studio Job voor het Italiaanse meubelmerk Seletti. De stof is immers van superieure kwaliteit, de proporties kloppen en het kleurgebruik is aangenaam. Het is vooral wansmaak. Een hotdog in je huiskamer, wie wil dat nou? Toch oefent deze banaliteit op mij een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit. Ik ben gefascineerd door de Hot Dog Sofa, als een kind dat zijn oog niet kan afhouden van die wrat op de kin of dat restje spinazie tussen de tanden van een volwassene. Het is iets wat niet klopt, niet hóórt bijna.

Een hotdog als sofa - je kunt er natuurlijk ook je schouders over ophalen. Het Nederlandse ontwerpduo Studio Job is tenslotte het koningspaar van de wansmaak. Neem dat vloerkleed dat eruitziet als een dartbord of die kat met lichtgevende ogen (de aan-en-uitknop van deze kattenlamp zit verstopt in het poepertje). Ook compleet over de top is een roze lamp die als een slappe tiet aan de muur hangt, alleen de bruine tepel steekt parmantig vooruit. Maar Job Smeets en Nynke Tynagel zijn allang niet meer de enige ontwerpers met een hang naar het vulgaire en absurde. Een Nieuwe Lelijkheid rukt op. En het voelt als een guilty pleasure.

Horse Lamp Vloerlamp van Front (voor Moooi). Beeld Anna Kiosse

Weg met de gelikte ledlampen die lijken ontworpen in een windtunnel, dacht het peperdure lampenmerk Foscarini, en kwam aanzetten met de tafellamp Filo, die lijkt op een bundel oude kapjes, peertjes en snoeren van de rommelmarkt. Dit design wil een souvenir zijn. Een souvenir! Ronduit wanstaltig is de nostalgische Rockcoco, een ouderwetse kroonluchter van doorschijnend plastic van de makers van de Fatboy, dat vormloze zitkussen dat ook al geen toonbeeld is van hoe het eigenlijk heurt. Of dat stoeltje van verguld aluminium dat eruitziet als in elkaar gevouwen opblaasballonnen van Marcel Wanders, nog zo'n ontwerper die scheert langs de grenzen van goede smaak en wansmaak. Dit design is letterlijk licht en luchtig, wat ook weleens een verademing is. Het is hyperrealistisch en in al zijn banaliteit juist authentiek en puur, als een alternatief voor de schoongepoetste 'insta-esthetiek'.

Maar achter deze ontregelende absurditeit schuilt een relativerende ernst. Het is design dat ons een lachspiegel voorhoudt. De Nieuwe Lelijkheid werd niet voor niets twee jaar geleden ingeleid door Maarten Baas, met de presentatie van groteske lachspiegels in een misvormde bronzen lijst met kermislichtjes op de Milanese designbeurs Salone del Mobile. De wereld is immers gelaagder en complexer dan mooi of lelijk, kunst of kitsch. Design zou recht moeten doen aan deze alledaagse complexiteit. Het koddige lampje Betoo van Richard Hutten doet denken aan het Disneyrobotje Wall-E. Dat robots ons leven gaan veranderen, daarvan zijn we allang doordrongen. De vraag is hoe. En als je iets niet begrijpt, kun je er maar beter om lachen, toch?

Cat Lamp van Studio Job (allebei voor Selletti). Beeld Anna Kiosse

Een opvallend ontwerp op de laatste eindexamenshow van de Design Academy Eindhoven was een kussentje met daarop een bil-selfie van Kim Kardashian. Door deze 'bilfie' af te beelden op een kussen - een alledaags object dat geborgenheid biedt - becommentarieert de jonge ontwerper Melanie De Luca de bizarre drang om een intieme foto van je kont te delen met de hele wereld. Laten we deze gebeeldhouwde kunstbillen dan maar tegen de borst drukken, is haar groteske overdrijving. Lach maar, is ook de dubbelzinnige boodschap van ontwerptalent Nicolas Chuard, die gelijktijdig afstudeerde aan de Rietveld Academie in Amsterdam met reusachtige xtc-pillen en valiumtabletten die als een wipkip heen en weer bewegen. Want hoe bizar is het dat we tegenwoordig uppers en downers nodig hebben om normaal te kunnen functioneren? Het zijn ogenschijnlijk functieloze objecten, maar de waarde van de bevrijdende lach die ze uitlokken, moeten we niet onderschatten. Deze uitvergroting van de alomtegenwoordige banaliteit levert onverwachte inzichten en nieuwe betekenissen.

De toon mag licht zijn, zware en urgente maatschappelijke vraagstukken worden niet geschuwd. Met zijn Money Sock reageert Jelle Mastenbroek op het ontspoorde financiële systeem met bitcoinspeculatie en onbegrijpelijke valuta-derivaten. In een transparante glazen kluis hangt hij een witte sportsok. Elke munt die in deze cheesy spaarpot wordt gegooid, rolt eerst over een metalen klankkastje, zodat er een melodietje klinkt. Mastenbroek maakt sparen niet alleen veilig, maar ook leuk. En anders is er altijd nog het designspaarvarken The Killing of the Piggy Bank met gouden hamertje van Marcel Wanders. De speelse ironie is geleend van ontwerpplatform Droog, het vulgaire zinnebeeld - varkens, witte sportsokken, bilfies - is nieuw.

Carbon Balloon Chair door Marcel Wanders. Beeld Anna Kiosse

Het heeft ook iets anti-elitairs, deze Nieuwe Lelijkheid. De goede smaak dicteert weer alsof het modernisme nooit is weggeweest. Voor je het weet, ben je proleet of anders leef je wel in een wooncliché. Niet alleen moet design voldoen aan strenge esthetische eisen, het moet ook nog eens duurzaam en maatschappelijk verantwoord zijn. Meubels moeten van plantaardig plastic of gerecyclede petflessen zijn gemaakt, of anders toch worden gemaakt door alleenstaande moeders in Bangladesh. De aankoop van een leuke nieuwe bank wordt op deze manier een nobele plicht. Hoe fijn is het dan om daartegen te rebelleren met een huiskamer vol kitsch en lompe humor. Een hotdogsofa wordt opeens een daad van verzet.

De door Twitter en referenda opgehitste massa laat zich niets meer voorschrijven, en al helemaal niet de goede smaak van de grachtengordel of andere elites. Niet voor niets herintroduceerde meubelproducent Lensvelt - altijd goed voor een dijenkletser, denk aan de gele kasten met grote bronzen sleutel, een ontwerp van Studio Job, wie anders? - de 'relax chair' die met een ruk aan een hendel achterover klapt, waarbij een voetbankje opwipt. Het is de kleinburgerlijke troon van antihelden als jarenzeventigmopperkont Archie Bunker. Kunstenaar Joep van Lieshout heeft dit stompzinnige meubel uitgebeend tot een eigentijdse zitmachine voor de boze burger die het even niet meer begrijpt, door al die kleurpieten en genderneutrale wc's.

The Killing of the Piggy Bank door Marcel Wanders (voor Moooi). Beeld Anna Kiosse

Het kan dan ook geen toeval zijn dat het postmodernisme uitgerekend nu zijn eerste comeback beleeft. In de jaren tachtig verhief het ontwerpcollectief Memphis, de vaandeldrager van het postmodernisme, wansmaak tot schoonheidsideaal met tafelbladen op Romeinse zuilen, schuine kasten of sculpturale lampen vol Afrikaanse prints, goedkoop laminaat, glimmend chroom en vooral veel pastelkleurtjes. Alles kon, zolang het maar een emotie uitlokte, desnoods walging. Het modernistische credo less is more werd vervangen door less is a bore. Dat is nu weer nieuw leven ingeblazen, als eerste door het Nederlandse label Moooi met levensgrote paarden met een lampenkapje op het hoofd of een gotische kasteelstoel van geel plastic met paarse knoppen. Ook Kartell, fabrikant van gekleurd designplastic, grossiert in knotsgekke schemerlampen en neobarokke stoelen. Bovendien werd onlangs een collectie met niet eerder gemaakte ontwerpen van Memphis-oprichter Sottsass gelanceerd. Inmiddels waagt zelfs een strenge minimalist als de Duitser Konstantin Grcic zich aan postmoderne frivoliteiten met zijn gele Samson Chair (voor Magis) met een buitensporige buisconstructie.

Dit lawaaierige feelgooddesign is een probaat middel tegen het grauwe tijdsbeeld van oorlog, economische crisis en klimaatverandering. Want laten we vooral niet vergeten dat design ook troostend kan zijn. Of simpelweg leuk. Balanceren we niet allemaal tussen de lach en de traan? Waarom zouden onze huiskamers dan niet een vat vol tegenstrijdigheden en rauwe emoties mogen zijn? Laten we daarom de Nieuwe Lelijkheid vieren. Ze mag er zijn, net zo goed als de ingetogen keurigheid van Ikea of de verantwoorde designklassieker - als een reminder dat we ook maar mensen zijn, primitief en schaamteloos en ook vol levenslust.

Voor wie het echt niet trekt, dit ordinaire gebrul, geen paniek. Het gaat vanzelf voorbij. Het Scandinavisch minimalisme schijnt alweer aan een opmars bezig te zijn.

Filo Tafellamp (Foscarini).
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden