De ziel onder de arm

Een verrassende visie op godsdienstige en andere thema's

Wie in deze tijd onbekommerd over zijn geloof schrijft, zeker als dat geloof deel uitmaakt van de christelijke traditie, verdient lof wegens betoonde heldenmoed. Het christelijk geloof wordt tegenwoordig immers niet alleen maar alom betwijfeld, maar ook met regelmaat gehoond en bespot. Désanne van Brederode trekt zich daar niets van aan en weidt rustig uit over haar katholicisme. Zij doet dit op een zo persoonlijke, oorspronkelijke en innemende manier dat ook de ongelovige of niet-zo-heel-gelovige lezer niet anders kan dan er sympathie voor opvatten.

Dat is bijzonder, omdat de onderwerpen die Van Brederode behandelt in het oog van de hedendaagse lezer nogal excentriek kunnen zijn. Zo wijdt ze interessante verhandelingen aan de vraag waarom Maria Magdalena de zojuist uit de dood opgestane Christus in eerste instantie aanziet voor een tuinman en waarom Christus, nogal koel, tegen haar zegt: 'Raak me niet aan'. En een van de interessantste essays gaat over de hel, naar aanleiding van de regel uit het katholieke credo die zegt dat Christus, na zijn dood, 'is nedergedaald ter helle'.

Maar De ziel onder de arm gaat niet alleen over het geloof. Van Brederode schrijft ook over de verrukkingen van het roken, het al dan niet bestaan van een vrije wil, de voordelen van het achteruitlopen en het onterecht geringschatten van de secundair reagerende mens en van het zwijgen, in het bijzonder in liefdesrelaties. Ontroerend zijn haar opstellen over de liefde voor haar jonggestorven moeder. Die beschouwingen blinken uit door een verrassende visie en, zoals de ondertitel van het boek aanduidt, een 'aandachtige' blik. Maar die visie en die blik zijn wel gevormd door haar religiositeit. De aandacht van Van Brederode is het Duitse 'Andacht', dat synoniem is met ons 'gebed'.

Haar geloof heb ik hierboven 'katholiek' genoemd. Dat is niet helemaal juist. 'Katholiek' betekent 'algemeen' of 'universeel', en Van Brederode legt juist de nadruk op haar individuele geloofsbeleving. Ze is rooms-katholiek 'van geboorte', in die zin dat haar ouders rooms-katholiek waren, hoewel ze daartegen later in verzet zijn gekomen. Haar vader werd het moeilijk gemaakt uit de orde der Jezuïeten te treden en haar moeder leed onder een strenge roomse opvoeding. Die negatieve ervaringen hebben hen echter niet tot ongelovigen gemaakt.

Van Brederode is haar ouders 'bijzonder dankbaar' voor wat ze haar 'op godsdienstig en geloofsgebied hebben meegegeven', maar kan zichzelf niet zien als 'een loot aan hun stam'. Ze beschouwt zichzelf niet als rooms, omdat ze weigert 'te leven naar een van hogerhand opgelegde moraal', maar wel als katholiek, omdat haar geloof wortelt in dat deel van de liturgie 'waarin brood en wijn in het lichaam en bloed van Jezus veranderen'.

Wie mocht denken dat Van Brederode dan wel 'spiritueel' zal zijn, is aan het verkeerde adres. Ze verwijt 'spirituele mensen' dat zij 'het fabeltje in de wereld hebben gebracht dat geestelijke inspanningen iets moeten opleveren, al is het maar een fijn gevoel'. De essentie van Van Brederodes geloof is juist het tegendeel van die mentaliteit. Zij wil Christus navolgen door te geven, net zoals Hij heeft gedaan: 'Al jong leefde in mij het verlangen om zelf een gever te zijn, om steeds meer een gever te worden, die zich steeds minder zou bezighouden met de vraag wat hij voor zijn gaven terugkreeg, en of hij er überhaupt ooit iets voor terug zou krijgen.'

Zoals Christus tijdens het Laatste Avondmaal in de gedaante van brood en wijn zichzelf, zijn lichaam en bloed geeft aan zijn discipelen, zo dienen gelovigen, volgens Van Brederode, mensen te worden 'die zichzelf aan anderen kunnen wegschenken, omdat ze hun voeding, hun sap, hun bloed van de ware wijnstok ontvangen'. Katholieker kan het niet.

In dit uiterst boeiende betoog, dat zich uitstrekt over een aantal essays, zijn er twee aspecten waarin ik het oneens ben met de schrijfster. Ten eerste belijdt zij

steeds weer haar afkeer van de roomse kerk. Die kerk is volgens mij meer dan een 'van hogerhand opgelegde moraal'. Van Brederode vindt het onbevredigend om de verandering van brood en wijn in het lichaam en bloed van Christus als louter symbolisch op te vatten, hoewel zij weet dat er 'in geen enkele evangelietekst staat dat het brood en de wijn ook daadwerkelijk in vlees en bloed veranderden'.

Dat staat inderdaad in geen enkel evangelie, dat is een kerkelijk dogma. De aantrekkingskracht die het katholicisme voor Van Brederode heeft, zou wel eens voor een deel in die dogma's kunnen zijn gelegen. Je zou wat meer waardering verwachten voor de manier waarop de katholieke kerk, onder meer met behulp van die dogma's, de leer van de joodse Jezus van Nazareth, en daarmee de joodse God, toegankelijk heeft gemaakt voor de heidenen.

Ten tweede is er haar hang naar waarachtig individualisme, waarmee ze zich eerder protestants dan katholiek toont. Ze verwijt sommige van haar medegelovigen dat zij alleen de feestelijke en troostende kant van de avondmaalsviering willen, en niet de diepe, donkere ernst ervan. Ze willen alleen Pasen en niet Goede Vrijdag. En dat terwijl zij zelf herhaaldelijk zegt te twijfelen aan haar geloof en zelfs niet uitsluit dat ze zich ooit zou kunnen ontpoppen tot een niets-gelover.

Vanwaar dan die scherpslijperij? Waarom je verheffen boven iemand die 's zondags naar de kerk gaat 'uit een hang naar traditie', en 'omdat het wel mooi is, met kaarsjes en muziek'. Omdat hij niet 'werkelijk gelooft'? Uit andere opstellen blijkt juist dat Van Brederode zich meer thuis voelt bij mensen die zich prettig voelen bij voorspelbaarheid, saaiheid en sleur dan bij mensen die zich te buiten gaan aan een gewilde creativiteit en pseudo-individualiteit.

Maar dit zijn kleine aanmerkingen bij een boek dat veel meer is dan een godsdienstige verhandeling. Het is een bundeling van sterke literaire essays van een schrijfster die haar verknochtheid aan godsdienstige thema's een bijzonder plezierige en waardevolle vorm heeft gegeven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden