Review

De zin en onzin van meditatie helder uiteengezet

Meditatie is business geworden, maar werkt het ook? Twee ervaringsdeskundige psychologen proberen het kaf van het koren te scheiden in de enorme berg meditatiestudies.

Beeld Deboah van der Schaaf

Als jonge, veelbelovende Harvard-psychologen kregen neurowetenschapper Richard Davidson en wetenschapsjournalist Daniel Goleman golven scepsis van vakgenoten over zich heen toen ze serieus onderzoek wilden doen naar meditatie, dat in de jaren zeventig nog geen enkele rol in de psychologie speelde. Psychologie houdt zich bezig met stoornissen, niet met het bewustzijn van gezonde mensen, luidde destijds de standaardrepliek.

Een kleine halve eeuw later kunnen beide pioniers constateren dat de teller van het aantal wetenschappelijke publicaties over meditatie jaarlijks royaal boven de duizend ligt - en dat is dan alleen nog in het Engels. Het verwante mindfulness heeft inmiddels breed ingang gevonden; veel bedrijven zijn ervan overtuigd dat hun werknemers er baat bij kunnen hebben, zorgverzekeraars brengen mindfulness-apps aan de man. Meditatie is business geworden.

Daniel Goleman en Richard Davidson, Meditatie - De blijvende effecten op lichaam, geest en hersenen, non-fictie.
Uit het Engels vertaald door Wybrand Scheffer.
Atlas Contact; 336 pagina's; euro 24,99.

Kaf van het koren

Dat is niet zonder gevaar, stellen Davidson en Goleman. Geld verdienen met meditatie is 'een recept voor gebakken lucht, teleurstelling en zelfs schandalen'. Op wetenschappelijk terrein dreigt een ander gevaar, namelijk dat van amateurisme. Onderzoek wordt veelal gedaan door wetenschappers die zelf dagelijks op een kussentje zitten.

Weliswaar behoren de auteurs ook tot die categorie (de dalai lama is een goede bekende), maar door alle ondervonden tegenwind hebben zij zich gewapend tegen hun eigen vooringenomenheid. Davidson heeft sceptici toegelaten tot zijn honderd man sterke onderzoeksgroep van neurowetenschappers, medici en statistici. Zij zijn verbonden aan de universiteit van Wisconsin, waar hij directeur is van het Center for Investigating Healthy Minds. Goleman, lange tijd wetenschapsjournalist van The New York Times, geniet wereldfaam door zijn bestseller Emotional Intelligence. Daarin munt hij dat begrip en betoogt dat het belangrijker is dan IQ.

In Meditatie scheiden beide auteurs bovenal het wetenschappelijke kaf van het koren. Wat weten we met zekerheid over de effecten van meditatie te zeggen, en wat weten we nog allemaal niet? Streng oordelen zij over het tot dusver verrichte onderzoek. Maar al te vaak blijkt dat kwalitatief pover - een verbijsterend laag aantal voldoet aan hun wetenschappelijke normen. De circa zestig studies die overeind blijven, bevatten gelukkig wel opmerkelijke bevindingen.

Tijdgeest

Hun benadering zou tot een tamelijk droog boek vol besprekingen van wetenschappelijke studies hebben geleid, ware het niet dat de auteurs hun eigen lotgevallen smakelijk in het verhaal hebben geweven. Eerlijk geven zij aan hoe en wanneer zij ook zelf amateuristisch te werk gingen, bijvoorbeeld vanwege te kleine controlegroepen of inmiddels achterhaalde technieken. Hun pad is er een van vallen en opstaan geweest.

Passend bij de tijdgeest van de jaren zeventig reisden de twee in hun Harvard-tijd naar India om er een keur aan swami's, yogi's en lama's te ontmoeten. Sommigen bleken charlatans, anderen maakten diepe indruk door de 'hemelse, liefdevolle ruimte' om hen heen en de 'totale harmonie' die zij over wisten te brengen. Hun ervaringen tijdens Indiase retraites overtuigden Davidson en Goleman ervan dat het mogelijk is de menselijke geest 'tot een toestand van totaal welbevinden te transformeren'. Hun verdere leven zouden zij wijden aan de poging de mensheid meer 'liefdevolle vriendelijkheid' bij te brengen.

Terug in New York bleken zij de mooie gevoelens van hun Indiase retraites niet te kunnen volhouden. 'Als de euforie voorbij is, ben je weer dezelfde sukkel als voorheen', constateerden ze. Maar aan de yogi's, de onbetwiste wereldkampioenen meditatie, hadden ze gezien dat een diepergaande verandering wel degelijk mogelijk is. Dus werd hun wetenschappelijke hoofdvraag: kan meditatie tot blijvende verandering leiden? Modern hersenonderzoek moest het harde bewijs opleveren.

Zoeken naar compassie

Begin jaren negentig leidde dat tot een even hilarische als vruchteloze expeditie naar de Himalaya. Om yogi-hersenen te onderzoeken, zeulden Davidson en zijn team met een loodzware bepakking over de bergflanken. Computermonitors, videoapparatuur, generatoren - 'het hele gezelschap zag eruit als een hopeloos verdwaalde rockband'. Een aanbevelingsbrief van de dalai lama zou de grotten van de yogi's moeten openen.

Tot hun ontsteltenis wenste geen van hen, 'allemaal even warm en vriendelijk', mee te werken. Ze zagen het nut van wetenschap niet in, laat staan van hersenonderzoek. Collectief lachten zij toen bij een demonstratie door de wetenschappers een proefpersoon met draden op zijn hoofd het podium op kwam. Niet die draden wekten de lachlust op, maar de westerse gedachte dat in het hoofd naar compassie kon worden gezocht. Kennelijk begrepen de westerlingen niet dat compassie zich in het hart bevindt.

Een decennium later diende zich de man aan die de kloof tussen oosterse contemplatie en westerse wetenschap wist te overbruggen, de Fransman Matthieu Ricard. Deze specialist in de moleculaire genetica had zijn wetenschappelijke carrière opgegeven voor een bestaan als boeddhistische monnik in India. Hij kon de meditatiemeesters het belang van wetenschap duidelijk maken. De wetenschappers kon hij voor culturele valkuilen behoeden. Vroegen zij een yogi bijvoorbeeld om 'een visualisatie', dan riep dat bij hem niet alleen een beeld op, maar ook een gevoel.

Weids bewustzijn

De kluizenaars verlieten hun berghellingen en ondergingen in een Amerikaans laboratorium al mediterend hersenscans. De uitkomsten waren sensationeel. Met name bleken zij langdurig sterk verhoogde gammagolven te hebben - de hersengolven die gewone stervelingen zeer kort ten deel vallen, bijvoorbeeld bij het oplossen van een raadsel. Tot dan toe had geen enkel herseninstituut deze golven meer dan enkele fracties van een seconde gemeten; bij deze yogi's konden gammastralen een volle minuut in diverse hersengebieden aanhouden. Ook in slaap bleek van dit verhoogde niveau sprake - het bewijs van blijvende verandering in de hersenen werd geleverd.

Wat die overmaat aan gammagolven precies teweegbrengt, is nog niet duidelijk - het duidt op een 'weids, panoramisch bewustzijn', menen de auteurs.

Een andere frappante bevinding was dat de hersenen van yogi's minder snel verouderen dan die van gewone stervelingen. Een 41-jarige monnik bleek de hersenen van een 33-jarige te hebben. Ook werd bij de yogi's een geheel andere pijnbeleving gemeten, alsmede een nauwere, fysieke verbinding tussen hersenen en hart. De meditatiemeesters hadden met hun gelach een punt.

Blijvende verandering van de hersenen is dus mogelijk, maar dat vereist wel een duizelingwekkend aantal meditatie-uren.

Sympathiek

Voor gewone stervelingen is het goede nieuws dat ook bescheiden inspanningen al lonen. Een verminderde gevoeligheid voor stress, een verbeterd concentratievermogen en een beter werkgeheugen liggen al vrij snel binnen bereik - mediterende studenten bleken significant beter te scoren dan een niet-mediterende controlegroep. Wel is dagelijkse meditatie nodig om de voordelen vast te houden. Die nemen toe naarmate iemand bereid is meer tijd in beoefening te stoppen. Ervaren mediterenden, zoals de auteurs zelf, kunnen extra voordelen ervaren, zoals structureel verminderde gevoeligheid voor spanningen en een minder snel afdwalende geest.

Sympathiek is dat Goleman en Davidson niet neerkijken op beginnelingen met hun mindfulness-appje. Dedain is hen vreemd, in lijn met het adagium van de dalai lama dat ook het kleinste stapje op dit pad waardering verdient. Hun eigen pionierswerk dwingt ook tot bescheidenheid.

Want bij alle progressie die er op wetenschappelijk terrein is geboekt, maakt Meditatie ook duidelijk hoe fundamenteel openstaande vragen nog zijn. Met als een van de meest intrigerende kwesties: leidt meditatie tot nieuwe eigenschappen, of is er sprake van ontwikkeling en versterking van een basisvaardigheid, zoals bij het leren van een taal? Anders gezegd: is de mens, zoals boeddhisten menen, van nature goed? Hard bewijs daaromtrent, verkregen via hersenonderzoek, zullen Goleman en Davidson vermoedelijk niet meer meemaken. Wel verdienen ze de credits voor het aandragen van de eerste bouwstenen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.