Reportage

De wederopstanding van Wild Romance: 'De mensen gingen door het dolle, precies zoals vroeger'

Ze hadden allang bezweken moeten zijn aan een overdosis rock-'n-roll, maar de leden van Wild Romance zijn springlevend en toeren weer door Europa, mede dankzij een onverwachte documentairehit. Een avond op stap met de oude rockmaten van Herman Brood. 'Ik eet geen brood meer. Graan is een killer, man.'

Vanaf links: Jan 't Hoen, Edgar Koelemeijer, David Hollestelle, Gee Carlsberg, Dany Lademacher en Otto Cooymans.Beeld Dennis Duijnhouwer

'Het is net alsof we een hit hebben nu', zegt gitarist David Hollestelle, een paar uur voor het optreden in Geleen. Een echte hit heeft de Wild Romance op dit moment niet, nóg niet in elk geval, maar reuring is er volop. De oude band van Herman Brood trad op in De Wereld Draait Door, krijgt sinds kort vrijwel elke dag verzoeken van de pers, verkoopt opeens veel meer concertkaartjes en speelde een avond eerder in The Shack, een klein podium ten zuiden van Amsterdam, dat zowat uit zijn voegen barstte.

'De mensen gingen door het dolle', zegt Hollestelle. 'Het was zo heet, net een sauna. Precies zoals vroeger.'

En dat allemaal door een documentaire die bepaald geen flatteus beeld schetst van de band. Een jaar lang volgde filmmaker Teus van Sintmaartensdijk de Wild Romance, toen nog Romanza Brava geheten, omdat hij gefascineerd was door de uitzonderlijke manier waarop er nieuw leven in de band werd geblazen. Met het geld van Jan 't Hoen, een 55-jarige vastgoedmiljonair die zelf achter de drums ging zitten. Het leverde een tragikomisch portret op van een kwakkelende band.

In Buying the band wordt 't Hoen neergezet als zakenman tussen oude onstuimige rockers, die hij maar moeilijk in bedwang kan houden. Meerdere bandleden worden door 't Hoen ontslagen (en later weer aangenomen), een studiosessie met de Duitse punkdiva Nina Hagen mislukt volledig dankzij haar manische gedrag en optredens worden door een handvol mensen bezocht. Zijn jeugddroom, in een echte rockband spelen, lijkt 't Hoen een fortuin te kosten en weinig pret op te leveren.

Nina HagenBeeld EPA

Nina's onbehagen

Na klachten van de Duitse zangeres Nina Hagen is de documentaire Buying the band eind februari offline gehaald. In de film zit een met verborgen camera's gefilmde scène van een mislukte studiosessie met Hagen, waarvoor zij geen toestemming heeft gegeven. Er komt 'een dezer dagen', zegt de maker, een nieuwe versie van de documentaire online en op tv waaruit de fragmenten zijn verwijderd.

Een van de schrijnendste scènes is als 't Hoen zijn jeugdvriend, zanger en gitarist Roland Brons, tamelijk kil ontslaat uit de band. 'De koffie is op', zegt hij aan het eind van het gesprek. 'En de koek ook', antwoordt Brons. Met datzelfde gevoel blijft de kijker achter: deze band zal het nooit lang volhouden.

Maar dat was in 2013. De documentaire lag jaren te verstoffen; geen omroep wilde hem vertonen. Toen de film - na een ondergronds bestaan te hebben geleefd, als WeTransfer-link door muzikanten naar elkaar doorgestuurd - vorige maand opeens online werd gezet door muziekplatform 3voor12 en een hype werd, had de band allang een andere naam, een gedeeltelijk andere bezetting en in de tussentijd 240 optredens gespeeld, onder meer in België, Duitsland en Spanje.

Tekst gaat verder onder afbeelding.

Beeld Dennis Duijnhouwer

Kwakkelend? Nou nee, eerder florerend dus. Of in elk geval springlevend. Hoe heeft de Wild Romance het in de tussenliggende jaren weten te redden? Om te kijken hoe het de band vergaat, gaan we een avond mee op tour naar Geleen, waar de band in 'multifunctioneel centrum' De Reünie optreedt. Op zaterdagmiddag stappen we in Amsterdam-Oost in de gigantische, gitzwarte tourbus op weg naar Limburg.

Zodra de bus vertrekt, beginnen de grapjes. 'This is your captain drinking', zegt gitarist Dany Lademacher met een glimlach. 'Fasten your cigarettes.' Al gauw troeven de mannen elkaar af met verhalen over heel goede of heel slechte concerten waar ze bij waren. Over Neil Young: 'Wat een sound, man, godverdomme!' Over ZZ Top: 'Het was zo vals, niet te doen.' Lademacher staat sowieso liever op een podium dan in het publiek. 'Een concert duurt altijd zo lang en het geluid is nooit goed.'

Beeld Dennis Duijnhouwer

Ondernemend als 't Hoen is, ziet hij de hype rond de film, hoe negatief het beeld ook is, vooral als een kans. Er is haast gemaakt om de nieuwe single van de band, die toevallig No Time To Lose heet, een aantal weken eerder uit brengen. Dinsdag komt-ie uit, een paar weken later verschijnt het nieuwe album. Hollestelle: 'Je kunt twee dingen doen als zo'n film uitkomt. Aanklagen of erop inhaken.'

De naam van de band luidt sinds kort weer gewoon Wild Romance - de rechten daarvan zijn in 2017 gekocht van Xandra Brood, weduwe van Herman, die van 1976 tot zijn zelfgekozen dood in 2001 af en aan His Wild Romance aanvoerde, met klassiekers als Saturday Night en Never Be Clever. De erven van Brood krijgen nu 150 euro per optreden.

Wild Romance is de afgelopen decennia zo vaak van samenstelling veranderd dat, zo gaat de grap in de band, onderhand bijna iedereen die wat te betekenen heeft in de vaderlandse rock wel een keer heeft meegespeeld. Van een aantal bekende koppen uit de film, zoals zanger-gitarist Dirk Vermeij en bassist Ruud Englebert, is alweer afscheid genomen.

In de bus zitten vandaag zes mannen, de meeste in leren jasjes en skinny jeans. Dany Lademacher (67), een gemoedelijke Brusselaar met blonde kuif, is het enige bandlid van de oorspronkelijke bezetting en schrijver van de grootste hits. Hij heeft gehoorproblemen maar is nog altijd een virtuoos gitarist. Bassist Gee Carlsberg (62), de stille kracht van de groep, werd begin jaren tachtig bij de Wild Romance gevraagd.

Ook David Hollestelle (61) kwam rond 1981 als gitarist bij de band. Met zijn brede kaaklijn, wilde zwarte haar en voorliefde voor harddrugs vormde hij een schitterend en gevaarlijk duo met Brood. Berucht is de scène uit Buying the band waarin aan Hollestelle wordt gevraagd of hij wil afkicken. 'What the fuck!?', zegt hij boos, duidelijk onder invloed, en steekt zijn middelvinger op naar de camera.

Niet lang na dat moment werd hij opgenomen in het ziekenhuis voor een hartoperatie. Vier weken lag hij in coma. 'Daarna was ik in principe al afgekickt. Het probleem is alleen: als je stopt met snuiven, maar je blijft drinken, kun je niet meer op je benen staan. Dus toen ben ik ook maar wat minder gaan drinken. Nu drink ik een spa rood voor het optreden. En na afloop een biertje. Dat mag van mezelf.'

In niets lijkt Hollestelle nog de moeilijke man van die middelvinger-scène. Ja, het rock-'n-roll-uiterlijk heeft hij nog, met panterprintpuntschoenen ('Twee tientjes op de Albert Cuyp') en warrig zwart piekhaar, maar het enthousiasme spat van hem af. Bij een mooi verhaal zegt hij: 'Dit moet je opnemen!'

Edgar Koelemeijer (47), met het lange elastische lijf, is de 'jonge hond van de band'. Sinds acht maanden is hij de leadzanger, eerder maakte hij deel uit van Drukwerk. Otto Cooymans (66) speelde in 1987 een jaar met Brood, maar is vooral bekend als toetsenist van The Scene. Hij heeft zijn hond Sjors meegenomen. Dan is er drummer Jan 't Hoen (55), een grote kale man. De enige zonder rockkapsel en leren jasje, maar wel de baas. Hij zorgt voor de kleine dingen - dat er lekkere broodjes van Bakker Geert aan boord zijn - en de grote dingen.

De mannen ogen allen fit. Wat een klein wonder mag heten, gezien hun medische dossiers. Cooymans overleefde slokdarmkanker, Lademacher had vorig jaar drie ontstekingen aan zijn arm waardoor zijn hand 'een homp' was waar hij onmogelijk mee kon spelen en Hollestelle heeft nieuwe hartkleppen en is, zoals 't Hoen zegt, 'door het oog van de naald gekropen'. Door al die medische toestanden gaan de mannen de laatste jaren met meer dope dan ooit in de bus de grens over, zegt 't Hoen. 'Maar dan dope op recept.'

Koos van Dijk, de legendarische en beruchte manager van de Wild Romance en Herman Brood, is al vooruit naar Geleen, met een ook al gigantische metallicgrijze vrachtwagen vol roadies, geluidsmannen, instrumenten en apparatuur. 'Er leven dertien man van de band', zegt 't Hoen trots - als echte selfmade man is hij eraan gewend om zijn prestaties te benoemen. Of dat allemaal wel rendabel is? 'Natuurlijk, ik ben niet gek.'

Beeld Dennis Duijnhouwer
Beeld Dennis Duijnhouwer

Jan 't Hoen is geen 'terugkijker', zegt hij, over de film wil hij het dus niet al te lang hebben, maar hij wil wel een paar zaken rechtzetten. Het beeld van de botsing tussen rock en business is volgens hem een bedacht verhaal. 'Ik ken sommige van die jongens al sinds de jaren tachtig. Ik ben destijds zelfs een keer gevraagd als drummer voor de Wild Romance.'

De reünie van de band is heel organisch gegaan, zegt hij. 'Ik heb Dany en David één keer in 2011 bij elkaar gevraagd voor een optreden in Spanje, in een oud stamcafé van Herman, waar hij altijd kwam op vakantie. Dat was zo leuk dat we allemaal dachten: moeten we dit niet vaker doen?' Zo is het langzaam gegroeid. 'Er zat geen groot plan achter.' Bovendien, zegt 't Hoen: 'Je kúnt helemaal geen band kopen, zoiets bestaat niet. Toch Dany?'

'Een band is een levend ding', zegt Lademacher in zijn zangerige Waalse accent. 'Als er geen chemie was geweest, had het nooit zo lang gewerkt.'

Beeld Dennis Duijnhouwer

In de film wordt bovendien gesuggereerd dat 't Hoen zijn bandleden verbiedt te drinken voor een optreden, maar daar klopt ook niks van, zegt hij. 'Het ging om excessief drank- en drugsgebruik. Bandleden die om tien uur 's ochtends al aan het zuipen en snuiven waren. Dat is niet bevorderlijk voor de samenwerking.'

Het vervelendste van de film vindt 't Hoen dat hij zomaar afloopt. 'Toen begon het pas voor ons. Wij zijn een van de weinige bandjes in Nederland die voortdurend het land door toeren, tachtig optredens per jaar, in kleine en middelgrote zalen. Het is best moeilijk gebleken om onze doelgroep op de hoogte te brengen dat de Wild Romance weer toert. Maar inmiddels weten ze het wel.'

'We maken mensen nog steeds zo blij als we deze nummers spelen', zegt Lademacher. 'Er wordt me vaak gevraagd: word je niet doodziek van telkens Saturday Night spelen? Nee, niet als je die vreugde van het publiek ziet. Het liefst sta ik elke avond op het podium.'

Tekst gaat verder na afbeelding.

Beeld de Volkskrant

Brood is nooit ver weg, in het gezelschap van His Wild Romance. Zijn naam valt voortdurend, vaak voorzien van een verhaal. Cooymans tijdens een gesprek over groupies: 'Ik heb zo vaak gezien hoe mannen na een show hun vrouw kwamen inleveren bij Brood.' 't Hoen, lachend: 'Alsof hij haar even op de brommer laat rijden.'

Wanneer de bus aankomt bij De Reünie in Geleen zegt Cooymans: 'Hebben we hier eerder gespeeld?' 't Hoen knikt. Lademacher: 'Ik kan het me niet herinneren.' Voor de ingang staat manager Koos van Dijk te wachten, barstend van de energie, gekleed in een zwart Wild Romance-bomberjack, een zwart Romanza Brava-petje, een zwarte trainingsbroek en blauwe sneakers. 'Ha, dames!', roept hij als de deur van de bus opengaat.

Druk gebarend en roepend ('Loop door! Door het gangetje, door de keuken! Ja, je bent er!') loodst hij de band naar de kleedkamer die eigenlijk een soort bestuurskamer annex washok is. De Reünie bestaat 100 jaar in 2018, de inrichting lijkt in de jaren zeventig voor het laatst te zijn opgeknapt. De band speelt vanavond onder een systeemplafond.

Van Dijk heeft alle felle lampen met tape afgeplakt. 'Van hard licht vernauwen je pupillen en dan vernauwt ook je geest. De sfeer wordt er verkrampt van. Het is als neuken met tl-licht aan; het kan wel, maar het is niet fijn. Ik ben er om de juiste randvoorwaarden te creëren. Optreden is net de liefde bedrijven, het voorspel moet precies goed zijn.'

Herman Brood op archiefbeeld.Beeld ANP Kippa
Beeld Dennis Duijnhouwer

Twee uur voor het optreden krijgt de band een Limburgs maaltje: zachtgekookte bloemkool, worteltjes, broccoli, spruitjes en aardappelen, en in veel vet gebakken speklappen en worsten. Alle bandleden - een paar zijn vegetarisch geworden - hebben moderne theorieën over voedsel. Van Dijk: 'Suiker is het nieuwe roken.' Hollestelle, die jaren niet nadacht over wat hij in zijn neus stopte, zegt: 'Ik ben gestopt met brood eten. Graan is een killer, man.'

Hij heeft altijd podiumvrees gehad, vertelt Hollestelle tijdens het eten. 'Je kunt die drempel wegzuipen en snuiven, en dan glij je heerlijk het podium op. Nu vind ik niets zo lekker als clean spelen. Als je die drempel nuchter overwint geeft dat óók een kick, het is een soort masochisme. Geil, man.'

Tekst gaat verder na afbeelding.

Beeld Dennis Duijnhouwer
Beeld Dennis Duijnhouwer
Beeld Dennis Duijnhouwer

'Hier volgt een dienstmededeling', zegt Van Dijk theatraal, terwijl hij zijn wijsvingers in de lucht steekt. 'Over vijf minuten gaan we soundchecken.'

Op het podium, voor een lege zaal, blijkt bij de eerste noten dat het samenspel van gitaristen Lademacher en Hollestelle nog altijd prachtig is. Ze kijken elkaar aan, een klein lachje. Dit moet het geheim zijn van al die jaren met enig succes blijven toeren, in weerwil van tegenslagen: het spelplezier is zichtbaar.

Na de soundcheck is de sfeer een tikje gespannen. 'Het podiumgeluid is kut', zegt Lademacher. 'Opeens herinner ik me weer dat we hier vorige keer waren. Toen was het ook kut.' Een half uur voor het optreden is hij nog chagrijniger: 'Het is niet druk, hè.' Van Dijk: 'Er zitten nog veel mensen in het café, hoor.' Even later komt Lademacher opgewekt de kleedkamer binnen. 'Ik heb even mijn gezicht laten zien. Twee minuten later staat het vol.'

Binnen is het inderdaad aardig volgelopen, een man of tweehonderd, de gemiddelde leeftijd ver boven de 50. Jan (67) leunt met zijn zoon Dave (46), beiden in leren rockvestjes en met armen vol tatoeages, op een statafeltje. In 1968, op zijn 18de, zag Jan de Wild Romance voor het eerst (Dave: 'Ik was toen min 3'). Waar weet hij niet meer. Dave: 'Oude rockers verliezen hun geheugen.' Over de recente film hebben vader en zoon niets gehoord.

Terug in de kleedkamer roept Van Dijk: 'Showtime!' Hij gaat de band voor naar het gangetje dat naar het podium leidt. Het optreden, dat 't Hoen later wegens het ietwat stugge publiek zal beschrijven als 'een zeventje', begint traditiegetrouw met een aankondiging van Van Dijk. 'Geleen! Now is now and then is then. This is the moment you've all been waiting for.' Hij doet zijn jasje open en laat zijn bandshirt zien. 'Romanza Brava, Wild Romance!'

Energieke bluesrock met punkinvloeden

Nadat Herman Brood in 1974 uit de Drentse bluesrockband Cuby and the Blizzards is gezet, richt hij in 1976 zijn eigen band op, Herman Brood & His Wild Romance. Koos van Dijk is de manager en tot Broods dood in 2001 zijn handlanger. Met het album Street, energieke bluesrock met punkinvloeden, maakt Wild Romance in 1977 een flinke entree in de pop. De eerste hit, Saturday Night, volgt een jaar later op Shpritsz, alom beschouwd als het beste album van de band. Hierop staan ook Brood-klassiekers als Dope Sucks en Rock & Roll Junkie. In hetzelfde jaar verschijnt Cha Cha, een film waarin Brood zichzelf speelt, en waarin ook de Duitse Nina Hagen te zien is. Brood is een aantal jaar niet uit de media te slaan. Een Amerikaans avontuur lonkt, en mislukt. Het in Amerika opgenomen album Go Nutz (1979) wordt slecht ontvangen en is ook commercieel een flop. Wel heeft Brood het jaar daarop twee grote hits met Never Be Clever en I Love You Like I Love Myself. In 1980 ontvangt Brood de Zilveren Harp.

Beeld RV
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden