De treurige geschiedenis van ex-reclameman De Don

Het boek De Don moest het levensverhaal van ex-reclameman en ex-verslaafde Don Schothorst boekstaven. Maar zijn relaas rammelt; zo bedacht hij helemaal niet 'Melk. De Witte Motor'. Een schadeclaim en rechtszaak dreigen, excuses volgen. Hoe kon het zover komen?

Ex-reclameman Don Schothorst Beeld anp

'Het leven lijkt Don Schothorst toe te lachen. Op zijn negentiende start hij een carrière in de reclamewereld en hij blijkt een toptalent: op zijn achtentwintigste is hij miljonair en een internationaal begrip in de reclamebusiness. Hij bedenkt beroemde slogans als: 'Melk. De Witte Motor' en 'Het Zwitserlevengevoel'. Maar naast zijn succesvolle carrière en ogenschijnlijk gelukkige gezinsleven houdt hij er een dubbelleven op na. In dat andere leven ontbijt hij met wodka en geeft hij tonnen uit in bordelen. Op zijn zevenendertigste snuift hij zijn eerste lijn cocaïne. Het gevolg is een jarenlange verslaving, met zijn privéchauffeur als dealer. Dan volgt het onafwendbare moment: hij gaat failliet en raakt alles en iedereen kwijt.'

Dit is de flaptekst van De Don, het autobiografische relaas van ex-reclameman Don Schothorst (68), opgeschreven door journalist Renée Kelder. Zij leerde Schothorst kennen via Story Terrace, een platform dat 'mensen met een verhaal' in contact brengt met journalisten die dat verhaal kunnen opschrijven. Een verhaal van 'een on-Nederlands kaliber', luidde de aankondiging van uitgever Meulenhoff Boekerij.

In de twee maanden sinds de publicatie leidde De Don tot grote woede in de reclamewereld, een claim van 750 duizend euro, opschorting van de distributie van het boek, openlijke excuses van Schothorst vanwege leugens en een dreigende rechtszaak van Schothorst tegen zijn eigen uitgever, dat op het laatste moment werd afgelast. Maar daarover later meer.

Andere dimensie

Fragment uit De Don: 'In bordelen kon ik iemand zijn die ik nergens anders kon zijn. Dingen doen die nergens anders werden getolereerd. Het was een andere dimensie, waar ik aan de werkelijkheid kon ontsnappen. De werkelijkheid waarin ik personeel in dienst had, in de internationale reclamewereld op handen werd gedragen en iedereen in mijn macht had. Vastgebonden in een sm-kamer kon ik deze macht weer omdraaien. Ik kon het allemaal. Tot ik het niet meer kon.'

Dit verhaal over Don Schothorst begint in mei, als De Don in oplage van vierduizend exemplaren verschijnt. De Volkskrant wijdt een kort 'signalement' aan het boek: 'Schothorst is de man die slogans als 'Melk. De Witte Motor' en 'Het Zwitserlevengevoel' bedacht, Kelder is verslavingsdeskundige (in 2014 verscheen bij Prometheus De Parttime-junkie, over haar ghb-verslaving). (...) Schothorst wil door het delen van zijn verhaal het gesprek over (seks)verslaving openbreken en andere mensen helpen door zijn ervaringen te delen, schrijft hij in de epiloog: 'Niemand neemt zich voor verslaafd te raken (...) Er bestaat geen verslaving die je niet kunt overwinnen; ik ben het levende voorbeeld.'

Op het omslag van De Don een foto van Schothorst - bretels, stropdas, lakschoenen - in een glimmende chesterfieldfauteuil met tussen z'n vingers een dikke sigaar. In de proloog pocht hij over hoe veel geld hij op het dieptepunt van zijn verslavingen jaarlijks uitgaf aan hoeren (een miljoen) en coke (drie ton). 'In alle eerlijkheid en zonder enige terughoudendheid is dit boek tot stand gekomen. Mijn kinderen, familie en vrienden hebben het volledige verhaal nooit gehoord. Tot nu.' Een verzoek om Schothorst te interviewen voor de Volkskrant wordt door de uitgever met enthousiasme begroet.

De Don is een treurige geschiedenis, beginnend in de jaren vijftig, als Don opgroeit als oudste zoon in een rijk maar liefdeloos Blaricums gezin. Don is een onzekere en eenzame jongen, hengelend naar aandacht van zijn vader, een succesvol reclameman, die pas thuiskomt als de kinderen in bed liggen. Het is die hunkering die hem, beschrijft hij, uiteindelijk ook voor een carrière in de reclame doet kiezen, in plaats van voor de universitaire opleiding die zijn ouders voor hem in gedachten hebben. De Don beschrijft carrièresuccessen, maar het boek is vooral een verhaal over verslaving: aanvankelijk aan drank, later ook aan cocaïne en (steeds extremere) seks. Drie huwelijken stranden, van zijn zoon en dochter mist hij de jeugd grotendeels.

Na vele pogingen lukt het Schothorst af te kicken. Hij richt een particuliere verslavingsinstelling op met miljoenenomzet, SolutionS, waaraan hij tot 2015 als aandeelhouder en directeur verbonden was. Zijn gezondheid is tegenwoordig zeer slecht. Schothorst heeft al dertien jaar Parkinson en zit in een rolstoel (pech, zegt hij, met zijn vroegere levensstijl heeft het niets te maken). Werken doet hij nog wel: hij is voor 250 euro per uur te huur als verslavingsconsulent voor 'de bovenlaag van de samenleving', want 'er zijn meer verslaafden in de boardroom dan onder de brug'.

In een van de eerste hoofdstukken van De Don beschrijft Schothorst hoe hij als beginnend werknemer bij reclamebureau PRAD als 'uitzonderlijk jong talent' werd geïntroduceerd bij een delegatie van het Nederlands Zuivelbureau, waarna hij een grote vondst presenteert:

'Ik liet met opzet een stilte vallen. Iedereen keek, wachtte mijn verhaal af. Zo voelde mijn vader zich dus dagelijks.

Ik draaide het tweede kartonnen bord om. 'Melk. De Witte Motor.'

De klant klemde zijn sigaret tussen zijn lippen en begon te klappen. Ik was binnen. Op kantoor werd ik zelfs door de meest succesvolle collega's gefeliciteerd met mijn melkcampagne.'

Tekst gaat verder onder video

Het is onder meer deze anekdote die nu tot grote problemen leidt. Want Schothorst is niet de bedenker van 'Melk. De Witte Motor'. Zijn belangrijkste wapenfeit is dat van iemand anders, blijkt als na een beetje zoekwerk nogal nadrukkelijk de naam Harry Kramp naar boven komt. Kramp, aan de telefoon over hoe het kan dat hij óók als bedenker van de melkslogan wordt genoemd: 'Omdat ik de bedenker ben.' Dat Kramp de waarheid spreekt, blijkt ook uit de officiële reclamejaarboeken van de ADCN, de Art Directors Club Nederland. De campagne kwam van reclamebureau PPGH, waar Schothorst nooit heeft gewerkt. Kramp bedacht de tekst, Frans Hettinga (overleden in 1988) deed de art direction. Ze wonnen met hun langlopende melkcampagne (1983-1995) diverse prijzen, waaronder de belangrijkste Nederlandse reclamevakprijs, een Lamp.

Verderop, op pagina 144, beschrijft Schothorst een ontmoeting met ene 'Joost' in barretje Hilton. Schothorst doet Joost het lumineuze idee aan de hand om zanger Luciano Pavarotti voor een eenmalig concert naar Nederland te halen (''Briljant', Joost keek me extatisch aan'), een idee dat ze samen uitvoeren: 'Het was mijn beste reclamestunt ooit, mensen raakten er niet over uitgepraat.'

Vastgoedman en presentator Harry Mens haalde Pavarotti in 1991 naar Nederland voor een concert in Ahoy, een gebeurtenis waarover een documentaire is gemaakt. Mens moet dus wel 'Joost' zijn, maar waarom zou Schothorst zijn naam hebben veranderd, als het om zo'n overbekende anekdote gaat? Een verbaasde Mens kan zich de beschreven scène in de bar van het Hilton niet herinneren. 'Het was mijn idee om Pavarotti naar Nederland te halen', zegt Mens. Hij kent Schothorst overigens wel, als ex-gast van zijn RTL-programma Business Class, waar Schothorst reclame maakte voor zijn verslavingsinstelling: 'Aardige jongen, wees maar niet te streng voor hem.'


Ook Het Zwitserlevengevoel (1983) blijkt niet van Schothorst (die toen wel directeur was van het betreffende reclamebureau), maar van Theo Postma (overleden in 2005). Schothorst was dan ook geen copywriter, maar van origine accountmanager, verantwoordelijk voor het onderhouden van de contacten, waar hij volgens verscheidene bronnen overigens vrij goed in was. Hij werkte bij grote bureaus en richtte later zijn eigen Schothorst & Partners op (Uit De Don: 'Ik had geen partners, maar dat klonk beter'). Hij plaatste paginagrote advertenties in De Telegraaf, die voor driekwart bestonden uit een foto van Schothorst zelf. Maar dat was allemaal voor zijn verslaving echt de overhand kreeg.

'Het was mijn idee om Pavarotti naar Nederland te halen', zegt Harry Mens Beeld anp

Een woordvoerder van Meulenhoff Boekerij zegt begin juni over de betwiste claims: 'Het is het woord van Schothorst, dat wij als uitgever van zijn levensverhaal geloven, tegen dat van anderen. Dit boek vertelt zijn verhaal.'

Op 9 juni vindt het Volkskrantinterview met Schothorst plaats in zijn appartement in Laren. Zijn assistente doet open, Schothorst zit onberispelijk gekleed in zijn rolstoel in de woonkeuken. Door zijn ziekte is hij moeilijker gaan praten, hij formuleert langzaam maar zorgvuldig. 'Parkinson is een vervelende ziekte. Uiteindelijk kan het gepaard gaan met totale dementie of andersoortig disfunctioneren van de hersenen. Tegen die tijd moet ik me maar aan het gezichtsveld van de wereld onttrekken. Maar zover is het nog niet. Ik vind het nog veel te leuk om in deze wereld iets te scoren.' Te scoren? 'Om mensen te helpen. Dat is mijn missie.'

Over zijn verslavingen is hij gewend te praten. 'Er is prima mee te leven, zo lang je maar niks gebruikt, zeg ik altijd.' Het ingrijpendst was de seksverslaving - Schothorst zou willen dat daar in het algemeen wat openlijker over wordt gesproken. 'Die seks is een hel geweest voor mij. Ik was geobsedeerd, voelde continu de behoefte. Het begon met normale seks, maar de speurtocht werd steeds intenser. Die seks ging steeds dieper ingrijpen op mijn normale omgangsvormen, op mijn eigenwaarde. Zeer schadelijk, maar ik kon niet stoppen. Na een overdosis coke, vastgebonden door drie prostituees die mij pijnigden, beleefde ik de seks die ik op dat moment wilde. Het ging de hele nacht door, tot ik bewusteloos raakte. Ik ben drie keer vanuit een bordeel naar een intensive care gebracht.'

Over zijn eerste ex-vrouw ('we zien elkaar dagelijks') en kinderen spreekt hij liefdevol. 'Ze hebben onterecht pijn moeten lijden door mijn afwezigheid, het ernstigste misdrijf dat ik heb gepleegd, omdat ik er niet voor ze was toen ze mij zo hard nodig hadden. Precies zoals mijn eigen vader, alsof het een patroon is in mijn chromosomen.'

Wat vinden zij van De Don? 'Ze vinden dat ik dit niet allemaal in de openbaarheid moet bespreken. Maar ik had het nodig.'

Hij blijft vriendelijk, ook als hem herhaaldelijk de vraag wordt gesteld waarom hij zegt dat hij twee slogans heeft bedacht die hij niet heeft bedacht. 'Jij dacht dat het Harry Kramp was? Ik heb die zin gemaakt.' Maar de campagne is toch van PPGH - een bureau waar hij nooit heeft gewerkt? 'Een slogan is iets anders dan een campagne.' Van de pagina uit het reclamejaarboek waarop Kramp als bedenker wordt genoemd, is hij niet onder de indruk.

Het interview haalt vanwege het rammelende en onnavolgbare verhaal van Schothorst de krant niet, het wordt zelfs niet uitgeschreven, want als de cruciale claims niet kloppen (en Schothorst niet vatbaar blijkt voor tastbaar bewijs), wat blijft er dan over van de rest van het boek?

Schothorst schrijft in een e-mail dat hij teleurgesteld is over die beslissing. 'Ik vind het ongelooflijk jammer.' Ook komt hij nogmaals terug op de betwiste claims: 'Ik was en ben in de veronderstelling dat ik 'Melk. De Witte Motor' heb bedacht en op een kartonnen bord heb gezet, maar er is toen niks mee gedaan. (...) Er zijn talloze voorbeelden van slogans die door meerdere mensen zijn bedacht. Soms met jaren ertussen. Ik betreur het ten zeerste dat de anekdote uit mijn boek de verkeerde suggestie wekt. Achteraf gezien had ik het er liever helemaal niet ingezet.'

Over Pavarotti: 'In die tijd (...) hing ik vaak met Harry Mens aan de bar in het Hilton. We hebben de komst van Pavarotti daar ook besproken. Ik zou al mijn klanten uitnodigen en dat is ook gebeurd. We hebben daar dus wel degelijk samen aan gewerkt. Ik heb inmiddels e-mailcontact met Harry gehad. Hij geeft aan dat het allemaal moeilijk te herinneren is maar zich in grote lijnen in mijn verhaal te kunnen vinden.'

In de tussentijd is De Don ook in de reclamewereld opgevallen. Het boek leidt tot een woedende column van copywriter Harry Obdeijn in Adformatie, die Schothorst 'een poseur' noemt, die doet alsof hij in zwaar benevelde toestand klassieke campagnes uit zijn mouw schudde, campagnes die in werkelijkheid zijn bedacht door 'hardwerkende, broodnuchtere mensen'.

Reclameman Ron Walvisch, tevens oud-voorzitter van de ADCN (de organisatie die de reclameprijzen uitreikt), is nog bozer. 'Ik dacht: dit gaat te ver. Hij eigent zich campagnes toe van de meest uitzonderlijke kwaliteit, de kroonjuwelen van de Nederlandse reclame.' Walvisch benadert Kramp en de erven van de overleden bedenkers Hettinga en Postma, met de vraag of hij als gevolmachtigde namens hen mag optreden. Hij stuurt de uitgever een mail waarin hij de 'pertinente onwaarheden' aan de orde stelt: 'Als ex-voorzitter van de ADCN is het mijn plicht de bedenkers van beroemde reclamecampagnes te beschermen tegen deze, naar mijn mening, weerzinwekkende vorm van lijkenpikkerij die Don Schothorst zich meent te kunnen permitteren.'

In een andere mail eist Walvisch namens Kramp en de erven een bedrag van 750 duizend euro, later bijgesteld naar 250 duizend euro. Waar het Walvisch om gaat, is dat de uitgever en de auteur geen cent aan het boek mogen verdienen. Hij is geen jurist, over de haalbaarheid van zijn claim kan hij niet oordelen. Ook gaat hij persoonlijk langs bij de uitgeverij om bewijsstukken te brengen waaruit blijkt dat de bewuste campagnes niet door Schothorst zijn bedacht.

Meulenhoff Boekerij is gealarmeerd. De distributie van De Don wordt opgeschort en in samenspraak met Schothorst wordt een 'erratum' opgesteld, een naschrift dat op een velletje in alle exemplaren van De Don zal worden ingestoken. Het boek is, met naschrift, sinds gisteren weer leverbaar. In het naschrift schrijft Schothorst: 'Ik heb bemerkt dat ik (...) kennelijk de indruk heb gewekt dat ik de tekst 'Melk. De Witte Motor' heb bedacht. Dat is niet juist.' En: 'Op de achterflap staat dat ik de beroemde slogan 'Het Zwitserlevengevoel' heb bedacht. Dat is niet juist.'

De verklaring, ook uit het erratum: 'Het is mijn subjectieve beleving, geen nauwgezette historische reconstructie. Zoals reclame soms overdrijft, zo kunnen de memoires van een reclameman soms ook de waarheid wat mooier maken.'

Voor Walvisch is het niet voldoende: hij wil dat het boek uit de handel wordt genomen en beraadt zich op juridische stappen. De uitgever beweert dat er 'geleerd' is van het ontstaansproces van het boek. 'Er zijn uitgebreide factchecks geweest, maar gegeven de feiten die we nu kennen, waren die niet feilloos. Je moet daarbij bedenken dat wij als uitgever op basis van wederzijds vertrouwen werken met onze auteurs.'

Van wederzijds vertrouwen was geen sprake meer. Schothorst kreeg ruzie met Meulenhoff Boekerij. Zijn zoon Bas, die het woord voor Schothorst doet: 'Er is afgesproken dat als er een claim van een derde aanhangig wordt gemaakt, de uitgever en auteur in goed overleg vaststellen op welke wijze daartegen verweer wordt gevoerd. Meulenhoff houdt zich daar niet aan.' Om het gewenste overleg af te dwingen, spande Schothorst een kort geding aan, dat vrijdagochtend zou dienen. Donderdagavond werd het geschil tussen Schothorst en de uitgever onverwacht 'in goed overleg' bijgelegd.

De afgelopen week was Schothorst niet bereikbaar voor commentaar, zijn gezondheid laat dat niet toe, zegt zijn zoon en woordvoerder Bas. 'Don heeft weliswaar zijn eigen beleving bij die zaken, maar wil niemand onnodig voor het hoofd stoten en neemt daarom met het erratum afstand van die claims en zwaait anderen graag alle lof toe. Don acht dit voor zijn levensverhaal - en voor zijn boodschap aan verslaafden - van volstrekt ondergeschikt belang.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden