Architectuur

De torens in Rotterdam worden talrijker en nóg hoger. Wat doet dat met het leefklimaat?

De Zalmhaventoren gezien vanaf het Depot van Museum Boijmans Van Beuningen. 

 Beeld Loes van Duijvendijk
De Zalmhaventoren gezien vanaf het Depot van Museum Boijmans Van Beuningen.Beeld Loes van Duijvendijk

Met de oplevering van de Zalmhaventoren (215 meter, het hoogste gebouw van Nederland) rijst de vraag hoe het verder moet met ‘Manhattan aan de Maas’.

Kirsten Hannema

‘Ik vind het nu al prachtig’, zegt Nina Hooimeijer terwijl ze door haar pas opgeleverde hoekappartement loopt, gelegen op de vijftigste verdieping van de Zalmhaventoren in Rotterdam. Een kale betonnen ruimte is het, zonder meubels, keuken of badkamer; die moet haar architect – meegekomen om de boel in te meten – nog ontwerpen. Maar mét een fenomenaal uitzicht.

‘Daar ligt Den Haag’, zegt ze, terwijl ze door de verdiepingshoge ramen naar het noorden wijst, ‘op heldere dagen zie je zelfs Amsterdam.’ Ze opent de schuifpui naar het balkon op het westen, dat uitzicht biedt over de havens en de zee, lachend om haar dochter die kwam kijken en ‘huh, waar is de Euromast?’ vroeg. De bekende uitkijktoren oogt als een witte speld.

Met 215 meter is de Zalmhaventoren, ontworpen door architectenbureau Dam&Partners, het hoogste gebouw van Nederland, althans voorlopig. Aan de Post-toren die momenteel verrijst op het oude postkantoor aan de Coolsingel, de CoolTower even verderop (15o m) en de Baantoren (158 m), waarvan de bouw volgende maand begint, heeft de Zalmhaventoren geen concurrenten. Maar er gaat de komende jaren nog veel meer en hoger de lucht in.

De Zalmhaventoren, het hoogste gebouw van Nederland, gezien vanaf het Westplein. Beeld Loes van Duijvendijk
De Zalmhaventoren, het hoogste gebouw van Nederland, gezien vanaf het Westplein.Beeld Loes van Duijvendijk

Op de gigantische werkmaquette van de gemeente, die het Architectuurcentrum Rotterdam AIR vorig jaar tentoonstelde, stonden ruim dertig nieuw geplande torens, waaronder het 280 meter hoge woningbouwcomplex Rise dat architectenbureau Powerhouse Company aan het Hofplein gaat bouwen. ‘Sommige bezoekers vonden het megavet’, vertelt AIR-directeur Barbara Luns, ‘maar toen ik de maquette zag, dacht ik: wauw, willen we dit echt? Wat voor stad maken we met al die gestapelde huizen, hoe woon je daar, en voor wie zijn die appartementen?’

Met koopappartementen die in prijs variëren van 6 ton tot 5 miljoen euro (voor een gigantisch penthouse) en (vrije) huurprijzen tussen 1085 en 2195 euro per maand, is wonen in de Zalmhaventoren niet voor iedereen weggelegd. Het restaurant met uitkijkpunt dat op bovenste, 57ste etage komt, wordt vrij toegankelijk, al zal wel entreegeld worden geheven. In visueel opzicht is de wit-beige toren niet heel bijzonder of elegant. Hij oogt neutraal-functioneel, net als de 70 meter hoge tweelingtorens die KAAN Architecten ernaast ontwierp, als overgang naar de omringende laagbouw.

Uitzicht vanaf de bovenste verdieping van de Zalmhaventoren.  Beeld Loes van Duijvendijk
Uitzicht vanaf de bovenste verdieping van de Zalmhaventoren.Beeld Loes van Duijvendijk

Het roept de vraag op of dit ‘grensverleggende’ project de weg vooruit wijst; hoe moet het verder met Manhattan aan de Maas?

Als het aan Nanne de Ru, architect-directeur van Powerhouse Company ligt, gaat de stad voort op de weg die ze in 1898 insloeg met de bouw van de eerste Europese ‘wolkenkrabber’: het 42 meter hoge Witte Huis. ‘Rotterdam heeft altijd de drive gehad om grote gebouwen te maken. Denk aan de Bijenkorf van architect Dudok uit 1930, destijds het grootste warenhuis van Europa, of aan het Groothandelsgebouw.’

Ook toen waren er hoogbouwfans en -tegenstanders. Bij de opening van de Shell-toren aan het Hofplein, in 1976, zei toenmalig burgemeester A. van der Louw: ‘Dit is de laatste erectie van het grootkapitaal.’ Maar het grootkapitaal – dat veel grond in Rotterdam bezit – bouwde gewoon verder de lucht in, van het hoofdkantoor van Nationale Nederlanden naast het centraal station (Abe Bonnema, 1991) tot De Rotterdam alias De Kolos van Koolhaas op de Kop van Zuid (2013).

De entree van de Zalmhaventoren.   Beeld Loes van Duijvendijk
De entree van de Zalmhaventoren.Beeld Loes van Duijvendijk

Zo ontstond een heus Central District, waar het ’s avonds evenwel een dooie boel was. Daarom besloot de gemeente om het centrum, waarin vergeleken met Amsterdam weinig mensen wonen, te verdichten met woontorens. Appartementen met uitzicht worden vlot verkocht; er lijkt behoefte aan deze manier van wonen, op jezelf en met spectaculair panorama. Tegelijkertijd openbaarde zich een aantal nadelen, zoals de schaduwwerking, die naast belemmering van uitzicht voor omwonenden vaak reden is om bezwaar te maken tegen hoogbouwplannen. Windoverlast is een ander probleem. Bij de Maastoren – net als de Zalmhaventoren ontworpen door Dam&Partners – werd je bijna weggeblazen als je naar binnen wilde, waarna later een enorme luifel als windbreker aan de gevel is geplakt. Maar vooral de onaantrekkelijke aanblik van torens op straatniveau was de gemeente een doorn in het oog. Neem de woontorens De Hoge Heren (2000) tegenover het Zalmhavencomplex: vanaf de stoep kijkt je aan tegen vijf lagen met parkeerplaatsen en de deuren van de afvalberging.

‘Wonen in hoogbouw is een relatief nieuw fenomeen’, zegt Emiel Arends, stedenbouwkundige bij de gemeente Rotterdam. ‘De eerste Rotterdamse woontoren, aan het Weena, dateert uit 1992.’ Het eerste hoogbouwbeleid, dat in de jaren negentig werd vastgelegd, was gericht op het beeld van de stad: waar en hoe hoog mag je bouwen. Met de lessen die de gemeente uit de hoogbouwgolf in die periode heeft getrokken, is in 2011 een nieuwe hoogbouwvisie ontwikkeld, waarin de aandacht is verlegd van de skyline naar de ‘stad op ooghoogte’. Er kwam onder andere de regel dat een toren onderdeel moet zijn van een bouwblok dat ruimte biedt aan (semi)publieke functies zoals winkels of horeca. Op de begane grond van de Zalmhaventoren kom je binnen in een grote, publiek toegankelijke lobby, aan de kant van de Gedempte Zalmhaven komt beplanting.

De Wijnhaven met de Casanova-toren in aanbouw. Beeld Loes van Duijvendijk
De Wijnhaven met de Casanova-toren in aanbouw.Beeld Loes van Duijvendijk

Maar met deze hoogbouwvisie was nog niets gezegd over de leefkwaliteit in woontorens. ‘We kregen van de politie signalen over criminele praktijken in torens, wat te maken heeft met de anonimiteit van hoogbouw’, zegt Arends. Daarom volgde in 2019 een ‘sociale’ update van de hoogbouwvisie, waarin onder meer is vastgelegd dat je niet vanuit de parkeergarage met de lift ongezien naar je woning kunt. Je moet eerst door een gemeenschappelijke entreeruimte.

In een interview met het Rotterdamse architectuurmagazine Versbeton reageerde de Rijksadviseur voor de fysieke leefomgeving Daan Zandbelt op de hoogbouwvisie met een oproep tot meer middelhoogbouw (zes tot tien lagen). Hij noemde de rationale argumenten die gebruikt worden voor hoogbouw – geldterugverdienmachine, stedelijkheid, efficiëntie – ‘allemaal mythes’. Hij wees op de hoge kosten van liftkernen en de boven de 70 meter verplichte sprinklers, waardoor er minder geld overblijft voor architectuur. Op de oppervlakte die hoogbouw inneemt – schaduwwerking, windval en installaties meegerekend – kun je volgens hem met middelhoogbouw evenveel huizen kwijt. Andere voordelen: een menselijker maat, je kunt ’s zomers in de schaduw van bomen zitten en de ramen openen, waardoor je zonder energieslurpende airco kunt. Zijn punt: middelhoogbouw biedt meer kansen om ruimtelijke kwaliteit toe te voegen aan de stad.

Little C, nieuwbouw bij de Coolhaven, geïnspireerd door de New Yorkse wijk Greenwich Village.  Beeld Loes van Duijvendijk
Little C, nieuwbouw bij de Coolhaven, geïnspireerd door de New Yorkse wijk Greenwich Village.Beeld Loes van Duijvendijk

Een mooi voorbeeld daarvan is Little C, een ensemble van vijftien woon-werkgebouwen met koop- en huurlofts, waarmee een verloederde plek aan de Coolhaven is getransformeerd tot een bruisend buurtje. De ontwerpers lieten zich inspireren door de New Yorkse wijk Greenwich Village – bekend als decor van de tv-series Friends en Sex & The City – met zijn bakstenen gevels met stalen brandtrappen. De gebouwen, gegroepeerd rond een groen plein, met een café en een zonnig terras aan het water, zijn onderling verbonden door stalen luchtbruggen; zo delen ze per drie een lift, trappenhuis en collectief dakterras.

De lofts in Little C trekken vooral singles en stellen. Hoe zit het met de gezinnen die Rotterdam graag in de stad wil houden? Voor hen had hoogbouw vooralsnog weinig te bieden. Daarom organiseerde de gemeente in 2016 een prijsvraag voor ‘gezinshoogbouw’ op de Lloydpier. Architect Laurens Boodt won met zijn ontwerp Toren van Babel, een piramidevormig gebouw met 24 gezinswoningen, die hun voordeur hebben aan een pad dat vanaf de straat omhoog spiraalt. Het ontwerp wordt nu gerealiseerd. Al in 2004 had Van Bergen Kolpa Architecten het plan opgevat voor een family scraper in het Baankwartier: De Maasbode. Deze 70 meter hoge toren bestaat uit blokken van gezinswoningen met grote balkons, die zijn gestapeld rond een binnenstraat. Het heeft jaren geduurd om het plan rond te krijgen, maar nu is de bouw begonnen.

Little C  Beeld Loes van Duijvendijk
Little CBeeld Loes van Duijvendijk

‘Rotterdam moet kiezen’, zegt Robert Winkel, architect-directeur van bureau Mei. ‘Blijven we naar Manhattan kijken, waar ze Dubai achterna gaan, met steeds hogere en gekkere torens? Die gebouwen geven niets terug aan de stad; ze staan alleen maar parmantig.’

Het New Yorkse stadsdeel Brooklyn vindt hij veel interessanter, met name het terrein van een voormalige suikerfabriek, waar de renovatie van erfgoed is gecombineerd met middelhoge nieuwbouw en de aanleg van een nieuw park.

Wijnhaven met de Casanova-toren in aanbouw.  Beeld Loes van Duijvendijk
Wijnhaven met de Casanova-toren in aanbouw.Beeld Loes van Duijvendijk

Verdichten en tegelijk vergroenen, dat is wat hij wil met het 50 meter hoge woningbouwcomplex Sawa, dat hij met zijn bedrijf Nice developers en woningcorporatie ERA Contour op de Lloydpier gaat ontwikkelen. Het energieneutrale gebouw, dat trapsgewijs oploopt en waarop weelderig begroeide dakterrassen worden aangelegd, omvat 109 woningen, die worden ontsloten vanuit galerijen met ingebouwde plantenbakken. Het wordt opgetrokken uit duurzaam gekapt hout (met uitzondering van de fundering en liftkernen), krijgt nestkasten voor vogels, drieduizend planten die insecten aantrekken, een gezamenlijke moestuin en een expositieruimte. Voor de vrije huurwoningen betaal je 700 tot 1.000 euro per maand (voor een appartement van 50 à 70 vierkante meter), een koophuis kost rond de 650.000 euro voor 100 vierkante meter, met daarbij 40 vierkante meter buitenruimte. Het project won al meerdere duurzaamheids- en innovatieprijzen.

De CoolTower in aanbouw. Beeld Loes van Duijvendijk
De CoolTower in aanbouw.Beeld Loes van Duijvendijk

Arends laat de vergelijking met New York liever los. ‘Manhattan aan de Maas bekt lekker, als slogan heb ik er geen moeite mee, maar als voorbeeld is het niet logisch. New York kent een compleet andere schaal. Een bouwblok daar is de helft van het Wijnhaven. Daar zetten ze in New York een of twee torens op, wij zetten er tien torens neer. De kleinere maat van de Europese stad, waar we op postzegels grond bouwen, vraagt om andere ruimtelijke oplossingen. Die oplossingen zie je nu in nieuwe gebouwtypen, waarbij duidelijk is dat hoger niet per se beter is. We hebben laten zien dat we het kunnen, voor mij is het gewoon: Rotterdam aan de Maas.’

Wandelen op hoogte

Ter gelegenheid van de Rotterdam Architectuurmaand opent op 26 mei (tot 24 juni) de Rotterdam Rooftop Walk, een wandelroute ‘op hoogte’ met een 60 meter lange luchtbrug over de Coolsingel. Het project is een samenwerking van architectenbureau MVRDV en de Rotterdamse Dakendagen, uitgevoerd in steigermateriaal. Het hart van de Architectuurmaand is het Podium op het dak van Het Nieuwe Instituut, ook ontworpen door MVRDV. In het gebouw is de tentoonstelling (T)Huis te zien. rotterdamarchitectuurmaand.nl

null Beeld

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden