100 jaar de VolkskrantDeel 13

De Varkensbaai-invasie leek meer op het echec van Dieppe dan op D-Day

Voorpagina op 22 april 1961. Beeld
Voorpagina op 22 april 1961.

De Volkskrant stond niet meteen te juichen bij de poging van Cubaanse ballingen, in april 1961, om dictator Fidel Castro gewapenderhand te verdrijven. Cuba was weliswaar nog niet stevig verankerd in de Sovjet-Russische invloedssfeer, toch zou de inval mondiale implicaties kunnen krijgen als Amerika of de Sovjet-Unie er rechtstreeks bij betrokken zou raken. In de vaststelling dat de rebellen niet met vele duizenden waren, maar met slechts enkele honderden, klonk dan ook een zekere opluchting door: met dit stelletje ongeregeld zou Castro ook zonder Russische hulp kunnen afrekenen.

Dat deed hij ook – overtuigend. Na anderhalve dag had het regime de aanval afgeslagen. Het echec, dat als het Varkensbaai-incident de boeken zou ingaan, werd belichaamd door de rebel die met een brandende sigaar tussen de lippen naar het vuurpeloton werd gevoerd. De foto van deze gebeurtenis, die ook in de Volkskrant werd afgedrukt, wekte een macabere fascinatie. Ook bij schrijver Cees Nooteboom. ‘Hij zal hem wel niet meer hebben opgerookt’, schreef hij in een stuk waarin hij de Amerikanen verweet zich onvoldoende voor vriendschappelijke betrekkingen met Castro te hebben ingespannen.

Schertsvertoning

Op dat moment deed de Volkskrant de landing van het rebellenlegertje al af als een ‘operetteachtige’ schertsvertoning. Het woord ‘invasie’ werd consequent van aanhalingstekens voorzien. Ter illustratie van de mislukking kon de Volkskrant nog zonder nadere uitleg verwijzen naar de Tweede Wereldoorlog – toen nog recent verleden: ‘Deze operatie had niets van D-Day maar kan hoogstens vergeleken worden met de raid op Dieppe’ – de mislukte geallieerde inval in de gelijknamige Franse kustplaats in 1942.

De Russen deden juist hun best om het Varkensbaai-incident uit te vergroten tot een flagrant staaltje Amerikaans imperialisme. President John F. Kennedy, die pas drie maanden eerder was aangetreden, maakte echter duidelijk de taal van de Koude Oorlog al goed te beheersen. ‘Wat interventie is, dat staat voor altijd geprent in de bloedige straten van Boedapest’ – een verwijzing naar het neerslaan van de Hongaarse Opstand, vijf jaar eerder. Voor Kennedy was nu duidelijk geworden ‘dat de vrije wereld overal een meedogenloze strijd moet voeren met een veel grotere inzet dan legers en kernwapens.’

Grootmachten

De commentator van de Volkskrant stelde vast dat een confrontatie tussen de grootmachten vooralsnog was uitgebleven, maar dat die door de gebeurtenissen op Cuba op de langere termijn juist waarschijnlijker was geworden. ‘Amerika zal het communisme, waar ook ter wereld, geen enkele concessie meer toestaan.’ Anderhalf jaar later, tijdens de Cubacrisis, zou die verwachting al worden bewaarheid.

Walter Lippmann, de ‘nestor van de Amerikaanse journalistiek’ van wie de Volkskrant een analyse plaatste, dacht dat de Russische partijleider Nikita Chroestsjov (wiens naam als Kroesjef werd gespeld) het onder geen beding op een gewapend treffen met de Verenigde Staten wilde laten aankomen. ‘Aan de andere kant is er geen twijfel over mogelijk dat de Russische regering meedogenloos vastbesloten is de revolutionaire bewegingen in de onderontwikkelde gebieden te steunen. Deze meedogenloze vastbeslotenheid komt voort uit het onvoorwaardelijk geloof dat de onderontwikkelde gebieden voorbestemd zijn het communisme te aanvaarden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden