De vitaliteit van het primitieve

Met de dood van Paul Bowles, die gisteren op 88-jarige leeftijd in Tanger (Marokko) overleed, lijkt de Amerikaanse beat generation definitief geschiedenis te zijn geworden....

PAUL BOWLES stond niet dagelijks in contact met schrijvers als Jack Kerouac, Allen Ginsberg en William Burroughs, maar de sfeer die hij uitdroeg - onlangs nog in de film die Jennifer Baichwal over hem maakte - was ook de hunne: een hang naar het exotische, liever zwerven dan je vestigen, en uiteraard het gebruik van geestverruimende middelen, dat pas veel later wereldwijd in zwang raakte.

Geen wonder dat Kerouac, Ginsberg, Burroughs en vele, vele anderen graag bij Bowles langs kwamen in Marokko, waar hij vijftig jaar, grotendeels met zijn vrouw Jane, heeft gewoond.

Paul Bowles werd op 30 december 1910 op Long Island in New York geboren. Hij werd al vroeg aangeraakt door de poëzie - hij ging in Virginia studeren omdat Edgar Allan Poe hem daar was voorgegaan -, maar zijn loopbaan begon muzikaal. Hij had bij Aäron Copland compositie gestudeerd en was vijftien jaar actief in de muziek. In 1941 schreef hij de opera The Wind Remains met een libretto van García Lorca.

Net als bij de geestverwante beatniks sloeg de onrust bij Bowles na de oorlog toe (hoewel hij daarvoor al reisde), en terwijl Kerouac en de zijnen on the road gingen in de Verenigde Staten, verlegde Bowles zijn werkterrein naar Noord-Afrika. Het was een existentialisme op z'n Amerikaans, dat deze 'lost generation', deze oorlogsgeneratie uitdroeg.

In Marokko leerde Bowles niet alleen de verrukkingen van de kif, de lokale drug, kennen, hij hoefde er, anders dan in het puriteinse Amerika, ook zijn liefde voor het mannelijk schoon niet onder stoelen of banken te steken. Twee van zijn jonge Arabische vrienden, Mohammed Choukri en Mohammed Mrabet, bracht hij met succes aan het schrijven. In Marokko werd de literatuur zijn voornaamste bezigheid. Zijn eerste boek, The Sheltering Sky (1949), sloeg meteen aan. (Het werd veel later door Bertolucci verfilmd).

Bowles had gekozen. Noord-Afrika werd zijn habitat. Hij zou er nooit meer vandaan gaan. Ook de literatuur liet hij niet meer los. Vijf grote romans, vele verhalenbundels en tal van andere geschriften (brieven, essays, reisverslagen) getuigen daarvan.

In zijn proza verdiept Bowles zich met een open oog voor het geheimzinnige, raadselachtige of surrealistische in de verborgen kanten van het leven, in zijn geval het leven van Arabieren én Amerikanen. Hoezeer een Amerikaan de wereld buiten zijn eigen continent als een Alice in Wonderland kan ervaren, bracht hij in zijn vroegste werk tot uitdrukking. Later ruilt hij het onderwerp van de gematerialiseerde, 'onttoverde' Amerikaanse beschaving, in voor de vitaliteit die schuilgaat in het primitieve, met zijn wreedheid en doodsverachting. Bowles putte daarvoor uit een onbezoedelde bron, als hij in de woestijn ongeletterde Arabieren zijn bandrecorder liet volpraten.

Met zijn afkeer van de westerse consumptiemaatschappij en zijn hang naar een alternatieve cultuur was Bowles zijn tijd vooruit. Dat was hij ook door zijn levenswijze. Als homoseksueel omringde hij zich met Arabische jeugd, hoewel hij getrouwd bleef met Jane, óók schrijfster, óók homoseksueel. Hij leefde op een manier waarvan voor de flower power-generatie een grote aantrekkingskracht uitging. Door hen werden ook zijn boeken ontdekt, vooral de verhalen. De conclusie lijkt gewettigd dat zijn werk samenviel met de jaren zestig, zeventig,maar dat is niet terecht. Bowles heeft schitterende, wrede dingen geschreven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden