PROFIEL

De zoon die op zijn moeder lijkt: ijdel, bangig en overbeleefd

Na twee eerdere nominaties heeft Adriaan van Dis de Libris Literatuur Prijs gekregen voor zijn roman 'Ik kom terug'. Over 'een naar mens', geschreven in zijn eigen vrijtaal.

Adriaan van Dis. Beeld anp

Het lange wachten werd beloond. Adriaan van Dis (68), die twintig jaar geleden al aan de Libris-dis zat toen hij was genomineerd voor zijn roman Indische duinen, en die in 2011 opnieuw moest opdraven vanwege Tikkop, kon maandagavond even na tienen zijn klinkende dankwoord uitspreken: voor zijn jongste succes Ik kom terug werd hem in het hoofdstedelijke Amstel Hotel door juryvoorzitter Wim Pijbes de 22ste Libris Literatuur Prijs van 50 duizend euro uitgereikt.

De andere genomineerden waren Esther Gerritsen (die de troostprijs al binnen had; volgend jaar schrijft ze het Boekenweekgeschenk), Kees 't Hart, Gustaaf Peek, Peter Terrin en Niña Weijers (die voor haar debuut De consequenties al de Anton Wachter Prijs won).

Moeder en zoon

In de autobiografische roman Ik kom terug verdiept Van Dis zich alsnog in zijn ruim drie jaar geleden gestorven moeder - een antroposofisch angehauchte liberaal, volgens hem 'een naar mens' - als ze bijna 100 jaar is en in een verzorgingstehuis zit. Ze wil de schrijver haar levensverhaal prijsgeven als hij haar een zachte dood toezegt. Zo hebben moeder en zoon elkaar in de tang. Ze lijken op elkaar: allebei ijdel, bangig, overbeleefd. Kunnen goed liegen, al is het maar om het leven draaglijk te houden.

Zij wil dat hij haar helpt met ordentelijk sterven ('Als je niet opschiet doe ik het zelf. En dan wordt het een rommel hoor'), hij wil dat zij hem aan een boek helpt, en moet daar offers voor brengen die zijn wellevendheid beproeven: 'Ze neusde in mijn aantekeningen, eiste verbeteringen en als ik protesteerde zette ze haar kwalen in. En hup, daar stroopte ze weer een steunkous af en oliede ik haar schilferbenen. Ik kromp tot knecht. Maar mijn hand verlangde naar een zweep.'

Als u had moeten kiezen tussen uw moeder en het boek, werd Van Dis voorgelegd in de Volkskrant van 8 november 2014. 'Het boek natuurlijk', was de kordate repliek. 'Ik verbrand mijn familie voor een boek.'

Zwijgen

Moeder Maria van Dis (1910-2010) kwam van het boerenland, haar eerste man werd tijdens de Japanse bezetting in toenmalig Nederlands-Indië onthoofd, zij was in de oorlog met drie dochters geïnterneerd in een jappenkamp. Daarna streek ze met haar getraumatiseerde en arbeidsongeschikt verklaarde tweede man Victor Mulder (met wie zij niet kon trouwen, daarom draagt hun zoon haar achternaam) en vier kinderen neer in Bergen aan Zee. De Indische vader stierf toen Adriaan 10 jaar was. De Nederlandse moeder zweeg frenetiek over alle pijn van het verleden, 'vluchtte in lezen' of wiekte op in esoterische nevelen. 'Haar gevoelsleven was weggeschroeid', veronderstelt de zoon.

Over zijn ongewone jeugd schreef Van Dis eerder in Familieziek (2002), Indische duinen (1994) en al in zijn debuut Nathan Sid (1987). Tijdens de urenlange zondagse rijsttafels in Bergen aan Zee hoorde Adriaan een andere taal dan de gebruikelijke - Nederlands doorspekt met Maleis, ritmischer en minder streng.

Daar en toen is zijn liefde geboren voor 'vrijtaal', zoals hij het noemt in zijn essaybundel Leeftocht (2007), een taal die vrijt en ruimte schenkt, en waarin de paradoxen en dubbelzinnigheden bestaansrecht hebben, zelfs thema kunnen zijn.

Uit de recensie in de Volkskrant, 15-11-2014

Adriaan van Dis heeft de gestorvene hoogstpersoonlijk een volgend leven gegeven, als markante romanfiguur. Door niet weg te rennen, maar te luisteren naar gevoelens, de zijne en de hare, en daar uiting aan te geven. 'Gehoorzaamheid aan het gevoel is beter dan je spieren verzuren.' De zoon wil het nog steeds niet horen, maar laat door middel van zijn zintuiglijke boek merken dat zij gelijk had.

Genomineerden (VLNR) Esther Gerritsen, Peter Terrin, Kees 't Hart, Nina Weijers, Adriaan van Dis en Gustaaf Peek poseren voor de uitreiking van de 22e Libris Literatuur Prijs. Beeld anp

Decadente flaneur

Existentiële tweeslachtigheid kenmerkt Van Dis. Hij is de decadente flaneur die in Parijs niet om problemen rond arme asielzoekers heen loopt (De wandelaar, 2007), de estheet met een schuldgevoel, de geëngageerde wereldreiziger die zijn gevoel voor stijl en decorum nooit zal verliezen.

Solist, vrijgezel, kinderloos. Na zijn studies Nederlands en Afrikaans is hij journalist bij NRC Handelsblad, waar de kookrubriek onder zijn handen uitgroeide tot de miniatuurtjes van zijn debuut. In de jaren 1983-1992 presentator van het vooralsnog enige goed bekeken boekenprogramma, Hier is... Adriaan van Dis, dat jaarlijks rond de Boekenweek een reprise krijgt in de zendtijd van De Wereld Draait Door. Ook maakt hij documentaires in Afrika (2008) en Indonesië (2012). Voor zijn eerstvolgende standplaats Jeruzalem, broeinest en strijdtoneel van onverzoenbare tegenstellingen, heeft hij zijn woning in de Achterhoek al opgegeven.

Uit het winnende boek 'ik kom terug'

Op mijn negentiende verliet ik het ouderlijk huis en likte de wonden van de moederliefde. Sindsdien hield ik afstand, als ik iets van haar had geleerd was het dat wel. Ze verzette zich niet, haar taak zat erop - ik was gevormd. Bovendien handelde ik volstrekt in overeenstemming met mijn door haar getrokken horoscopen. De pijl van de boogschutter schiet voorbij het eigen erf. Zo nu en dan bellen was genoeg, en drie keer per jaar op bezoek.

Na haar vijfentachtigste betrok mijn moeder een ouderwets rusthuis niet ver van de kust. Misschien kwam het door mijn verhuizing naar Parijs of door mijn vele reizen, maar een bezoek aan haar nieuwe onderkomen schoot er telkens bij in, en ik voelde me ook niet schuldig, de weinige keren dat ik even bij haar binnenwipte en zij me lauwe thee voorzette, keek ze nauwelijks op uit haar boek. Ik leek haar te storen. Ze kon zich prima alleen redden. Twee dochters overleden en eentje in het buitenland - nooit een klacht. ('Nee hoor, jullie hoeven niet te komen, ik heb het zelf ook veel te druk. Zie maar.') Helder van geest en naar eigen zeggen 'niet dood te krijgen'. Kom eens om zo'n moeder. Nee, veel-eisend kon ik haar niet noemen. Tot die dag dat ze mij belde: 'Wanneer ben je weer eens in Holland? Je moet iets voor me doen.'

'De beschaafde meneer'

Ook in Israël zal hij de observator zijn die nooit afzijdig wil blijven, de 'beschaafde meneer die tegelijk aan wonden wil pulken', die in de woelige wereld opgaat en toch een propere heer van stand blijft.

Voordat zijn alter ego meneer Mulder van Afrika naar Parijs vliegt, laat hij zich upgraden, schreef Van Dis in Tikkop (2010): 'Ook al zat er voor een paar honderd jaar gevangenisstraf in de business class, daar hoefde hij andermans elleboog tenminste niet te voelen.'

Met de revenuen van Ik kom terug en de Libris Prijs kan Adriaan van Dis zich deze standaard blijven veroorloven. Vrijheid die hij met zijn eigen vrijtaal heeft verdiend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden