Recensie The Dead Don't Die

De vraag is wat regisseur Jarmusch met het zombiegenre wil, in The Dead Don’t Die ★★★☆☆

Vanaf links: Bill Murray, Chloë Sevigny en Adam Driver in The Dead Don't Die.

De eigenaresse en de schoonmaakster liggen opengereten op de grond van de diner van Centerville, een stadje met 738 inwoners en volgens de welkomstborden ‘A very nice place’. Bloedbad, gapende wonden, darmen eruit – geen beeld voor gevoelige zielen.

Het commentaar van de plaatselijke politiechef Cliff Robertson (Bill Murray): ‘Misschien wel het ergste wat ik ooit heb gezien. Misschien dus. En dan het uitgestreken, emotieloze hoofd van Murray erbij. Toch is zijn reactie nog heftig vergeleken bij die van zijn collega, gespeeld door Adam Driver: ‘Jakkes.’

Ze zijn niet de enigen: in The Dead Don’t Die reageert iedereen wonderlijk onderkoeld op het stel zombies dat zichzelf een weg door het stereotype stadje eet. Nu krijg je de personages die regisseur en koning cool Jim Jarmusch (Only Lovers Left Alive, Paterson) doorgaans in zijn films opvoert, sowieso niet snel gek. Maar deze blijken zelfs van een zombie-apocalyps amper op te kijken. Tilda Swinton, als begrafenisondernemer, vertrekt geen spier als een stel verongelukte golfspelers op haar snijtafel plots de ogen opent.

Driver, Murray, Swinton: Jarmusch trommelde een aantal van zijn favoriete acteurs op die zich allemaal (opnieuw) meesters in droogkomische timing tonen. In The Dead Don’t Die, openingsfilm van het filmfestival in Cannes, voeren ze schijngevechten tegen de ondergang – en ze weten het. ‘Dit gaat slecht aflopen’, benadrukt Driver vanaf het begin.

Hij had longontsteking, het regende continu, en eigenlijk heeft hij een hekel aan zombies. We spraken Jim Jarmusch over zijn nieuwste film The Dead Don’t Die.

Zombiekomedies werden vooral de afgelopen vijftien jaar populair - van Shaun of the Dead (2004) tot Zombieland (2009) en Warm Bodies (2013). De vraag is wat Jarmusch met het genre wil. Gewoon een beetje dollen, lijkt het: de regisseur verwijst vrolijk naar (zombie)filmklassiekers en genrewetten, strooit met metagrapjes en levert zelfbewust ironisch commentaar op de ironie van hipsters. Geestig dat Iggy Pop zich als eerste uit zijn graf omhoog graaft en zombies hier vooral gefocust zijn op zaken als wifi en Xanax – de dingen waar ze zich als levenden mee bezighielden.

Dat is natuurlijk maatschappijkritiek. Want ook dat moet, naar goede zombiefilmtraditie. In The Dead Don’t Die is de aarde uit zijn as is getrokken door ‘fracking’ op de polen en dat wekt de doden tot leven. ‘Maar de regering en de energiemaatschappijen zeggen dat er niets aan de hand is’, houdt een Centerville-bewoner vol, terwijl de zon overduidelijk op een volstrekt verkeerd moment opkomt, dan wel ondergaat.

Eigenlijk zou het bijzonder deprimerend moeten zijn, deze stoïcijnse maatschappij die Jarmusch hier al grappend neerzet. Maar omdat hij het zo schouderophalend en mild geamuseerd bekijkt, laat hij de kijker geen andere keuze dat ook te doen.

The Dead Don’t Die
Regie Jim Jarmusch
Met Bill Murray, Adam Driver, Chloë Sevigny, Tilda Swinton, Steve Buscemi, Selena Gomez
105 min., in 25 zalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden