Interview Ad van Liempt

De Westerbork-commandant die tachtigduizend Joden de dood injoeg, en ermee wegkwam

Tachtigduizend Joden joeg Albert Gemmeker de dood in, maar de kampcommandant van Westerbork hoefde zich daarvoor nooit voor een rechter te verantwoorden. Journalist Ad van Liempt schreef zijn biografie en zat opgescheept met een leugenaar.  

Foto uit het politiearchief, gemaakt na de arrestatie in mei 1945 Beeld Archief Herinneringscentrum Kamp Westerbork/NIOD

De kleine Machieltje weegt amper een kilo als hij in 1943 aan het einde van de lente op transport wordt gesteld naar kamp Westerbork, waar het te vroeg geboren jochie van commandant Albert Gemmeker de beste medische zorg krijgt. Er komt een couveuse, een vooraanstaand kinderarts wordt om advies gevraagd, verpleegkundigen geven dagelijks sondevoeding met een druppeltje cognac uit een fles die speciaal wordt besteld. En dan, als Machieltje ruim vijf pond weegt en de couveuse uit kan, wordt hij op een dinsdag in september samen met 978 anderen op transport gezet naar Auschwitz. Daar wordt hij drie dagen later vergast, nog geen vier maanden oud.

Wat bezielde de Duitse kampcommandant om na zoveel toewijding zo’n meedogenloos besluit te nemen? Waarom voerde hij in dat voorportaal van de dood een bedrieglijke show op door er het beste ziekenhuis van Nederland in te richten? Kende hij het lot van de Joden die hij bijna wekelijks in een volgepakte trein naar het oosten stuurde?

Journalist en televisiemaker Ad van Liempt verdiepte zich jarenlang in de Obersturmbahnführer die door sommige gevangenen ‘een gentleman-commandant’ werd genoemd: een man die zich onttrok aan het standaardbeeld van SS’er, die zijn Joodse huishoudster respectvol behandelde maar die in de dertig maanden dat hij leiding gaf aan kamp Westerbork 75 treinen naar de vernietigingskampen stuurde. Deze week verschijnt zijn biografie over Albert Konrad Gemmeker, het even fascinerende als ontluisterende levensverhaal van een man die 80 duizend Joden de dood injoeg maar daarvoor nooit door een rechter ter verantwoording werd geroepen. Donderdag promoveert Van Liempt in Groningen op zijn onderzoek.

Tijdens zijn zoektocht werd hij geconfronteerd met een man die had getracht al zijn sporen uit te wissen: tot twee keer toe liet Gemmeker, met de geallieerden in zicht, de kampadministratie vernietigen, persoonlijke correspondentie ontbrak en na de oorlog had hij zelfs de compromitterende foto’s uit het familiealbum gescheurd. Toch slaagde Van Liempt erin om dichtbij te komen: hij sprak met twee van zijn drie dochters, putte uit brieven en dagboeken van toenmalige kampbewoners, ontdekte in Duitse archieven twee nooit openbaar gemaakte gerechtelijk vooronderzoeken en ging langs bij de onderzoeksrechter die dertig jaar na het einde van de oorlog vergeefs had getracht om Gemmeker alsnog voor zijn daden te laten boeten.

Tweeënhalf jaar had de voormalige Gestapo-medewerker de leiding over die troosteloze plek op de Drentse hei, ingericht als laatste station voor alle Joden die uit de samenleving moesten worden verwijderd. Daar leefde hij als ‘de koning van een klein koninkrijk’, in een luxevilla met een Aga-cooker en vijf slaapkamers, waar hij met zijn maîtresse sliep in het mahoniehouten ameublement dat ze samen in Den Haag hadden uitgezocht. En elke week klonk ’s morgens vroeg over het kampterrein de gil van de stoomfluit, die in de barakken verderop tot grote radeloosheid leidde.

Op de unieke filmbeelden van de Joodse fotograaf Rudolf Breslauer zien we Gemmeker in mei 1944 langs de trein paraderen, terwijl zijn hond om hem heen dartelt en zevenhonderd wanhopige ouders, kinderen, ouden van dagen en zieken op een overvol perron in een veewagon worden gepropt.

Van Liempt heeft in zijn verhaal over de commandant ook verhalen van zijn slachtoffers opgenomen, kampbewoners die vanwege een futiliteit door Gemmeker persoonlijk op straftransport werden gesteld en dat niet overleefden: de verpleger bijvoorbeeld die, onhandig manoeuvrerend met een bos hout op zijn schouder, de commandant niet op de juiste wijze groette, of de Joodse arts die het in de chaos van het transport waagde om een opmerking te maken over ‘de beschaafde wereld’.  Van Liempt zegt: ‘Ik vond dat ik ook het effect van zijn daden moest benoemen. Zo heb ik willen aantonen wat een ongelooflijk doortrapte schoft het was.’

Na de oorlog werd Gemmeker in Assen veroordeeld, maar medeplichtigheid aan massamoord werd hem niet ten laste gelegd. Zes jaar na de bevrijding was hij weer thuis in Düsseldorf, waar hij verkoper werd in een sigarenzaak, tekenend misschien wel voor een man die zijn rol in de geschiedenis graag als onbeduidend afdeed.

Wist hij wat er gebeurde in de kampen in Polen? Dat was de vraag die Van Liempt in zijn boek graag had willen beantwoorden. Direct bewijs vond hij niet. Wel ontdekte hij hoeveel moeite er na de oorlog in Duitsland is gedaan om Gemmeker, die in 1982 overleed, alsnog te vervolgen voor deelname aan genocide. Tot een rechtszaak kwam het nooit. En met alle kennis die hij als biograaf verzamelde, zegt Van Liempt, voelt dat 74 jaar na de bevrijding als ‘onaanvaardbaar en onrechtvaardig’.

Ad van Liempt: Gemmeker commandant van kamp Westerbork Beeld rv

Ad van Liempt: Gemmeker commandant van kamp Westerbork. Uitgeverij Balans; € 34,99.

Zaterdagavond zendt de NOS op NPO 2 om 21.05 uur een documentaire uit over Gemmeker waarin onder anderen zijn kleindochter aan het woord komt.

Hij had niks van een mof, meer iets van een Engelse sportman, zeiden Joodse kampbewoners. Wat was het voor man?

Bauernschlau noemde zijn dochter hem: boerenslim. Een intellectueel was het niet. De enige brief van zijn hand die bewaard is gebleven, vond ik in zijn SS-dossier: het was een schets van zijn levensloop, een gortdroge opsomming van feiten, niveau lagere school. Toen er in het kamp een groep Joodse intellectuelen aankwam, zag je bij hem jaloezie ontstaan. Die mensen waren hem ver de baas, dat had hij door en daarom ging hij ze vernederen door ze hun schoenen te laten poetsen en dat persoonlijk te gaan controleren.

‘Hij had een extreme hang naar tucht en discipline, accepteerde daarop geen enkele inbreuk en dat maakte hem de ideale uitvoerder. Een man die geen vragen stelde aan de leiding, die voortdurend bezig was om kritiek te voorkomen. Hij wilde daar niet weg, hij had er alles: een geweldig huis, eten en drinken in overvloed en een maîtresse. En hij genoot van zijn macht, vlak na zijn aantreden zette hij op schrift hoe de kampbewoners hem precies moesten groeten. Wat is er met je aan de hand als je je eigen groetplicht gaat zitten opschrijven?

‘Maar een typische SS’er was hij inderdaad niet, en dat maakte dat sommige overlevenden later zeiden: we hadden het slechter kunnen treffen. Mede daarom is hij na de oorlog zo mild gestraft.’

Misschien is dat ook zo, dat het erger had gekund?

‘Dat is een lastige vraag, ik denk dat juist de aanpak van Gemmeker erger is geweest. Hij was bedrieglijk, als het kamp zelf. Westerbork, met zijn cabaretvoorstellingen en zijn ziekenhuis met 1.800 bedden, was een monument van misleiding. Etty Hillesum, vermoord in Auschwitz, omschreef Gemmeker in haar dagboek als de man die de Joden naar Polen lachte. Van zichzelf wilde hij graag het beeld vestigen van een gentleman, maar de meeste gevangenen in Westerbork voelden aan dat zij het slachtoffer waren van een doortrapte man. Hij was kil en koelbloedig.’

Waarom was hij zo correct?

‘Hij had de opdracht gekregen om de Joden ordelijk de treinen in te krijgen en dat heeft hij opgelost door beschaafd en rustig te zijn. Althans, als iedereen keek. Als niemand keek, viel hij uit zijn rol.’

Hij heeft bijna al zijn sporen gewist, maar bizar genoeg heeft hij wel een film laten maken over het kamp, met daarin de enige beelden waarop de deportatie van Joden naar de vernietigingskampen is vastgelegd. Waarom heeft hij dat toegestaan?

‘Dat is vermoedelijk ijdelheid geweest, hij wilde aan Berlijn laten zien hoe goed hij het voor elkaar had. Ik ben er wel van overtuigd geraakt dat fotograaf Breslauer dat transport op eigen initiatief heeft gefilmd. Hij had het niet expliciet gevraagd en Gemmeker moet hebben gedacht: laat maar, ik schrap dat deel straks wel. En dat is er niet meer van gekomen of hij is het vergeten. De film is later vertoond in zijn eigen proces, en in dat van anderen.’

Toch heeft hem dat geen hoge straf opgeleverd.

‘Er zijn geluidsbanden van het proces in Assen. Je hoort de officier van justitie zijn requisitoir uitspreken en een tijdlang denk je: hij praat hem rechtstreeks naar de doodstraf. En dan opeens komt er een merkwaardige draai in zijn betoog: als Gemmeker een Nederlander was geweest, zegt de officier, had hij de doodstraf geëist, maar als Duitser gelden voor hem verzachtende omstandigheden. Hij had in de verderfelijke sfeer van de nazi’s geleefd waarin gehoorzaamheid aan superieuren het allerhoogste evangelie was. En op zijn schouders mocht toch niet alles worden gelegd wat de Joden was misdaan. Van de strafeis van twaalf jaar wordt door de rechters dan nog eens twee jaar afgehaald omdat hij zich in het kamp correct heeft gedragen.’

Heeft justitie daar gefaald?

‘Jazeker, maar je moet ook oog hebben voor de naoorlogse omstandigheden. Er moesten 65 duizend mensen worden berecht van wie 15 duizend zware gevallen. Bovendien: tijdens het proces tegen Gemmeker was het concept van de schrijftafelmoordenaar nog niet bekend. Dat heeft pas vorm gekregen bij het proces tegen Eichmann, de organisator van de Europese Jodenmoord, begin jaren zestig. Toen pas zijn we gaan inzien dat er nazi’s waren geweest die met een pennestreek honderden mensen de dood in hadden gejaagd. Gemmeker had geen bloed aan zijn handen, daarom is zijn rol lange tijd gebagatelliseerd.’

Justitie in Duitsland is twee keer een vooronderzoek tegen hem begonnen, maar hij was toch al in Nederland veroordeeld?

‘In Nederland is hem geen medeplichtigheid aan genocide ten laste gelegd, dat wilde de Duitse justitie alsnog doen. Maar om voor die medeplichtigheid te kunnen worden veroordeeld is medeweten noodzakelijk, in de Duitse jurisprudentie staat nauwkeurig omschreven wat dat is. Je moet de consequenties van je daden kennen of die welwillend op de koop toe hebben genomen. En het is niet gelukt om dat aan te tonen. De methode-Gemmeker, daar is iedereen ingetrapt.’

Wat is de methode-Gemmeker?

‘Hij heeft altijd glashard ontkend dat hij wist wat er met de Joden gebeurde die hij op transport had gesteld. Hij bleef bij zijn verhaal en beweerde voortdurend dat hij in opdracht had gehandeld. Tegen de Nederlandse rechercheur die hem ondervroeg, schoof hij de schuld naar Willi Zöpf, zijn meerdere in Den Haag. Slim, want Zöpf was na de oorlog zoek, dat wist hij, dus konden zijn beweringen niet worden gecheckt.

‘Hij is aan een nieuwe veroordeling ontkomen doordat hij op zijn woord werd geloofd, terwijl er in zijn verklaringen zoveel aantoonbare leugens zitten. De allerfraaiste is die over een bijeenkomst in Den Haag met Eichmann en nog twee andere betrokkenen bij de Jodenvervolging. Die wisten alle drie dat de Joden in het oosten werden vermoord. De naam van Gemmeker staat op de presentielijst, de notulen zijn naar hem opgestuurd, maar hij ontkent glashard dat hij erbij was.

‘Ander voorbeeld: in 1943 is vanuit Berlijn een telex verstuurd naar Parijs, Brussel en Den Haag met daarin de opdracht: maak bij het transport van de Joden geen toespelingen op wat hun boven het hoofd hangt, want anders krijgen we de grootste ellende op het perron. Hij moet die telex gezien hebben, hij moest de Joden immers de treinen in krijgen.’

Het tweede vooronderzoek heeft negen jaar geduurd en er zijn wereldwijd 130 getuigen gehoord. Waarom heeft dat tot niets geleid?

‘Tot mijn grote verrassing was onderzoeksrechter Wolfgang Steffen nog in leven en wilde hij met me praten. In zijn onderzoek is veel misgegaan. Hij had geen staf, hij moest alles alleen doen en de coördinatie tussen de rechtbanken ontbrak. Twee superieuren van Gemmeker legden twintig jaar na de oorlog alsnog een bekentenis af, zij wisten wat er met de Joden gebeurde. Dat was funest voor Gemmeker, want als zijn chefs het wisten dan moest hij die wetenschap ook hebben gehad. Alleen heeft onderzoeksrechter Steffen hem die bekentenissen nooit voorgelegd, want hij kende ze niet. Het ontbrak hem op tal van momenten aan informatie om het Gemmeker lastig te maken.’

U heeft ooit gezegd: hoe meer je van de Holocaust weet, hoe minder je ervan begrijpt. Geldt dat ook voor Gemmeker?

‘Nee, voor mij is het beeld over hem nu vrij duidelijk. Tegenover zijn correcte handelen heb ik zoveel rotstreken gevonden en zoveel leugens. Dat hele patroon van witwassen van zijn verleden, het werd bijna potsierlijk. Het is een doortrapte nazi geweest die zich naar een lage straf heeft kunnen liegen en ontzettend veel geluk heeft gehad.’

Wat voor geluk?

‘Als hij in Amsterdam was berecht, was hij er niet zo makkelijk vanaf gekomen. Daar werden de Jodenjagers, dat tuig dat de straten afschuimde om geld te verdienen door Joodse onderduikers te verraden, tot levenslang veroordeeld. Omdat ze, in het oordeel van de rechter, hun slachtoffers in handen hadden gespeeld van hun bitterste vijand. Die vijand, dat was Gemmeker, die ze in ontvangst nam en op transport stelde naar de vernietigingskampen. Vanuit die redenering is hij minstens zo schuldig, en verdient hij net zo’n hoge straf.

‘Kinderarts Van Creveld, de dokter die betrokken was bij de zorg voor de kleine Machieltje, heeft na het proces een brief geschreven aan justitie. Er werden zieke kinderen op transport gezet, schreef hij, drie dagen en nachten in een volle trein. Gemmeker beweerde niet te weten wat er met hen zou gebeuren in het oosten maar hij kon weten, schrijft de arts, dat een groot deel van de kinderen alleen de treinreis al niet zou overleven. Dat had genoeg moeten zijn voor een zwaardere straf.

‘In Duitsland had hij het geluk dat zijn zaak niet in München werd behandeld, waar hij samen met zijn chefs zou zijn berecht. Dat zou daar zeker tot een bevestiging van zijn medeplichtigheid hebben geleid.’

Bent U ervan overtuigd geraakt dat hij het heeft geweten?

‘Ik heb geen klassieke smoking gun gevonden, geen papier dat ik uit een stapel kon trekken en waarop een bekentenis staat. Natuurlijk had ik daarop gehoopt, maar de hoeveelheid indirect bewijs is zo groot dat het zeer waarschijnlijk is dat hij het lot van de Joden kende. Hij blufte wat af en niemand kon controleren wat hij zei. Doordat ik alles heb gelezen kan ik in mijn boek precies laten zien waar hij bluft en ik heb het idee dat we een paar honderd bladzijden met een leugenaar zitten opgescheept.’

Waarom is het eigenlijk belangrijk om vast te kunnen stellen of hij het heeft geweten of niet?

‘Dat heb ik me vaak afgevraagd. Maar als een man in het kamp jou niet groet en jij stuurt hem daarom op straftransport, dan maakt jouw kennis over het vervolg nogal wat uit. Als jij weet dat hij daar in een werkkamp komt, dan is het een ongelooflijke rotstreek, maar als je weet dat hij in de gaskamers komt, dan is het moord.’

Gemmeker is al 36 jaar dood, moet hij toch nog ter verantwoording worden geroepen?

‘Ik vind het onrechtvaardig dat nooit juridisch is komen vast te staan dat hij medeplichtig was aan genocide. Het gaat me niet zozeer om de verantwoordelijkheid als wel om de waarheidsvinding. Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Ik heb geprobeerd om enige ruimte te bieden aan de lezer om zelf tot een oordeel te komen, maar dat was wel een worsteling. Zelfs zijn dochters zijn ervan overtuigd dat hij wist wat er met de Joden gebeurde.’

Hoe zien die dochters hun vader?

‘Ik was erop voorbereid dat ze ook goede kanten van hem zouden willen belichten, het was toch hun vader tenslotte. Maar zijn jongste dochter Erika noemt hem alleen bij zijn achternaam, en Rosemarie, de middelste dochter, zei dat ze het een troostrijke gedachte vond dat hij zeventien jaar in angst had geleefd voor een nieuw proces. Dat zegt alles. Ze waren allebei bijzonder hartelijk, het was de eerste keer, vermoed ik, dat ze uitgebreid met iemand over hun vader konden praten. Erika heeft een kast vol oorlogsboeken, zij weet alles over de oorlog.’

Is het niet vreemd dat er pas 74 jaar na de bevrijding een biografie ligt van de man die zo cruciaal is geweest bij de Jodenvervolging in Nederland?

‘Die vraag is meteen het antwoord: dit boek is er gekomen vanuit mijn verontwaardiging dat het er nog niet was. Daar is niemand schuldig aan, maar ik vond het moeilijk te verdragen.’

Komt het doordat we ons in Nederland lange tijd vooral op de slachtoffers hebben gericht?

‘Het heeft inderdaad lang geduurd voordat wij daders ook interessant zijn gaan vinden voor onderzoek. Er zijn een paar biografieën van nazi-kopstukken maar er is geen biografie van de eerste man van kamp Amersfoort, niet van de commandant van kamp Vught en ook niet van Willy Lages, de baas van de Sicherheitspolizei in Amsterdam. Terwijl er over die man een geweldig dossier ligt. Maar het is ook geen makkelijke klus hè, en geen fijne klus. Er zit ook een psychologische component aan.’

U was blij dat u na al die jaren van Gemmeker af was, schrijft u in het nawoord.

‘Die man zat constant in mijn hoofd. Ik wil er niet dramatisch over doen, het was ook ontzettend interessant werk, maar je raakt aan het kwaad en dat maakt een mens triest. En ik zat, om het simpel te zeggen, ook nog eens met een ontkennende verdachte.’

Heeft Gemmeker zich na de oorlog nog uitgelaten over het lot van de Joden?

‘Acht jaar na zijn vrijlating heeft hij in een interview met de Duitse televisie gezegd dat hij zich ergerde aan alle vooroordelen over Joden. Ik heb tweeënhalf jaar met die mensen gewerkt, sprak hij, en al die dingen die over ze worden beweerd, kloppen niet.

‘Maar die zalvende woorden waren vast ingestudeerd, want toen zijn dochter Erika haar jongste kind Ruth noemde, wilde hij niet meer met haar praten. Ruth is een joodse naam. Zijn kinderen zijn ervan overtuigd dat Gemmeker altijd een antisemiet is gebleven.

‘Rosemarie vertelde me dat ze zich bij een leugen om bestwil altijd op dezelfde gedachte betrapte: niet doen, dan ben je net als je vader. Het leed van de slachtoffers is zoveel erger, ik weet het, maar toch emotioneerde me dat: die vrouw is 78 jaar oud, ze heeft haar hele leven het gevoel gehad dat ze haar eigen dna niet kon vertrouwen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden